Besluit van de Minister van Financiën van 15 mei 2026, 2026-0000130138, directie Financiële Markten, houdende verlening van mandaat, volmacht en machtiging voor de bestuursrechtelijke handhaving van verplichtingen in het kader van de registratie van de uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies op grond van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies (Mandaatbesluit bestuursrechtelijke handhaving Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies)
Mandaatbesluit bestuursrechtelijke handhaving Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies
De Minister van Financiën,
Handelende met instemming van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid;
Aan de directeur van DFEI wordt mandaat en machtiging verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22, 23 en 23a van de wet.
De directeur van DFEI kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat, machtiging en volmacht verlenen aan medewerkers van DFEI.
Artikel
3
Mandaat en volmacht invordering DFEI
1
Aan de directeur van DFEI wordt mandaat verleend voor het nemen van besluiten in het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet, met uitzondering van het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning.
2
Aan de directeur van DFEI wordt volmacht verleend voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet.
3
De directeur van DFEI kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat en volmacht verlenen aan medewerkers van DFEI.
Artikel
4
Mandaat en machtiging invordering CJIB
1
Aan de algemeen directeur van het CJIB wordt machtiging verleend voor het verrichten van feitelijke handelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet.
2
In het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet, wordt aan de algemeen directeur van het CJIB mandaat verleend voor het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning als bedoeld in artikel 4:113 van de Awb alsmede voor het treffen van betalingsregelingen en het verlenen van uitstel van betaling als bedoeld in artikel 4:94 van de Awb.
3
De algemeen directeur van het CJIB kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan medewerkers van het CJIB.
Artikel
5
Mandaat en machtiging bezwaarschriften
1
Aan de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de directeur van DFEI wordt mandaat en machtiging verleend voor het behandelen van bezwaarschriften tegen handhavingsbesluiten en besluiten in het kader van het invorderingsproces die verband houden met de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet.
2
De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de directeur van DFEI kunnen voor de in het eerste lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan medewerkers van DFEI.
Artikel
6
Volmacht en machtiging gerechtelijke procedures
1
Aan de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de directeur van DFEI wordt volmacht en machtiging verleend voor het voeren van gerechtelijke procedures die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 22, 23 en 23a van de wet.
2
De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de directeur van DFEI kunnen voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden volmacht en machtiging verlenen aan medewerkers van DFEI.
Artikel
7
Ondertekening
Het krachtens (onder)mandaat, machtiging of volmacht ondertekenen van stukken geschiedt als volgt:
De Minister van Financiën,
namens deze,
gevolgd door naam en functie van de (onder)gemandateerde.
Artikel
8
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juni 2026.
Artikel
9
Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit bestuursrechtelijke handhaving Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.