Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland enerzijds en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden anderzijds, inzake het overnemen van personen aan de grens

Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland enerzijds en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden anderzijds, inzake het overnemen van personen aan de grens

De Regering van de Bondsrepubliek Duitsland enerzijds, en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, gezamenlijk optredend op grond van de tussen hen gesloten Overeenkomst van 11 april 1960, inzake de verlegging van de personencontrole naar de buitengrenzen van het Beneluxgebied, anderzijds,

Verlangend het overnemen van personen aan de gemeenschappelijke grens te vergemakkelijken,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Het in de bepalingen van deze Overeenkomst gebezigde begrip „Beneluxlanden” omvat het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden. Het begrip „Beneluxgebied” omvat het grondgebied van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden in Europa.

Artikel

2

Voor zover volgens de bepalingen van deze Overeenkomst het bezit van de Duitse nationaliteit voorwaarde is voor het overnemen van een persoon, strekt zich de verplichting tot overname uit tot alle personen die Duits onderdaan zijn in de zin van artikel 116 van de Grondwet voor de Bondsrepubliek Duitsland.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

Deze Overeenkomst laat de uit andere internationale overeenkomsten voortvloeiende verplichtingen tot overname onverlet.

Artikel

12

Artikel

13

De grensposten waar overgave van personen kan geschieden, worden in onderling overleg tussen de „Grenzschutzdirektion” van de Bondsrepubliek Duitsland en de bevoegde dienst van het Ministerie van Justitie van het desbetreffende Beneluxland aangewezen.

Artikel

14

Artikel

15

Deze Overeenkomst geldt ook voor het „Land” Berlijn, voor zover de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland tegenover de Regeringen van de Beneluxlanden niet binnen een termijn van drie maanden na de inwerkingtreding van de Overeenkomst een verklaring heeft afgelegd, waaruit het tegendeel blijkt.

Artikel

16

Deze Overeenkomst stelt buiten werking en vervangt:

  • a)

    de Overeenkomst tussen de Duitse Regering en de Belgische Regering inzake de verwijdering van buitenlanders, gesloten bij notawisseling van 17 september 1926 evenals de Overeenkomst tussen de Belgische Regering en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland voor de regeling van het vraagstuk der verwijdering van personen uit de Bondsrepubliek Duitsland naar België en van België naar de Bondsrepubliek Duitsland, gesloten bij notawisseling van 23 oktober 1952;

  • b)

    de Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de Regering van het Groothertogdom Luxemburg inzake het overnemen van personen aan de grens, gesloten bij notawisseling van 26 september 1957;

  • c)

    de Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden inzake de vergemakkelijking van het overnemen van personen aan de grens, gesloten bij notawisseling van 19 september/10 oktober 1958.

Artikel

17

Artikel

18

GEDAAN te Bonn, op 17 mei 1966 in vier exemplaren, elk in de Duitse, de Franse en de Nederlandse taal, zijnde de drie teksten gelijkelijk authentiek.