Overeenkomst inzake vervoer over zee tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Mexicaanse Staten

Agreement on maritime transport between the Kingdom of the Netherlands and the United Mexican States

The Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the United Mexican States, hereinafter referred to as the Contracting Parties, for the purpose of further developing the friendly relations between the two countries and of strengthening co-operation in the field of maritime transport, have in accordance with the principles of equality and mutual benefit, agreed as follows:

Article

I

For the purpose of the present Agreement

  • 1.

    The "Competent Maritime Authority" in the United Mexican States means the General Directorate for the Merchant Marine of the Undersecretariat of Operations of the Ministry of Communications and Transport and in the Kingdom of the Netherlands the Directorate-General Shipping and Maritime Affairs of the Ministry of Transport and Public Works.

  • 2.

    The term "vessel of a Contracting Party" means any seagoing vessel used in commercial service, with the exception of fishing vessels and factory ships, which is registered in the territory and flies the flag of a Contracting Party in compliance with its national laws and regulations.

  • 3.

    The term "crew member" means the ship's master and any person actually employed on board a vessel with regard to the working or service of the vessel, who is included in the crew list and who is a holder of a seaman's identity document.

Article

II

The Contracting Parties shall in their mutual relations contribute in every respect to the freedom of merchant shipping and shall refrain from any action which might harm the development of international shipping.

Article

III

The Contracting Parties shall promote the bilateral maritime transport and where applicable each Contracting Party shall apply the provisions of the UN Convention on a Code of Conduct for Liner Conferences, done at Geneva on 6 April 1974.

The Contracting Parties shall ensure that their shipping companies involved shall, in determining the shares, use the cargo sharing formula, deriving from Chapter II, Article 2, paragraph 4 of that Convention.

Article

IV

Concerning the availability of conference agreements, tariffs and related documents and conditions, the recognition of a carrier as national shipping line, the consultation machinery, freight rates and all other matters regulated by the Convention, mentioned in Article III, the Contracting Parties shall apply the provisions of that Convention.

Article

V

Article

VI

The Contracting Parties agree,

  • a.

    to promote the development of maritime transport in a spirit of consideration of their mutual interests and to remove any difficulties in this field;

  • b.

    to facilitate the transfer of technology and know-how in the field of shipping.

Article

VII

Article

VIII

The Contracting Parties shall adopt, within the limits of their respective national laws and regulations, all appropriate measures to facilitate and expedite maritime traffic, to prevent unnecessary delays to vessels and to expedite and simplify as much as possible the carrying out of official formalities applicable in ports.

Article

IX

Each Contracting Party shall grant to the shipping company which has its place of effective management in the territory of the other Contracting Party the right of free transfer in convertible currency of all revenues earned by that shipping company from activities covered by this Agreement in the territory of the first Contracting Party. Such transfers shall be granted regularly and currently and shall be based on official exchange rates for current payments, or where there are no official exchange rates, at the prevailing foreign exchange market rates for current payments. No charges other than normal bank charges shall be applicable to such tranfers.

Article

X

The Contracting Parties shall recognize the seaman's identity documents, issued by the competent authorities of the other Contracting Party.

These identity documents are:

  • a.

    for crew members on Mexican vessels:

    the Carta de Identidad de la Gente de Mar de Mexico;

  • b.

    for crew members on Netherlands vessels:

    the Netherlands "Monsterboekje" (seaman's book).

Article

XI

Article

XII

Article

XIII

Without prejudice to the generality of the Article XI to XII, the applicable laws and regulations of either Contracting Party concerning the entry, the stay and the termination of the stay of foreigners, remain in force.

Article

XIV

The authorisations contained in Articles XI to XII do not imply a restriction to the right of either Contracting Party to refuse any crew member the entry in its territory.

Article

XV

Article

XVI

Article

XVII

Article

XVIII

Article

XIX

The present Agreement shall enter into force on the first day of the second month following the date on which the Contracting Parties have informed each other in writing through diplomatic channels that the procedures constitutionally required therefore in their respective countries have been fullfilled, and shall remain in force for an indefinite period.

If either Contracting Party whishes to denounce the present Agreement, it shall notify the other Contracting Party in writing through diplomatic channels and the denunciation of the Agreement shall take effect twelve months after the date of receipt of such notification by the other Contracting Party.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized by their respective Governments, have signed the present Agreement.

DONE at The Hague, on this 18th October 1984, in duplicate in the English language, which will be the authentic text.

Each Contracting Party undertakes to provide a translation in its national language.

For the Government of

the Kingdom of the Netherlands,

(sd.) H. VAN DEN BROEK

For the Government of

the United Mexican States,

(sd.) F. DE GARAY

Overeenkomst inzake vervoer over zee tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Mexicaanse Staten

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Mexicaanse Staten, hierna te noemen de Overeenkomstsluitende Partijen, zijn, met het oogmerk de vriendschappelijke betrekkingen tussen de beide landen verder tot ontwikkeling te brengen en de samenwerking op het gebied van het vervoer over zee te intensiveren, overeenkomstig de beginselen van gelijkheid en wederzijds voordeel, overeengekomen als volgt:

Artikel

I

Voor de toepassing van deze Overeenkomst

  • 1.

    betekent de „bevoegde scheepvaartautoriteit" in de Verenigde Mexicaanse Staten het Directoraat-Generaal voor de Koopvaardij van het Onderministerie van Vervoersoperaties van het Ministerie van Verbindingen en Vervoer en in het Koninkrijk der Nederlanden het Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.

  • 2.

    betekent de uitdrukking „schip van een Overeenkomstsluitende Partij" elk zeeschip dat wordt gebruikt voor commerciële doeleinden, met uitzondering van vissersschepen en fabrieksschepen, dat is geregistreerd op het grondgebied en de vlag voert van een Overeenkomstsluitende Partij overeenkomstig haar nationale wetten en voorschriften.

  • 3.

    betekent de uitdrukking „bemanningslid" de kapitein van het schip en elke persoon die daadwerkelijk aan boord van een schip werkzaam is met betrekking tot de exploitatie of dienst van het schip, die op de bemanningslijst staat vermeld en die houder is van identiteitspapieren als zeeman.

Artikel

II

De Overeenkomstsluitende Partijen dragen in hun onderlinge betrekkingen in alle opzichten bij tot de vrijheid van de handelsscheepvaart en onthouden zich van elke handeling die de ontwikkeling van de internationale scheepvaart zou kunnen schaden.

Artikel

III

De Overeenkomstsluitende Partijen bevorderen het bilaterale vervoer over zee en waar van toepassing past elke Overeenkomstsluitende Partij de bepalingen toe van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake een gedragscode voor lijnvaartconferences, gedaan te Genève op 6 april 1974.

De Overeenkomstsluitende Partijen waarborgen dat hun hierbij betrokken scheepvaartmaatschappijen bij de bepaling van het vervoersaandeel de formule voor ladingverdeling hanteren, die ontleend is aan Hoofdstuk II, artikel 2, vierde lid, van dat Verdrag.

Artikel

IV

Met betrekking tot de beschikbaarheid van conference-overeenkomsten, tarieven en daarmede samenhangende documenten en regelingen, de erkenning van een vervoerder als nationale scheepvaartlijn, de overlegprocedure, vervoerstarieven en alle andere in het in artikel III vermelde Verdrag geregelde aangelegenheden, passen de Overeenkomstsluitende Partijen de bepalingen van dat Verdrag toe.

Artikel

V

Artikel

VI

De Overeenkomstsluitende Partijen komen overeen,

  • a.

    de ontwikkeling te bevorderen van het vervoer over zee met inachtneming van hun wederzijdse belangen en moeilijkheden in dezen weg te nemen;

  • b.

    de overdracht van technologie en technische kennis op scheepvaartgebied te vergemakkelijken.

Artikel

VII

Artikel

VIII

De Overeenkomstsluitende Partijen nemen, binnen de grenzen van hun onderscheiden nationale wetten en voorschriften, alle passende maatregelen om het vervoer over zee te vergemakkelijken en te bespoedigen, onnodig oponthoud voor schepen te voorkomen en de afwikkeling van officiële formaliteiten die in de havens moeten worden vervuld, zoveel mogelijk te bespoedigen en te vereenvoudigen.

Artikel

IX

Elke Overeenkomstsluitende Partij kent de scheepvaartmaatschappij die haar plaats van werkelijk bestuur op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij heeft, het recht toe van vrije overmaking in convertibele valuta van alle door die scheepvaartmaatschappij uit werkzaamheden vallend onder deze Overeenkomst op haar grondgebied genoten inkomsten. Deze overmakingen worden regelmatig en zonder verwijl toegestaan en zijn gebaseerd op de officiële wisselkoersen voor lopende betalingen of geschieden, wanneer er geen officiële wisselkoersen zijn, tegen de geldende koersen op de buitenlandse valutamarkt voor lopende betalingen. Op deze overmakingen zijn geen andere kosten van toepassing dan de normale bankkosten.

Artikel

X

De Overeenkomstsluitende Partijen erkennen de identiteitspapieren als zeeman afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

Deze identiteitspapieren zijn:

  • a.

    voor bemanningsleden op Mexicaanse schepen:

    de Carta de Identidad de la Gente de Mar de Mexico;

  • b.

    voor bemanningsleden op Nederlandse schepen:

    het Nederlandse Monsterboekje.

Artikel

XI

Artikel

XII

Artikel

XIII

Onverminderd de algemene toepasselijkheid van de artikelen XI en XII blijven de van toepassing zijnde wetten en voorschriften van iedere Overeenkomstsluitende Partij betreffende de binnenkomst, het verblijf en de beëindiging van het verblijf van buitenlanders van kracht.

Artikel

XIV

De toestemming vervat in de artikelen XI en XII houdt geen beperking in van het recht van iedere Overeenkomstsluitende Partij een bemanningslid de toegang tot haar grondgebied te weigeren.

Artikel

XV

Artikel

XVI

Artikel

XVII

Artikel

XVIII

Artikel

XIX

Deze Overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum waarop de Overeenkomstsluitende Partijen elkander langs diplomatieke weg schriftelijk hebben medegedeeld dat aan de in hun onderscheiden landen daarvoor grondwettelijk vereiste procedures is voldaan, en blijft voor onbepaalde tijd van kracht.

Indien een der Overeenkomstsluitende Partijen deze Overeenkomst wenst op te zeggen, dient zij de andere Overeenkomstsluitende Partij langs diplomatieke weg schriftelijk kennisgeving daarvan te doen; de opzegging van de Overeenkomst wordt van kracht twaalf maanden na de datum van ontvangst van zodanige kennisgeving door de andere Overeenkomstsluitende Partij.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd door hun onderscheiden Regeringen, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN te 's-Gravenhage, op 18 oktober 1984, in tweevoud in de Engelse taal, welke tekst de authentieke tekst is.

Elke Overeenkomstsluitende Partij verbindt zich ertoe een vertaling in haar officiële taal te laten vervaardigen.

Voor de Regering van het

Koninkrijk der Nederlanden,

(w.g.) H. VAN DEN BROEK

Voor de Regering van de

Verenigde Mexicaanse Staten,

(w.g.) F. DE GARAY