Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland betreffende de coproductie van films

Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland betreffende de coproductie van films

Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland betreffende de coproductie van films

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland,

Hierna te noemen „de verdragsluitende partijen”,

Zich ervan bewust dat audiovisuele coproducties een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de Europese filmindustrie alsmede aan de bevordering van de economische en culturele uitwisseling tussen de beide landen,

Geleid door de wens de coproductie van films die bevorderlijk kunnen zijn voor het maken van films in beide landen met name in het kader van de bilaterale betrekkingen te stimuleren,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

De coproducenten van in het kader van dit Verdrag geproduceerde films dienen hun zetel of een vestiging op het grondgebied van een van de verdragsluitende partijen te hebben.

Artikel

5

De voor een coproductie beoogde voordelen worden toegekend aan de coproducenten die worden geacht te beschikken over de juiste technische en financiële organisatie alsmede over toereikende professionele kwalificaties en ervaring.

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Er dient een balans te worden gehandhaafd, zowel qua acteren en artistieke betrokkenheid als qua financiële en technische deelname van de beide landen (studio’s, laboratoria en postproductie). De overeenkomstig artikel 14 ingestelde gemengde commissie controleert of dit evenwicht wordt gehandhaafd.

Artikel

10

Om aanspraak te kunnen maken op de subsidies uit hoofde van dit Verdrag, dient het originele negatief of het voor kopiëren geschikte originele negatief van een in het kader van dit Verdrag tot stand gekomen film eigendom te zijn van de betrokken coproducenten gezamenlijk. Elke coproducent heeft het recht de voor de exploitatie in zijn eigen land benodigde kopieën te vervaardigen.

Artikel

11

In de openingstitels en aftiteling en het pr-materiaal van de film dient vermeld te worden dat het een Duits-Nederlandse respectievelijk Nederlands-Duitse coproductie betreft.

Artikel

12

De verdeling van de opbrengsten geschiedt in principe naar rato van de financiële deelname van elke coproducent. Indien met redenen omkleed kunnen daarbij ook bijdragen op acteer-, artistiek en technisch gebied in aanmerking worden genomen.

Artikel

13

Artikel

14

Artikel

15

GEDAAN te Berlijn, op 7 februari 2015, in tweevoud, in de Duitse en de Nederlandse taal, waarbij de twee teksten gelijkelijk authentiek zijn.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

JET BUSSEMAKER

Voor de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland,

ANDREAS GÖRGEN

MONIKA GRÜTTERS