Uitvoeringsregeling AMAR

De Staatssecretaris van Defensie

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1:1

Begripsbepalingen

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk

2

Aanstelling en ontslag

Paragraaf

2.1

Aanstelling

Artikel

2:1

Maximum leeftijdsgrens bij aanstelling

Voor de in bijlage 1 bij deze regeling opgenomen specifieke functiegroepen personeel gelden de daarbij vermelde maximum leeftijden bij de initiële aanstelling bij het beroepspersoneel.

Artikel

2:2

Aanstelling bij het beroepspersoneel

Artikel

2:3

Aanstelling bij het reservepersoneel

Artikel

2:4

Aan de aanstelling verbonden verplichting

Paragraaf

2.2

Ontslag

Artikel

2:5

Uiterste keuzemoment aanvraag ontslag oude diensteinderegeling

Hoofdstuk

3

Opleiding, functietoewijzing, bevordering en loopbaanbegeleiding

Paragraaf

3.1

Opleiding

Artikel

3:1

Opleidingsreglement

Het HDO draagt zorg voor vaststelling van opleidingsreglementen voor de onder hem ressorterende opleidingsinrichtingen, waarin ten minste de volgende elementen zijn opgenomen:

  • a.

    het toetsings- en wegingssysteem voor het meten van resultaten bij testen, tentamens en examens gebaseerd op een honderd-puntsschaal met de score 55 als laagste voldoende, dan wel voor gereglementeerde opleidingen het voor die opleidingen voorgeschreven systeem. Onder gereglementeerde opleiding wordt verstaan een opleiding waarvan het te bereiken niveau wettelijk of nationaal is bepaald voor de toelating tot bepaalde beroepen;

  • b.

    het voor de cursist geldende beoordelingssysteem tijdens de initiële opleiding;

  • c.

    de bevorderingsmomenten tijdens de opleiding, met inachtneming van artikel 24b van het AMAR;

  • d.

    de mogelijkheid om de opleiding of een onderdeel daarvan te herhalen indien de herhaling binnen een redelijke termijn kan worden begonnen en de verwachting bestaat dat de opleiding hierdoor met goed gevolg zal worden afgerond;

  • e.

    de mogelijkheid om de opleiding via een korte voortzetting alsnog af te ronden;

  • f.

    de mogelijkheid om tijdens het volgen van de initiële opleiding een bestemmingswijziging als bedoeld in artikel 12a van het AMAR te krijgen;

  • g.

    regels voor een voordracht tot ontheffing uit een opleiding die ten minste de volgende elementen bevatten: (1) de motivering van de voordracht; (2) het gemotiveerd advies om de militair al dan niet in aanmerking te brengen voor de mogelijkheden genoemd onder d, e of f; (3) een uitspraak of de voordracht wordt dan wel mede wordt veroorzaakt door omstandigheden die komen voor rekening en risico van de militair.

Artikel

3:2

Commissie van advies bij ontheffing uit de opleiding

Artikel

3:3

Vergoeding van kosten

De kosten, genoemd in artikel 14, tweede lid, 15, tweede lid, 16, tweede lid en 16a, derde en 16bis, van het AMAR, die in ieder geval voor vergoeding in aanmerking komen, zijn, voor zover zij niet rechtstreeks voor rekening komen van of rechtstreeks worden betaald door het Ministerie van Defensie:

  • a.

    inschrijvings-, les-, college-, practicum-, examen- en diplomagelden, met uitzondering van kosten verbonden aan het volgen van praktisch vliegonderricht;

  • b.

    studieboeken en studiemateriaal, voor zover direct gerelateerd aan de opleiding;

  • c.

    excursie, reis- en verblijfskosten op grond van het Besluit dienstreizen defensie.

Eventuele tegemoetkomingen van derden worden hierop in mindering gebracht.

Artikel

3:4

Informatie voortgang

De militair, die een opleiding, als bedoeld in artikel 16, 16a of 16bis van het AMAR, volgt buiten het Ministerie van Defensie, informeert het HDO schriftelijk over de voortgang van zijn opleiding, met overlegging van cijferlijsten, certificaten en diploma’s van de externe onderwijsinstelling.

Artikel

3:5

Maximale vergoeding individuele opleidingsaanspraak militair

Artikel

3:6

Duur terugbetalingsverplichting en drempelbedrag voor de opleidingen genoemd in de artikelen 14 tot en met 16a van het AMAR

Artikel

3:7

Bepaling kosten opleiding per cursist, als bedoeld in artikel 16e, vierde lid, onder a, AMAR

Voor opleidingen, die zijn gevolgd binnen het Ministerie van Defensie, worden de kosten van die opleiding per dag per cursist als volgt vastgesteld:

  • a.

    Voor opleidingen gerelateerd aan of gericht op het vervullen van functies waar de stand van soldaat of de rang van korporaal of een overeenkomstige rang aan is verbonden, € 50,– per dag vermeerderd met de militaire inkomsten per dag, behorend bij de feitelijk bekleedde stand of rang van de cursist;

  • b.

    Voor opleidingen gerelateerd aan of gericht op het vervullen van functies waar een onderofficiersrang aan is verbonden, € 75,– per dag vermeerderd met de militaire inkomsten per dag, behorend bij de feitelijk bekleedde stand of rang van de cursist;

  • c.

    Voor opleidingen gerelateerd aan of gericht op het vervullen van functies waar een officiersrang aan is verbonden, € 100,– per dag vermeerderd met de militaire inkomsten per dag, behorend bij de feitelijk bekleedde stand of rang van de cursist;

verminderd met het minimumloon per dag tijdens de opleiding, vastgesteld conform hetgeen is bepaald bij en krachtens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.

Paragraaf

3.2

Functietoewijzing

Artikel

3:8

Mandatering functietoewijzing en ontheffing uit de functie

Paragraaf

3.3

Bevordering

Paragraaf

3.3.1

Bevordering van militairen tijdens de initiële opleiding

Artikel

3:9

Algemene bepaling

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 24b van het AMAR wordt de militair tijdens de initiële opleiding bevorderd op de tijdstippen waarop hij afgeronde delen van de opleiding heeft voltooid.

Artikel

3:10

Bevordering tijdens de opleiding tot officier bij de Koninklijke marine

Artikel

3:11

Bevordering tijdens de opleiding tot officier bij de Koninklijke landmacht, de Koninklijke luchtmacht en de Koninklijke marechaussee

Artikel

3:12

Bevordering tijdens de opleiding tot onderofficier bij de Koninklijke marine

De militair die bij aanstelling is bestemd voor functies als onderofficier wordt bevorderd tot korporaal op de dag dat hij de gehele initiële opleiding succesvol heeft afgerond.

Artikel

3:13

Bevordering tijdens de opleiding tot onderofficier bij de Koninklijke landmacht, de Koninklijke luchtmacht en de Koninklijke marechaussee

Artikel

3:14

Bevordering tijdens de opleiding tot korporaal/marechaussee der tweede klasse bij de Koninklijke landmacht, Koninklijke luchtmacht en Koninklijke marechaussee

Artikel

3:15

Bevordering tijdens de opleiding voor functies waaraan een stand is verbonden bij de Koninklijke marine

De militair die bestemd is voor functies waaraan een stand is verbonden wordt bevorderd:

  • a.

    tot matroos der tweede klasse op de dag dat hij de eerste maritiem-militaire vorming, de vakopleiding, de bedrijfsveiligheidsopleiding en de opleiding algemene scheepstaken succesvol heeft afgerond;

  • b.

    tot marinier der tweede klasse op de dag dat hij de Elementaire militaire vorming mariniers succesvol heeft afgerond;

  • c.

    tot matroos der eerste klasse als hij bestemd is voor functies bij de subdienstgroep bijzondere diensten wasser, op de dag dat hij de praktische bedrijfsintroductie succesvol heeft afgerond, maar niet eerder dan 3 maanden nadat de bevordering tot matroos der tweede klasse heeft plaatsgevonden;

  • d.

    tot matroos der eerste klasse op de dag dat hij de praktische bedrijfsintroductie succesvol heeft afgerond, maar niet eerder dan 8 maanden nadat de bevordering tot matroos der tweede klasse heeft plaatsgevonden;

  • e.

    tot marinier der eerste klasse op de dag dat hij de gehele initiële opleiding succesvol heeft afgerond;

  • f.

    tot matroos der eerste klasse met terugwerkende kracht tot de datum gelegen 8 maanden nadat de bevordering tot matroos der tweede klasse heeft plaatsgevonden, eventueel vermeerderd met de duur van de verlenging indien de praktische bedrijfsintroductie door oorzaken behorend tot het risicogebied van de organisatie niet binnen de gestelde termijn van 8 maanden werd afgerond;

  • g.

    tot matroos der eerste klasse als hij bestemd is voor functies bij de subdienstgroep bijzondere diensten wasser, met terugwerkende kracht tot de datum gelegen 3 maanden nadat de bevordering tot matroos der tweede klasse heeft plaatsgevonden, eventueel vermeerderd met de duur van de verlenging indien de praktische bedrijfsintroductie door oorzaken behorend tot het risicogebied van de organisatie niet binnen de gestelde termijn van 3 maanden werd afgerond;

  • h.

    tot matroos der eerste klasse eerder dan de minimale termijn van 8 maanden indien sprake is van uitzonderlijk goed functioneren.

Artikel

3:16

Bevordering tijdens de opleiding tot soldaat bij de Koninklijke landmacht en de Koninklijke luchtmacht

Paragraaf

3.3.2

Bevordering van militairen tijdens functie- of loopbaanopleidingen

Artikel

3:17

Bevordering tijdens functie- of loopbaanopleidingen

Aan de militair die tijdens een door hem te volgen functie- of loopbaanopleiding feitelijk wordt belast met de werkzaamheden verbonden aan de na voltooiing van de opleiding toe te wijzen functie, kan voor de duur van deze praktische tewerkstelling tijdelijk de aan die functie verbonden rang worden toegekend, dan wel in het kader van zijn opleiding, buiten het opleidingsinstituut tijdelijk wordt belast met het uitoefenen van gezag, kan voor deze periode titulair de vereiste rang worden toegekend.

Artikel

3:18

Bevordering na voltooiing van de loopbaanopleidingen bij de Koninklijke marine

Paragraaf

3.3.3

Bevorderingen van militairen door ervaringsopbouw

Artikel

3:19

Ervaringsopbouw

Artikel

3:20

Bevordering tot soldaat der eerste klasse bij de Koninklijke landmacht

De militair die bij zijn aanstelling is bestemd om een functie te gaan vervullen waaraan de stand van soldaat is verbonden, wordt bevorderd tot soldaat der eerste klasse een jaar nadat hij is bevorderd tot soldaat der tweede klasse, met dien verstande dat hij de Functiegerichte Opleiding succesvol dient te hebben afgerond.

Artikel

3:21

Bevordering tot soldaat der eerste klasse bij de Koninklijke luchtmacht

De militair wordt bevorderd tot soldaat der eerste klasse nadat hij gedurende een jaar als soldaat der tweede klasse een praktische training tijdens tewerkstelling heeft voltooid.

Artikel

3:22

Bevordering tot korporaal/marechaussee der eerste klasse

De militair wordt bevorderd tot korporaal/marechaussee der eerste klasse, met ingang van het tijdstip waarop hij na voltooiing van de initiële opleiding in de rang van korporaal/marechaussee der tweede klasse gedurende twee jaar ervaring heeft opgebouwd.

Artikel

3:23

Bevordering tot sergeant/wachtmeester der eerste klasse

De militair wordt bevorderd tot sergeant/wachtmeester der eerste klasse met ingang van het tijdstip waarop hij na voltooiing van de opleiding tot onderofficier in de rang van sergeant/wachtmeester gedurende vier jaar ervaring heeft opgebouwd.

Artikel

3:24

Bevordering tot eerste luitenant

Paragraaf

3.4

Functie- en loopbaanbegeleiding

Artikel

3:25

Functie-introductiegesprek

Artikel

3:26

Functioneringsgesprek

Artikel

3:27

Loopbaangesprek en POP-formulier

Artikel

3:28

Instelling adviescommissie ex artikel 28a, zevende lid, AMAR

Artikel

3:29

Beoordelingen

Hoofdstuk

4

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

4:1

Intrekking

De Voorlopige Voorziening Uitvoeringsregeling AMAR van 11 februari 2011, met nummer BS2011003759, wordt ingetrokken.

Artikel

4:2

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

4:3

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling AMAR, afgekort URAMAR.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Defensie
voor deze
De Hoofddirecteur Personeel B.J. de Greeff

Bijlage

1

Specifieke functiegroepen met maximum leeftijden bij aanstelling (art. 5a, tweede lid, AMAR en art. 2:1 URAMAR)

soldaat CLAS/CLSK

28

marechaussee

28

korporaal CLAS/CLSK

28

matroos/marinier

28

onderofficier

30

onderofficier KMar

30

officier

30

officier meerjarige opleiding1

30

officier vlieger

30

officier vlieger meerjarige opleiding1

25

officier specialistenopleiding2

37

officier algemeen militair arts

37

officier huisarts, tandarts en apotheker

37

1 Als meerjarige opleiding worden aangemerkt de militair-wetenschappelijke opleiding aan de NLDA, de opleiding aan de NLDA tot officier-gevechtsleider of officier-luchtverkeersleider bij het CLSK en de opleiding aan de NLDA en de Politieacademie tot officier bij de KMar.

2 Een specialistenopleiding is een initiële opleiding aan de NLDA van maximaal tien weken voor specifieke categorieën HBO- en WO-opgeleide aspirant-officieren.

Bijlage

2

Functioneringsgespreksformulier (artikel 3:26, DFE 030)

DFE 030 is beschikbaar via selfservice op Peoplesoft. Het streven is uitsluitend van de selfservice modaliteit gebruik te maken. Wanneer geen toegang tot deze service bestaat, kan de papieren versie van het formulier worden ingevuld en voor registratie aan de afdeling P&O worden aangeboden. Zie ook de toelichting in het formulier.

Bijlage

3

POP-formulier (artikel 3:27)

Bijlage

4

Beoordelingsformulier (artikel 3:29, DFE 012)

DFE 012 is beschikbaar via selfservice op Peoplesoft. Het streven is uitsluitend van de selfservice modaliteit gebruik te maken. Wanneer geen toegang tot deze service bestaat, kan de papieren versie van het formulier worden ingevuld en voor registratie aan de afdeling P&O worden aangeboden. Zie ook de toelichting in het formulier.