Financieel Protocol bij de op 12 september 1963 te Ankara ondertekende Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en Turkije

Financieel Protocol

Zijne Majesteit de Koning der Belgen,

De President van de Bondsrepubliek Duitsland,

De President van de Franse Republiek,

De President van de Italiaanse Republiek,

Zijne Koninklijke Hoogheid de Groothertog van Luxemburg,

Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden,

en de Raad van de Europese Gemeenschappen, enerzijds, en

de President van de Republiek Turkije, anderzijds,

Verlangende de versnelde ontwikkeling van de Turkse economie te bevorderen ten einde het nastreven van de doelstellingen van de Overeenkomst waarbij een Associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije, te vergemakkelijken,

Hebben als hun gevolmachtigden aangewezen:

Zijne Majesteit de Koning der Belgen:

de heer Pierre Harmel,

Minister van Buitenlandse Zaken;

De President van de Bondsrepubliek Duitsland:

de heer Walter Scheel,

Minister van Buitenlandse Zaken;

De President van de Franse Republiek:

de heer Maurice Schumann,

Minister van Buitenlandse Zaken;

De President van de Italiaanse Republiek:

de heer Mario Pedini,

Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken;

Zijne Koninklijke Hoogheid de Groothertog van Luxemburg:

de heer Gaston Thorn,

Minister van Buitenlandse Zaken;

Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden:

de heer J. M. A. H. Luns,

Minister van Buitenlandse Zaken;

De Raad van de Europese Gemeenschappen:

de heer Walter Scheel,

Fungerend Voorzitter van de Raad van de Europese Gemeenschappen;

de heer Franco Maria Malfatti,

Voorzitter van de Commissie van de Europese Gemeenschappen;

De President van de Republiek Turkije:

de heer Ihsan Sabri Çaglayangil,

Minister van Buitenlandse Zaken;

Die, na overlegging van hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten,

Overeenstemming hebben bereikt omtrent de volgende bepalingen, die aan de Associatieovereenkomst worden gehecht,

Artikel

1

In het kader van de Associatie tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije neemt de Gemeenschap op de wijze, vermeld in dit Protocol, deel aan de maatregelen ter bevordering van de ontwikkeling van Turkije, in aanvulling op hetgeen door dit land zelf wordt verricht.

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Gedurende de gehele looptijd van de leningen verplicht Turkije zich ertoe om de nodige deviezen voor rentebetaling, commissieloon en aflossing op de leningen ter beschikking te stellen van de debiteuren aan wie deze leningen worden verstrekt.

Artikel

8

De in het kader van dit Protocol verleende bijstand voor de tenuitvoerlegging van bepaalde projecten kan de vorm aannemen van deelneming in financieringen waaraan met name derde Staten, internationale financiële instellingen dan wel autoriteiten en instellingen op het gebied van kredietverlening en ontwikkeling van Turkije of van de Lid-Staten der Gemeenschap, deelnemen.

Artikel

9

Artikel

10

Een jaar voor het verstrijken van dit Protocol, onderwerpen de Overeenkomstsluitende Partijen de bepalingen die op het gebied van de financiële bijstand voor een nieuwe periode eventueel kunnen worden vastgesteld, aan een onderzoek.

Artikel

12

Artikel

13

Dit Protocol is opgesteld in twee exemplaren, in de Duitse, de Franse, de Italiaanse, de Nederlandse en de Turkse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder dit Financieel Protocol hebben gesteld.

GEDAAN te Brussel, de drieëntwintigste november negentienhonderd zeventig.