De Staten die deelnemen aan de Conferentie van Parijs inzake Kambodja, te weten Australië, Brunei Darussalam, Canada, de Volksrepubliek China, de Republiek der Filipijnen, de Franse Republiek, de Republiek India, de Republiek Indonesië, Japan, de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavië, Kambodja, de Democratische Volksrepubliek Laos, Maleisië, de Republiek Singapore, het Koninkrijk Thailand, de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken, het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de Verenigde Staten van Amerika en de Socialistische Republiek Vietnam,
In aanwezigheid van de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties,
Met het oog op de handhaving, bescherming en verdediging van de soevereiniteit, onafhankelijkheid, territoriale integriteit en onschendbaarheid, neutraliteit en nationale eenheid van Kambodja,
Geleid door de wens de vrede in Kambodja te herstellen en te handhaven, de nationale verzoening te bevorderen en de uitoefening van het recht op zelfbeschikking van het Kambodjaanse volk door middel van vrije en eerlijke verkiezingen te waarborgen,
Ervan overtuigd dat alleen een uitgebreide politieke regeling van het Kambodja-conflict rechtvaardig en duurzaam zal zijn en zal bijdragen aan de regionale en internationale vrede en veiligheid,
Verheugd over het Kaderdocument van 28 augustus 1990, dat door de Kambodjaanse Partijen in zijn geheel werd aanvaard als grondslag voor de regeling van het Kambodja-conflict en dat daarna unaniem werd goedgekeurd in resolutie 668 (1990) van 20 september 1990 van de Veiligheidsraad en resolutie 45/3 van 15 oktober 1990 van de Algemene Vergadering,
Wijzend op de oprichting in Jakarta op 10 september 1990 van de Hoge Nationale Raad van Kambodja als het enige wettige orgaan en de bron van gezag in Kambodja waarin, gedurende de overgangsperiode, de nationale soevereiniteit en eenheid zijn belichaamd en die Kambodja naar buiten toe vertegenwoordigt,
Verheugd over de unanieme verkiezing, in Beijing op 17 juli 1991, van Z.K.H. Prins Norodom Sihanouk tot Voorzitter van de Hoge Nationale Raad,
Erkennend dat een grotere rol van de Verenigde Naties de instelling vergt van een Overgangsautoriteit van de Verenigde Naties in Kambodja (UNTAC) met een civiele en een militaire afdeling, die zal handelen met volledige eerbiediging van de nationale soevereiniteit van Kambodja,
Wijzend op de verklaringen afgelegd aan het slot van de bijeenkomsten gehouden te Jakarta op 9-10 september 1990, Parijs op 21-23 december 1990, Pattaya op 24-26 juni 1991, Beijing op 16-17 juli 1991, Pattaya op 26-29 augustus 1991 en tevens op de bijeenkomsten gehouden te Jakarta op 4-6 juni 1991 en New York op 19 september 1991,
Verheugd over resolutie 717 (1991) van 16 oktober 1991 inzake Kambodja van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties,
Erkennend dat de tragische recente geschiedenis van Kambodja bijzondere maatregelen vergt om de bescherming van de rechten van de mens en het niet terugkeren tot het beleid en de praktijken uit het verleden te verzekeren,
Zijn als volgt overeengekomen: