gelet op artikel 37b van de Wet op de rechtsbijstand, waarin is bepaald dat het bestuur van de raad voor Rechtsbijstand subsidie kan verstrekken ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand voor bijzondere doeleinden en projecten,
besluit:
de volgende subsidieregeling vast te stellen.
Hoofdstuk
I
Algemeen
Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
a.
advocaat: de advocaat die op basis van artikel 7 van deze regeling is toegelaten tot deze subsidieregeling;
Commissie Werkelijke Schade: Commissie aanvullende schadevergoeding werkelijke schade als bedoeld in de Instellingsregeling Commissie aanvullende schadevergoeding werkelijke schade;
g.
deskundige: een letselschadedeskundige die staat ingeschreven in minimaal een van de registers van het NIVRE, NLK, LSA of ASP een medisch deskundige die staat ingeschreven in het BIG-register of een rekenkundige;1Nederlands Instituut van Register Experts (NIVRE), Nationaal Keurmerk Letselschade (NKL), Vereniging van Letselschade Advocaten (LSA), Vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade (ASP) en Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG).
mediation: het bemiddelen in een geschil waarbij een neutrale bemiddelingsdeskundige de onderhandelingen tussen de rechtzoekende en de Dienst Toeslagen begeleidt teneinde vanuit hun belangen tot gezamenlijk gedragen en voor ieder van hen optimale resultaten te komen die worden vastgelegd in een overeenkomst in het geval van het bereiken van overeenstemming;
l.
overleden aanvrager: overleden aanvrager zoals bedoeld in artikel 1.1 Wht
oudergesprek: een inhoudelijk gesprek tussen de ouder en een medewerker van de Dienst Toeslagen om de situatie van de ouder in beeld te brengen en de voor de toepassing van een herstelregeling kinderopvangtoeslag benodigde feiten te vergaren;
rechtsbijstand: rechtskundige bijstand door een advocaat aan een ouder, een nabestaande, de ex-partner, het kind, het pleegkind of voormalig pleegkind of een rechtzoekende na peildatum ter zake van aanspraak op een herstelregeling kinderopvangtoeslag bij de Dienst Toeslagen;
s.
rechtzoekende: de ouder, de nabestaande of een rechtzoekende na peildatum die aanspraak maakt op een tegemoetkoming of compensatie in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag bij de Dienst Toeslagen en daarbij aanspraak maakt op de rechtsbijstand van een advocaat;
t.
rechtzoekende na peildatum: de ouder die aanspraak maakt op een tegemoetkoming of compensatie in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag bij de Dienst Toeslagen en daarbij aanspraak maakt op de rechtsbijstand van een advocaat, maar zich na de datum van 31 december 2023 als gedupeerde heeft gemeld;
schadecompensatieroute: een procedure gericht op aanvullende schadecompensatie;
w.
toevoeging: de toevoeging ten behoeve van rechtsbijstand zoals bedoeld onder ‘r’ van dit artikel;
x.
vergoeding: de op grond van deze regeling vast te stellen subsidie;
y.
vooraankondiging/voorlopige beslissing: de mededeling aan de ouder van de voorlopige uitkomst van de integrale beoordeling op basis van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag als bedoeld in artikel 6.7 Wht;
Zienswijze: reactie van de ouder op de vooraankondiging als bedoeld onder ‘y’.
Artikel
2
Doel
Deze regeling heeft tot doel subsidie te verstrekken uitsluitend ten behoeve van de rechtsbijstand voor de procedures zoals genoemd in artikel 4 van deze subsidieregeling.
Hoofdstuk
II
De vergoedingen
Artikel
3
De vergoedingen
1
Advocaten ontvangen overeenkomstig de bepalingen van deze regeling een vergoeding voor de verlening van rechtsbijstand aan een rechtzoekende, een ex-partner en een kind bij een verzoek in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag bij Dienst Toeslagen en bij een verzoek voor overneming of betaling privaatrechtelijke schulden.
2
De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, omvat:
a.
de overeenkomstig deze regeling vastgestelde vergoeding voor het verrichten van rechtsbijstand aan een rechtzoekende, een ex-partner en een kind;
b.
de overeenkomstig deze regeling vastgestelde vergoeding voor kosten en tijdverlet in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand;
c.
een vergoeding voor de administratieve kosten overeenkomstig artikel 27 Bvr;
d.
de omzetbelasting die is verschuldigd over de vergoedingen, bedoeld onder a, b en c van dit lid.
3
Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens deze regeling toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, zoals genoemd in het eerste lid van artikel 3 van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000. Voor de toepassing van het basisbedrag per punt is de afgiftedatum van de toevoeging bepalend.
4
Bij de toepassing van deze regeling wordt de financiële draagkracht van een rechtzoekende, een ex-partner en een kind buiten beschouwing gelaten.
Artikel
4
Vergoedingen voor rechtsbijstandverlening
1
Voor de rechtsbijstand aan de rechtzoekende als bedoeld in deze regeling wordt een vergoeding toegekend voor rechtsbijstand bij het verzamelen en beoordelen van de voor het verzoek tot herstel benodigde stukken en het geven van advies tot en met het opstellen van de zienswijze op de voorlopige beslissing, inclusief de daarbij behorende oudergesprekken:
a.
4 punten, voor zaken waarin minder dan zes uur rechtsbijstand wordt verleend;
b.
10 punten, voor zaken waarin zes uur of meer rechtsbijstand wordt verleend.
2
Voor de rechtsbijstand aan de rechtzoekende over het toekennen van een forfaitair bedrag van € 30.000,– als bedoeld in artikel 2.7, eerste of tweede lid, van de Wht, wordt een vergoeding toegekend van:
a.
2 punten voor de rechtsbijstand bij het verzoek tot herbeoordeling;
b.
7 punten voor de rechtsbijstand bij het bezwaar tegen de beschikking van Dienst Toeslagen na een afgewezen verzoek tot herbeoordeling;
c.
9 punten voor de rechtsbijstand bij het bezwaar tegen de beschikking van de Dienst Toeslagen zonder voorafgaand verzoek tot herbeoordeling.
3
Voor de rechtsbijstand verleend aan het kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ouder of het kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ex-partner, ten behoeve van het bezwaar tegen de afwijzende beschikking van de Dienst Toeslagen over het toekennen van een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 2.14 respectievelijk artikel 2.14a Wht wordt een vergoeding toegekend van 9 punten.
4
Voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende ten behoeve van bezwaar tegen de beschikking inzake het verzoek tot herstel, wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
5
a.
In het geval een mediationtraject tijdens de bezwaarprocedure inzake het verzoek tot herstel wordt ingezet en de mediation met een door beide partijen ondertekende overeenkomst definitief wordt afgerond, wordt voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende tijdens het mediationtraject, een vergoeding toegekend van 20 punten.
b.
Indien het mediationtraject niet tot een door beide partijen ondertekende overeenkomst leidt, wordt voor de rechtsbijstand, verleend tijdens het mediationtraject, een vergoeding toegekend van 5 punten.
6
a.
Voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende bij een aanvraag tot vergoeding van werkelijke schade als bedoeld in deze regeling wordt een vergoeding toegekend van:
i.
4 punten voor verzoeken waarin minder dan 7 uur rechtsbijstand wordt verleend;
ii.
10 punten voor verzoeken waarin tussen 7 uur en 14 uur rechtsbijstand wordt verleend;
iii.
20 punten voor verzoeken waarin 14 uur of meer rechtsbijstand wordt verleend.
b.
Indien het advies van een deskundige wordt ingeroepen kan de advocaat een vergoeding vragen voor de factuur van de deskundige tot maximaal € 3.000,– inclusief btw.
7
Voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende bij het bezwaar tegen de beschikking van de Dienst Toeslagen op het verzoek tot vergoeding van de werkelijke schade wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
8
Voor de rechtsbijstand verleend aan de ex-partner bij een verzoek tot aanvullende schadecompensatie en voor rechtsbijstand verleend bij het bezwaar tegen de beschikking van de Minister van Financiën of de Dienst Toeslagen op de aanvraag tot aanvullende schadecompensatie is het zesde en zevende lid van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
9
a.
Voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende in de schadecompensatieroute MijnHerstel wordt een vergoeding toegekend van:
i.
10 punten voor minder dan 14 uur rechtsbijstand;
ii.
20 punten voor rechtsbijstand tussen de 14 uur en 20 uur;
iii.
25 punten voor meer dan 20 uur rechtsbijstand.
b.
Voor de rechtsbijstand verleend aan de rechtzoekende in een schadecompensatieroute anders dan MijnHerstel wordt een vergoeding toegekend van:
i.
4 punten voor minder dan 7 uur rechtsbijstand;
ii.
10 punten voor rechtsbijstand tussen 7 uur en 14 uur;
iii.
20 punten voor meer dan 14 uur rechtsbijstand.
c.
Voor de rechtsbijstand verleend ten behoeve van de individuele berekening worden 15 punten toegekend. Indien het advies van een deskundige wordt ingeroepen kan de advocaat een vergoeding vragen voor de factuur van de deskundige tot maximaal € 3.000,– inclusief btw.
10
Voor de rechtsbijstand aan de rechtzoekende en diens partner als bedoeld in artikel 4.1, eerste lid Wht, wordt, voor overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden, een vergoeding toegekend van:
a.
2 punten voor de rechtsbijstand bij het verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden of een advies over een afwijzing;
b.
7 punten voor de rechtsbijstand bij het bezwaar tegen de beschikking van de Minister van Financiën na een afgewezen verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden;
c.
9 punten voor de rechtsbijstand bij het bezwaar tegen de beschikking van de Minister van Financiën wanneer geen rechtsbijstand is verleend bij het voorafgaand verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden.
11
Voor de rechtsbijstand aan de ex-partner bij een verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden of een bezwaar tegen een beschikking van de Minister van Financiën op een verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden, is het tiende lid van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
12
Voor de rechtsbijstand aan de rechtzoekende bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of c, het vierde lid, het zevende lid, en het tiende lid, onderdeel b of c, van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
13
Voor rechtsbijstand aan de ex-partner bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het achtste lid en het elfde lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
14
Voor rechtsbijstand aan een kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ouder of een overleden ex-partner bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het derde lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
15
Voor de rechtsbijstand bij het hoger beroep tegen een uitspraak in beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende en veertiende lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.
16
a.
Voor de rechtsbijstand als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b en c, het derde, het vierde, het zevende, het achtste en het tiende lid, onder b en c, en het elfde lid, wordt de vergoeding behorend bij deze fasen, verlaagd tot 4 punten in de gevallen dat slechts een pro forma bezwaar is ingesteld en geen substantiële werkzaamheden zijn verricht.
b.
Voor de rechtsbijstand als bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende en vijftiende lid van dit artikel wordt de vergoeding behorend bij deze fasen, verlaagd tot 4 punten in de gevallen dat slechts een pro forma beroep is ingesteld en geen substantiële werkzaamheden zijn verricht.
c.
Als de advocaat in het kader van de procedure bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende en vijftiende lid van dit artikel meer dan één zitting bij de gerechtelijke instantie heeft bijgewoond, wordt voor de tweede en elke daaropvolgende zitting telkens 3,5 punten vergoed.
17
Indien de advocaat voor de rechtsbijstand een verzoek tot voorlopige voorziening indient, in het kader van bezwaar als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of c, het derde lid, het vierde lid, het zesde, het zevende lid, het achtste lid, het tiende lid, onderdeel b en c, of het elfde lid, alsmede beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende of het veertiende lid van dit artikel, alsmede hoger beroep als bedoeld in het vijftiende lid van dit artikel, wordt voor ieder verzoek tot een voorlopige voorziening een toeslag van 9 punten toegekend.
18
Als de rechtsbijstand opvolgend is verleend door twee of meer advocaten die niet behoren tot hetzelfde samenwerkingsverband, wordt het aantal toe te kennen punten éénmaal met 2,5 punten verhoogd.
19
In geval rechtsbijstand is verleend door opvolgende advocaten zoals bedoeld in het achttiende lid van dit artikel, wordt de vergoeding betaald aan de advocaat die het laatst is toegevoegd. De advocaten verdelen het bedrag in onderling overleg naar verhouding van de verrichte werkzaamheden.
20
Indien tijdens de procedure bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende, vijftiende en zestiende lid van dit artikel een mediationtraject wordt gestart en het mediationtraject niet leidt tot een door beide partijen ondertekende overeenkomst, wordt voor de rechtsbijstand die tijdens het mediationtraject is verleend, een toeslag toegekend van 5 punten.
Artikel
5
Vergoeding voor reiskosten en reistijdverlet
1
Voor vergoeding van de kosten in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand tijdens een oudergesprek, een mediationgesprek alsmede de zitting van de bezwaarschriftenadviescommissie, alsmede gesprekken die als doel hebben het bereiken van een VSO, alsmede de zitting in het kader van een procedure over de schadecompensatie, alsmede de zitting bij de rechtbank, alsmede de zitting bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is artikel 25 Bvr van overeenkomstige toepassing.
2
Voor het tijdverlet in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand onder toevoegingen afgegeven vóór 1 januari 2022, zoals bedoeld in het eerste lid, wordt een vergoeding toegekend van een half punt per volle gereisde 60 kilometer.
3
Voor het tijdverlet in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand onder toevoegingen afgegeven op of na 1 januari 2022, zoals bedoeld in het eerste lid, wordt een vergoeding toegekend van een half punt per volle gereisde 50 kilometer.
4
Als een reis zoals bedoeld in het eerste, tweede en derde lid wordt afgelegd ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand aan meerdere rechtzoekenden op dezelfde locatie, wordt in verband met deze reis slechts eenmaal de kilometervergoeding en reisverlet toegekend.
5
De raad bepaalt de reisafstand op gestandaardiseerde wijze.
Artikel
6
Kosteloze rechtsbijstand voor de rechtzoekende
1
De rechtsbijstand is voor een rechtzoekende, een ex-partner en een kind kosteloos; er wordt geen eigen bijdrage opgelegd.
2
De advocaat kan een rechtzoekende, een ex-partner en een kind geen kosten in rekening brengen.
3
De aan een rechtzoekende, een ex-partner en een kind toegekende compensatie of andere tegemoetkoming kan nooit leiden tot intrekking van de toevoeging. Artikel 34g, eerste lid, onder b, van de Wrb is niet van toepassing.
4
Aan een rechtzoekende, een ex-partner en een kind toegekende proceskosten in bezwaar en/of in (hoger)beroepsprocedure, alsmede andere vergoedingen voor rechtsbijstand, worden in mindering gebracht op voor die fase van toepassing zijnde vergoeding.
5
De rechtzoekende die voor de rechtsbijstand als bedoeld in deze regeling afdoende gebruik kan maken van een rechtsbijstandsverzekering, is uitgesloten van deze regeling.
Hoofdstuk
III
Voorwaarden
Artikel
7
Voorwaarden tot deelname voor advocaten
1
Deze regeling is van toepassing op advocaten die voldoen aan de in de bijlage onder I genoemde deelnamecriteria.
2
Advocaten kunnen een gemotiveerd verzoek tot deelname indienen bij de raad.
Hoofdstuk
IV
Aanvraag rechtsbijstand
Artikel
8
Aanvraag van de rechtsbijstand
1
De aanvraag voor rechtsbijstand wordt initieel door een rechtzoekende, een ex-partner of een kind bij de raad ingediend.
2
Een rechtzoekende, een ex-partner of een kind dient hiervoor gebruik te maken van het door de raad opgestelde formulier ‘Aanvraag rechtsbijstand herstel kinderopvangtoeslag’, waarbij de schriftelijke bevestiging van de Dienst Toeslagen dat de rechtzoekende zich heeft aangemeld voor de herstelregelingen kinderopvangtoeslag wordt overgelegd. Een ex-partner moet daarbij door de Dienst Toeslagen zijn erkend als ex-toeslagpartner. Een kind kan alleen een aanvraag indienen als nabestaande.
3
Op basis van de gegevens in het formulier zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel matcht de raad een aan de regeling deelnemende advocaat door een rechtzoekende, een ex-partner of een kind een keuze te geven uit door de raad voorgestelde advocaten. De door de rechtzoekende gekozen advocaat wordt toegevoegd.
4
Als een rechtzoekende, een ex-partner of een kind aangeeft dat hij een aan de regeling deelnemende voorkeursadvocaat wenst, voegt de raad – in afwijking van het in het derde lid van dit artikel gestelde – die advocaat toe.
5
Als een rechtzoekende, een ex-partner of een kind aangeeft dat hij op het moment van inwerkingtreding van deze regeling al rechtsbijstand van een advocaat heeft bij een verzoek in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag, voegt de raad deze advocaat toe.
6
De advocaat kan voor de werkzaamheden als genoemd in het tweede tot en met het vijftiende lid van artikel 4, een separate aanvraag indienen voor de in dat artikel genoemde werkzaamheden. Voor deze aanvraag voor rechtsbijstand gebruikt de advocaat een gestandaardiseerd aanvraagformulier ‘Aanvraag vervolgtoevoeging rechtsbijstand herstelregelingen Kinderopvangtoeslag’ en voegt hierbij een afschrift van de bestreden beslissing waarop de betreffende aanvraag voor rechtsbijstand ziet, voor zover van toepassing.
7
a.
Indien een advocaat rechtsbijstand verleent aan twee of meer nabestaanden, zijnde kinderen van dezelfde overleden ouder, wordt vanaf het tweede kind een toeslag toegekend van 3.5 punt per kind.
b.
Indien het, gelet op de belangen van de nabestaanden als bedoeld onder a, naar het oordeel van de raad niet mogelijk is dat deze nabestaanden door één en dezelfde advocaat worden bijgestaan, kunnen voor verschillende nabestaanden afzonderlijke toevoegingen worden verstrekt.
Artikel
9
Aanvraag van de vergoeding
Binnen twaalf maanden na afronding van de werkzaamheden die in het kader van deze regeling worden vergoed, vraagt de toegevoegde advocaat de vergoeding via een door de raad opgesteld standaardformulier ‘Aanvraag vergoeding rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag’. Bij dit formulier voegt de advocaat, indien van toepassing, de uitspraak of het besluit, vergezeld van een specificatie van de met de rechtsbijstandverlening gemoeide tijdsbesteding overeenkomstig door het bestuur gestelde regels.
Hoofdstuk
V
Overige bepalingen
Artikel
10
Monitoring en evaluatiebepaling
Het kenniscentrum van de raad zal een monitor opzetten waarmee de toepassing van deze regeling in de praktijk periodiek geëvalueerd wordt.
Hoofdstuk
VI
Overgangs- en slotbepalingen
Artikel
11
Overgangsbepaling
1
Verzoeken in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag, die op het moment van inwerkingtreding van deze regeling nog in behandeling zijn en waarop nog geen beslissing op bezwaar door de Dienst Toeslagen is genomen, vallen onder deze regeling.
2
Verzoeken voor toevoeging voor het beroep en het hoger beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende en vijftiende lid van artikel 4 vallen onder deze regeling indien in de procedure waarvoor de toevoeging wordt gevraagd op het moment van inwerkingtreding van deze regeling nog geen uitspraak is gedaan.
Artikel
12
Inwerkingtreding en vervaldatum
1
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 maart 2021.
2
In afwijking van het eerste lid geldt het volgende:
a.
Artikel 4, derde lid, veertiende lid, vijftiende lid en zeventiende lid voor zover deze betrekking hebben op het derde en veertiende lid, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 1 oktober 2023;
b.
Artikel 4, vijfde lid en negende lid, onder b, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juni 2023;
c.
Artikel 4, negende lid, onder a, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 2 december 2025;
d.
Artikel 4, tiende lid en twaalfde lid voor zover deze betrekking heeft op het tiende lid onderdeel b en c, en het vijftiende en zestiende lid voor wat betreft meerdere zittingen en zeventiende lid voor zover deze terug voeren naar het tiende lid onderdeel b en c, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 29 oktober 2021;
e.
Artikel 4, elfde lid en het dertiende lid voor zover deze betrekking heeft op het elfde lid, vijftiende en zestiende lid voor wat betreft meerdere zittingen en het zeventiende lid voor zover deze terug voeren naar het elfde lid, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 15 juli 2023;
Voor rechtsbijstand verleend aan een nabestaande geldt deze regeling met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst;
h.
Voor rechtsbijstand verleend aan een rechtzoekende na peildatum geldt deze regeling vanaf 1 oktober 2023.
Deze regeling wordt aangehaald als: subsidieregeling pakket rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag 2026
Vastgesteld op
Bestuur van de raad voor Rechtsbijstand,I.D.NijboerAlgemeen directeur/Bestuurder
Bijlage
Deelname- en matchingscriteria voor de advocaat
I
Deelnamecriteria
Voor deelname aan deze regeling gelden de volgende voorwaarden:
1.
De advocaat staat ingeschreven:
a.
bij de raad voor de specialisatie in sociaal zekerheidsrechtzaken, zoals genoemd in artikel 6m van de Inschrijvingsvoorwaarden Advocatuur 2021, of
b.
in het rechtsgebiedenregister van de NOvA op het gebied van belastingrecht, bestuursrecht en/of sociaal zekerheidsrecht.
2.
De advocaat heeft in de twee kalenderjaren voorafgaand aan het verzoek minimaal 20 zaken op het terrein van bestuursrecht, sociaal zekerheidsrecht, sociale voorzieningen, belastingrecht en/of woonrecht behandeld.
3.
Deelnemende advocaten mogen in de voorgaande vijf kalenderjaren van het verzoek:
a.
niet tuchtrechtelijk veroordeeld zijn wegens een tekortkoming in de kwaliteit van dienstverlening, als bedoeld in artikel 46 van de Advocatenwet;
b.
geen maatregel zijn opgelegd in het kader van het Maatregelbeleid van de raad.
4.
De advocaat verklaart bij zijn deelnameverzoek:
a.
bereid te zijn om mee te werken aan een (tussentijdse) onderzoek en evaluatie van deze regeling door de raad;
b.
bereid te zijn om deel te nemen aan peer-review van een door de NOvA aangestelde reviewer;
c.
bij aanvang van de werkzaamheden gebruik te maken van de standaard opdrachtbevestigingsbrief aan de rechtzoekende.
II
Matchingscriteria
Ten behoeve van een zo goed mogelijke matching met de rechtzoekende vermeldt de advocaat bij zijn deelnameverzoek:
a.
in welke regio hij actief is;
b.
met welke instanties binnen het sociale domein hij een samenwerkingsrelatie heeft;
c.
als toelichting op zijn praktijkvoering:
–
het aantal advocaten dat actief is binnen het kantoor;
–
de rechtsgebieden die binnen het kantoor worden behandeld;
d.
of en met welk ander kantoor/partij er een samenwerkingsverband is;
e.
of hij ervaring heeft in het geven van rechtsbijstand aan rechtzoekenden die te maken hebben met multi-problematiek.