Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Nieuw-Zeeland inzake wederzijdse bijstand bij de invordering van belastingvorderingen

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Nieuw-Zeeland inzake wederzijdse bijstand bij de invordering van belastingvorderingen

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van Nieuw-Zeeland

Geleid door de wens dat door beide Staten een verdrag wordt gesloten inzake wederzijdse bijstand bij de invordering van belastingvorderingen,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Reikwijdte van het Verdrag

Artikel

2

Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is

Artikel

3

Algemene begripsbepalingen

Artikel

4

Bijstand bij invordering

Artikel

5

Beperkingen van artikel 4

In geen geval worden de bepalingen van artikel 4 aldus uitgelegd dat zij een Verdragsluitende Staat de verplichting opleggen:

  • a.

    administratieve maatregelen te nemen die in strijd zijn met de wetgeving en de administratieve praktijk van die of van de andere Staat;

  • b.

    inlichtingen te verstrekken die niet verkrijgbaar zijn volgens de wetgeving of in de normale gang van zaken in de administratie van die of van de andere Staat;

  • c.

    inlichtingen te verstrekken die een handels-, bedrijfs-, nijverheids- of beroepsgeheim of een fabrieks- of handelswerkwijze zouden onthullen, dan wel inlichtingen waarvan het verstrekken in strijd zou zijn met de openbare orde (ordre public).

Artikel

6

Tenuitvoerlegging van het Verdrag

Artikel

7

Inwerkingtreding

Dit Verdrag treedt in werking op de dertigste dag na de laatste der beide data waarop de onderscheiden Regeringen elkaar schriftelijk hebben medegedeeld dat aan de in hun onderscheiden Staten grondwettelijk vereiste formaliteiten is voldaan, en de bepalingen ervan vinden toepassing met betrekking tot alle belastingvorderingen die op of na de datum waarop het Verdrag in werking treedt invorderbaar zijn.

Artikel

8

Beëindiging

Dit Verdrag blijft van kracht totdat het door een van de Verdragsluitende Staten wordt beëindigd. Elk van de Staten kan het Verdrag langs diplomatieke weg beëindigen door kennisgeving van beëindiging te doen. In dat geval houdt het Verdrag op van toepassing te zijn met betrekking tot alle belastingvorderingen die invorderbaar worden na de datum waarop de kennisgeving van beëindiging is gedaan.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd door hun onderscheiden Regeringen, dit Verdrag hebben ondertekend.

GEDAAN te Wellington, de 20ste december 2001 in tweevoud, in de Nederlandse en de Engelse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

(w.g.) A. E. DE BIJLL NACHENIUS

Voor de Regering van Nieuw-Zeeland

(w.g.) PHIL. GOFF

Convention between the Kingdom of the Netherlands and New Zealand for mutual assistance in the recovery of tax claims

The Government of the Kingdom of the Netherlands

and

The Government of New Zealand,

Desiring that a Convention for mutual assistance in the recovery of tax claims be concluded by both States,

Have agreed as follows:

Article

1

Scope of the Convention

Article

2

Taxes covered

Article

3

General definitions

Article

4

Assistance in recovery

Article

5

Limitations of Article 4

In no case shall the provisions of Article 4 be construed so as to impose on a Contracting State the obligation:

  • a)

    to carry out administrative measures at variance with the laws and administrative practice of that or of the other State;

  • b)

    to supply information which is not obtainable under the laws or in the normal course of the administration of that or of the other State;

  • c)

    to supply information which would disclose any trade, business, industrial, commercial, or professional secret or trade process, or information, the disclosure of which would be contrary to public policy (ordre public).

Article

6

Implementation of the Convention

Article

7

Entry into force

This Convention shall enter into force on the thirtieth day after the latter of the dates on which the respective Governments have notified each other in writing that the formalities constitutionally required in their respective States have been complied with, and, its provisions shall have effect for all tax claims which are recoverable on or after the date on which the Convention has entered into force.

Article

8

Termination

This Convention shall remain in force until terminated by one of the Contracting States. Either State may terminate the Convention, through diplomatic channels, by giving notice of termination. In that event, the Convention shall cease to have effect for all tax claims which become recoverable after the date on which notice of termination has been given.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, duly authorised by their respective Governments, have signed this Convention.

DONE in duplicate at Wellington this 20th day of December 2001, in the Netherlands and English languages, both texts being equally authentic.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands

(sd.) A.E. DE BIJLL NACHENIUS

For the Government of New Zealand

(sd.) PHIL. GOFF