Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kroatië inzake de tewerkstelling van partners van het diplomatieke en consulaire personeel

Agreement between the Kingdom of the Netherlands and the Republic of Croatia on employment of partners of members of diplomatic missions and consular posts

The Kingdom of the Netherlands

and

The Republic of Croatia,

hereinafter referred to as ``the Parties",

Desiring to conclude an Agreement with a view to facilitating employment of partners of members of diplomatic missions and consular posts from the sending State on the territory of the receiving State,

Have agreed as follows:

Article

1

Authorisation to engage in gainful occupation

Article

2

Procedures

Article

3

Civil and administrative privileges and immunities

A partner engaging in a gainful occupation in accordance with this Agreement shall not enjoy immunity from civil and administrative jurisdiction in respect of any claims brought against him or her on account of acts and agreements directly connected with the performance of that occupation.

Article

4

Criminal immunity

If the partner authorised to engage in gainful occupation has been granted immunity from criminal jurisdiction of the receiving State, on the basis of the Conventions:

  • a)

    The sending State shall waive the immunity of the authorised partner concerned from the criminal jurisdiction of the receiving State in respect of any act or omission relating to the gainful occupation he or she carries out, except in special cases in which the sending State considers that such a waiver would be contrary to its interests;

  • b)

    Such a waiver of immunity from criminal jurisdiction shall not be construed as extending to immunity from the execution of a sentence, for which a specific waiver shall be required. In such cases, the receiving State shall request the sending State to waive any such exemption.

Article

5

Social security and taxation

A partner who has obtained authorisation to engage in a gainful occupation under this Agreement shall be subject to the social security regime of the receiving State for all matters connected with his or her employment in that State. A partner shall also be obliged to pay, in the receiving State, all taxes on income arising from the occupation carried out in accordance with this Agreement.

Article

6

Ending the authorisation

Article

7

Duration and termination

This Agreement has been concluded for an indefinite period of time, and either Party may terminate it at any time by giving six (6) months' notice in writing to the other Party through diplomatic channels.

Article

8

Entry into force

This Agreement shall enter into force on the date of the receipt of the last written notification through diplomatic channels that the requirements provided in the respective internal legislation for its entry into force have been fulfilled, and shall be provisionally applied from the date of its signature.

DONE at Zagreb on this 6th May 2005, in two originals in the English language.

For the Kingdom of the Netherlands

LIONEL VEER

For the Republic of Croatia

GORDAN BAKOTA

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kroatië inzake de tewerkstelling van partners van het diplomatieke en consulaire personeel

Het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Republiek Kroatië

hierna te noemen „de Partijen",

Geleid door de wens een Verdrag te sluiten teneinde de tewerkstelling van partners van leden van diplomatieke vertegenwoordigingen en consulaire posten uit de zendstaat op het grondgebied van de ontvangende staat te vergemakkelijken,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Toestemming om betaalde werkzaamheden te verrichten

Artikel

2

Procedures

Artikel

3

Civiel- en administratiefrechtelijke voorrechten en immuniteiten

Een partner die betaalde werkzaamheden verricht in overeenstemming met dit Verdrag geniet geen immuniteit ten aanzien van de rechtsmacht in civiel- en administratiefrechtelijke zaken ten aanzien van vorderingen die jegens hem of haar worden ingesteld vanwege gedragingen en overeenkomsten die direct verband houden met het verrichten van die werkzaamheden.

Artikel

4

Immuniteit ten aanzien van strafzaken

Indien de partner die toestemming heeft gekregen om betaalde werkzaamheden te verrichten immuniteit geniet ten aanzien van de rechtsmacht in strafzaken van de ontvangende staat overeenkomstig de Verdragen, geldt het volgende:

  • a.

    De zendstaat doet afstand van de immuniteit van de betrokken partner ten aanzien van de rechtsmacht in strafzaken van de ontvangende staat met betrekking tot elk handelen of nalaten dat verband houdt met de betaalde werkzaamheden die hij of zij verricht, behalve in bijzondere gevallen waarin de zendstaat van mening is dat het doen van afstand in strijd is met zijn belangen;

  • b.

    Het doen van afstand van immuniteit ten aanzien van de rechtsmacht in strafzaken wordt niet geacht mede betrekking te hebben op immuniteit ten aanzien van de tenuitvoerlegging van een vonnis; daarvan moet uitdrukkelijk afstand worden gedaan. In dergelijke gevallen verzoekt de ontvangende staat de zendstaat afstand te doen van een dergelijke immuniteit.

Artikel

5

Sociale zekerheid en belasting

Een partner die krachtens dit Verdrag toestemming heeft verkregen voor het verrichten van betaalde werkzaamheden is onderworpen aan het socialezekerheidsstelsel van de ontvangende staat ten aanzien van alle aangelegenheden die verband houden met zijn of haar werkzaamheden in die staat. Een partner is tevens verplicht tot het betalen, in de ontvangende staat, van alle belastingen naar het inkomen die voortvloeien uit de werkzaamheden die in overeenstemming met dit Verdrag worden verricht.

Artikel

6

Vervallen van de toestemming

Artikel

7

Duur en beëindiging

Dit Verdrag wordt voor onbepaalde tijd gesloten. Elk van de Partijen kan het te allen tijde beëindigen door hiervan zes (6) maanden van tevoren schriftelijk langs diplomatieke weg kennis te geven aan de andere Partij.

Artikel

8

Inwerkingtreding

Dit Verdrag treedt in werking op de datum van ontvangst van de laatste schriftelijke kennisgeving langs diplomatieke weg dat aan de vereisten voorzien in de desbetreffende nationale wetgeving voor inwerkingtreding is voldaan en wordt voorlopig toegepast vanaf de datum van ondertekening.

GEDAAN in tweevoud te Zagreb op 6 mei 2005, in twee originelen in de Engelse taal.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden

LIONEL VEER

Voor de Republiek Kroatië

GORDAN BAKOTA