Verdrag van Boedapest inzake de Overeenkomst voor het vervoer van goederen over de binnenwateren (CMNI)

Verdrag van Boedapest inzake de Overeenkomst voor het vervoer van goederen over de binnenwateren (CMNI)

Verdrag van Boedapest inzake de Overeenkomst voor het vervoer van goederen over de binnenwateren (CMNI)

De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag,

Overwegende de aanbevelingen in de slotakte van de Conferentie inzake veiligheid en samenwerking in Europa van 1 augustus 1975 voor de harmonisering van rechtsvoorschriften ten behoeve van de ontwikkeling van het verkeer door de lidstaten van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart en de Donaucommissie, in samenwerking met de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties,

Erkennende de noodzaak en doelmatigheid uniforme voorschriften vast te stellen inzake overeenkomsten voor het vervoer van goederen over de binnenwateren,

Hebben besloten met dit doel een verdrag te sluiten en zijn overeengekomen als volgt:

HOOFDSTUK

I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit Verdrag:

  • 1.

    wordt verstaan onder „vervoerovereenkomst", elke overeenkomst, ongeacht hoe deze wordt aangeduid, waarbij een vervoerder zich verbindt tegen betaling van vracht goederen te vervoeren over de binnenwateren;

  • 2.

    wordt verstaan onder „vervoerder", een ieder door wie of namens wie een vervoerovereenkomst is gesloten met een afzender;

  • 3.

    wordt verstaan onder „ondervervoerder", een ieder, anders dan de ondergeschikte of lasthebber van de vervoerder, aan wie de uitvoering van het vervoer geheel of gedeeltelijk door de vervoerder is toevertrouwd;

  • 4.

    wordt verstaan onder „afzender", een ieder door wie of namens wie of voor wiens rekening een vervoerovereenkomst is gesloten met een vervoerder;

  • 5.

    wordt verstaan onder „geadresseerde", de persoon die gerechtigd is de goederen in ontvangst te nemen;

  • 6.

    wordt verstaan onder „vervoersdocument", een document dat het bewijs vormt van een vervoerovereenkomst en dat de inontvangstneming of het aan boord nemen van goederen door een vervoerder aantoont, opgemaakt in de vorm van een cognossement of vrachtbrief of in de vorm van elk ander in de handel gebruikelijk document;

  • 7.

    wordt onder „goederen" niet begrepen gesleepte of geduwde vaartuigen, noch de bagage noch de voertuigen van de vervoerde personen; indien de goederen in een container, op een pallet of in of op een soortgelijke vervoerseenheid zijn samengebracht of indien zij zijn verpakt, wordt onder „goederen" eveneens deze vervoerseenheid of verpakking verstaan, indien deze door de afzender wordt verschaft;

  • 8.

    wordt verstaan onder „schriftelijk", tenzij de betrokken personen anders zijn overeengekomen, ook de situatie waarbij informatie wordt doorgegeven via elektronische, optische of soortgelijke communicatiemiddelen, met inbegrip van, doch niet beperkt tot, telegrammen, telefaxen, telexberichten, elektronische post of elektronische gegevensuitwisseling (EDI), mits de informatie beschikbaar blijft om vervolgens als referentie te worden gebruikt;

  • 9.

    dient onder het overeenkomstig dit Verdrag toepasselijke recht van een Staat te worden verstaan, de in deze Staat geldende rechtsnormen met uitzondering van de rechtsnormen van het internationale privaatrecht.

Artikel

2

Toepassingsgebied

HOOFDSTUK

II

RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN DE VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN

Artikel

3

Inontvangstneming, vervoer en aflevering van de goederen

Artikel

4

Ondervervoerder

Artikel

5

Afleveringstermijn

De vervoerder is verplicht de goederen af te leveren binnen de in de vervoerovereenkomst overeengekomen termijn of, indien geen termijn is overeengekomen, binnen de termijn die redelijkerwijs van een zorgvuldig vervoerder mag worden verlangd, rekening houdend met de omstandigheden van de reis en met een ongehinderde vaart.

Artikel

6

Verplichtingen van de afzender

Artikel

7

Gevaarlijke of milieuschadelijke goederen

Artikel

8

Aansprakelijkheid van de afzender

Artikel

9

Ontbinding van de vervoerovereenkomst door de vervoerder

Artikel

10

Aflevering van de goederen

HOOFDSTUK

III

VERVOERSDOCUMENTEN

Artikel

11

Aard en inhoud

Artikel

12

Voorbehouden in de vervoersdocumenten

Artikel

13

Cognossement

HOOFDSTUK

IV

HET RECHT OM OVER DE GOEDEREN TE BESCHIKKEN

Artikel

14

Beschikkingsgerechtigde

Artikel

15

Voorwaarden voor het uitoefenen van het beschikkingsrecht

De afzender of, in de gevallen van artikel 14, tweede en derde lid, de geadresseerde, dient, indien hij zijn beschikkingsrecht wenst uit te oefenen,

  • a.

    wanneer het een cognossement betreft, hiervan alle originele exemplaren over te leggen vóór de aankomst van de goederen op de geplande plaats van aflevering;

  • b.

    wanneer het een ander vervoersdocument betreft dan een cognossement, het vervoersdocument over te leggen waarin de nieuwe aan de vervoerder gegeven instructies dienen te worden vermeld;

  • c.

    aan de vervoerder alle door de uitvoering van de instructies ontstane kosten en schaden te vergoeden;

  • d.

    bij lossing van de goederen vóór aankomst op de geplande plaats van aflevering, de totale overeengekomen vracht te betalen, tenzij in de vervoerovereenkomst anders is bepaald.

HOOFDSTUK

V

AANSPRAKELIJKHEID VAN DE VERVOERDER

Artikel

16

Aansprakelijkheid voor schade

Artikel

17

Ondergeschikten en lasthebbers

Artikel

18

Bijzondere ontheffingen van aansprakelijkheid

Artikel

19

Berekening van de schadevergoeding

Artikel

20

Maximale aansprakelijkheidsgrenzen

Artikel

21

Verval van het recht op beperking van aansprakelijkheid

Artikel

22

Toepassing van de ontheffingen en beperkingen van aansprakelijkheid

De in dit Verdrag voorziene of in de vervoerovereenkomst overeengekomen ontheffingen en beperkingen zijn van toepassing op elke vordering wegens verlies, schade of te late aflevering van de in de vervoerovereenkomst bedoelde goederen, ongeacht of deze vordering is gebaseerd op een vervoerovereenkomst, op onrechtmatige daad of op een andere rechtsgrond.

HOOFDSTUK

VI

TERMIJN VOOR HET INSTELLEN VAN VORDERINGEN

Artikel

23

Mededeling van schade

Artikel

24

Verjaring

HOOFDSTUK

VII

BEPERKING VAN DE CONTRACTUELE VRIJHEID

Artikel

25

Nietige bedingen

HOOFDSTUK

VIII

AANVULLENDE BEPALINGEN

Artikel

26

Avarij-grosse

Dit Verdrag doet geen afbreuk aan de toepassing van de bepalingen van de vervoerovereenkomst of van de nationale wetgeving met betrekking tot de berekening van de schade en van de verplichte bijdragen in geval van avarij-grosse.

Artikel

27

Andere toepasselijke regelgeving en kernschade

Artikel

28

Rekeneenheid

De in artikel 20 van dit Verdrag bedoelde rekeneenheid is het door het Internationale Monetaire Fonds vastgestelde bijzondere trekkingsrecht. De in artikel 20 genoemde bedragen worden geconverteerd in de nationale munteenheid van een Staat op basis van de waarde van die munteenheid op de datum van de uitspraak of op een door de partijen overeengekomen datum. De waarde, uitgedrukt in bijzondere trekkings- rechten, van de nationale munteenheid van een Verdragsluitende Staat, die lid is van het Internationale Monetaire Fonds, wordt berekend volgens de waarderingsmethode die het Internationale Monetaire Fonds op de desbetreffende datum toepast voor zijn eigen verrichtingen en transacties.

Artikel

29

Aanvullend nationaal recht

HOOFDSTUK

IX

VERKLARINGEN TEN AANZIEN VAN HET TOEPASSINGSGEBIED

Artikel

30

Vervoer over bepaalde waterwegen

Artikel

31

Nationaal vervoer of vervoer om niet

Elke Staat kan op het tijdstip van ondertekening van dit Verdrag, bij bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, of op elk later tijdstip, verklaren dat hij dit Verdrag eveneens toepast:

  • a.

    op vervoerovereenkomsten waarbij de laadhaven of plaats van inontvangstneming en de loshaven of plaats van aflevering binnen zijn grondgebied zijn gelegen;

  • b.

    in afwijking van artikel 1, eerste lid, op vervoer om niet.

Artikel

32

Regionale regelgeving met betrekking tot de aansprakelijkheid

HOOFDSTUK

X

SLOTBEPALINGEN

Artikel

33

Ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring, toetreding

Artikel

34

Inwerkingtreding

Artikel

35

Opzegging

Artikel

36

Herziening en wijzigingen

Op verzoek van ten minste een derde van de Verdragsluitende Staten, roept de depositaris een conferentie van de Verdragsluitende Staten bijeen met het doel dit Verdrag te herzien of te wijzigen.

Artikel

37

Herziening van de maximum bedragen van aansprakelijkheid en van de rekeneenheid

Artikel

38

Depositaris

GEDAAN te Budapest de 22ste juni 2001 in een enkel exemplaar, zijnde de Duitse, Engelse, Franse, Nederlandse en Russische teksten gelijkelijk authentiek.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden, daartoe door hun regeringen naar behoren gemachtigd, dit Verdrag hebben ondertekend.