Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland inzake de uitoefening van de luchtverkeersleiding door de Bondsrepubliek Duitsland boven Nederlands grondgebied alsmede de gevolgen van het burgergebruik van luchthaven Niederrhein op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland inzake de uitoefening van de luchtverkeersleiding door de Bondsrepubliek Duitsland boven Nederlands grondgebied alsmede de gevolgen van het burgergebruik van luchthaven Niederrhein op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden

Het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Bondsrepubliek Duitsland,

Partij zijnde bij het Verdrag van Chicago inzake de internationale burgerluchtvaart, opengesteld voor ondertekening te Chicago op 7 december 1944,

Met inachtneming van de toepasselijke nationale luchtverkeersvoorschriften,

Voornemens hun bilaterale samenwerking op het gebied van het luchtverkeer opnieuw vol vertrouwen uit te breiden en te intensiveren,

Ten behoeve van de ontwikkeling van de internationale luchtvaart en het afwenden van gevaren voor de luchtvaart en de gemeenschap,

Geleid door de wens de veilige afwikkeling van het internationale vliegverkeer over hun gemeenschappelijke landsgrenzen heen ten behoeve van de gebruikers van het luchtruim en hun passagiers te vergemakkelijken,

Geleid door de wens mens, natuur en milieu in de grensstreken zo volledig mogelijk tegen de ongewenste gevolgen van het grensoverschrijdende luchtverkeer te beschermen,

Gelet op de institutionele strategie van de Europese Conferentie voor de Burgerluchtvaart ten behoeve van air traffic management (ATM) in Europa en op het Protocol tot wijziging van het Internationaal Verdrag tot samenwerking in het belang van de veiligheid van de luchtvaart (Eurocontrol), dat op 27 juni 1997 werd opengesteld voor ondertekening (het herziene Verdrag);

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK

I

LUCHTVERKEERSLEIDING

Artikel

1

Uitoefening van luchtverkeersleiding

Artikel

2

Militaire vluchten

Vluchten van de Nederlandse Luchtmacht en de Noord Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) moeten in de desbetreffende luchtruimen naar gelang de omstandigheden en volgens de voorrangsregels te allen tijde uitgevoerd kunnen worden. Wanneer mogelijk wordt de Bondsrepubliek Duitsland tijdig in kennis gesteld van dergelijke vluchten.

Artikel

3

Aansprakelijkheid

Artikel

4

Bijstand

Artikel

5

Vliegtuigongevalonderzoek

De Bondsrepubliek Duitsland verzekert dat de Nederlandse autoriteit die belast is met het onderzoeken van vliegtuigongevallen met inachtneming van de Nederlandse wetgeving ingelicht wordt over alle vliegtuigongevallen en storingen, voor zover zij zijn vastgesteld boven het Nederlandse grondgebied. De Bondsrepubliek Duitsland stelt de benodigde documenten ter beschikking voor het onderzoek. Zij staat vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteit toe haar ruimten te betreden, de desbetreffende documenten (onderzoeksrapporten, geregistreerde radargegevens, geluidsbanden en dergelijke) in te zien en stelt ze voor zover en zo lang als nodig voor analyse ter beschikking. De Bondsrepubliek Duitsland wordt in de gelegenheid gesteld waarnemers voor het onderzoek aan te wijzen. Zij wordt in kennis gesteld van de uitkomsten van het onderzoek.

HOOFDSTUK

II

DE GEVOLGEN VAN HET BURGERGEBRUIK VAN DE LUCHTHAVEN NIEDERRHEIN OP HET NEDERLANDSE GONDGEBIED

Artikel

6

Verkeer van en naar Luchthaven Niederrhein

Artikel

7

Milieu- en veiligheidszaken, bouw- en exploitatieprocedures

HOOFDSTUK

III

OVERIGE BEPALINGEN

Artikel

8

Bescherming van persoonsgegevens

Artikel

9

Gemeenschappelijke luchtverkeerscommissie

Artikel

10

Consultatie

Artikel

11

Oplossing van geschillen

Artikel

12

Opschorting

Artikel

13

Geldigheidsduur en opzegging

Dit Verdrag wordt gesloten voor onbepaalde tijd. Elke Verdragsluitende Partij kan het langs diplomatieke weg opzeggen. In dat geval treedt het Verdrag twaalf maanden na ontvangst van de kennisgeving door de andere Verdragsluitende Partij buiten werking, indien de opzegging niet voor het verstrijken van deze termijn bij overeenkomst wordt herroepen.

Artikel

14

Bestaande verdragsverhoudingen

Dit Verdrag laat bestaande verdragsverhoudingen inzake het verloop van de staatsgrenzen, de exploitatieovereenkomsten tussen de bevoegde ATS-instanties alsmede maatregelen tegen geluidsoverlast en de rechten van de Verdragsluitende Partijen met betrekking tot het plaatsen en functioneren van radio- en telecommunicatiezenders onverlet. Beide Verdragsluitende Partijen zien erop toe dat door deze radio- en telecommunicatiezenders het functioneren van de voor de luchthaven noodzakelijke navigatie-installaties ten behoeve van de luchtverkeersleiding niet wordt verstoord.

Artikel

15

Afspraken aangaande luchtruimindeling en geluidszone

Bijlage 1 aangaande de indeling van het luchtruim en bijlage 2 aangaande de geluidszone zijn onderdeel van het Verdrag. De in artikel 9 bedoelde gemeenschappelijke luchtverkeerscommissie doet aanbevelingen voor wijzigingen daarvan die in werking treden op de dag waarop de Verdragsluitende Partijen elkaar hebben meegedeeld dat voldaan is aan de hiervoor geldende nationale voorschriften. Doorslaggevend hierbij is de datum van ontvangst van de laatste mededeling.

Artikel

16

Bekrachtiging, inwerkingtreding en voorlopige toepassing

GEDAAN te Berlijn, op 29-4-2003, in twee oorspronkelijke exemplaren, in de Nederlandse en de Duitse taal, beide teksten zijnde gelijkelijk authentiek.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden

(w.g.) E. V. SJERP

Voor de Bondsrepubliek Duitsland

(w.g.) PETER AMMAN

(w.g.) RALF NAGEL

Bijlage

1

bij artikel 1, tweede lid, van het Verdrag

Luchtruimindeling

Beschrijving van de luchtruimen boven Nederlands grondgebied waarin de uitvoering van de luchtverkeersleiding door de Bondsrepubliek Duitsland is toegestaan:

NIEDERRHEIN CTR

51 33 15 N 06 10 20 E - 51 33 22 N 06 01 09 E cirkelsegment met als middelpunt 51 31 05 N 05 51 22 E en een straal van 6,5 NM rechte lijn 51 36 44 N 05 56 34 E - 51 39 28 N 05 56 41 E - 51 39 05 N 06 07 00 E langs de Duits-Nederlandse grens naar 51 33 15 N 06 10 20 E

luchtruim C:

onderbegrenzing GND

bovenbegrenzing 2600 ft AMSL.

ROMIN Area:

51 14 46 N 06 04 48 E - 51 15 10 N 05 57 00 E – 51 05 13 N 06 00 23 E langs de Duits-Nederlandse grens tot 51 14 46 N 06 04 48 E

luchtruim E:

onderbegrenzing 2500 ft AMSL

bovenbegrenzing flight level 195

VENLO Area 1:

51 24 00 N 06 13 00 E - 51 20 00 N 06 02 09 E – 51 15 10 N 05 57 00 E - 51 14 46 N 06 04 48 E langs de Duits-Nederlandse grens tot 51 24 00 N 06 13 00 E

luchtruim E:

onderbegrenzing 1500 ft AMSL

bovenbegrenzing flight level 065 * Gedurende weekend (van vrijdag 17:00 LT tot en met zondag 24:00 LT) en tijdens officiële feestdagen: flight level 095

luchtruim B:

onderbegrenzing flight level 065 * Gedurende weekend (van vrijdag 17:00 LT tot en met zondag 24:00 LT) en tijdens officiële feestdagen: flight level 095

bovenbegrenzing flight level 190

VENLO Area 2:

51 42 09 N 06 02 09 E - 51 20 00 N 06 02 09 E – 51 24 00 N 06 13 00 E langs de Duits-Nederlandse grens tot 51 42 09 N 06 02 09 E

luchtruim E:

onderbegrenzing 3000 ft AMSL

bovenbegrenzing flight level 065 * Gedurende weekend (van vrijdag 17:00 LT tot en met zondag 24:00 LT) en tijdens officiële feestdagen: flight level 095

luchtruim B: onderbegrenzing

flight level 065* Gedurende weekend (van vrijdag 17:00 LT tot en met zondag 24:00 LT) en tijdens officiële feestdagen: flight level 095

bovenbegrenzing flight level 195

ARKON Area

52 07 10 N 06 48 28 E - 51 53 45 N 06 36 30 E langs de Duits-Nederlandse grens tot 52 07 10 N 06 48 28 E

luchtruim A:

onderbegrenzing flight level 75

bovenbegrenzing flight level 205

Bijlage

2

Geluidszone

Protocol bij het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland inzake de uitoefening van de luchtverkeersleiding door de Bondsrepubliek Duitsland boven Nederlands grondgebied alsmede de gevolgen van het burgergebruik van luchthaven Niederrhein op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden

Verdragsgerelateerde verklaring van de Bondsrepubliek Duitsland inzake artikel 16, derde lid, eerste volzin, van het Verdrag en gezamenlijke verklaring inzake milieubescherming

1

Verdragsgerelateerde verklaring van Duitsland bij artikel 16, derde lid, eerste volzin, van het Verdrag

  • a.

    Op constitutionele gronden kan de Bondsregering dit Verdrag slechts onder voorbehoud van de bevoegdheden van de nationale wetgever verdragsrechtelijk voorlopig toepassen.

  • b.

    De Bondsregering verklaart dat zij ook overeenkomstig de bestaande wettelijke situatie in het tijdvak tot aan de inwerkingtreding van het Verdrag de haar in het Verdrag opgedragen verplichtingen zal nakomen.

  • c.

    De Bondsregering stelt een versnelde bekrachtigingsprocedure in.

2

Verklaring inzake milieubescherming

Naar aanleiding van het verzoek van het Koninkrijk der Nederlanden hoge prioriteit te verlenen aan de bescherming van het milieu, de omwonenden en de natuur in de betrokken regio vanwege de ingebruikname van Luchthaven Niederrhein, hebben de delegatieleiders op 17 februari 2003 overeenstemming bereikt over de als Bijlage 1 bijgevoegde gezamenlijke verklaring inzake milieubescherming. Daarmee werd voldaan aan de wens tot naleving van alle rechtshandelingen daaromtrent.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden

(w.g.) E. V. SJERP

Voor de Bondsrepubliek Duitsland

(w.g.) PETER AMMAN

(w.g.) RALF NAGEL

Bijlage

1

Gezamenlijke verklaring inzake milieubescherming

De Duitse delegatie verzekert dat zij op dezelfde wijze als de Nederlandse zijde hoge prioriteit zal verlenen aan de bescherming van het milieu, de omwonenden en de natuur in de betrokken regio in verband met de ingebruikneming van Luchthaven Niederrhein (Weeze-Laarbruch) en waarde zal blijven hechten aan de naleving van alle rechtshandelingen daaromtrent.

De vergunning is afgegeven op grond van de beoordeling door deskundigen van het rapport FFH-Erheblichkeit einer Umnutzung des Militärflughafens Weeze-Laarbruch (Froelich&Sporbeck, augustus 1999). Dit werd op 10 juli 2002 geactualiseerd door het rapport FFH-Erheblichkeitsabschätzung zur Konversion des Militärflugplatzes Weeze-Laarbruch (Froelich&Sporbeck). Duitsland volgt met grote belangstelling de Nederlandse rapportages aan de Europese Unie in het kader van het Flora-Fauna-Habitat-onderzoek (monitoring) in het nationaal park Maasduinen naar de gevolgen van het luchtverkeer vanaf en naar Luchthaven Niederrhein (Weeze-Laarbruch). Duitsland zal vervolgonderzoek binnen haar bevoegdheden en mogelijkheden ondersteunen en kennis nemen van de uitkomsten.

Mochten er in weerwil van alle momenteel bekende feiten en conclusies in de toekomst in het nationaal park Maasduinen wezenlijke, schadelijke gevolgen van het vliegverkeer van en naar Luchthaven Niederrhein worden vastgesteld, bijvoorbeeld bij monitoring, dient dit aan een in overeenstemming met artikel 9 in te stellen gemeenschappelijke luchtvaartcommissie te worden gemeld. Na beoordeling van deze meldingen en eventueel na inwinning van aanvullend deskundig advies inzake de verdere aanpak, dient deze commissie voorstellen te doen voor eventuele maatregelen in het nationaal park Maasduinen ten behoeve van vervanging of schadeloosstelling. De Duitse zijde zal de resultaten van procedures, voorzover deze van belang zijn voor de vergunning, inbrengen in de vergunningsprocedure, eventueel leidend tot gedeeltelijke of volledige intrekking van de vergunning.