Besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat, de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 12 juni 2026 houdende regels inzake mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur NLSA inzake aangelegenheden van de Netherlands Space Agency (NLSA) (Besluit mandaat, volmacht en machtiging directeur NLSA)

Besluit mandaat, volmacht en machtiging directeur NLSA

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Gezien de schriftelijke instemming van de directeur NLSA van 28 mei 2026;

Besluiten:

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel

6

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging directeur NLSA.

Dit besluit zal met de daarbij behorende bijlage en toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, V.P.G. Karremans
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.M. Letschert

Bijlage

bij artikel 1, eerste lid, van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging directeur NLSA

  • 1.

    Aangelegenheden waarvoor de directeur NLSA mandaat, volmacht en machtiging verkrijgt op het werkterrein van de Minister van Economische Zaken en Klimaat:

    • a.

      Vertegenwoordiging (waaronder tekenbevoegdheid) in de ESA-council als Head of Delegation, alle programmaraden van ESA en de cross-sectorale comités van ESA;

    • b.

      vertegenwoordiging in comités aangaande implementatie van EU-ruimtevaartprogramma en specifieke subcomités, werkgroepen en configuraties van de EU Space Policy Expert Group alsook vertegenwoordiging in de European Union Space Programme Agency (EUSPA);

    • c.

      advisering op EU-ruimtevaartbeleid voor alle raadswerkgroepen;

    • d.

      (deel)vertegenwoordiging in het relevante Programma Comité van EU-kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, in afstemming met de (mede)vertegenwoordigers van eventuele andere relevante domeinen onder het betreffende Programma Comité;

    • e.

      advisering over programmatische aansturing van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) en TNO op het werkterrein van de Minister van Economische Zaken en Klimaat;

    • f.

      coördinatie activiteiten ten behoeve van het bevorderen van de maatschappelijke benutting van de ruimte-infrastructuur;

    • g.

      opzet en uitvoering van het strategisch communicatieplan Ruimtevaart;

    • h.

      centraal aanspreekpunt voor de communicatie met stakeholders in het veld;

    • i.

      administratie en beheer van overgedragen ruimtevaartverplichtingen en van de financiële middelen van de Minister van Economische Zaken en Klimaat die in de interdepartementale samenwerkingsovereenkomst worden beschreven;

    • j.

      adviserend lid van het Joint Consultative Committee;

    • k.

      adviserend over ruimtevaartvraagstukken in OESO verband;

    • l.

      advisering in standpuntbepaling richting UNOOSA;

    • m.

      uitvoering van en vertegenwoordiging in het EUSST partnerschap waaronder het ondertekenen van relevante stukken;

    • n.

      delegatieleider van de Nederlandse delegatie in de Group on Earth Observations (GEO).

  • 2.

    Aangelegenheden waarvoor de directeur NLSA machtiging verkrijgt op het werkterrein van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat:

    • a.

      adviseur voor het onderwerp European Organisation for the Exploitation of Meteorological Satellites (EUMETSAT) op de terreinen waar het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) niet zijn primaire kennis heeft. Het gaat dan met name om de industriepolitieke aspecten, de ruimtevaarttechnische aspecten, de kostenaspecten van de ruimteinfrastructuur en de verbinding met het wetenschappelijk gebruik;

    • b.

      inbreng leveren voor de voorbereiding van alle EUMETSAT Council-vergaderingen en de adviesgroepen Policy Advisory Committee (PAC), Science Working Group (STG) en Administrative and Finance Group (AFG);

    • c.

      delegatielid van EUMETSAT Council afhankelijk van de agenda en op verzoek van de Delegatieleider;

    • d.

      adviseur op GNSS -terrein en lid van de Nederlandse delegatie voor de onderwerpen die NLSA aangaan;

    • e.

      adviseur op het gebied van de toepassing van satellietdata voor beleidsvorming en uitvoering voor de Minister en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat;

    • f.

      voorzitter van het nationaal aardobservatie-overlegplatform GEO Netherlands;

    • h.

      adviserend lid van het Joint Consultative Committee.

  • 3.

    Aangelegenheden waarvoor de directeur NLSA mandaat, volmacht en machtiging verkrijgt op het werkterrein van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap:

    • a.

      het uitvoeren van subsidieregelingen waartoe NLSA opdracht heeft gekregen van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en waarvoor de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de financiële middelen aan NLSA ter beschikking stelt. Dit betreffen in ieder geval het Instrumentontwikkelingsprogramma en de Kennisnetwerkenregeling. Het mandaat omvat alle besluiten en handelingen die voor de uitvoering van de subsidieregelingen noodzakelijk zijn;

    • b.

      opzet en uitvoering van een nationaal flankerend beleidsprogramma (afgestemd met de andere programma’s voor nationaal flankerend beleid) gericht op het bevorderen van de synergie tussen wetenschap en ruimtevaart op onderdelen die niet in ESA-kader plaatsvinden en aansluiten op kansen en behoeftes vanuit het wetenschaps- en ruimtevaartveld;

    • c.

      administratie en beheer van overgedragen ruimtevaartverplichtingen en van de financiële middelen van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap die beschikbaar worden gesteld;

    • d.

      vertegenwoordiging in alle programmaraden en comités van ESA, met uitzondering van het delegatieleiderschap voor de Science Programme Committee waarin wel sprake is van optreden als delegatielid;

    • e.

      uitvoering van het educatie en talentontwikkelingsprogramma ten behoeve van de ruimtevaart.