Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Rwanda betreffende de status van militair en civiel personeel van hun Ministerie van Defensie, aanwezig op elkaars grondgebied voor activiteiten in het kader van bilaterale militaire samenwerking

Agreement between the Kingdom of the Netherlands and the Republic of Rwanda concerning the status of military and civilian personnel of their Ministry of Defence present in each other’s territory for activities related to bilateral military cooperation

Preamble

The Kingdom of the Netherlands

and

the Republic of Rwanda (hereinafter jointly referred to as “the Parties” and in the singular as “a Party”);

Considering that the Minister of Defence of the Kingdom of the Netherlands and the Minister of Defence of the Republic of Rwanda have concluded a Memorandum of Understanding on bilateral military cooperation dated 14 June 2005;

Considering that military and civilian personnel of the Ministry of Defence of the Parties will be present in each other’s territory for activities related to this military cooperation;

Desiring to define the status of the military and civilian personnel;

Have agreed as follows:

Article

1

Definitions

In this Agreement, unless the context indicates otherwise:

“Personnel” means the military and civilian personnel of the Ministry of Defence of the Parties;

“Military Personnel” means the military personnel of the Ministry of Defence of the Sending State, including foreign military personnel forming an integral part of military units of the Sending State on the basis of an exchange programme;

“Dependent” means the spouse of a member of the Personnel of the Sending State or a child of such member depending on him or her for support;

“Spouse” for the purpose of this Agreement spouse shall also mean persons having an equivalent relationship to marriage with a member of the Personnel of the Sending State as recognised by the domestic law in force in the territory of the Sending State.

Article

2

Entry and exit requirements

The authorities of the Receiving State shall allow the Personnel of the Sending State and their Dependents entry into and exit from the territory of the Receiving State in accordance with the national laws and international treaty obligations of the Receiving State.

Article

3

Discipline and jurisdiction

Article

4

Importation, exportation and taxes

Article

5

Arms and uniforms

Article

6

Driving permits

The Receiving State shall either:

  • a)

    accept as valid, without a driving test or fee, the current and valid driving permit or licence or military driving permit issued by the competent authorities of the Sending State to the Personnel of the Sending State; or

  • b)

    issue its own driving permit or licence to the Personnel of the Sending State who holds a current and valid driving permit or licence or military driving permit issued by the Sending State, provided that no driving test shall be required.

Article

7

Claims

Article

8

Medical and dental support

Article

9

Settlement of disputes

Any dispute between the Parties arising out of the interpretation, application or implementation of the provisions of this Agreement shall be settled amicably through consultation or negotiations between the Parties.

Article

10

Application for the Netherlands

With respect to the Kingdom of the Netherlands, this Agreement shall apply to the territory of the Kingdom in Europe only.

Article

11

Entry into force and termination

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto by their respective Governments, have signed and sealed this Agreement in two originals in the English language.

DONE at Kigali on this 13th day of May in this year 2009.

For the Kingdom of the Netherlands,

F. A. MAKKEN

For the Republic of Rwanda,

M. GATSINZI

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Rwanda betreffende de status van militair en burgerpersoneel van hun Ministerie van Defensie, aanwezig op elkaars grondgebied voor activiteiten die verband houden met bilaterale militaire samenwerking

Preambule

Het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Republiek Rwanda (hierna gezamenlijk te noemen „de partijen” en afzonderlijk „partij”);

Overwegend dat de Minister van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden en de Minister van Defensie van de Republiek Rwanda op 14 juni 2005 een Memorandum van Overeenstemming inzake bilaterale militaire samenwerking hebben gesloten,

Overwegend dat militair en burgerpersoneel van het ministerie van Defensie van de partijen op elkaars grondgebied aanwezig zullen zijn voor activiteiten die verband houden met deze militaire samenwerking,

De wens uitsprekend de status van het militaire en burgerpersoneel te omschrijven,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

Tenzij uit het zinsverband anders volgt, wordt in dit Verdrag verstaan onder:

„Personeel” het militaire en burgerpersoneel van het ministerie van Defensie van de partijen;

„Militair personeel” het militair personeel van het ministerie van Defensie van de zendstaat, met inbegrip van buitenlands militair personeel dat een integrerend onderdeel uitmaakt van militaire eenheden van de zendstaat op basis van een uitwisselingsprogramma;

„Gezinsleden” de echtgenoot/echtgenote van een lid van het personeel van de zendstaat of een kind van een dergelijk lid dat van hem/haar afhankelijk is voor zijn onderhoud;

„Echtgenoot/echtgenote” mede, ten behoeve van dit Verdrag, een persoon die een relatie met een lid van het personeel van de zendstaat heeft die gelijkgesteld wordt met het huwelijk zoals erkend in de op het grondgebied van de zendstaat van kracht zijnde nationale wetgeving.

Artikel

2

Vereisten in verband met binnenkomst en vertrek

De autoriteiten van de ontvangende staat staan het personeel van de zendstaat en zijn gezinsleden toe het grondgebied van de ontvangende staat binnen te komen en te verlaten in overeenstemming met de nationale wetgeving van de ontvangende staat en diens verplichtingen krachtens internationale verdragen.

Artikel

3

Tucht en rechtsmacht

Artikel

4

Invoer, uitvoer en belastingen

Artikel

5

Wapens en uniformen

Artikel

6

Rijbewijzen

De ontvangende staat:

  • a.

    aanvaardt als geldig, zonder een rijexamen of vergoeding te vereisen, het actuele en geldige rijbewijs of militaire rijbewijs dat door de bevoegde autoriteiten van de zendstaat aan het personeel van de zendstaat is afgegeven; of

  • b.

    geeft zijn eigen rijbewijs af aan het personeel van de zendstaat dat in het bezit is van een actueel en geldig rijbewijs of militair rijbewijs dat door de zendstaat is afgegeven, op voorwaarde dat geen rijexamen wordt vereist.

Artikel

7

Vorderingen

Artikel

8

Geneeskundige en tandheelkundige zorg

Artikel

9

Beslechting van geschillen

Geschillen tussen de partijen die voortvloeien uit de uitlegging, toepassing of uitvoering van de bepalingen van dit Verdrag worden in der minne geschikt door middel van overleg of onderhandelingen tussen de partijen.

Artikel

10

Toepassing op Nederland

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag slechts van toepassing op het grondgebied van het Koninkrijk in Europa.

Artikel

11

Inwerkingtreding en beëindiging

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd door hun respectieve regeringen, dit Verdrag in tweevoud in de Engelse taal hebben ondertekend en verzegeld.

GEDAAN te Kigali op de dertiende mei in 2009.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden,

F. A. MAKKEN

Voor de Republiek Rwanda,

M. GATSINZI