Artikel
1
Mandaten, ondermandaten, volmachten en machtigingen die op 22 februari 2026 van kracht waren ten behoeve van functionarissen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties of andere personen en organisaties ten aanzien van de aangelegenheden op het terrein van coördinatie en beleid van digitale zaken worden aangemerkt als mandaten, volmachten en machtigingen verleend door de Minister van Economische Zaken en Klimaat aan:
-
a.
de secretaris-generaal van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
-
b.
de plaatsvervangend secretaris-generaal van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
-
c.
de directeur-generaal Digitalisering en Overheidsorganisatie;
-
d.
de directeur Constitutionele Zaken en Wetgeving;
-
e.
de CIO Rijk;
-
f.
de functionarissen aan wie door of namens bovengenoemden mandaat, ondermandaat, volmacht of machtiging is verleend;
-
g.
andere personen en organisaties aan wie door of namens bovengenoemden mandaat, ondermandaat, volmacht of machtiging is verleend;
ten aanzien van aangelegenheden die bovengenoemd terrein betreffen.