Douaneovereenkomst inzake faciliteiten voor de invoer van goederen bestemd om op tentoonstellingen, beurzen, congressen of soortgelijke manifestaties te worden getoond of gebruikt

Customs Convention concerning facilities for the importation of goods for display or use at exhibitions, fairs, meetings or similar events

PREAMBLE

The States signatory to the present Convention,

Meeting under the auspices of the Customs Co-operation Council, in consultation with the United Nations Economic Commission for Europe (ECE) and the United Nations Educational, Scientific and Cultural Organisation (UNESCO),

Having regard to proposals made by representatives of international trade and other interests,

Desiring to facilitate the display of goods at exhibitions, fairs, meetings, or similar events of a commercial, technical, religious, educational, scientific, cultural or charitable nature,

Convinced that the adoption of general rules on the Customs treatment of such goods would afford considerable advantages to international trade and promote the international exchange of ideas and knowledge,

Have agreed as follows:

CHAPTER

I

Definitions

Article

1

For the purposes of the present Convention:

  • (a)

    the term “event” means:

    • 1.

      a trade, industrial, agricultural or crafts exhibition, fair, or similar show or display; or

    • 2.

      an exhibition or meeting which is primarily organised for a charitable purpose; or

    • 3.

      an exhibition or meeting which is primarily organised to promote any branch of learning, art, craft, sport or scientific, educational or cultural activity, to promote friendship between peoples, or to promote religious knowledge or worship; or

    • 4.

      a meeting of representatives of any international organisation or international group of organisations; or

    • 5.

      a representative meeting of an official or commemorative character;

    except exhibitions organised for private purposes in shops or business premises with a view to the sale of foreign goods;

  • (b)

    the term “import duties” means Customs duties and all other duties and taxes payable on, or in connection with importation and shall include all internal taxes and excise duties chargeable on imported goods, but shall not include fees and charges which are limited in amount to the approximate cost of services rendered and do not represent an indirect protection to domestic products or a taxation of imports for fiscal purposes;

  • (c)

    the term “temporary admission” means temporary importation free of import duties and free of import prohibitions and restrictions, subject to re-exportation;

  • (d)

    the term “the Council” means the Organisation set up by the Convention establishing a Customs Co-operation Council, done at Brussels on 15th December 1950;

  • (e)

    the term “person” means both natural and legal persons, unless the context otherwise requires.

CHAPTER

II

Temporary Admission

Article

2

Article

3

Unless the national laws and regulations of the country of temporary importation so permit, goods granted temporary admission shall not, whilst they are the subject of the facilities granted under the present Convention:

  • (a)

    be loaned, or used in any way for hire or reward; or

  • (b)

    be removed from the place of the event.

Article

4

Article

5

CHAPTER

III

Waiver of import duties

Article

6

Article

7

Files, records, forms and other documents which are imported for use as such at or in connection with international meetings, conferences or congresses, shall be admitted free of import duties and free of any import prohibition or restriction.

CHAPTER

IV

Simplification of formalities

Article

8

Each Contracting Party shall reduce to a minimum the Customs formalities required in connection with the facilities provided for in the present Convention. All regulations concerning such formalities shall be promptly published.

Article

9

Article

10

CHAPTER

V

Miscellaneous provisions

Article

11

Products obtained incidentally during the event from temporarily imported goods, as a result of the demonstration of displayed machinery or apparatus, shall be subject to the provisions of the present Convention.

Article

12

The provisions of the present Convention set out the minimum facilities to be accorded. They do not prevent the application of greater facilities which certain Contracting Parties grant or may grant in future by unilateral provisions or in virtue of bilateral and multilateral agreements.

Article

13

For the purpose of the present Convention the territories of Contracting Parties which form a Customs or economic union may be taken to be a single territory.

Article

14

The provisions of the present Convention shall not preclude the application of:

  • (a)

    national or conventional provisions not of a Customs nature regulating the organisation of events;

  • (b)

    prohibitions or restrictions imposed under national laws and regulations on grounds of public morality or order, public security, public hygiene or health, or for veterinary or phytopathological considerations, or relating to the protection of patents, trade marks and copyrights.

Article

15

Any breach of the provisions of the present Convention,, any substitution, false declaration or act having the effect of causing a person or goods improperly to benefit from the facilities provided for in the present Convention, may render the offender liable in the country where the offence was committed to the penalties prescribed by the laws and regulations of that country and to payment of any import duties chargeable.

CHAPTER

VI

Final provisions

Article

16

Article

17

Article

18

Article

19

Article

20

Article

21

Article

22

Article

23

Article

24

The Secretary General of the Council shall notify all Contracting Parties, the other signatory and acceding States, the Secretary General of the United Nations, and UNESCO of :

  • (a)

    signatures, ratifications and accessions under Article 18 of the present Convention;

  • (b)

    the date of entry into force of the present Convention in accordance with Article 19;

  • (c)

    denunciations and declarations under Article 20;

  • (d)

    any amendment deemed to have been accepted in accordance with Article 21 and the date of its entry into force;

  • (e)

    declarations and notifications received in accordance with Article 22;

  • (f)

    declarations and notifications made in accordance with Article 23, paragraphs 1 and 3, and the date on which reservations or withdrawals of reservations enter into force.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned plenipotentiaries have signed the present Convention.

DONE at Brussels this eighth day of June nineteen hundred and sixty-one, in the English and French languages, both texts being equally authentic, in a single original which shall be deposited with the Secretary General of the Council who shall transmit certified copies to all the States referred to in Article 18, paragraph 1, of the present Convention.

Douaneovereenkomst inzake faciliteiten voor de invoer van goederen bestemd om op tentoonstellingen, beurzen, congressen of soortgelijke manifestaties te worden getoond of gebruikt

PREAMBULE

De Overeenkomstsluitende Partijen,

Vergaderende onder auspiciën van de Internationale Douaneraad, met medewerking van de Economische Commissie voor Europa (E.C.E.) van de Verenigde Naties en de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (U.N.E.S.C.O.),

Gelet op voorstellen gedaan door vertegenwoordigers van de internationale handel en andere belanghebbenden,

Geleid door de wens het tonen van goederen op tentoonstellingen, beurzen, congressen of soortgelijke manifestaties van commerciële, technische, godsdienstige, opvoedkundige, wetenschappelijke, culturele of liefdadige aard te vergemakkelijken,

Ervan overtuigd, dat de aanvaarding van algemene regelen betreffende de douanebehandeling van zodanige goederen aanzienlijke voordelen zal geven aan de internationale handel en de internationale uitwisseling van denkbeelden en kennis zal bevorderen,

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK

I

Begripsomschrijvingen

Artikel

1

In deze Overeenkomst wordt verstaan onder:

  • a.

    „manifestatie”:

    • 1.

      een tentoonstelling, beurs of soortgelijke manifestatie van handel, industrie, landbouw en nijverheid; of

    • 2.

      een tentoonstelling of een manifestatie die in hoofdzaak voor een liefdadig doel wordt gehouden; of

    • 3.

      een tentoonstelling of een manifestatie die in hoofdzaak wordt gehouden met een wetenschappelijk, technisch, ambachtelijk, artistiek, opvoedkundig of cultureel, sportief, godsdienstig of kerkelijk doel of ter bevordering van de vriendschap tussen volkeren; of

    • 4.

      een bijeenkomst van vertegenwoordigers van internationale organisaties of internationale groeperingen van organisaties; of

    • 5.

      een plechtigheid met een officieel of herdenkend karakter;

    met uitzondering van tentoonstellingen die voor particuliere doeleinden, in winkels of handelsgebouwen zijn ingericht met het oog op de verkoop van buitenlandse goederen;

  • b.

    „rechten bij invoer”, de douanerechten en alle andere rechten en belastingen, geheven bij of ter zake van de invoer, alsmede alle accijnzen en binnenlandse belastingen waaraan ingevoerde goederen zijn onderworpen, echter met uitzondering van leges en heffingen die beperkt zijn tot de geschatte kosten van verleende diensten en die geen verkapte bescherming van binnenlandse produkten inhouden, noch het karakter hebben van fiscale heffingen op de invoer;

  • c.

    „tijdelijke invoer”, de tijdelijke invoer met vrijstelling van rechten bij invoer en van invoerverboden en -beperkingen onder voorwaarde van wederuitvoer;

  • d.

    „de Raad”, de organisatie ingesteld bij het op 15 december 1950 te Brussel gesloten Verdrag houdende instelling van een Internationale Douaneraad;

  • e.

    „persoon”, zowel een natuurlijk persoon als een rechtspersoon, tenzij uit het tekstverband anders blijkt.

HOOFDSTUK

II

Tijdelijke invoer

Artikel

2

Artikel

3

Zolang de goederen waarvoor tijdelijke invoer is toegestaan de faciliteiten genieten voorzien in deze Overeenkomst worden zij, tenzij de wetten en voorschriften van het land van tijdelijke invoer dit toestaan:

  • a.

    niet uitgeleend of verhuurd, noch gebruikt tegen vergoeding;

  • b.

    niet buiten de plaats gebracht waar de manifestatie wordt gehouden.

Artikel

4

Artikel

5

HOOFDSTUK

III

Vrijstelling van rechten bij invoer

Artikel

6

Artikel

7

De invoer van dossiers, registers, formulieren en andere documenten, bestemd om op of in verband met internationale bijeenkomsten, conferenties of congressen te worden gebezigd, is vrijgesteld van rechten bij invoer en van invoerverboden of -beperkingen.

HOOFDSTUK

IV

Vereenvoudiging van formaliteiten

Artikel

8

Elke Overeenkomstsluitende Partij brengt de douaneformaliteiten vereist in verband met de faciliteiten van deze Overeenkomst tot een minimum terug. Alle voorschriften dienaangaande worden zo spoedig mogelijk bekendgemaakt.

Artikel

9

Artikel

10

HOOFDSTUK

V

Algemene bepalingen

Artikel

11

Produkten die tijdens de manifestatie uit tijdelijk ingevoerde goederen verkregen worden uitsluitend als gevolg van de demonstratie van tentoongestelde machines en apparaten, zijn onderworpen aan de bepalingen van deze Overeenkomst.

Artikel

12

De bepalingen van deze Overeenkomst bevatten minimumfaciliteiten en beletten niet de toepassing van ruimere faciliteiten die bepaalde Overeenkomstsluitende Partijen toestaan of in de toekomst eventueel zullen toestaan, hetzij unilateraal, hetzij krachtens bilaterale of multilaterale overeenkomsten.

Artikel

13

Voor de toepassing van deze Overeenkomst kunnen de gebieden van de Overeenkomstsluitende Partijen die een douane-unie of een economische unie vormen worden beschouwd als één gebied.

Artikel

14

De bepalingen van deze Overeenkomst beletten niet de toepassing van:

  • a.

    nationale of op overeenkomst berustende bepalingen, andere dan douanebepalingen, betreffende de organisatie van manifestaties;

  • b.

    verboden en beperkingen opgelegd in nationale regelingen op grond van overwegingen van openbare zedelijkheid of orde, openbare veiligheid, hygiëne of volksgezondheid, diergeneeskundige of planteziektekundige overwegingen of wel om redenen van bescherming van octrooien, fabrieks- en handelsmerken, auteursrechten en kopijrechten.

Artikel

15

Elke inbreuk op de bepalingen van deze Overeenkomst, elke verwisseling, valse verklaring of handeling, die tot gevolg heeft dat een persoon of een voorwerp ten onrechte de voordelen geniet van de in deze Overeenkomst neergelegde regelen stelt de overtreder in het land waar het strafbare feit is begaan bloot aan de straffen voorzien in de wetgeving van dat land en aan de betaling van de verschuldigde rechten bij invoer.

HOOFDSTUK

VI

Slotbepalingen

Artikel

16

Artikel

17

Artikel

18

Artikel

19

Artikel

20

Artikel

21

Artikel

22

Artikel

23

Artikel

24

De Secretaris-Generaal van de Raad doet aan alle Overeenkomstsluitende Partijen, aan de andere staten die deze Overeenkomst hebben ondertekend of ertoe zijn toegetreden, aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties en aan de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur mededeling van:

  • a.

    ondertekeningen, bekrachtigingen en toetredingen overeenkomstig artikel 18 van deze Overeenkomst;

  • b.

    de datum waarop ingevolge artikel 19 deze Overeenkomst in werking treedt;

  • c.

    opzeggingen en kennisgevingen overeenkomstig artikel 20;

  • d.

    wijzigingen die geacht worden te zijn aanvaard overeenkomstig artikel 21, alsmede de datum waarop zij van kracht worden;

  • e.

    verklaringen en kennisgevingen ontvangen overeenkomstig artikel 22;

  • f.

    verklaringen en mededelingen ontvangen overeenkomstig het eerste en derde lid van artikel 23 en de datum waarop voorbehouden of intrekkingen daarvan van kracht worden.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN te Brussel, de achtste juni negentienhonderd eenenzestig, in de Engelse en de Franse taal, zijnde de beide teksten gelijkelijk authentiek, in één exemplaar, dat wordt nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad, die voor eensluidend gewaarmerkte afschriften ervan zal doen toekomen aan alle staten bedoeld in artikel 18, eerste lid, van deze Overeenkomst.