Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Republiek van Tanzania inzake technische samenwerking

Agreement concerning technical co-operation between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the United Republic of Tanzania

The Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the United Republic of Tanzania,

Desirous of strengthening the ties of friendship existing between their nations and of promoting the good relations between their countries generally,

Recognizing that it is in the interest of both Parties to promote scientific, economic and social progress in their countries to the best of their ability and that an arrangement for technical co-operation would substantially contribute to that aim,

Considering that it would be useful to create a general framework within which such technical co-operation could be realized,

Have agreed as follows:

Article

1

The two Governments shall promote technical co-operation between their countries as far as their financial and material possibilities and the personnel at their disposal permit.

Article

2

Article

3

When technical co-operation as referred to in paragraph 1 of Article 2 has been decided upon and, in consequence, experts are made available, fellowships are granted or technical co-operation on a broader scale is initiated, the methods to be employed and the conditions to be observed shall, in each individual case, be decided in joint consultation by administrative arrangements, in accordance with the principles embodied in the present Agreement.

Article

4

Article

5

The provisions of Article 4 shall likewise be applicable to the importation and exportation of equipment, demonstration material and other goods required by the experts for the performance of their task or forming part of material made available in cases of technical co-operation on a broader scale, it being understood that the importation of such material into the receiving country shall at all time be permitted.

Article

6

As regards contingencies for which this Agreement does not provide, the two Governments shall, in each individual case, decide by administrative arrangement which facilities relating to the assignment of experts and the execution of projects which are embodied in the “Model Text of Agreement concerning Assistance from the United Nations Special Fund” that is valid at the moment the administrative arrangement is made, shall be declared operative.

Article

7

The Agreement shall enter into force on the day on which the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the United Republic of Tanzania have informed each other in writing that the procedures constitutionally required in their respective countries have been complied with.

The present Agreement shall be valid for a term of five years. Unless either of the Contracting Parties gives notice in writing not less than six months before expiry of the current period, it shall be deemed to have been tacitly extended for further terms of three years.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned have signed the present Agreement.

DONE at The Hague, this twenty-seventh day of April 1965, in the English language, in two originals.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands:

(sd.) Th. H. BOT

For the Government of the United Republic of Tanzania:

(sd.) P. BOMANI

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Republiek van Tanzania inzake technische samenwerking

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Republiek van Tanzania,

Verlangende, de tussen hun volken bestaande vriendschapsbanden nauwer aan te halen en in het algemeen de goede betrekkingen tussen hun landen uit te breiden,

Erkennende, dat het in beider belang is wederzijds de wetenschappelijke, economische en sociale vooruitgang naar vermogen te bevorderen en dat een regeling van de technische samenwerking daartoe een belangrijke bijdrage vormt,

Overwegende dat hiertoe bevorderlijk kan zijn het scheppen van een algemeen kader, waarbinnen zulke technische samenwerking kan worden tot stand gebracht,

Komen het volgende overeen:

Artikel

1

De beide Regeringen zullen wederzijds binnen de ten dienste staande financiële, personele en materiële mogelijkheden, de technische samenwerking tussen beider landen bevorderen.

Artikel

2

Artikel

3

Wanneer tot technische samenwerking als bedoeld in het eerste lid van artikel 2 wordt besloten en dientengevolge deskundigen worden beschikbaar gesteld, fellowships verleend of tot meer uitgebreide vormen van technische samenwerking wordt overgegaan, zullen, in overeenstemming met de beginselen nedergelegd in deze Overeenkomst, de wijze waarop en de voorwaarden waaronder zulks zal geschieden van geval tot geval in gemeenschappelijk overleg nader worden geregeld in administratieve akkoorden.

Artikel

4

Artikel

5

Voor de invoer en de uitvoer van apparatuur, demonstratiemateriaal en andere goederen, nodig voor het vervullen van de taak van de deskundigen of welke deel uitmaken van het materiaal, dat in gevallen van uitgebreide technische samenwerking beschikbaar wordt gesteld, is het in artikel 4 bepaalde eveneens van toepassing, met dien verstande dat de invoer in het ontvangende land te allen tijde kan geschieden.

Artikel

6

Voor de gevallen waarin deze Overeenkomst niet voorziet, zullen de beide Regeringen van geval tot geval bij administratief akkoord vaststellen welke faciliteiten, vervat in de „Model Text of Agreement concerning Assistance from the United Nations Special Fund”, geldig op het moment van het sluiten van het administratief akkoord, met betrekking tot het beschikbaar stellen van deskundigen en het uitvoeren van projecten van toepassing worden verklaard.

Artikel

7

De Overeenkomst treedt in werking op de dag waarop de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Republiek van Tanzania elkaar schriftelijk kennis hebben gegeven, dat in hun beide landen aan de vereiste grondwettelijke procedures is voldaan.

Deze Overeenkomst geldt voor een periode van vijf jaar. Zij wordt geacht stilzwijgend te zijn verlengd, telkens voor een periode van drie jaar, indien zij niet door een der Partijen schriftelijk is opgezegd uiterlijk zes maanden voor het einde van de lopende periode.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN te 's-Gravenhage, de zevenentwintigste april 1965, in de Engelse taal, in tweevoud.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden:

(w.g.) Th. H. BOT

Voor de Regering van de Verenigde Republiek van Tanzania:

(w.g.) P. BOMANI