Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds en de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest, anderzijds inzake de samenwerking op het gebied van het beleid en het beheer in het Schelde-estuarium

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds en de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest, anderzijds inzake de samenwerking op het gebied van het beleid en het beheer in het Schelde-estuarium

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds en de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest, anderzijds inzake de samenwerking op het gebied van het beleid en het beheer in het Schelde-estuarium

Het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds,

en

De Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest, anderzijds,

hierna te noemen „de Verdragsluitende Partijen’’,

Verwijzend naar de lange en hechte samenwerking tussen enerzijds Nederland en anderzijds België en Vlaanderen, die haar aanvang heeft genomen bij de totstandkoming van het Tractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België van 19 april 1839,

Overwegende dat krachtens het Protocol van besprekingen tussen Belgische, Luxemburgse en Nederlandse ministers in Luxemburg op 29, 30 en 31 januari 1948 de Technische Scheldecommissie werd opgericht, die werd belast met het uitvoeren van studies omtrent het beheer van de Schelde,

Wensende de langdurige goede samenwerking in de Technische Scheldecommissie te versterken en te ontwikkelen door de oprichting van de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie,

Overwegende dat de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie het gezamenlijk beleid en beheer van het Schelde-estuarium tot doel heeft,

Overwegende dat de Verdragsluitende Partijen hun samenwerking wensen te richten op een dynamische ontwikkeling en optimalisatie van de veiligheid, de toegankelijkheid en de natuurlijkheid van het Schelde-estuarium, en met betrekking tot het beleid en het beheer van het Schelde-estuarium bijkomende verbintenissen wensen aan te gaan, die gestalte zullen krijgen in opeenvolgende plannen, programma’s en projecten,

Overwegende dat de uitvoering van deze plannen, programma’s en projecten zal bijdragen tot het behoud van de fysieke systeemkenmerken van het Schelde-estuarium;

komen het volgende overeen:

Hoofdstuk

I

INLEIDING

Artikel

1

Begripsbepalingen

In dit Verdrag wordt verstaan onder:

  • a.

    „Nederland’’: het in Europa gelegen deel van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • b.

    „Vlaanderen’’: de Vlaamse Gemeenschap, respectievelijk het Vlaams Gewest;

  • c.

    „Schelde-estuarium’’: het in Artikel 2 bedoelde gebied;

  • d.

    „Scheldehavens’’: de havens van Antwerpen, Gent, Terneuzen en Vlissingen;

  • e.

    „fysieke monitoring’’: de in Artikel 3, vijfde lid, en Artikel 6 bedoelde monitoring;

  • f.

    „plannen, programma’s en projecten’’: de in Artikel 3, vierde lid, en Artikel 5 bedoelde plannen, programma’s en projecten;

  • g.

    „onderzoek’’: het in Artikel 3, vijfde lid, en Artikel 6 bedoelde onderzoek;

  • h.

    „lokale overheden’’: provincies, gemeenten, havenbesturen, waterschappen en polderbesturen;

  • i.

    „Technische Scheldecommissie’’: de krachtens het Protocol van besprekingen tussen Belgische, Luxemburgse en Nederlandse ministers in Luxemburg op 29, 30 en 31 januari 1948 opgerichte commissie;

  • j.

    „Scheldeverdrag’’: het op 3 december 2002 te Gent gesloten Verdrag inzake de bescherming van de Schelde.

Artikel

2

Toepassingsgebied

Hoofdstuk

II

DOELSTELLINGEN

Artikel

3

Doel en voorwerp

Artikel

4

De Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie

Artikel

5

Plannen, programma’s en projecten

Artikel

6

Onderzoek en fysieke monitoring

Artikel

7

Relaties met andere verdragen

Artikel

8

Externe betrekkingen

Hoofdstuk

III

EVALUATIE, RAPPORTAGE EN GESCHILLEN

Artikel

9

Evaluatie

Het Politiek College beoordeelt elke vijf jaar in welke mate de doelstellingen van dit Verdrag zijn verwezenlijkt en doet desgewenst voorstellen aan de Verdragsluitende Partijen om maatregelen te treffen teneinde de mogelijkheden tot verwezenlijking van deze doelstellingen te verbeteren, daarbij inbegrepen voorstellen tot wijziging van dit Verdrag.

Artikel

10

Rapportage

Ten behoeve van de Regeringen van de Verdragsluitende Partijen stelt het Politiek College periodiek een verslag op over de belangrijke ontwikkelingen bij de tenuitvoerlegging van dit Verdrag. Dit verslag wordt ter kennis van het Nederlandse en het Vlaamse parlement gebracht.

Artikel

11

Geschillen

Hoofdstuk

IV

SAMENSTELLING EN WERKWIJZE VAN DE VLAAMS-NEDERLANDSE SCHELDECOMMISSIE

Artikel

12

Samenstelling en werkwijze van het Politiek College

Artikel

13

Samenstelling en werkwijze van het Ambtelijk College

Artikel

14

Taken van het Uitvoerend Secretariaat

Hoofdstuk

V

FINANCIERING

Artikel

15

Financiering

Hoofdstuk

VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel

16

Wijziging

Door de Verdragsluitende Partijen schriftelijk overeengekomen wijzigingen van dit Verdrag treden in werking op de dag waarop de Verdragsluitende Partijen elkaar schriftelijk hebben medegedeeld dat aan de constitutionele vereisten is voldaan.

Artikel

17

Inwerkingtreding

Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum waarop de Verdragsluitende Partijen elkaar schriftelijk hebben medegedeeld dat aan de constitutionele vereisten is voldaan.

TEN BLIJKE WAARVAN de Gevolmachtigden van de Regeringen der Verdragsluitende Partijen dit Verdrag hebben ondertekend.

ONDERTEKEND te Middelburg op 21 december 2005, in tweevoud in de Nederlandse taal.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden,

M. H. SCHULTZ

Voor de Vlaamse Gemeenschappen het Vlaams Gewest,

K. PEETERS