Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Zuid-Afrika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek van Zuid-Afrika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek van Zuid-Afrika;

De wens koesterende een Overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen;

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK

I

REIKWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST

Artikel

1

Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is

Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten.

Artikel

2

Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is

HOOFDSTUK

II

BEGRIPSBEPALINGEN

Artikel

3

Algemene begripsbepalingen

Artikel

4

Fiscale woonplaats

Artikel

5

Vaste inrichting

HOOFDSTUK

III

BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN

Artikel

6

Inkomsten uit onroerende goederen

Artikel

7

Winst uit onderneming

Artikel

8

Zeevaart en luchtvaart

Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen.

Artikel

9

Gelieerde ondernemingen

Indien:

  • a)

    een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van, aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat, of

  • b)

    dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van, aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat,

en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in haar handelsbetrekkingen of financiële betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd, die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen, mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen, maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen, worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast.

Artikel

10

Dividenden

Artikel

11

Interest

Artikel

12

Royalty's

Artikel

13

Beperking van de artikelen 10, 11 en 12

Internationale organisaties, hun organen en functionarissen, alsmede personen die deel uitmaken van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat, die zich op het grondgebied van een van de Staten bevinden, hebben in de andere Staat geen recht op de verminderingen of vrijstellingen van belasting voorzien in de artikelen 10, 11 en 12, met betrekking tot uit die andere Staat afkomstige dividenden, interest en royalty's, indien die inkomsten in de eerstbedoelde Staat niet aan een belasting naar het inkomen zijn onderworpen.

Artikel

14

Vermogenswinsten

Artikel

15

Zelfstandige arbeid

Artikel

16

Niet-zelfstandige arbeid

Artikel

17

Bestuurders- en commissarissenbeloningen

Artikel

18

Artiesten en sportbeoefenaars

Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 15 en 16 mogen voordelen of inkomsten, verkregen door beroepsartiesten, zoals toneelspelers, film-, radio- of televisieartiesten en musici, alsmede door sportbeoefenaars, uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig, worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden worden verricht.

Artikel

19

Pensioenen

Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 20, eerste lid, zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een van de Staten ter zake van een vroegere dienstbetrekking, slechts in die Staat belastbaar.

Artikel

20

Overheidsfuncties

Artikel

21

Professoren en leraren

Vergoedingen die een professor of leraar, die inwoner is van een van de Staten en die in de andere Staat verblijft met het doel gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar onderwijs te geven aan een universiteit, hogeschool of andere onderwijsinrichting in die andere Staat, voor dat onderwijs ontvangt, zijn slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar.

Artikel

22

Studenten

Betalingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner van een van de Staten is of vroeger was en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de andere Staat verblijft, ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud, studie of opleiding, zijn in die andere Staat niet belastbaar, mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die andere Staat.

Artikel

23

Overige inkomsten

Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een van de Staten, die niet uitdrukkelijk in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn vermeld, zijn slechts in die Staat belastbaar.

HOOFDSTUK

IV

WIJZE VAN VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING

Artikel

24

HOOFDSTUK

V

BIJZONDERE BEPALINGEN

Artikel

25

Non-discriminatie

Artikel

26

Regeling voor onderling overleg

Artikel

27

Uitwisseling van inlichtingen

Artikel

28

Diplomatieke en consulaire ambtenaren

De bepalingen van deze Overeenkomst tasten in geen enkel opzicht de fiscale voorrechten aan die diplomatieke of consulaire ambtenaren en beambten ontlenen aan de algemene regelen van het volkenrecht of aan de bepalingen van bijzondere overeenkomsten.

Artikel

29

Uitvoeringsvoorschriften

De bevoegde autoriteiten van elk van de Staten kunnen, in overeenstemming met het gebruik van die Staat, uitvoeringsvoorschriften vaststellen die nodig zijn om de bepalingen van deze Overeenkomst uit te voeren.

Artikel

30

Opschorting van de scheepvaartovereenkomst van 1954

De Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Unie van Zuid-Afrika tot stand gekomen bij de notawisseling, gedagtekend 22 April 1954, ter vermijding van dubbele belasting van inkomsten en winsten uit zee- en luchtvervoer is niet van toepassing voor jaren of tijdvakken waarvoor de onderhavige Overeenkomst toepassing vindt.

HOOFDSTUK

VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel

31

Inwerkingtreding

Artikel

32

Beëindiging

Deze Overeenkomst blijft van kracht totdat zij door een van de Staten is opgezegd. Elk van de Staten kan de Overeenkomst langs diplomatieke weg opzeggen door ten minste zes maanden voor het einde van enig kalenderjaar na het jaar 1972 een kennisgeving van beëindiging te zenden.

In dat geval houdt de Overeenkomst op van toepassing te zijn:

  • a)

    in Nederland:

    • (i)

      met betrekking tot de dividendbelasting, op dividenden die op of na 1 januari van het kalenderjaar volgend op dat waarin de kennisgeving is gedaan, betaalbaar zijn; en

    • (ii)

      met betrekking tot andere belastingen, voor belastingjaren en -tijdvakken, die na het einde van het kalenderjaar waarin de kennisgeving is gedaan, aanvangen;

  • b)

    in Zuid-Afrika:

    • (i)

      met betrekking tot belastingen naar het inkomen, voor belastingjaren die op of na 1 maart van het kalenderjaar volgend op dat waarin de kennisgeving is gedaan, aanvangen;

    • (ii)

      met betrekking tot de non-resident shareholders' tax (belasting van buitenlandse aandeelhouders), op dividenden die op of na 1 januari van het kalenderjaar volgend op dat waarin de kennisgeving is gedaan, betaalbaar zijn; en

    • (iii)

      met betrekking tot de non-residents' tax on interest (interestbelasting van buitenlanders), op interest die op of na 1 januari van het kalenderjaar volgend op dat waarin de kennisgeving is gedaan, betaalbaar zijn.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gemachtigd, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN in tweevoud de 15de maart 1971 te Kaapstad in de Nederlandse, de Engelse en de Afrikaanse taal, zijnde deze teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden:

(w.g.) HOOGENDOORN

Voor de Regering van de Republiek van Zuid-Afrika:

(w.g.) H. MULLER

Protocol

Bij de ondertekening van de Overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen, heden tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek van Zuid-Afrika gesloten, zijn de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gevolmachtigd, overeengekomen dat de volgende bepalingen een integrerend deel van de Overeenkomst vormen.

I

Ad artikel 4

Een natuurlijke persoon die aan boord van een schip woont zonder een werkelijke woonplaats in een van de Staten te hebben, wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar het schip zijn thuishaven heeft.

II

Ad artikelen 10, 11 en 12

Verzoeken om teruggaaf van belasting die in strijd met de bepalingen van de artikelen 10, 11 en 12 is geheven, moeten bij de bevoegde autoriteit van de Staat die de belasting heeft geheven, worden ingediend binnen een tijdvak van drie jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de belasting is geheven.

III

Ad artikel 20

De diensten van werknemers van de South African Tourist Corporation worden beschouwd als te zijn bewezen in de uitoefening van overheidsfuncties en niet in het kader van een op winst gericht bedrijf.

IV

Ad artikel 24

Het is wel te verstaan dat, voor wat de Nederlandse inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting betreft, de grondslag bedoeld in artikel 24, eerste lid, is het onzuivere inkomen of de winst in de zin van de Nederlandse wetten op de inkomstenbelasting, onderscheidenlijk de vennootschapsbelasting.

V

Ad artikel 27

De verplichting tot het uitwisselen van inlichtingen strekt zich niet uit tot inlichtingen die verkregen zijn van banken of van daarmede gelijkgestelde instellingen. De uitdrukking „daarmede gelijkgestelde instellingen” omvat mede verzekeringsmaatschappijen.

GEDAAN in tweevoud de 15de maart 1971 te Kaapstad in de Nederlandse, de Engelse en de Afrikaanse taal, zijnde deze teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden:

(w.g.) HOOGENDOORN

Voor de Regering van de Republiek van Zuid-Afrika:

(w.g.) H. MULLER