Regeling van de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport van 30 april 2026, kenmerk 4377537-1097784-DMO, houdende regels voor de subsidiering van activiteiten voor de collectieve erkenning van Indische, Molukse, Papoea en Chinees-Indonesische gemeenschappen in Nederland (Subsidieregeling CEWIN 2026) [KetenID WGK028397]
contextgebonden zorg: zorg die uitgaat van een cultuursensitieve benadering en waarbij rekening gehouden wordt met persoonlijke oorlogs- en geweldservaringen;
de-minimisverklaring: verklaring als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de de-minimisverordening;
de-minimisverordening:Verordening (EU) nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun;
educatief materiaal: hulpmiddelen en leermiddelen om kennisoverdracht bij leerlingen en scholieren te ondersteunen;
huisvestingslasten: kosten voor huur, rente en afschrijvingen;
minister: Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport;
omroepprogramma’s: films of documentaires ontwikkeld door of in samenwerking met de Nederlandse publieke of commerciële oproep.
Artikel
2
Doel van de regeling
Deze regeling heeft als doel om initiatieven aan te moedigen uit de Indische, Molukse, Papoea en Chinees-Indonesische gemeenschappen in Nederland die bijdragen aan de collectieve erkenning van deze gemeenschappen binnen de Nederlandse samenleving. Hierbij staat het bevorderen van wederzijds begrip, her- en erkenning, het verankeren van cultureel erfgoed en het leren van de geschiedenis van Nederlands-Indië/Indonesië centraal.
Artikel
3
Subsidiabele activiteiten
1
De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken voor culturele activiteiten of activiteiten ter bevordering van de dialoog, die bijdragen aan het realiseren van het doel van de regeling.
2
Geen subsidie wordt verstrekt voor:
a.
activiteiten die zich richten op herdenken of contextgebonden zorg;
b.
huisvestingslasten;
c.
activiteiten die alleen de organisatie van de aanvrager bereiken;
d.
de vervaardiging van omroepprogramma’s of educatief materiaal.
Artikel
4
Subsidievoorwaarden
1
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen zonder winstoogmerk die zijn ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.
2
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien deze in overeenstemming is met de de-minimisverordening.
3
Per aanvraagronde kan een rechtspersoon slechts één aanvraag indienen.
De minister verstrekt enkel subsidies voor projecten die niet langer dan 24 maanden duren.
2
In afwijking van het eerste lid kan de minister op verzoek de termijn, bedoeld in het eerste lid, vanwege uitzonderlijke omstandigheden verlengen met ten hoogste zes maanden.
Artikel
6
Hoogte van de subsidie en subsidiabele bedrag
1
De subsidie bedraagt ten hoogste € 20.000 per jaar met een maximum van € 40.000 over een periode van twee jaar.
2
Subsidies van minder dan € 6.000 worden niet verstrekt.
3
Subsidie wordt enkel verstrekt indien het bedrag voor reis- en verblijfskosten niet hoger is dan 10% van het totale subsidiabele bedrag.
Artikel
7
Subsidieplafond en wijze van verdeling
1
Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2026 € 500.000.
2
De minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag door middel van loting.
De aanvrager gebruikt door de minister vastgestelde formulieren voor de aanvraag tot verlening, de begroting, het activiteitenplan en de de-minimisverklaring.
3
De aanvraag tot verlening voor het subsidiejaar 2026 kan worden ingediend in de periode van maandag 1 juni 2026 9.00 uur tot en met vrijdag 26 juni 2026 13.00 uur.
4
De minister besluit binnen dertien weken na afloop van de periode waarin aanvragen kunnen worden ingediend.
Artikel
9
Afwijzingsgronden
De minister wijst een subsidieaanvraag in ieder geval af indien:
de verstrekking van de subsidie niet in overeenstemming is met de de-minimisverordening.
Artikel
10
Verplichtingen
De activiteiten starten uiterlijk 6 maanden na afloop van de in artikel 8, derde lid, voor dat jaar genoemde aanvraagperiode.
Artikel
11
Vaststelling bij subsidies boven de € 25.000
1
Indien een verleende subsidie € 25.000 of meer bedraagt, vraagt de aanvrager vaststelling van de subsidie aan binnen 22 weken na afloop van het boekjaar waarvoor de subsidie is verleend.
2
De aanvrager toont bij een subsidie van meer dan € 25.000 aan de hand van een verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten aan dat de activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen.
Artikel
12
Hardheidsclausule
De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel
13
Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling CEWIN 2026.
Artikel
14
Inwerkingtreding en vervaldatum
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte in de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2031.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport,W.R.C.Sterk