Artikel
1
Voor de toepassing van dit Akkoord wordt verstaan onder:
-
a)
Verordening: de Verordening (E.E.G.) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen.
-
b)
Toepassingsverordening: de Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 maart 1972 tot vaststelling van de wijze van toepassing van de Verordening.
-
c)
Bevoegd orgaan: de voor België en Nederland blijkens bijlage 2 van de Toepassingsverordening terzake van verstrekkingen aangewezen organen voor ziekte en moederschap.
-
d)
Bevoegde staat: de staat op het grondgebied waarvan het bevoegde orgaan zich bevindt.
-
e)
Orgaan van de woonplaats: de voor België en Nederland blijkens bijlage 3 van de Toepassingsverordening terzake van verstrekkingen aangewezen organen voor ziekte en moederschap.
-
f)
Werknemer, zelfstandige, grensarbeider, seizoenarbeider en gezinslid: onderscheidenlijk de werknemer, zelfstandige, grensarbeider, seizoenarbeider en het gezinslid in de zin van de Verordening.
-
g)
Technische Commissie: de commissie bedoeld in artikel 16 van dit Akkoord.
-
h)
Verstrekkingen:
-
-
voor Nederland: de verstrekkingen krachtens de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
-
-
voor België: de verstrekkingen in natura krachtens de Wet van 9 augustus 1963 tot instelling en organisatie van een regeling voor verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, eveneens verruimd tot de zelfstandigen bij Koninklijk besluit van 30 juli 1964, alsmede krachtens het Koninklijk besluit van 24 oktober 1936 houdende wijziging en samenordening van de statuten van de Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden onder Belgische Vlag.
-
-
-
i)
Schepeling: de werknemer in de koopvaardij, met inbegrip van de kapitein.