Verdrag betreffende de bescherming van de vertegenwoordigers van de werknemers in de onderneming en de hun te verlenen faciliteiten

Convention concerning Protection and Facilities to be afforded to Workers' Representatives in the Undertaking

The General Conference of the International Labour Organisation,

Having been convened at Geneva by the Governing Body of the International Labour Office, and having met in its Fifty-sixth Session on 2 June 1971, and

Noting the terms of the Right to Organise and Collective Bargaining Convention, 1949, which provides for protection of workers against acts of anti-union discrimination in respect of their employment, and

Considering that it is desirable to supplement these terms with respect to workers' representatives, and

Having decided upon the adoption of certain proposals with regard to protection and facilities afforded to workers' representatives in the undertaking, which is the fifth item on the agenda of the session, and

Having determined that these proposals shall take the form of an international Convention,

adopts this twenty-third day of June of the year one thousand nine hundred and seventy-one the following Convention, which may be cited as the Workers' Representatives Convention, 1971:

Article

1

Workers' representatives in the undertaking shall enjoy effective protection against any act prejudicial to them, including dismissal, based on their statuts or activities as a workers' representative or on union membership or participation in union activities, in so far as they act in conformity with existing laws or collective agreements or other jointly agreed arrangements.

Article

2

Article

3

For the purpose of this Convention the term “workers' representatives” means persons who are recognised as such under national law or practice, whether they are -

  • (a)

    trade union representatives, namely, representatives designated or elected by trade unions or by the members of such unions; or

  • (b)

    elected representatives, namely, representatives who are freely elected by the workers of the undertaking in accordance with provisions of national laws or regulations or of collective agreements and whose functions do not include activities which are recognised as the exclusive prerogative of trade unions in the country concerned.

Article

4

National laws or regulations, collective agreements, arbitration, awards or court decisions may determine the type or types of workers' representatives which shall be entitled to the protection and facilities provided for in this Convention.

Article

5

Where there exist in the same undertaking both trade union representatives and elected representatives, appropriate measures shall be taken, wherever necessary, to ensure that the existence of elected representatives is not used to undermine the position of the trade unions concerned or their representatives and to encourage co-operation on all relevant matters between the elected representatives and the trade unions concerned and their representatives.

Article

6

Effect may be given to this Convention through national laws or regulations or collective agreements, or in any other manner consistent with national practice.

Article

7

The formal ratifications of this Convention shall be communicated to the Director-General of the International Labour Office for registration.

Article

8

Article

9

Article

10

Article

11

The Director-General of the International Labour Office shall communicate to the Secretary-General of the United Nations for registration in accordance with Article 102 of the Charter of the United Nations full particulars of all ratifications and acts of denunciation registered by him in accordance with the provisions of the preceding Articles.

Article

12

At such times as it may consider necessary the Governing Body of the International Labour Office shall present to the General Conference a report on the working of this Convention and shall examine the desirability of placing on the agenda of the Conference the question of its revision in whole or in part.

Article

13

Article

14

The English and French versions of the text of this Convention are equally authoritative.

The foregoing is the authentic text of the Convention duly adopted by the General Conference of the International Labour Organisation during its Fifty-sixth Session which was held at Geneva and declared closed the twenty-third day of June 1971.

IN FAITH WHEREOF we have appended our signatures this thirtieth day of June 1971.

The President of the Conference,

(sd.) PIERRE WALINE

The Director-General of the International Labour Conference,

(sd.) WILFRED JENKS

Verdrag betreffende de bescherming van de vertegenwoordigers van de werknemers in de onderneming en de hun te verlenen faciliteiten

De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie,

Door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau bijeengeroepen te Genève, en aldaar bijeengekomen in haar zesenvijftigste zitting op 2 juni 1971;

Gelet op de bepalingen van het Verdrag van 1949 aangaande het recht van vereniging en van collectieve onderhandeling, dat de werknemers in hun werk beschermt tegen alle discriminerende handelingen die ten doel hebben de vakverenigingsvrijheid aan te tasten, en

Overwegende dat het gewenst is aanvullende bepalingen ten aanzien van de vertegenwoordigers van de werknemers op te nemen,

Besloten hebbende bepaalde voorstellen aan te nemen betreffende de bescherming van de vertegenwoordigers van de werknemers in de onderneming en de hun te verlenen faciliteiten, welk onderwerp als vijfde punt op de agenda der zitting is geplaatst,

Besloten hebbende dat deze voorstellen de vorm zullen aannemen van een internationaal verdrag,

neemt heden, de 23ste juni 1971, het volgende Verdrag aan, hetwelk kan worden aangehaald als: Verdrag betreffende de vertegenwoordigers van de werknemers, 1971:

Artikel

1

De vertegenwoordigers van de werknemers in de onderneming moeten afdoende beschermd worden tegen alle maatregelen, met inbegrip van ontslag, die hun schade zouden kunnen berokkenen en die genomen zijn op grond van hun kwaliteit van werknemersvertegenwoordiger of de daarbij behorende activiteiten, hun lidmaatschap van een vakvereniging of hun deelneming aan vakbondsactiviteiten, voor zover zij handelen in overeenstemming met bestaande wetten, collectieve arbeidsovereenkomsten of andere van kracht zijnde overeenkomsten.

Artikel

2

Artikel

3

Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de term „werknemersvertegenwoordigers”: personen die als zodanig erkend zijn door de nationale wetgeving of praktijk, hetzij:

  • (a)

    zij vertegenwoordigers zijn van vakverenigingen, d.w.z. vertegenwoordigers die benoemd of gekozen zijn door de vakverenigingen of door leden daarvan;

  • (b)

    zij gekozen vertegenwoordigers zijn, d.w.z. vertegenwoordigers die vrijelijk door de werknemers van de onderneming zijn gekozen, in overeenstemming met de bepalingen van de nationale wetgeving of van collectieve arbeidsovereenkomsten, en wier werkzaamheden geen activiteiten omvatten die in de betreffende landen zijn erkend als behorend tot de bijzondere voorrechten van de vakverenigingen.

Artikel

4

De nationale wetgeving, collectieve arbeidsovereenkomsten, uitspraken van scheidsgerechten of rechterlijke uitspraken kunnen bepalen welke categorie of welke categorieën van werknemersvertegenwoordigers in aanmerking komen voor de bescherming en de faciliteiten die in dit Verdrag worden bedoeld.

Artikel

5

Wanneer er in een onderneming zowel vakverenigingsvertegenwoordigers als gekozen vertegenwoordigers zijn, moeten, wanneer daar reden toe is, bijzondere maatregelen getroffen worden om te voorkomen dat de aanwezigheid van gekozen vertegenwoordigers de positie van de betrokken vakverenigingen of van hun vertegenwoordigers zou kunnen schaden, en om de samenwerking ten aanzien van alle daartoe strekkende vraagstukken te bevorderen tussen enerzijds de gekozen vertegenwoordigers en anderzijds de betrokken vakverenigingen en hun vertegenwoordigers.

Artikel

6

De toepassing van de bepalingen van het Verdrag kan gewaarborgd worden door de nationale wetgeving, door collectieve arbeidsovereenkomsten of op iedere andere manier die in overeenstemming is met de nationale praktijk.

Artikel

7

De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag worden medegedeeld aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door hem geregistreerd.

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau doet aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties mededeling, ter registratie overeenkomstig het bepaalde in artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties, van de volledige bijzonderheden omtrent alle bekrachtigingen en alle verklaringen van opzegging welke hij overeenkomstig de bepalingen van de voorgaande artikelen heeft geregistreerd.

Artikel

12

De Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau brengt, telkens wanneer hij dit noodzakelijk acht, aan de Algemene Conferentie verslag uit over de toepassing van dit Verdrag en onderzoekt of het wenselijk is een gehele of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda van de Conferentie te plaatsen.

Artikel

13

Artikel

14

De Franse en de Engelse tekst van dit Verdrag zijn gelijkelijk authentiek.

De voorgaande tekst is de authentieke tekst van het Verdrag, naar behoren aangenomen door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie in haar zesenvijftigste zitting, welke werd gehouden te Genève en voor gesloten werd verklaard op 23 juni 1971.

TEN BLIJKE WAARVAN wij onze handtekeningen hebben geplaatst op de dertigste dag van de maand juni 1971:

De Voorzitter van de Conferentie,

(w.g.) PIERRE WALINE

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau,

(w.g.) WILFRED JENKS