Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuw-Zeeland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuwzeeland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van Nieuwzeeland

De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen,

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK

I

REIKWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST

Artikel

1

Personen op wie de overeenkomst van toepassing is

Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten.

Artikel

2

Belastingen waarop de overeenkomst van toepassing is

HOOFDSTUK

II

BEGRIPSBEPALINGEN

Artikel

3

Algemene begripsbepalingen

Artikel

4

Fiscale woonplaats

Artikel

5

Vaste inrichting

HOOFDSTUK

III

BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN

Artikel

6

Inkomsten uit onroerende goederen

Artikel

7

Winst uit onderneming

Artikel

8

Zeevaart en luchtvaart

Artikel

9

Gelieerde ondernemingen

Artikel

10

Dividenden

Artikel

11

Interest

Artikel

12

Royalty’s

Artikel

13

Vervreemding van zaken

Artikel

14

Zelfstandige arbeid

Artikel

15

Niet-zelfstandige arbeid

Artikel

16

Tantièmes en andere beloningen van bestuurders en commissarissen

Artikel

17

Artiesten en sportbeoefenaars

Artikel

18

Pensioenen

Artikel

19

Overheidsfuncties

Artikel

20

Professoren en leraren

Artikel

22

Studenten

Betalingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon, die inwoner is of onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de Staten, inwoner was van de andere Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft, ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud, studie of opleiding, zijn in die Staat niet belastbaar, mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat.

Artikel

21 A

Overige inkomsten

HOOFDSTUK

IV

VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING

Artikel

22

Vermijding van dubbele belasting

HOOFDSTUK

V

BIJZONDERE BEPALINGEN

Artikel

22A

Non-discriminatie

Artikel

23

Regeling voor onderling overleg

Artikel

24

Uitwisseling van inlichtingen

Artikel

25

Diplomatieke en consulaire ambtenaren

Artikel

26

Uitbreiding tot andere gebieden

HOOFDSTUK

VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel

27

Inwerkingtreding

Deze Overeenkomst treedt in werking op de laatste van de data waarop de onderscheiden Regeringen elkaar schriftelijk hebben medegedeeld, dat de in hun onderscheiden Staten grondwettelijk vereiste formaliteiten zijn vervuld en de bepalingen ervan vinden toepassing:

  • a.

    wat Nederland betreft op belastingjaren en -tijdvakken die op of na 1 januari 1979 aanvangen;

  • b.

    wat Nieuwzeeland betreft op inkomsten, die belastbaar zijn in inkomensjaren die op of na 1 april 1979 aanvangen.

Artikel

28

Beëindiging

Deze Overeenkomst blijft voor onbepaalde tijd van kracht doch de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden of de Regering van Nieuwzeeland kan op of voor 30 juni van enig kalenderjaar dat aanvangt na het verstrijken van vijf jaren sedert de datum waarop de Overeenkomst in werking is getreden, aan de andere Regering langs diplomatieke weg een schriftelijke kennisgeving van beëindiging zenden en in dat geval houdt de Overeenkomst op van toepassing te zijn:

  • a.

    wat Nederland betreft op belastingjaren en -tijdvakken die aanvangen na het einde van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op dat waarin de kennisgeving van beëindiging is gedaan;

  • b.

    wat Nieuwzeeland betreft op inkomsten, die belastbaar zijn in inkomensjaren die aanvangen op of na 1 april van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op dat waarin de kennisgeving van beëindiging is gedaan.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gemachtigd, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN in tweevoud te ’s-Gravenhage, de 15e oktober 1980 in de Nederlandse en de Engelse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

(w.g.) C. A. VAN DER KLAAUW

Voor de Regering van Nieuwzeeland,

(w.g.) BRIAN TALBOYS

Protocol

bij de Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuwzeeland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen.

Bij de ondertekening van de Overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen heden tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuwzeeland gesloten, zijn de ondergetekenden overeengekomen dat de volgende bepalingen een integrerend deel van de Overeenkomst vormen.

I

Ad Artikel 2

Voor de toepassing van het derde lid, letter b, omvat de Nieuwzeelandse belasting niet de „bonus issue tax”.

II

Ad Artikel 4

Een natuurlijke persoon die aan boord van een schip woont zonder een woonplaats in een van de Staten te hebben, wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar het schip zijn thuishaven heeft.

III

Ad Artikel 7

Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat goederen of koopwaar verkoopt of een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden, voor de toepassing van het eerste en tweede lid, de voordelen van die vaste inrichting niet bepaald op basis van het totale door de onderneming ontvangen bedrag, doch slechts op basis van de vergoedingen die aan de werkelijke werkzaamheden van de vaste inrichting voor die verkopen of die bedrijfsuitoefening zijn toe te rekenen. Met name bij overeenkomsten betreffende het toezicht op, de levering, installatie of constructie van nijverheids- en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of gebouwen alsmede bij openbare werken, worden, indien de onderneming een vaste inrichting heeft, de voordelen van die vaste inrichting niet bepaald op basis van het totale bedrag van de overeenkomst, maar slechts op basis van dat deel van de overeenkomst dat werkelijk wordt uitgevoerd door de vaste inrichting in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd. De voordelen die betrekking hebben op dat deel van de overeenkomst, dat wordt uitgevoerd door het hoofdkantoor van de onderneming, zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de onderneming inwoner is.

IV

Ad Artikel 7

V

Ad Artikel 10, 11 en 12

Indien Nieuwzeeland in een toekomstige overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting met een ander land dat lid is van de Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling zijn bronheffing op dividenden, interest en royalty's mocht beperken tot een tarief dat lager is dan dat waarin een van de voornoemde artikelen voorziet, gaat Nieuwzeeland zo spoedig mogelijk onderhandelingen aan met Nederland om het desbetreffende artikel te herzien ten einde Nederland dezelfde behandeling te verlenen.

VI

Ad Artikel 10, 11 en 12

Bij de beoordeling van de vraag of de uiteindelijk gerechtigde tot dividenden, interest of royalty’s inwoner is van Nieuwzeeland, worden dividenden, interest of royalty’s ter zake waarvan een trustee in Nieuwzeeland aan belasting is onderworpen, behandeld als ware deze trustee de uiteindelijk gerechtigde daarvan.

VII

Ad Artikel 10, 11 en 12

Verzoeken om teruggaaf van belasting die niet in overeenstemming met de bepalingen van de artikelen 10, 11 en 12 is geheven, moeten bij de bevoegde autoriteit van de Staat die de belasting heeft geheven worden ingediend binnen een tijdvak van vijf jaren na het einde van het belastingjaar waarin de belasting is geheven.

VIII

Ad Artikel 11

De uitdrukking „een agentschap of instantie (daaronder begrepen een financiële instelling) die geheel eigendom is van die andere Staat” zoals gebezigd in het derde lid omvat niet de Bank van Nieuwzeeland.

IX

Ad Artikel 12

  • a.

    Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid worden vergoedingen, van welke aard ook, voor het gebruik van, of voor het recht van gebruik van, nijverheids- en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting beschouwd als voordelen van een onderneming waarop de bepalingen van artikel 7 van toepassing zijn, behalve voorzover de bedragen van die vergoedingen zijn gebaseerd op produktie, verkoop, aanwending of een andere soortgelijke grondslag die verband houdt met het gebruik van deze uitrusting.

  • b.

    Met betrekking tot het vierde lid worden vergoedingen voor technische diensten, daaronder begrepen studies of toezicht houdende werkzaamheden van wetenschappelijke, geologische of technische aard, of voor contracten inzake bouw- of constructiewerkzaamheden met inbegrip van de daartoe behorende blauwdrukken, dan wel voor diensten van raadgevende of toezichthoudende aard niet beschouwd als vergoedingen voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid, handel of wetenschap.

X

Ad Artikel 18 en 19

Het is wel te verstaan dat de uitdrukking „pensioenen en andere soortgelijke beloningen” slechts periodieke betalingen omvat.

XI

Indien Nieuwzeeland te eniger tijd na de datum van ondertekening van de Overeenkomst in een van zijn Overeenkomsten tot het vermijden van dubbele belasting een bepaling inzake non-discriminatie opneemt, stelt de Regering van Nieuwzeeland de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden hiervan zo spoedig mogelijk in kennis en gaat met de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden onderhandelingen aan ten einde een dergelijk artikel in de heden gesloten Overeenkomst te doen opnemen.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gemachtigd, dit Protocol hebben ondertekend.

GEDAAN in tweevoud te ’s-Gravenhage, de 15e oktober 1980 in de Nederlandse en de Engelse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

(w.g.) C. A. VAN DER KLAAUW

Voor de Regering van Nieuwzeeland,

(w.g.) BRIAN TALBOYS

Convention between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of New Zealand for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income

The Government of the Kingdom of the Netherlands

and

the Government of New Zealand

Desiring to conclude a convention for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income,

Have agreed as follows:

CHAPTER

I

SCOPE OF THE CONVENTION

Article

1

Personal scope

This Convention shall apply to persons who are residents of one or both of the States.

Article

2

Taxes covered

CHAPTER

II

DEFINITIONS

Article

3

General definitions

Article

4

Resident

Article

5

Permanent establishment

CHAPTER

III

TAXATION OF INCOME

Article

6

Income from real property

Article

7

Business profits

Article

8

Shipping and air transport

Article

9

Associated enterprises

Article

10

Dividends

Article

11

Interest

Article

12

Royalties

Article

13

Alienation of property

Article

14

Independent personal services

Article

15

Dependent personal services

Article

16

Directors' fees and other remuneration

Article

17

Artistes and athletes

Article

18

Pensions

Article

19

Government service

Article

20

Professors and teachers

Article

21

Students

Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting one of the States a resident of the other State and who is present in the first-mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance, education or training shall not be taxed in that State, provided that such payments arise from sources outside that State.

Article

21a

Other income

CHAPTER

IV

ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION

Article

22

Elimination of double taxation

CHAPTER

V

SPECIAL PROVISIONS

Article

22a

Non-discrimination

Article

23

Mutual agreement procedure

Article

24

Exchange of information

Article

25

Diplomatic agents and consular officers

Article

26

Territorial extension

CHAPTER

VI

FINAL PROVISIONS

Article

27

Entry into force

This Convention shall enter into force on the last of the dates on which the respective Governments have notified each other in writing that the formalities constitutionally required in their respective States have been complied with, and its provisions shall apply;

  • a.

    in the case of the Netherlands, to taxable years and periods beginning on or after the first day of January 1979;

  • b.

    in the case of New Zealand, to income assessable for any income year beginning on or after the first day of April 1979.

Article

28

Termination

This Convention shall remain in force indefinitely but the Government of the Kingdom of the Netherlands or the Government of New Zealand may on or before 30 June in any calendar year beginning after the expiration of five years from the date of its entry into force, give to the other Government through diplomatic channels written notice of termination and, in that event, the Convention shall cease to apply:

  • a.

    in the case of the Netherlands, to taxable years and periods beginning after the end of the calendar year immediately following that in which the notice of termination is given;

  • b.

    in the case of New Zealand, to income assessable for any income year beginning on or after 1 April in the calendar year immediately following that in which the notice of termination is given.

IN WITNESS whereof the undersigned, duly authorized thereto, have signed this Convention.

DONE at The Hague this 15th day of October 1980, in duplicate, in the Netherlands and English languages, both texts being equally authentic.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands,

(sd.) C. A. VAN DER KLAAUW

For the Government of New Zealand,

(sd.) BRIAN TALBOYS

Protocol

to the Convention between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of New Zealand for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income.

At the signing of the Convention for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income, concluded today between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of New Zealand, the undersigned have agreed that the following provisions shall form an integral part of that Convention.

I

With reference to Article 2

For the purposes of subparagraph b of paragraph 3 the New Zealand tax does not include the bonus issue tax.

II

With reference to Article 4

An individual living aboard a ship without any residence in either of the States shall be deemed to be a resident of the State in which the ship has its home harbour.

III

With reference to Article 7

In respect of paragraphs 1 and 2, where an enterprise of one of the States sells goods or merchandise or carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein, the profits of that permanent establishment shall not be determined on the basis of the total amount received by the enterprise, but shall be determined only on the basis of the remuneration which is attributable to the actual activity of the permanent establishment for such sales or business. Especially, in the case of contracts for the survey, supply, installation or construction of industrial, commercial or scientific equipment or premises, or of public works, when the enterprise has a permanent establishment, the profits of such permanent establishment shall not be determined on the basis of the total amount of the contract, but shall be determined only on the basis of that part of the contract which is effectively carried out by the permanent establishment in the State where the permanent establishment is situated. The profits related to that part of the contract which is carried out by the head office of the enterprise shall be taxable only in the State of which the enterprise is a resident.

IV

With reference to Article 7

V

With reference to Articles 10, 11 and 12

If in any future double taxation convention with any other country, being a member of the Organisation for Economic Co-operation and Development, New Zealand should limit its taxation at source on dividends, interest and royalties to a rate lower than the one provided for in any of such articles, New Zealand shall without undue delay enter into negotiations with the Netherlands to review the appropriate article with a view to providing the same treatment.

VI

With reference to Articles 10, 11 and 12

In determining whether dividends, interest or royalties are beneficially owned by a resident of New Zealand, dividends, interest or royalties in respect of which a trustee is subject to tax in New Zealand shall be treated as being beneficially owned by that trustee.

VII

With reference to Articles 10, 11 and 12

Applications for the refund of tax levied not in accordance with the provisions of Articles 10, 11 and 12 shall be lodged with the competent authority of the State having levied the tax within a period of five years after the expiration of the fiscal year in which the tax has been levied.

VIII

With reference to Article 11

The expression “any agency or any instrumentality (including a financial institution) wholly owned by that other State” as used in paragraph 3 shall not include the Bank of New Zealand.

IX

With reference to Article 12

  • a.

    Notwithstanding the provisions of paragraph 4, payments of any kind received as a consideration for the use of, or the right to use, industrial, commercial or scientific equipment shall be deemed to be profits of an enterprise to which the provisions of Article 7 apply except to the extent the amounts of such payments are based on production, sales, performance or any other similar basis related to the use of the said equipment.

  • b.

    In respect of paragraph 4, payments received as a consideration for technical services, including studies or surveys of a scientific, geological or technical nature, or for engineering contracts including blue prints related thereto, or for consultant or supervisory services shall be deemed not to be payments received as a consideration for information concerning industrial, commercial or scientific experience.

X

With reference to Articles 18 and 19

It is understood that the term “pensions and other similar remuneration” includes only periodical payments.

XI

Vervallen

IN WITNESS whereof the undersigned, duly authorised thereto, have signed this Protocol.

DONE at The Hague this 15th day of October 1980, in duplicate, in the Netherlands and English languages, both texts being equally authentic.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands,

(sd.) C. A. VAN DER KLAAUW

For the Government of New Zealand,

(sd.) BRIAN TALBOYS