Wet van 22 april 2026 tot wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met de introductie van een tweestatusstelsel en het aanscherpen van de vereisten bij nareis (Wet invoering tweestatusstelsel)

Wet invoering tweestatusstelsel

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is om onderscheid te maken tussen vluchtelingen en vreemdelingen die in aanmerking komen voor subsidiaire bescherming en in verband daarmee nadere eisen te stellen aan de nareis van gezinsleden van vreemdelingen die internationale bescherming genieten, en dat het daarom nodig is de Vreemdelingenwet 2000 te wijzigen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Vreemdelingenwet 2000.

Artikel

Ia

Onze Minister van Asiel en Migratie zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Artikel

II

[Vervallen]

Artikel

III

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel

IV

Deze wet wordt aangehaald als: Wet invoering tweestatusstelsel.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Asiel en Migratie, G. van den Brink
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel