De Lid-Staten van de Raad van Europa die deze Overeenkomst hebben ondertekend,
Overwegende dat het doel van de Raad van Europa is een grotere eenheid tussen zijn leden tot stand te brengen ten einde onder meer de idealen en beginselen, die hun gemeenschappelijk erfdeel zijn, veilig te stellen en te verwezenlijken;
Erkennend dat het architectonische erfgoed een onvervangbare weergave is van de rijkdom en de verscheidenheid van het culturele erfgoed van Europa, getuigt van de onschatbare waarde van ons verleden en het gemeenschappelijke erfgoed is van alle Europeanen;
Gezien het Europese Culturele Verdrag, dat is ondertekend te Parijs op 19 december 1954, en met name artikel 1 van dit Verdrag;
Gezien het Europese Handvest betreffende het architectonische erfgoed, dat op 26 september 1975 is aangenomen door het Comité van Ministers van de Raad van Europa en de op 14 april 1976 aangenomen Resolutie (76) 28, betreffende de aanpassing van de nationale wetten en voorschriften aan de vereisten van het geïntegreerde behoud van het architectonische erfgoed;
Gezien Aanbeveling 880 (1979) van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa betreffende het behoud van het architectonische erfgoed;
Rekening houdend met Aanbeveling nr. R (80) 16 van het Comité van Ministers aan de Lid-Staten betreffende de gespecialiseerde opleiding van architecten, stedebouwkundigen, civielingenieurs en landschapsarchitecten, alsmede de op 1 juli 1981 aangenomen Aanbeveling nr. R (81) 13 van het Comité van Ministers betreffende de te nemen maatregelen ten gunste van enkele uitstervende beroepen in de ambachtelijke sfeer;
Eraan herinnerend dat het van belang is aan de toekomstige generaties een referentiekader op cultureel gebied door te geven, het stads- en plattelandsmilieu te verbeteren en daarbij de economische, sociale en culturele ontwikkeling van de Staten en regio's te bevorderen;
Bevestigend dat het van belang is overeenstemming te bereiken over de grote lijnen van een gemeenschappelijk beleid dat het behoud en de verbetering van het architectonische erfgoed waarborgt,
Zijn overeengekomen als volgt: