Artikel
1
Definities en werkingssfeer
Tenzij uit de context anderszins blijkt, wordt in deze Overeenkomst verstaan onder:
-
1.
„Benelux-Staten”: het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden;
-
2.
„Partij”: de Republiek Suriname of de drie Benelux-Staten die gezamenlijk handelen;
-
3.
„Staat”: de Republiek Suriname of een van de Benelux-Staten;
-
4.
„grondgebied”:
-
–
voor de Republiek Suriname: het grondgebied van de Republiek Suriname;
-
–
voor de Benelux-Staten: het gezamenlijke grondgebied in Europa van de Benelux-Staten;
-
–
-
5.
„onregelmatig verblijvende persoon”: eenieder die niet of niet meer voldoet aan de geldende voorwaarden voor verblijf;
-
6.
„terug- en overname”: de verwijdering door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat en de toelating door de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat van een eigen onderdaan van de aangezochte Staat, respectievelijk van een onderdaan van een derde Staat, die niet of niet meer voldoet aan de voorwaarden voor verblijf op het grondgebied van de verzoekende Staat, onder de voorwaarden in deze Overeenkomst genoemd;
-
7.
„eigen onderdaan”: eenieder die de nationaliteit heeft van één der Benelux-Staten of van de Republiek Suriname;
-
8.
„derde Staat”: elke Staat die geen Benelux-Staat en niet de Republiek Suriname is;
-
9.
„onderdaan van een derde Staat”: eenieder die niet de nationaliteit heeft van één van de Benelux-Staten of van de Republiek Suriname;
-
10.
„verzoekende Staat”: de Staat op wiens grondgebied zich een onregelmatig verblijvende persoon bevindt en die om de terug- of overname van deze persoon dan wel zijn doorgeleiding verzoekt, onder de voorwaarden in deze Overeenkomst genoemd;
-
11.
„aangezochte Staat”: de Staat die wordt verzocht een onregelmatig verblijvende persoon op zijn grondgebied terug of over te nemen dan wel zijn doorgeleiding over zijn grondgebied toe te staan, onder de voorwaarden in deze Overeenkomst genoemd;
-
12.
„diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van de aangezochte Staat”: de bij de verzoekende Staat geaccrediteerde diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van de aangezochte Staat;
-
13.
„verblijfstitel”: een door de Staat afgegeven vergunning, ongeacht van welke aard, die een persoon recht geeft om op zijn grondgebied te verblijven. Hieronder valt niet de tijdelijke toelating tot verblijf met het oog op de behandeling van een verzoek om internationale bescherming of van een verzoek om een verblijfstitel.