Artikel
1
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
-
a.
de uitdrukking „veroordeling": elke straf of veiligheidsmaatregel door een rechter opgelegd en met zich meebrengende vrijheidsbeneming wegens een strafbaar feit;
-
b.
de uitdrukking „gevonniste persoon": een persoon die op het grondgebied van een der Staten onherroepelijk is veroordeeld en is gedetineerd;
-
c.
de uitdrukking „de Staat van veroordeling": de Staat waarin de veroordeling werd uitgesproken tegen de persoon die kan worden of reeds is overgebracht;
-
d.
de uitdrukking „de Staat van tenuitvoerlegging": de Staat waarnaar de gevonniste persoon kan worden of reeds is overgebracht, teneinde zijn veroordeling te ondergaan.