Notawisseling houdende een verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Roemenië inzake privileges en immuniteiten voor verbindingsofficieren die door Roemenië bij Europol te ’s-Gravenhage gedetacheerd worden

Notawisseling houdende een verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Roemenië inzake privileges en immuniteiten voor verbindingsofficieren die door Roemenië bij Europol te ’s-Gravenhage gedetacheerd worden

Nr.

I

MINISTRY OF FOREIGN AFFAIRS

The Hague, 17 January 2006

Treaties Division

DJZ/VE-32/06

The Ministry of Foreign Affairs presents its compliments to the Embassy of Romania and has the honour to propose, with reference to the Co-operation Agreement between Romania and the European Police Office of 25 November 2003 (hereinafter ‘‘the Agreement’’), and in view of Article 41, paragraph 2 of the Convention based on Article K.3 of the Treaty on European Union, on the establishment of a European Police Office (Europol Convention, 26 July 1995), that the privileges and immunities necessary for the proper performance of the tasks of the liaison officers at Europol referred to in Article 14 and Annex 3 of the Agreement, be agreed upon as set out in the Attachment.

If this proposal is acceptable to the Embassy of Romania, the Ministry of Foreign Affairs proposes that this note and the affirmative note of the Embassy of Romania shall constitute an Agreement between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of Romania, which shall enter into force on the first day of the second month following the date on which the Kingdom of the Netherlands and Romania have informed each other that the formalities required for the entry into force have been complied with.

The Ministry avails itself of this opportunity to renew to the Embassy of Romania the assurances of its highest consideration.

Embassy of Romania Catsheuvel 55 2517 KA Den Haag

Attachment

1

Definitions

In this Agreement:

  • a.

    ‘‘Liaison officer’’ means: any official stationed at Europol in accordance with Article 14 of the Agreement;

  • b.

    ‘‘Government’’ means the Government of the Kingdom of the Netherlands;

  • c.

    „Host State authorities’’ means such State, municipal or other authorities of the Kingdom of the Netherlands as may be appropriate in the context of and in accordance with the laws and customs applicable in the Kingdom of the Netherlands;

  • d.

    ‘‘Sending State’’ means Romania;

  • e.

    ‘‘Archives of the liaison officer’’ means all records, correspondence, documents, manuscripts, computer and media data, photographs, films, video and sound recordings belonging to or held by the liaison officer, and any other similar material which in the unanimous opinion of the Sending State and the Government forms part of the archives of the liaison officer.

2

Privileges and immunities

3

Entry, stay and departure

4

Employment

Members of the family forming part of the household of the liaison officer not having the nationality of an EU Sending State shall be exempt from the obligation to obtain working permits for the duration of the secondment of the liaison officer.

5

Inviolability of archives

The archives of the liaison officer wherever located and by whomsoever held shall be inviolable.

6

Personal Protection

The Host State authorities shall, if so requested by the Sending State, take all reasonable steps in accordance with their national laws to ensure the necessary safety and protection of the liaison officer, as well as members of his family who form part of his household, whose security is endangered due to the performance of the tasks of the liaison officer at Europol.

7

Facilities and immunities in respect of communication

8

Notification

9

Settlement of Disputes

10

Territorial scope

With respect to the Kingdom of the Netherlands, this Agreement shall apply to the part of the Kingdom in Europe only.

Nr.

II

EMBASSY OF ROMANIA

The Hague, 17 January 2006

No. 92

The Embassy of Romania presents its compliments to the Ministry of Foreign Affairs of the Kingdom of the Netherlands and has the honour to acknowledge receipt of the Ministry’s Note DJZ/VE-32/06 of 17 January 2006, which reads as follows:

(zoals in Nota Nr. I)

The Embassy of Romania has the honour to inform the Ministry of Foreign Affairs of the Kingdom of the Netherlands, that the proposal is acceptable to the Government of Romania. Furthermore, the Government of Romania agrees that the Ministry’s Note and this reply shall constitute an Agreement between the Government of Romania and the Government of the Kingdom of the Netherlands regarding the privileges and immunities of the Romanian liasons officers at Europol, which shall enter into force on the first day of the second month following the date of receipt of the latter of the notifications through which the Government of Romania and the Government of the Kingdom of the Netherlands have informed each other that the formalities required for the entry into force have been complied with.

The Embassy of Romania avails itself of this opportunity to renew to the Ministry of Foreign Affairs of the Kingdom of the Netherlands the assurances of its highest consideration.

Ministry of Foreign Affairs of the

Kingdom of the Netherlands

The Hague

Nr.

I

MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN

’s-Gravenhage, 17 januari 2006

Afdeling Verdragen DJZ/VE-32/06

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken biedt de Ambassade van Roemenië zijn complimenten aan en heeft de eer onder verwijzing naar het Samenwerkingsverdrag tussen Roemenië en de Europese Politiedienst van 25 november 2003 (hierna te noemen het Samenwerkingsverdrag), en gelet op artikel 41, tweede lid, van de Overeenkomst op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie tot oprichting van een Europese Politiedienst (Europol-Overeenkomst, 26 juli 1995), voor te stellen dat ten aanzien van de voorrechten en immuniteiten benodigd voor de goede taakvervulling van de verbindingsofficieren bij Europol, bedoeld in artikel 14 en Bijlage 3 van het Samenwerkingsverdrag overeenstemming wordt bereikt zoals vervat in het Aanhangsel.

Indien dit voorstel aanvaardbaar is voor de Ambassade van Roemenië, stelt het Ministerie van Buitenlandse Zaken voor dat deze nota en de bevestigende nota van de Ambassade van Roemenië een verdrag zullen vormen tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Roemenië, dat in werking zal treden op de eerste dag van de tweede maand volgend op de dag waarop het Koninkrijk der Nederlanden en Roemenië elkaar hebben medegedeeld dat aan de voor de inwerkingtreding vereiste formaliteiten is voldaan.

Het Ministerie maakt van deze gelegenheid gebruik om de Ambassade van Roemenië opnieuw te verzekeren van zijn zeer bijzondere hoogachting.

Ambassade van Roemenië

Catsheuvel 55

2517 KA Den Haag

Aanhangsel

1

Begripsomschrijvingen

In dit Verdrag wordt verstaan onder:

  • a.

    „verbindingsofficier’’, elke functionaris die in overeenstemming met artikel 14 van het Samenwerkingsverdrag bij Europol wordt geplaatst;

  • b.

    „Regering’’, de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • c.

    „autoriteiten van de gastheerstaat’’, autoriteiten van de centrale of gemeentelijke overheid of andere autoriteiten van het Koninkrijk der Nederlanden, naar gelang het geval is, in het kader van en in overeenstemming met de wetten en gebruiken die in het Koninkrijk der Nederlanden van toepassing zijn;

  • d.

    „zendstaat’’, Roemenië;

  • e.

    „archief van de verbindingsofficier’’, alle dossiers, correspondentie, documenten, manuscripten, computer- en mediagegevens, foto’s, films, video- en geluidsopnamen die toebehoren aan of in het bezit zijn van de verbindingsofficier, alsmede enig ander soortgelijk materiaal dat naar het unanieme oordeel van de zendstaat en de Regering deel uitmaakt van het archief van de verbindingsofficier.

2

Voorrechten en immuniteiten

3

Binnenkomst, verblijf en vertrek

4

Tewerkstelling

Gezinsleden die deel uitmaken van de huishouding van de verbindingsofficier die niet de nationaliteit van een EU-zendstaat hebben, zijn voor de duur van de detachering van de verbindingsofficier vrijgesteld van de verplichting een werkvergunning te verkrijgen.

5

Onschendbaarheid van het archief

Het archief van de verbindingsofficier, waar dit zich ook bevindt en wie het ook onder zich heeft, is onschendbaar.

6

Persoonlijke bescherming

Indien de zendstaat daarom verzoekt, nemen de autoriteiten van de gastheerstaat in overeenstemming met hun nationale wetten alle redelijke maatregelen om de nodige veiligheid en bescherming te waarborgen van de verbindingsofficier, alsmede van de gezinsleden die deel uitmaken van zijn huishouding, wier veiligheid in het geding is als gevolg van de taakvervulling van de verbindingsofficier bij Europol.

7

Faciliteiten en immuniteiten met betrekking tot berichtenverkeer

8

Kennisgeving

9

Beslechting van geschillen

10

Territoriale reikwijdte

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag slechts van toepassing op het deel van het Koninkrijk in Europa.

Nr.

II

AMBASSADE VAN ROEMENIË

’s-Gravenhage, 17 janauri 2006

Nr. 92

De Ambassade van Roemenië biedt het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden haar complimenten aan en heeft de eer de ontvangst te bevestigen van nota DJZ/VE-32/06 van het Ministerie van 17 januari 2006 die luidt als volgt:

(zoals in Nota Nr. I)

De Ambassade van Roemenië heeft de eer het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden ervan in kennis te stellen dat het voorstel aanvaardbaar is voor de Regering van Roemenië. De Regering van Roemenië stemt er daarnaast mee in dat de nota van het Ministerie en deze antwoordnota een verdrag zullen vormen tussen de Regering van Roemenië en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden inzake de voorrechten en immuniteiten van de Roemeense verbindingsofficieren bij Europol, dat in werking zal treden op de eerste dag van de tweede maand volgend op de dag van ontvangst van de laatste van de mededelingen via welke de Regering van Roemenië en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden elkaar hebben medegedeeld dat aan de voor de inwerkingtreding vereiste formaliteiten is voldaan.

De Ambassade van Roemenië maakt van deze gelegenheid gebruik om het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden opnieuw te verzekeren van haar zeer bijzondere hoogachting.

Ministerie van Buitenlandse Zaken

Den Haag