Wet van 4 december 2025 tot wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale verzamelwet 2026)

Fiscale verzamelwet 2026

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het in het kader van het fiscale beleid voor het jaar 2026 wenselijk is in een aantal belastingwetten en enige andere wetten wijzigingen aan te brengen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.

Artikel

II

Wijzigt de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001.

Artikel

III

Wijzigt de Wet op de loonbelasting 1964.

Artikel

IV

Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

Artikel

V

Wijzigt de Wet op de omzetbelasting 1968.

Artikel

VI

Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag.

Artikel

VII

Wijzigt de Algemene douanewet.

Artikel

VIII

Wijzigt de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen.

Artikel

VIIIa

Wijzigt de Gemeentewet.

Artikel

IX

Wijzigt de Provinciewet.

Artikel

X

Wijzigt de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Artikel

XI

Wijzigt de Invorderingswet 1990.

Artikel

XII

Wijzigt de Overige fiscale maatregelen 2018.

Artikel

XIII

Wijzigt de Overige fiscale maatregelen 2020.

Artikel

XIV

Wijzigt de Wet compensatie wegens selectie aan de poort.

Artikel

XV

Wijzigt het Belastingplan 2025.

Artikel

XVI

Wijzigt de Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit.

Artikel

XVIa

Wijzigt de Pensioenwet.

Artikel

XVIb

Wijzigt de Wet verplichte beroepspensioenregeling.

Artikel

XVIII

Artikel

XIX

Deze wet wordt aangehaald als: Fiscale verzamelwet 2026.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Financiën, E.H.J. Heijnen
De Staatssecretaris van Financiën, S.Th.P.H. Palmen-Schlangen
De Minister van Justitie en Veiligheid, F. van Oosten