Artikel
1
In deze Overeenkomst wordt verstaan:
-
-
onder „informatie”, het verstrekken van inlichtingen die voor een veilige scheepvaart van belang zijn, met inbegrip van inlichtingen over weersomstandigheden en getijden, over storingen in de bebakening en over werkzaamheden aan en in het vaarwater;
-
-
onder „begeleiding” het verstrekken van inlichtingen over de op een bepaald ogenblik bestaande verkeerssituatie en de positie van de afzonderlijke schepen, alsmede het geven van adviezen ten behoeve van de navigatie; deze begeleiding vindt plaats bij verminderd zicht, bij andere ongunstige weersomstandigheden of op verzoek;
-
-
onder „Eemsmonding”, het gebied van de Eems buiten de havens, dat wordt bestreken door de walradarinstallaties waarop deze Overeenkomst betrekking heeft. Het bereik van de walradarinstallaties is in bijlage A beschreven en in bijlage B op een kaart aangeduid. De bijlagen vormen onderdeel van deze Overeenkomst. De grenzen van het bestreken gebied ten opzichte van de havens worden in de administratieve maatregel volgens artikel 5 vastgelegd;
-
-
onder „Eems-Dollardverdrag”, het op 8 april 1960 te 's-Gravenhage tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot regeling van de samenwerking in de Eemsmonding gesloten Verdrag met bijlagen en slotprotocol;
-
-
onder „bevoegde autoriteiten”, de autoriteiten waaraan ingevolge het nationale recht van elk der Overeenkomstsluitende Partijen de uitvoering en uitoefening van de taken en bevoegdheden bedoeld in deze Overeenkomst zijn opgedragen. De Overeenkomstsluitende Partijen zullen elkaar mededelen welke deze autoriteiten zijn.