Artikel
1
Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
-
a.
„veroordeling”: elke straf of vrijheidsbenemende maatregel wegens een strafbaar feit opgelegd door een rechter;
-
b.
„vonnis”: een beslissing of bevel van een rechter waarbij een veroordeling wordt uitgesproken;
-
c.
„gevonniste persoon”: een persoon die bij onherroepelijk vonnis is veroordeeld door een rechter van een van de Partijen en zijn veroordeling ondergaat in de Staat van veroordeling;
-
d.
„de Staat van veroordeling”: de Staat waarin veroordeling is uitgesproken. Met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden wordt onder de Staat van veroordeling verstaan: Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten, al naargelang in welk van die delen van het Koninkrijk de veroordeling heeft plaatsgevonden;
-
e.
„de Staat van tenuitvoerlegging”: de Staat waarnaar de gevonniste persoon kan worden of reeds is overgebracht, teneinde zijn veroordeling te ondergaan. Met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden wordt onder de Staat van tenuitvoerlegging verstaan: Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten, al naargelang in welk van die delen van het Koninkrijk de gevonniste persoon zijn hoofdverblijf heeft, tenzij dit Verdrag anders bepaalt;
-
f.
het ministerie van Justitie: in de Dominicaanse Republiek, het Bureau van de Procureur-Generaal van de Republiek en in het Koninkrijk der Nederlanden het ministerie van Veiligheid en Justitie van Nederland, het ministerie van Justitie van Aruba, het ministerie van Justitie van Curaçao of het ministerie van Justitie van Sint Maarten, al naargelang in welk van die delen van het Koninkrijk de veroordeelde persoon zijn hoofdverblijf heeft of de veroordeling is uitgesproken.