Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Unie van Socialistische Sovjet Republieken betreffende luchtdiensten

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Unie van Socialistische Sovjet Republieken betreffende luchtdiensten

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Unie van Socialistische Sovjet Republieken,

Geleid door de wens een overeenkomst te sluiten teneinde luchtdiensten in te stellen,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Artikel

2

Voor de veilige exploitatie van de overeengekomen diensten zullen overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst en de daarbij behorende Bijlage II regelingen worden getroffen. De bepalingen van Bijlage II kunnen van tijd tot tijd door schriftelijke overeenstemming tussen de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen worden gewijzigd.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Elke Overeenkomstsluitende Partij verleent aan de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij het recht om binnen het grondgebied van eerstgenoemde Overeenkomstsluitende Partij het aantal technische, operationele en commerciële employés te hebben, dat de maatschappij in verband met de exploitatie van de overeengekomen diensten nodig heeft, en zij zal alle maatregelen en faciliteiten toestaan, welke deze employés voor de doeltreffende uitvoering van hun werk (zoals kantoren, huisvesting, auto's en bussen, rijbewijzen, telefoon, water, elektriciteit en gas), nodig hebben.

Artikel

9

Elke Overeenkomstsluitende Partij zal de voorziening tegen een redelijke prijs verzekeren, of de invoer in haar grondgebied vergemakkelijken, van vliegtuigbenzine van de waarde, kwaliteit en specificatie zoals verlangd door de luchtvaartmaatschappij van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

Artikel

10

De luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen zullen samenwerken ten aanzien van alles wat noodzakelijk is om een veilige en doeltreffende exploitatie van de overeengekomen diensten te verzekeren, en zullen gezamenlijk overleg plegen in geval zich enige moeilijkheid voordoet bij de exploitatie daarvan.

Artikel

11

Artikel

12

Indien een der aangewezen luchtvaartmaatschappijen zich in de onmogelijkheid bevindt om een overeengekomen dienst naar het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij te exploiteren tengevolge van de weigering of intrekking van de noodzakelijke rechten door een derde staat, kan van de andere aangewezen luchtvaartmaatschappij worden verlangd, dat zij haar diensten naar het grondgebied van de eerste Overeenkomstsluitende Partij opschort of niet opent voor de duur van zodanige weigering of intrekking.

Artikel

13

Aanvullende en niet-geregelde vluchten met luchtvaartuigen welke toebehoren aan de aangewezen luchtvaartmaatschappij van een der Overeenkomstsluitende Partijen, kunnen worden uitgevoerd na rechtstreeks verzoek van de luchtvaartmaatschappij aan de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij. Zodanige verzoeken zullen tenminste 24 uren voor het vertrek van het luchtvaartuig worden ingediend.

Artikel

14

Deze Overeenkomst zal voorlopig in werking treden op de datum van haar ondertekening; zij zal definitief in werking treden op een datum, vast te leggen bij een notawisseling waarin wordt vermeld, dat de krachtens de nationale wetgeving van de Overeenkomstsluitende Partijen vereiste formaliteiten zijn vervuld. Zij zal van kracht blijven tot zes maanden na de ontvangst door een Overeenkomstsluitende Partij van een mededeling waarin het voornemen wordt uitgedrukt om haar te beëindigen, afgegeven door de andere Overeenkomstsluitende Partij.

Voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden zal de Overeenkomst slechts van toepassing zijn op het grondgebied in Europa.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gevolmachtigd, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN in tweevoud te 's-Gravenhage, de zeventiende dag van juni 1958, in de Nederlandse, de Russische en de Engelse taal, zijnde de drie teksten gelijkelijk gezaghebbend.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

(w.g.) W. DREES

Voor de Regering van de Unie van Socialistische Sovjet Republieken

(w.g.) ZJIGAREW

Bijlage

I

Tabel I:

Routes te vliegen door Aeroflot:

  • 1.

    Moskou-Amsterdam v.v.

    • a.

      op een directe vlucht;

    • b.

      via een of meer tussenliggende punten op Pools, Deens of Duits grondgebied, met de toestemming van de betrokken landen.

  • 2.

    Moskou-Brussel, Parijs v.v. zonder tussenlanding of via Amsterdam voor technische landingen.

Tabel II:

Routes te vliegen door de K.L.M.:

  • 1.

    Amsterdam-Moskou v.v.

    • a.

      op een directe vlucht;

    • b.

      via een of meer van de volgende tussenliggende punten:

      • -

        Warschau

      • -

        Hamburg of Bremen of Hannover

      • -

        Berlijn

      • -

        Kopenhagen

      met de toestemming van de betrokken landen.

  • 2.

    K.L.M. luchtvaartuigen mogen over Sovjet grondgebied vliegen tussen de punten Staryava en Hust op een route van Amsterdam via tussenliggende punten naar Warschau en vandaar naar Boekarest en verderliggende punten.

Noot:

Een of meer van de bovenvermelde punten mag, naar verkiezing van de K.L.M., op enige of alle vluchten worden overgeslagen. De K.L.M. mag technische landingen maken te Riga of Wilna.

Bijlage

II

Algemeen

1. De Overeenkomstsluitende Partijen nemen op zich alle nodige maatregelen te treffen om een veilige en doeltreffende uitvoering van de overeengekomen diensten te verzekeren. Hiertoe zal elke Overeenkomstsluitende Partij ten dienste van de luchtvaartuigen van de luchtvaartmaatschappij die door de andere Overeenkomstsluitende Partij is aangewezen alle diensten op het gebied van radio, verlichting, technische uitrusting, meteorologie en dergelijke, welke nodig zijn om de overeengekomen diensten uit te voeren, ter beschikking stellen.

2. De inlichtingen en de hulp welke overeenkomstig de bepalingen van deze Bijlage door elke Overeenkomstsluitende Partij worden verschaft, zullen aan de redelijk te stellen eisen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij voldoen.

Verstrekking van inlichtingen

3. De door elke Overeenkomstsluitende Partij te verschaffen inlichtingen zullen omvatten bijzonderheden betreffende de voor de overeengekomen diensten te gebruiken luchtvaartterreinen en de uitwijkhavens, de routes welke binnen het grondgebied van die Overeenkomstsluitende Partij moeten worden gevolgd, de beschikbare radio en andere navigatie hulpmiddelen, en andere faciliteiten en procedures op het gebied van de verkeersleiding.

4. De inlichtingen zullen mede omvatten alle terzake dienende meteorologische informaties welke vóór en gedurende vluchten op de overeengekomen diensten ter beschikking moeten worden gesteld. De luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen zullen elkaar op de hoogte stellen van de codes welke voor de verzending van meteorologische berichten worden gebruikt en zij zullen afspraken maken omtrent een passende geldigheidsduur van meteorologische verwachtingen, daarbij rekening houdende met de dienstregelingen welke voor de overeengekomen diensten zijn vastgesteld.

5. De luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen zullen voorzien in een doorlopende dienst om de inlichtingen welke volgens lid 3 en lid 4 van deze Bijlage worden verstrekt, steeds actueel te houden en onmiddellijk te waarschuwen, wanneer wijzigingen plaats vinden. Dit zal geschieden in de vorm van NOTAMS1)Onder een NOTAM wordt verstaan een „Notice to Airmen” („Bericht voor Luchtvarenden”)., welke via de radio, per telex of per post worden verzonden, dit laatste echter alleen indien aan de geadresseerde tijdig van tevoren kennis kan worden gegeven. NOTAMS welke via de radio of per telex worden verzonden, zullen worden overgebracht in de Internationale NOTAM-code; gedrukte NOTAMS, welke per post worden verzonden, zullen worden verschaft in de Russische of de Engelse taal.

Vliegplannen en verkeersleidingsprocedures

6. De bemanningen van luchtvaartuigen welke op de overeengekomen diensten worden gebezigd door de luchtvaartmaatschappij aangewezen door een Overeenkomstsluitende Partij, zullen volledig op de hoogte zijn van de verkeersleidingsprocedures gebruikt door de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

7. De luchtvaartautoriteiten van elke Overeenkomstsluitende Partij zullen vóór iedere vlucht de bemanningen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij schriftelijk inlichten omtrent de omstandigheden op de route en zonodig deze inlichtingen mondeling aanvullen. Deze inlichtingen vóór de vlucht zullen inhouden informaties omtrent de toestand van de luchtvaartterreinen, de navigatiehulpmiddelen welke voor de uitvoering van de vlucht nodig zijn, alsmede verklaringen omtrent de weerstoestand op dat ogenblik op de gehele route en op de plaats van bestemming en de weersverwachting voor de plaats van bestemming.

8. Vóór iedere vlucht zal de gezagvoerder van het luchtvaartuig een vliegplan ter goedkeuring indienen bij de verkeersleidingsautoriteiten in het land waar de vlucht begint. De vlucht zal worden uitgevoerd overeenkomstig het goedgekeurde vliegplan. In het vliegplan zullen geen wijzigingen worden aangebracht dan met toestemming van de betrokken verkeersleidingsautoriteiten, tenzij zich noodgevallen voordoen waarbij onmiddellijk optreden is vereist; in zodanige gevallen zullen de desbetreffende verkeersleidingsautoriteiten zo spoedig mogelijk omtrent de wijziging in het vliegplan worden ingelicht.

9. De gezagvoerder van het luchtvaartuig zal ervoor zorgdragen, dat een voortdurende luisterdienst op de radiofrequenties van de desbetreffende verkeersleidingsinstanties wordt onderhouden en dat onmiddellijk op de frequenties van die autoriteiten kan worden uitgezonden.

10. Tenzij hieromtrent anders wordt overeengekomen tussen de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen, zal de communicatie tussen luchtvaartuigen en verkeersleidingsautoriteiten plaats vinden door middel van radiotelefonie, in het Russisch of Engels wanneer gewerkt wordt met stations in de Sovjet Unie en in het Engels of Russisch wanneer gewerkt wordt met stations in Nederland. Als communicatie door middel van radiotelefonie onmogelijk is, zal door middel van radiotelegrafie worden gewerkt, waarbij gebruik wordt gemaakt van de internationale Q-code.

Uitrusting van luchtvaartuigen

11. De luchtvaartuigen, gebezigd op de overeengekomen diensten door de luchtvaartmaatschappij, aangewezen door elke Overeenkomstsluitende Partij, zullen voor zover mogelijk zodanig zijn uitgerust, dat zij gebruik kunnen maken van het „Instrumental Landing System” en van een of meer daartoe geëigende navigatiehulpmiddelen welke op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij ter beschikking staan.

12. De luchtvaartuigen, gebezigd op de overeengekomen diensten, zullen zijn uitgerust met radioapparatuur voor het onderhouden van de communicatie met de betrokken verkeersleidingsautoriteiten en met hulpmiddelen voor een veilige nadering van een luchtvaartterrein.

Vlucht- en Verkeersleidingsprocedures

13. Voor de doeleinden van deze Bijlage zullen de vlucht-, verkeersleidings- en andere procedures, welke binnen het grondgebied van elke Overeenkomstsluitende Partij van kracht zijn, toepassing vinden.

Internationale normen

14. In beginsel zullen voor de in deze Bijlage omschreven doeleinden de normen, procedures en codes worden gebruikt, welke door de Internationale Burgerlijke Luchtvaart Organisatie (ICAO) (en, waar toepasselijk, de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO)) zijn vastgesteld of aanbevolen.

Telex faciliteiten

15. Voor de uitwisseling van inlichtingen welke noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de overeengekomen diensten, met inbegrip van de verzending van NOTAMS, en voor verkeersleidingsdoeleinden, zullen de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen een directe tweezijdige radio- of kabelverbinding tot stand brengen tussen de op de grondgebieden van de Overeenkomstsluitende Partijen gelegen eindpunten van de overeengekomen diensten.

Kosten en heffingen

16. De kosten en heffingen te betalen voor het gebruik binnen het grondgebied van elk van de Overeenkomstsluitende Partijen van luchthavens, installaties en technische hulpmiddelen zullen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij worden geheven overeenkomstig de tarieven en heffingen welke officieel vastgesteld en van kracht zijn in dat grondgebied.

Nr.

II

MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN

's-Gravenhage, 17 juni 1958.

Hoogedelgestrenge Heer,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uwer Excellenties Nota van heden van de volgende inhoud:

„Met verwijzing naar de ondertekening van de Luchtvaartovereenkomst tussen de Regering van de U.S.S.R. en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, welke vandaag heeft plaats gehad, heb ik de eer de volgende tussen ons overeengekomen regelingen te bevestigen.

  • 1a.

    Alle verrekeningen tussen de luchtvaartmaatschappijen, aangewezen door de Overeenkomstsluitende Partijen, met betrekking tot de exploitatie van de overeengekomen diensten zullen plaats hebben overeenkomstig de tussen de U.S.S.R. en Nederland van kracht zijnde betalingsovereenkomst.

  • 1b.

    Aeroflot en de K.L.M. zullen gerechtigd zijn om de bedragen welke hun toekomen ingevolge de wederzijds overeengekomen betalingen, naar hun hoofdkantoren over te maken; genoemde bedragen zullen worden overgemaakt in guldens tegen de officiële wisselkoers. Deze bedragen zullen vrij mogen worden overgemaakt en zullen niet onderworpen zijn aan enige belasting, noch zullen zij onderworpen zijn aan enige andere beperking.

  • 1c.

    Bij de aankoop van plaatsbewijzen zullen de passagiers vrij zijn om vluchten van Aeroflot of de K.L.M. te kiezen en ongeacht hun nationaliteit of burgerschap zullen zij vrij zijn plaatsbewijzen te kopen tegen roebels in de Sovjet Unie of tegen guldens in Nederland. De bovenbedoelde regelingen zullen ook van toepassing zijn ten aanzien van vracht.

  • 2.

    De vertegenwoordigers, alsmede de bemanningen van de luchtvaartuigen van de luchtvaartmaatschappijen aangewezen door de Overeenkomstsluitende Partijen moeten de nationaliteit bezitten van de Overeenkomstsluitende Partijen. Het zal de K.L.M. zijn toegestaan om als bemanningsleden op haar vluchten op de overeengekomen diensten niet alleen personen te werk te stellen die de nationaliteit bezitten van de Overeenkomstsluitende Partijen, doch ook personen die de nationaliteit bezitten van die staten wier luchtvaartuigen ook vluchten naar de U.S.S.R. uitvoeren op grond van de bepalingen van luchtvaartovereenkomsten.

  • 3.

    Op verzoek van de luchtvaartautoriteiten van Nederland zal tijdelijk een Engelse vertaling worden gevoegd bij de NOTAMS 1) Onder een NOTAM wordt verstaan een „Notice to Airmen” („Bericht voor Luchtvarenden”). welke haar worden verschaft.

  • 4.

    Het is wel verstaan, dat het de K.L.M. is toegestaan, passagiers, vracht en post aan boord gekomen in Hamburg (of Bremen of Hannover) en bestemd voor Moskou en v.v. te vervoeren.

Indien de Nederlandse Regering instemt met de bovenvermelde regelingen, heb ik de eer voor te stellen, dat deze Nota en Uwer Excellenties antwoord daarop zullen worden beschouwd te dezer zake een overeenkomst te vormen tussen onze beide Regeringen.”

Ik heb de eer Uwer Excellentie mede te delen, dat de Nederlandse Regering instemt met de inhoud van bovenstaande Nota en Uwer Excellenties Nota en dit antwoord beschouwt te dezer zake een overeenkomst te vormen tussen onze beide Regeringen.

Gelief, Hoogedelgestrenge Heer, de hernieuwde verzekering mijner zeer bijzondere hoogachting te aanvaarden.

(w.g.) W. DREES

Minister van Buitenlandse Zaken

a.i. van het Koninkrijk der Nederlanden

Zijner Excellentie P. F. Zjigarew,

Hoofd van de Sovjet Regeringsdelegatie,

Hoofdmaarschalk der Luchtmacht,

's-Gravenhage.