Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds

Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds

Preambule

Het Koninkrijk België,

de Republiek Bulgarije,

de Tsjechische Republiek,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Republiek Estland,

Ierland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

de Republiek Kroatië,

de Italiaanse Republiek,

de Republiek Cyprus,

de Republiek Letland,

de Republiek Litouwen,

het Groothertogdom Luxemburg,

Hongarije,

de Republiek Malta,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Republiek Polen,

de Portugese Republiek,

Roemenië,

de Republiek Slovenië,

de Slowaakse Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

Verdragsluitende partijen bij het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, hierna „de lidstaten” genoemd,

en

de Europese Unie,

enerzijds,

en de Republiek Oezbekistan,

anderzijds,

hierna gezamenlijk „de Partijen” genoemd,

Gezien hun sterke banden en hun gemeenschappelijke waarden,

Gezien hun wens om de tot wederzijds voordeel strekkende samenwerking te versterken die is aangegaan met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds, ondertekend in Florence op 21 juni 1996,

Gezien hun wens om hun betrekkingen naar een hoger niveau te tillen om rekening te houden met de nieuwe politieke en economische realiteit en de voortgang van hun partnerschap,

Uiting gevend aan hun gemeenschappelijke voornemen om hun samenwerking inzake bilaterale, regionale en internationale kwesties van wederzijds belang op alle niveaus te consolideren, te verdiepen en te diversifiëren,

Opnieuw bevestigend dat zij vastbesloten zijn de bevordering, bescherming en uitvoering van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, de eerbiediging van de democratische beginselen, de rechtsstaat en goed bestuur te versterken,

Bevestigend dat zij gehecht zijn aan de beginselen die zijn neergelegd in het Handvest van de Verenigde Naties (hierna het „Handvest van de VN” genoemd), de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, aangenomen bij Resolutie A/RES/217 (III) A van de Algemene Vergadering van de VN op 10 december 1948, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (hierna „OVSE” genoemd), met name de Slotakte van Helsinki die op 1 augustus 1975 is aangenomen tijdens de Conferentie over veiligheid en samenwerking in Europa (hierna de „Slotakte van Helsinki van de OVSE” genoemd), het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, aangenomen bij Resolutie 2200A (XXI) van de Algemene Vergadering van de VN op 16 december 1966, het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten, aangenomen bij Resolutie 2200A (XXI) van de Algemene Vergadering van de VN op 16 december 1966, alsmede andere universele beginselen en normen van het internationale recht,

Herhalend dat zij vastbesloten zijn de internationale vrede en veiligheid actief te bevorderen en zich in te zetten voor effectief multilateralisme en de vreedzame regeling van geschillen, met name door samen te werken in het kader van de VN en de OVSE,

Gezien hun wens om de regelmatige politieke dialoog over bilaterale en internationale vraagstukken van wederzijds belang verder te ontwikkelen,

Gezien hun gehechtheid aan internationale verplichtingen ter bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens en de overbrengingsmiddelen daarvoor,

Gezien hun toezegging om de samenwerking op het gebied van justitie, vrijheid en veiligheid te versterken, onder meer bij de bestrijding van corruptie,

Gezien hun engagement om via hun samenwerking bij te dragen tot duurzame politieke, sociaal-economische en institutionele ontwikkeling,

Overwegende dat zij bereid zijn hun economische betrekkingen te versterken op basis van de beginselen van een vrijemarkteconomie en een klimaat te scheppen dat bevorderlijk is voor de uitbreiding van de bilaterale handels- en investeringsbetrekkingen en van wederzijds tot voordeel strekkende connectiviteit,

Ondersteunende de prestaties en inspanningen van de Republiek Oezbekistan om het ondernemingsklimaat te verbeteren, corruptie te bestrijden en economische groei en werkgelegenheid te creëren,

Bepleitend de toetreding van de Republiek Oezbekistan tot de Wereldhandelsorganisatie (hierna „WTO” genoemd) en de transparante en niet-discriminerende uitvoering van rechten en verplichtingen in het kader van de WTO, en bevestigend het voornemen van de Europese Unie om in dit proces technische bijstand te verlenen, onder meer op het gebied van de certificering van normen en standaarden, wetgeving inzake de bescherming van intellectuele eigendom en rechtshandhavingspraktijken,

Gezien hun gehechtheid aan het beginsel van duurzame ontwikkeling en hun engagement om samen te werken om de doelstellingen van de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN te verwezenlijken,

Gezien hun toezegging om ecologische duurzaamheid en milieubescherming te waarborgen, onder meer door grensoverschrijdende samenwerking en te werken aan de uitvoering van multilaterale milieuovereenkomsten waarbij zij partij zijn en de samenwerking op alle gebieden van klimaatactie te versterken overeenkomstig de Overeenkomst van Parijs in het kader van het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake de klimaatverandering, aangenomen op 12 december 2015 (hierna de „Overeenkomst van Parijs inzake de klimaatverandering” genoemd),

Erkennende dat alle samenwerking inzake het vreedzame gebruik van kernenergie tussen de Partijen bij deze Overeenkomst valt onder de Overeenkomst betreffende samenwerking inzake het vreedzame gebruik van kernenergie tussen de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) en de regering van de Republiek Oezbekistan, die op 6 oktober 2003 in Brussel is ondertekend, en niet onder deze Overeenkomst valt,

Overwegende hun wens om de samenwerking en uitwisseling op het gebied van wetenschap en technologie, innovatie en onderwijs, cultuur en sport uit te breiden,

Gezien hun engagement om grensoverschrijdende en regionale samenwerking te bevorderen,

Wijzende op het feit dat, als de Partijen in het kader van deze Overeenkomst specifieke overeenkomsten sluiten op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht, die door de Europese Unie zijn gesloten krachtens titel V van het derde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst, de bepalingen van dergelijke toekomstige overeenkomsten niet bindend zijn voor Ierland, tenzij de Europese Unie, samen met Ierland wat betreft zijn respectieve eerdere bilaterale betrekkingen, de Republiek Oezbekistan ervan in kennis stelt dat Ierland gebonden is door dergelijke toekomstige specifieke overeenkomsten als deel van de Europese Unie, overeenkomstig Protocol nr. 21 betreffende de positie van Ierland ten aanzien van de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het VWEU is gehecht; evenzo wijzende op het feit dat latere interne maatregelen van de Europese Unie die met het oog op de uitvoering van deze Overeenkomst op grond van titel V van het derde deel van het VWEU worden genomen, niet bindend zijn voor Ierland, tenzij Ierland zijn wens te kennen heeft gegeven deel te nemen aan die maatregelen of die te aanvaarden overeenkomstig Protocol nr. 21; en voorts nota nemend van het feit dat dergelijke toekomstige overeenkomsten of dergelijke latere interne maatregelen van de Europese Unie zouden komen te vallen onder Protocol nr. 22 betreffende de positie van Denemarken dat gehecht is aan voornoemde Verdragen,

zijn het volgende overeengekomen:

TITEL

I

DOELSTELLINGEN EN ALGEMENE BEGINSELEN

Artikel

1

Doelstellingen

Artikel

2

Algemene beginselen

TITEL

II

POLITIEKE DIALOOG EN HERVORMING; SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN HET BUITENLANDS EN VEILIGHEIDSBELEID

Artikel

3

Doelstellingen van de politieke dialoog

De Partijen ontwikkelen een doeltreffende politieke dialoog op alle gebieden van wederzijds belang, met inbegrip van het buitenlands en veiligheidsbeleid en interne hervormingen. De doelstellingen van de politieke dialoog zijn:

  • a.

    de doeltreffendheid van de politieke samenwerking en convergentie op het gebied van het buitenlands en veiligheidsbeleid te vergroten en vrede en regionale en internationale stabiliteit en veiligheid op basis van effectief multilateralisme te bevorderen, in stand te houden en te versterken;

  • b.

    duurzame politieke, sociaal-economische en institutionele ontwikkeling te versterken;

  • c.

    de eerbiediging van de democratische beginselen, de rechtsstaat en goed bestuur, de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden te versterken en de samenwerking op deze gebieden te intensiveren;

  • d.

    de dialoog te ontwikkelen en de samenwerking te verdiepen op het gebied van veiligheid en defensie;

  • e.

    de vreedzame oplossing van geschillen alsook de beginselen van territoriale integriteit, onschendbaarheid van grenzen, soevereiniteit en onafhankelijkheid te bevorderen; en

  • f.

    de voorwaarden voor regionale samenwerking verder te verbeteren.

Artikel

4

Democratie en de rechtsstaat

De Partijen versterken de dialoog en samenwerking met als doel:

  • a.

    de eerbiediging van de democratische beginselen en de rechtsstaat te waarborgen en de stabiliteit, doeltreffendheid en verantwoordingsplicht van de democratische instellingen verder te versterken;

  • b.

    de inspanningen voor de uitvoering van hervormingen van de wetgeving en de rechterlijke macht te ondersteunen om de doeltreffende werking van de instellingen op het gebied van rechtshandhaving en justitie, de toegang tot de rechtsgang en het recht op een eerlijk proces en de onafhankelijkheid, verantwoordingsplicht en efficiëntie van het justitiële stelsel te waarborgen, en de procedurele waarborgen in strafzaken en de rechten van slachtoffers en getuigen te versterken;

  • c.

    e-governance te bevorderen en vorderingen te maken bij de hervorming van het openbaar bestuur met het oog op de totstandbrenging van een verantwoordingsplichtig, efficiënt en transparant bestuur op alle niveaus;

  • d.

    steun te verlenen om de verkiezingsprocessen en de capaciteit van kiescommissies te versterken; en

  • e.

    te zorgen voor doeltreffendheid in de strijd tegen corruptie op alle niveaus.

Artikel

5

Mensenrechten en fundamentele vrijheden

De Partijen werken samen bij de bevordering en bescherming van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden en versterken de dialoog en de samenwerking met als doel:

  • a.

    de eerbiediging van de mensenrechten, waaronder de rechten van personen die behoren tot etnische, godsdienstige of taalkundige minderheden en kwetsbare groepen, zoals personen met een handicap, te waarborgen en te bevorderen, alsmede geweld en alle vormen van discriminatie te bestrijden;

  • b.

    de bescherming van kinderen tegen geweld, uitbuiting en misbruik te waarborgen en te bevorderen;

  • c.

    de bescherming en bevordering van mensenrechten en fundamentele vrijheden, zowel burgerrechten en politieke rechten als economische, sociale en culturele rechten, waaronder de vrijheid van meningsuiting en van de media, de vrijheid van vreedzame vergadering en vereniging, vrijwaring van foltering en mishandeling, en de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging te waarborgen;

  • d.

    de economische, sociale en culturele rechten en de effectieve handhaving van arbeidsnormen overeenkomstig de IAO-verdragen waarbij zij partij zijn of kunnen worden, te bevorderen;

  • e.

    geweld tegen vrouwen en meisjes uit te bannen en te zorgen voor gendergelijkheid, waaronder betekenisvolle participatie en empowerment van vrouwen en meisjes;

  • f.

    de nationale mensenrechteninstellingen te versterken, onder meer via hun zinvolle participatie in de besluitvormingsprocessen; en

  • g.

    de samenwerking binnen de mensenrechteninstanties en de speciale procedures van de Verenigde Naties te versterken, met inbegrip van een doeltreffende uitvoering van hun aanbevelingen.

Artikel

6

Maatschappelijk middenveld

De Partijen werken samen om een stimulerende omgeving voor het maatschappelijk middenveld en zijn rol in de economische, sociale en politieke ontwikkeling van een open democratische samenleving te versterken, met name door:

  • a.

    de capaciteit, onafhankelijkheid en verantwoordingsplicht van maatschappelijke organisaties te versterken;

  • b.

    de betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld bij wetgevings- en beleidsvormingsprocessen te bevorderen door een open, transparante en regelmatige dialoog tot stand te brengen tussen overheidsinstellingen enerzijds en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld anderzijds;

  • c.

    de contacten en de uitwisseling van informatie en ervaringen tussen alle maatschappelijke sectoren in de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan te intensiveren; en

  • d.

    de betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld bij de betrekkingen tussen de Partijen en bij de uitvoering van deze Overeenkomst te garanderen.

Artikel

7

Buitenlands en veiligheidsbeleid

Artikel

8

Ernstige misdrijven die de internationale gemeenschap aangaan

Artikel

9

Conflictpreventie en crisisbeheer

De Partijen werken samen op het gebied van conflictpreventie en crisisbeheer om een klimaat van vrede en stabiliteit tot stand te brengen.

Artikel

10

Regionale stabiliteit en de vreedzame oplossing van conflicten

Artikel

11

Bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens

Artikel

12

Handvuurwapens en lichte wapens en de controle op de uitvoer van conventionele wapens

TITEL

III

JUSTITIE, VRIJHEID EN VEILIGHEID

Artikel

13

Bescherming van persoonsgegevens

Artikel

14

Samenwerking inzake migratie, asiel en grensbeheer

Artikel

15

Overname en de strijd tegen irreguliere migratie

Artikel

16

Bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme

Artikel

17

Illegale drugs

Artikel

18

Bestrijding van georganiseerde misdaad en corruptie

Artikel

19

Terrorismebestrijding

Artikel

20

Justitiële samenwerking

Artikel

21

Consulaire bescherming

De Republiek Oezbekistan aanvaardt dat de diplomatieke en consulaire autoriteiten van elk lidstaat die een permanente vertegenwoordiging in de Republiek Oezbekistan heeft, bescherming kunnen bieden aan alle onderdanen van een lidstaat die niet over een permanente vertegenwoordiging in de Republiek Oezbekistan beschikt die in staat is om in een concreet geval doeltreffend consulaire bescherming te bieden, op dezelfde voorwaarden als aan de onderdanen van de betrokken lidstaat.

TITEL

IV

HANDEL EN DAARMEE VERBAND HOUDENDE AANGELEGENHEDEN

HOOFDSTUK

1

HORIZONTALE BEPALINGEN

Artikel

22

Doelstellingen

De doelstellingen van deze titel zijn:

  • a.

    de uitbreiding, diversificatie en facilitatie van de handel tussen de Partijen, met name door middel van bepalingen inzake het vergemakkelijken van douaneprocedures en handel, het wegwerken van technische handelsbelemmeringen en belemmeringen in verband met sanitaire en fytosanitaire maatregelen, met behoud van het recht van elke Partij om wetgeving vast te stellen teneinde doelstellingen van overheidsbeleid te verwezenlijken;

  • b.

    de facilitatie van de handel in diensten en investeringen tussen de Partijen, onder meer door middel van de vrije overdracht van lopende betalingen en de facilitatie van het kapitaalverkeer;

  • c.

    de doeltreffende wederzijdse openstelling van de markten voor overheidsopdrachten van de Partijen;

  • d.

    de bevordering van innovatie en creativiteit door te zorgen voor een toereikende en doeltreffende bescherming van alle intellectuele-eigendomsrechten;

  • e.

    de bevordering van voorwaarden die onvervalste mededinging bij de economische activiteiten van de Partijen bevorderen, met name wat betreft de onderlinge handel en investeringen;

  • f.

    de ontwikkeling van de internationale handel op een wijze die bijdraagt aan duurzame ontwikkeling op economisch, sociaal en milieugebied;

  • g.

    de instelling van een doeltreffende, eerlijke en voorspelbare geschillenbeslechtingsregeling om geschillen over de uitlegging en toepassing van deze titel op te lossen.

Artikel

23

Definities

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

  • a.

    „Overeenkomst inzake de landbouw”: de Overeenkomst inzake de landbouw, die is opgenomen in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • b.

    „Overeenkomst inzake procedures op het gebied van invoervergunningen”: de Overeenkomst inzake procedures op het gebied van invoervergunningen, die is neergelegd in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • c.

    „Antidumpingovereenkomst”: de Overeenkomst inzake de toepassing van artikel VI van de GATT 1994, die is neergelegd in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • d.

    „dagen”: kalenderdagen, met inbegrip van weekend- en feestdagen;

  • e.

    „Verdrag inzake het Energiehandvest”: het Verdrag inzake het Energiehandvest, ondertekend te Lissabon op 17 december 1994;

  • f.

    „bestaand”: geldend op de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst;

  • g.

    „GATT 1994”: de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel 1994, die is opgenomen in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • h.

    „GATS”: de Algemene Overeenkomst betreffende de handel in diensten, die is opgenomen in bijlage 1B bij de WTO-Overeenkomst;

  • i.

    „maatregel”: elke maatregel, in de vorm van een wet, regeling, voorschrift, procedure, besluit of administratieve handeling of in enige andere vorm2)Ter verduidelijking: de term „maatregel” omvat ook niet-handelen.;

  • j.

    „maatregelen van een Partij”: maatregelen die zijn vastgesteld of worden gehandhaafd door3)Ter verduidelijking: „maatregelen van een Partij” omvatten ook maatregelen van in punt j), i), en ii), vermelde entiteiten die zijn vastgesteld of worden gehandhaafd doordat zij direct of indirect instructies hebben gegeven aan, leiding hebben gegeven aan of zeggenschap hebben uitgeoefend over het gedrag van andere entiteiten met betrekking tot die maatregelen.:

    • i.

      centrale, regionale of lokale overheden of autoriteiten; en

    • ii.

      niet-gouvernementele organisaties bij de uitoefening van door centrale, regionale of lokale overheden of autoriteiten gedelegeerde bevoegdheden;

  • k.

    „persoon”: een natuurlijke persoon of een rechtspersoon;

  • l.

    „Herziene Overeenkomst van Kyoto”: de te Kyoto op 18 mei 1973 tot stand gekomen Internationale Overeenkomst inzake de vereenvoudiging en harmonisatie van douaneprocedures;

  • m.

    „Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen”: de Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen, die is neergelegd in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • n.

    „SCM-Overeenkomst”: de Overeenkomst inzake subsidies en compenserende maatregelen, die is opgenomen in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • o.

    „SPS-Overeenkomst”: de Overeenkomst inzake sanitaire en fytosanitaire maatregelen, die is opgenomen in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • p.

    „TBT-Overeenkomst”: de Overeenkomst inzake technische handelsbelemmeringen, die is neergelegd in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • q.

    „derde land”: een land of grondgebied gelegen buiten het geografische toepassingsgebied van de onderhavige Overeenkomst;

  • r.

    „Overeenkomst inzake handelsfacilitatie”: de Overeenkomst inzake handelsfacilitatie, die is opgenomen in bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst;

  • s.

    „TRIPS-Overeenkomst”: de Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom, die is opgenomen in bijlage 1C bij de WTO-Overeenkomst;

  • t.

    „Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht”: het te Wenen op 23 mei 1969 tot stand gekomen Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht;

  • u.

    „Verklaring van Arusha van de Werelddouaneorganisatie”: de te Arusha, Tanzania, op 7 juli 1993 tot stand gekomen verklaring van de Internationale Douaneraad betreffende integriteit bij de douane;

  • v.

    „WTO-Overeenkomst”: de op 15 april 1994 tot stand gekomen Overeenkomst van Marrakesh tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie;

  • w.

    „WTO”: de Wereldhandelsorganisatie.

Artikel

24

Verhouding tot andere internationale overeenkomsten

Artikel

25

Verwijzingen naar wet- en regelgeving en andere overeenkomsten

Artikel

26

In rechte optreden naar nationaal recht

Een Partij voorziet in haar interne recht niet in een recht om tegen de andere Partij in rechte op te treden op grond van het feit dat een maatregel van de andere Partij onverenigbaar is met deze Overeenkomst.

Artikel

27

Specifieke taken van de Samenwerkingsraad in zijn samenstelling voor handelsvraagstukken

Artikel

28

Specifieke taken van het Samenwerkingscomité in zijn samenstelling voor handelsvraagstukken

Artikel

29

Coördinatoren

Artikel

30

Subcomités

HOOFDSTUK

2

HANDEL IN GOEDEREN

Artikel

31

Toepassingsgebied

Tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald, is dit hoofdstuk van toepassing op de handel in goederen van een Partij.

Artikel

32

Definities

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • a.

    „consulaire formaliteiten”: de procedure om van een consul van de Partij van invoer op het grondgebied van de Partij van uitvoer, of op het grondgebied van een derde, een consulaire factuur of een consulair visum voor een handelsfactuur, oorsprongscertificaat, manifest, aangifte ten uitvoer door de verlader, of enig ander douanedocument in verband met de invoer van een goed te verkrijgen;

  • b.

    „douanerechten”: alle soorten rechten of heffingen die worden opgelegd ter zake van of in verband met de invoer van goederen, met uitzondering van:

    • i.

      heffingen gelijkwaardig aan interne belastingen die overeenkomstig artikel 34 worden opgelegd;

    • ii.

      antidumping-, bijzondere vrijwarings-, compenserende of vrijwaringsrechten die worden toegepast overeenkomstig respectievelijk de GATT 1994, de Antidumpingovereenkomst, de Overeenkomst inzake de landbouw, de SCM-Overeenkomst of de Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen; en

    • iii.

      alle vergoedingen of andere heffingen die worden opgelegd ter zake van of in verband met de invoer en waarvan de hoogte beperkt is tot, bij benadering, de kosten van de verleende diensten;

  • c.

    „uitvoervergunningsprocedure”: administratieve procedure in het kader waarvan als eerste voorwaarde voor de uitvoer uit het douanegebied van de Partij van uitvoer wordt gesteld dat aan de bevoegde administratieve instantie een aanvraag of andere documenten dan die welke in het algemeen voor douaneafhandeling zijn vereist, worden overgelegd;

  • d.

    „goed van een Partij”: een binnenlands goed in de zin van de GATT 1994;

  • e.

    „geharmoniseerd systeem” of „GS”: het geharmoniseerd systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen, met inbegrip van alle aantekeningen daarbij en amendementen daarop zoals ontwikkeld door de Werelddouaneorganisatie;

  • f.

    „invoervergunningsprocedure”: administratieve procedure in het kader waarvan als eerste voorwaarde voor de invoer in het douanegebied van de Partij van invoer wordt gesteld dat aan de bevoegde administratieve instantie(s) een aanvraag of andere documenten dan die welke in het algemeen voor douaneafhandeling zijn vereist, worden overgelegd;

  • g.

    „reparatie”: elke bewerkingshandeling ten aanzien van goederen die ten doel heeft een gebrekkige werking of materiële schade te herstellen zodat de oorspronkelijke functie ervan wordt hersteld of ervoor te zorgen dat de goederen aan de technische voorschriften voor gebruik ervan voldoen, zonder welke handeling de goederen niet meer op de normale wijze kunnen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn bestemd. De reparatie van goederen omvat het herstel en onderhoud, maar omvat geen handelingen of bewerkingen waardoor:

    • i.

      de wezenlijke kenmerken van een goed teniet worden gedaan, of een nieuw of commercieel verschillend goed ontstaat;

    • ii.

      een onafgewerkt goed in een afgewerkt goed wordt getransformeerd; of

    • iii.

      de technische prestaties van een goed worden verbeterd of vergroot.

Artikel

33

Meestbegunstigingsbehandeling

Artikel

34

Nationale behandeling op gebied van interne belastingen en regelgeving

Artikel

35

Invoer- en uitvoerbeperkingen

De Partijen voeren geen verboden of beperkingen in en handhaven die evenmin ter zake van de invoer van een goed van de andere Partij of van de uitvoer of verkoop voor uitvoer van een goed dat voor het grondgebied van de andere Partij is bestemd, tenzij dat in overeenstemming is met artikel XI van de GATT 1994 en de aantekeningen en aanvullende bepalingen daarbij. Hiertoe worden artikel XI van de GATT 1994 en de aantekeningen en aanvullende bepalingen daarbij mutatis mutandis in de onderhavige Overeenkomst opgenomen en maken zij hiervan integrerend deel uit.

Artikel

36

Uitvoerrechten, uitvoerbelastingen of andere uitvoerheffingen

Artikel

37

Controles op de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik

De Partijen komen overeen informatie en goede praktijken uit te wisselen over controles op de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik met het oog op de bevordering van de samenwerking tussen de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan op het gebied van uitvoercontroles.

Artikel

38

Retributies en formaliteiten

Artikel

39

Gerepareerde goederen

Artikel

40

Tijdelijke invoer van goederen

De Partijen verlenen elkaar ontheffing van invoerheffingen en -rechten op tijdelijk ingevoerde goederen, in de gevallen en overeenkomstig de procedures die zijn vastgesteld in voor hen bindende internationale overeenkomsten op dit gebied. Deze ontheffing wordt verleend overeenkomstig de wettelijke bepalingen van elke Partij.

Artikel

41

Doorvoer

Artikel

42

Oorsprongsaanduiding

Artikel

43

Invoervergunningsprocedures

Artikel

44

Uitvoervergunningsprocedures4)Ter verduidelijking: geen van de bepalingen van dit artikel verplicht een Partij een uitvoervergunning te verlenen of belet een Partij haar verplichtingen of verbintenissen uit hoofde van resoluties van de VN-Veiligheidsraad of multilaterale regelingen inzake non-proliferatie en uitvoercontrole na te komen.

Artikel

45

Handel in kernmateriaal

De samenwerking met betrekking tot de handel in kernmateriaal wordt geregeld bij de Overeenkomst betreffende samenwerking op het gebied van het vreedzame gebruik van kernenergie tussen de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) en de regering van de Republiek Oezbekistan5)PB EU L 269 van 21.10.2003, blz. 9, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2003/744/oj., gedaan te Brussel op 6 oktober 2003.

HOOFDSTUK

3

HANDELSMAATREGELEN

Artikel

46

Algemene bepalingen

Artikel

47

Transparantie

Multilaterale vrijwaringsmaatregelen

Antidumpingrechten en compenserende maatregelen

Artikel

48

Overweging van algemeen belang

Tijdens antidumping- en antisubsidieonderzoeken hebben de binnenlandse industrie, de consumenten, de gebruikers en de importeurs het recht relevante informatie en gegevens te verstrekken die door de onderzoekende autoriteiten in overweging worden genomen overeenkomstig de relevante binnenlandse procedureregels.

Regel van het laagste recht

Indien een Partij besluit een antidumpingrecht in te stellen, mag dit recht niet hoger zijn dan de dumpingmarge, maar het mag in principe lager zijn dan deze marge wanneer door een lager recht de schade voor de binnenlandse industrie kan worden opgeheven.

HOOFDSTUK

4

DOUANE

Artikel

49

Douanesamenwerking

Artikel

50

Wederzijdse administratieve bijstand

De Partijen verlenen elkaar wederzijdse administratieve bijstand in douaneaangelegenheden overeenkomstig het protocol.

Artikel

51

Douanewaarde

De in bijlage 1A van de WTO-Overeenkomst opgenomen Overeenkomst inzake de toepassing van artikel VII van de GATT 1994 is bij de handel tussen de Partijen van toepassing op de vaststelling van de douanewaarde van goederen en wordt mutatis mutandis in deze Overeenkomst opgenomen.

HOOFDSTUK

5

TECHNISCHE HANDELSBELEMMERINGEN

Artikel

52

Doelstelling

Dit hoofdstuk heeft tot doel de handel in goederen tussen de Partijen te bevorderen door onnodige technische handelsbelemmeringen te voorkomen, op te sporen en weg te nemen.

Artikel

53

Toepassingsgebied

Artikel

54

Verhouding tot de TBT-Overeenkomst

Artikel

55

Technische voorschriften

Artikel

56

Normen

Artikel

57

Conformiteitsbeoordeling

Artikel

58

Samenwerking op het gebied van technische handelsbelemmeringen

Artikel

59

Transparantie

Artikel

60

Markering en etikettering

Artikel

61

Samenwerking inzake markttoezicht, naleving en veiligheid van non-foodproducten

Artikel

62

Technisch overleg en raadplegingen

Artikel

63

TBT-coördinator

Artikel

64

Overgangsperiode

Wat de Republiek Oezbekistan betreft, worden artikel 55, lid 3, artikel 55, leden 6 en 7, artikel 56, lid 1, punten b), en c), artikel 57, lid 3, punten b), en d), artikel 57, lid 5, en bijlage 5-B vijf jaar na de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst van toepassing.

HOOFDSTUK

6

SANITAIRE EN FYTOSANITAIRE MAATREGELEN

Artikel

65

Doelstellingen

Dit hoofdstuk heeft tot doel de beginselen vast te stellen die van toepassing zijn op sanitaire en fytosanitaire maatregelen, zoals gedefinieerd in de SPS-Overeenkomst van de WTO, met inbegrip van de gezondheid van dieren en planten en de voedselveiligheid, in het handelsverkeer tussen de Partijen, alsmede samen te werken op het gebied van dierenwelzijn, antimicrobiële resistentie en duurzame voedselsystemen. De Partijen passen de in dit hoofdstuk neergelegde beginselen toe op een wijze die de handel faciliteert en voorkomt dat ongerechtvaardigde handelsbelemmeringen tussen hen ontstaan, en die tegelijkertijd het beschermingsniveau van elke Partij op het gebied van het leven of de gezondheid van mensen, dieren en planten garandeert.

Artikel

66

Beginselen

Artikel

67

Invoervereisten en officiële sanitaire en fytosanitaire certificaten

Artikel

68

Gelijkwaardigheid

Artikel

69

Maatregelen in verband met de gezondheid van planten en dieren

Artikel

70

Inspecties en audits

Artikel

71

Invoercontroles en vergoedingen

Artikel

72

Informatie-uitwisseling en samenwerking

Artikel

73

Transparantie

Elke Partij:

  • a.

    streeft naar transparantie met betrekking tot sanitaire en fytosanitaire maatregelen die op de handel van toepassing zijn en in het bijzonder met betrekking tot de sanitaire en fytosanitaire voorschriften die gelden voor invoer van de andere Partij;

  • b.

    deelt op verzoek van de andere Partij onverwijld de vereisten mee die voor de invoer van specifieke producten van toepassing zijn en geeft aan of een risicobeoordeling nodig is;

  • c.

    stelt het contactpunt van de andere Partij onverwijld per post, fax of e-mail in kennis van ernstige of significante risico’s voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, daaronder begrepen noodsituaties in de levensmiddelensector, met betrekking tot tussen de Partijen verhandelde goederen.

HOOFDSTUK

7

INTELLECTUELE EIGENDOM

AFDELING

1

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel

74

Doelstellingen

De doelstellingen van dit hoofdstuk zijn:

  • a.

    de productie en commercialisering van innovatieve en creatieve producten en diensten tussen de Partijen te vergemakkelijken en zo bij te dragen tot een duurzamere en meer inclusieve economie voor de Partijen;

  • b.

    de handel tussen de Partijen te faciliteren en te regelen en verstoringen en belemmeringen van dergelijke handel te verminderen; en

  • c.

    het bereiken van een adequaat en doeltreffend beschermings- en handhavingsniveau voor intellectuele-eigendomsrechten.

Artikel

75

Aard en toepassingsgebied van verplichtingen

Artikel

76

Uitputting

Artikel

77

Nationale behandeling

AFDELING

2

NORMEN BETREFFENDE INTELLECTUELE-EIGENDOMSRECHTEN

ONDERAFDELING

1

AUTEURSRECHT EN NABURIGE RECHTEN

Artikel

78

Internationale overeenkomsten

Artikel

79

Auteurs

Elke Partij bepaalt dat auteurs het exclusieve recht hebben om het volgende toe te staan of te verbieden:

  • a.

    de directe of indirecte, tijdelijke of permanente reproductie van hun werken, geheel of gedeeltelijk, met welk middel en in welke vorm dan ook;

  • b.

    elke vorm van distributie onder het publiek van het origineel van hun werken of van kopieën daarvan, door verkoop of anderszins;

  • c.

    het al dan niet draadloos meedelen van hun werken aan het publiek, met inbegrip van de beschikbaarstelling van hun werken aan het publiek, op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn; en

  • d.

    de commerciële verhuur aan het publiek van originelen of kopieën van hun werken.

Artikel

80

Uitvoerend kunstenaars

Elke Partij bepaalt dat uitvoerende kunstenaars het exclusieve recht hebben om het volgende toe te staan of te verbieden:

  • a.

    de vastlegging8)Onder „vastlegging” wordt verstaan: de opname van geluid, of van de weergave daarvan, of de opname van bewegende beelden, al dan niet vergezeld van geluid of van de weergave van geluid, door middel waarvan deze kunnen worden waargenomen, gereproduceerd of meegedeeld door middel van een toestel. van hun uitvoeringen;

  • b.

    de directe of indirecte, tijdelijke of permanente reproductie van vastleggingen van hun uitvoeringen, geheel of gedeeltelijk, met welk middel en in welke vorm dan ook;

  • c.

    de distributie onder het publiek van vastleggingen van hun uitvoeringen, door verkoop of anderszins;

  • d.

    de beschikbaarstelling van vastleggingen van hun uitvoeringen aan het publiek via de kabel of draadloos, op zodanige wijze dat die voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn;

  • e.

    de draadloze uitzending en de mededeling van hun uitvoeringen aan het publiek, behalve wanneer de uitvoering zelf al een uitgezonden uitvoering is of op basis van een vastlegging is gemaakt; en

  • f.

    de commerciële verhuur aan het publiek van de vastlegging van hun uitvoeringen.

Artikel

81

Producenten van fonogrammen

Elke Partij bepaalt dat producenten van fonogrammen het exclusieve recht hebben om het volgende toe te staan of te verbieden:

  • a.

    de directe of indirecte, tijdelijke of permanente reproductie van hun fonogrammen, geheel of gedeeltelijk, met welk middel en in welke vorm dan ook;

  • b.

    de distributie onder het publiek van hun fonogrammen, met inbegrip van kopieën daarvan, door verkoop of anderszins;

  • c.

    het al dan niet draadloos beschikbaar stellen van hun fonogrammen aan het publiek, op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn; en

  • d.

    de commerciële verhuur van hun fonogrammen aan het publiek.

Artikel

82

Omroeporganisaties

Elke Partij bepaalt dat omroeporganisaties het exclusieve recht hebben om het volgende toe te staan of te verbieden:

  • a.

    de vastleggingen van hun uitzendingen, ongeacht of deze uitzendingen al dan niet via de ether plaatsvinden, uitzendingen per kabel of satelliet daaronder begrepen;

  • b.

    de directe of indirecte, tijdelijke of permanente reproductie van vastleggingen van hun uitzendingen, geheel of gedeeltelijk, met welk middel en in welke vorm dan ook, ongeacht of die uitzendingen via de ether plaatsvinden, uitzendingen per kabel of satelliet daaronder begrepen;

  • c.

    het al dan niet draadloos beschikbaar stellen van vastleggingen van hun uitzendingen aan het publiek, ongeacht of die uitzendingen via de ether plaatsvinden, met inbegrip van uitzendingen per kabel of satelliet, op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn;

  • d.

    de distributie onder het publiek van vastleggingen van hun uitzendingen, met inbegrip van kopieën daarvan, door verkoop of anderszins, ongeacht of die uitzendingen via de ether plaatsvinden, met inbegrip van uitzendingen per kabel of satelliet; en

  • e.

    de draadloze heruitzending van hun uitzendingen, alsmede de mededeling aan het publiek van hun uitzendingen indien die mededeling geschiedt op plaatsen die tegen betaling van een entreeprijs voor het publiek toegankelijk zijn.

Artikel

83

Uitzending en mededeling aan het publiek van voor commerciële doeleinden gepubliceerde fonogrammen

Artikel

84

Duur van bescherming

Artikel

85

Volgrecht

Artikel

86

Collectief beheer van rechten

Artikel

87

Uitzonderingen en beperkingen

Elke Partij beperkt de beperkingen van en de uitzonderingen op de in de artikelen 79 tot en met 82 bedoelde rechten tot bepaalde bijzondere gevallen die niet in strijd zijn met de normale exploitatie van het werk of ander materiaal en die de rechtmatige belangen van de rechthebbenden niet op onredelijke wijze schaden.

Artikel

88

Bescherming van technische voorzieningen

Artikel

89

Verplichtingen betreffende informatie over het beheer van rechten

ONDERAFDELING

2

HANDELSMERKEN

Artikel

90

Internationale overeenkomsten

Artikel

91

Tekens die een merk kunnen vormen

Merken kunnen worden gevormd door alle tekens, in het bijzonder woorden, waaronder namen van personen, of tekeningen, letters, cijfers, kleuren, vormen van waren of verpakkingen van waren, of geluiden, mits deze:

  • a.

    de waren of diensten van een onderneming kunnen onderscheiden van die van andere ondernemingen; en

  • b.

    in het respectieve merkenregister van elke Partij kunnen worden weergegeven op een wijze die de bevoegde autoriteiten en het publiek in staat stelt het voorwerp van de aan de houder ervan verleende bescherming duidelijk en nauwkeurig vast te stellen.

Artikel

92

Aan een handelsmerk verbonden rechten

Artikel

93

Inschrijvingsprocedure

Artikel

94

Algemeen bekende handelsmerken

Om uitvoering te geven aan de bescherming van algemeen bekende handelsmerken als bedoeld in artikel 6 bis van het Verdrag van Parijs en artikel 16, leden 2 en 3, van de TRIPS-Overeenkomst, geeft elke Partij toepassing aan de gezamenlijke aanbeveling betreffende bepalingen inzake de bescherming van bekende handelsmerken van de vergadering van de Unie van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom en de algemene vergadering van de WIPO tijdens de 34e reeks bijeenkomsten van de vergaderingen van de WIPO-lidstaten van 20 tot en met 29 september 1999.

Artikel

95

Uitzonderingen op aan een handelsmerk verbonden rechten

Artikel

96

Gronden van verval

Artikel

97

Aanvragen te kwader trouw

Een merk kan nietig worden verklaard wanneer de aanvraag om inschrijving van het merk te kwader trouw is ingediend. Elke Partij kan ook bepalen dat een dergelijk merk niet wordt ingeschreven.

ONDERAFDELING

3

MODELLEN

Artikel

98

Internationale overeenkomsten

De Europese Unie voldoet aan haar verbintenissen uit hoofde van de Akte van Genève bij de Overeenkomst van ’s-Gravenhage betreffende de internationale inschrijving van tekeningen of modellen van nijverheid, die op 2 juli 1999 is aangenomen, en de Republiek Oezbekistan levert alle redelijke inspanningen om de Akte van Genève te ratificeren of ertoe toe te treden.

Artikel

99

Bescherming van ingeschreven modellen

Artikel

100

Duur van de bescherming

Elke Partij ziet erop toe dat een model wordt beschermd voor een periode van ten minste 5 jaar vanaf de datum van indiening van de aanvraag en dat de houder van het recht het recht heeft de beschermingstermijn met een of meer perioden van 5 jaar te verlengen, tot een totale duur van ten minste 15 jaar vanaf de datum van indiening.

Artikel

101

Uitzonderingen en uitsluitingen

Artikel

102

Verhouding tot het auteursrecht

Elke Partij zorgt ervoor dat een model vanaf de datum waarop het model is gecreëerd of in een vorm is vastgelegd, in aanmerking komt voor bescherming uit hoofde van haar auteursrechtwetgeving. De mate waarin en de voorwaarden waaronder een dergelijke bescherming wordt verleend, met inbegrip van het vereiste oorspronkelijkheidsgehalte, worden door elke Partij vastgesteld.

ONDERAFDELING

4

GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN

Artikel

103

Toepassingsgebied

Artikel

104

Gevestigde geografische aanduidingen

Artikel

105

Toevoeging van nieuwe geografische aanduidingen

Overeenkomstig artikel 136 kunnen de Partijen de lijst van te beschermen geografische aanduidingen in bijlage 7-C wijzigen. Nieuwe geografische aanduidingen worden toegevoegd na afloop van de bezwaarprocedure en van het onderzoek ervan als bedoeld in artikel 104, lid 3 of 4.

Artikel

106

Toepassingsgebied van bescherming van geografische aanduidingen

Artikel

107

Gebruiksrecht van geografische aanduidingen

Artikel

108

Verhouding tot handelsmerken

Artikel

109

Handhaving van rechten op geografische aanduidingen

De Partijen handhaven de bescherming waarin de artikelen 104 tot en met 108 voorzien, door middel van passende administratieve en rechterlijke maatregelen, inclusief tijdens douanecontroles door hun overheidsdiensten, om het onrechtmatige gebruik van een beschermde oorsprongsbenaming of een beschermde geografische aanduiding te voorkomen of te beëindigen. Ook handhaven zij die rechten op verzoek van een belanghebbende.

Artikel

110

Algemene regels

Artikel

111

Technische bijstand

Teneinde de uitvoering van deze onderafdeling in de Republiek Oezbekistan te faciliteren, verleent de Europese Unie de Republiek Oezbekistan, op haar verzoek en naar gelang haar behoeften, passende technische bijstand overeenkomstig het recht van de Europese Unie.

ONDERAFDELING

5

OCTROOIEN

Artikel

112

Internationale overeenkomsten

Elke Partij ziet erop toe dat de procedures waarin het op 19 juni 1970 te Washington tot stand gekomen Verdrag tot samenwerking inzake octrooien voorziet, op haar grondgebied beschikbaar zijn.

Artikel

113

Octrooien en volksgezondheid

Artikel

114

Verlenging van de beschermingstermijn van een octrooi voor geneesmiddelen of gewasbeschermingsmiddelen

ONDERAFDELING

6

BESCHERMING VAN NIET OPENBAAR GEMAAKTE INFORMATIE

Artikel

115

Reikwijdte van bescherming van bedrijfsgeheimen

Artikel

116

Civielrechtelijke procedures en maatregelen voor houders van bedrijfsgeheimen

Artikel

117

Bescherming van gegevens die zijn ingediend ter verkrijging van een vergunning voor het in de handel brengen van een geneesmiddel

Artikel

118

Bescherming van gegevens die zijn ingediend om een vergunning voor het in de handel brengen van gewasbeschermingsmiddelen te verkrijgen

ONDERAFDELING

7

KWEKERSRECHTEN

Artikel

119

Algemene bepalingen

Elke Partij beschermt kwekersrechten overeenkomstig het Internationaal Verdrag tot bescherming van kweekproducten, aangenomen door de Diplomatieke Conferentie op 2 december 1961 (hierna het „UPOV-Verdrag” genoemd), zoals laatstelijk herzien in Genève op 19 maart 1991, met inbegrip van de facultatieve uitzondering op het kwekersrecht als bedoeld in artikel 15, lid 2, van het UPOV-Verdrag. De Partijen werken samen om die rechten te bevorderen en te handhaven.

AFDELING

3

HANDHAVING VAN INTELLECTUELE-EIGENDOMSRECHTEN ONDERAFDELING

ONDERAFDELING

1

CIVIELRECHTELIJKE EN ADMINISTRATIEVE HANDHAVING

Artikel

120

Algemene verplichtingen

Artikel

121

Personen bevoegd tot het verzoeken om toepassing van maatregelen, procedures en rechtsmiddelen

Elke Partij erkent dat de volgende personen gerechtigd zijn te verzoeken om toepassing van de in deze afdeling en in deel III van de TRIPS-Overeenkomst bedoelde maatregelen, procedures en rechtsmiddelen:

  • a.

    houders van intellectuele-eigendomsrechten overeenkomstig het toepasselijke recht;

  • b.

    alle andere personen die gemachtigd zijn intellectuele-eigendomsrechten te gebruiken, in het bijzonder licentiehouders, voor zover toegestaan door en in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving;

  • c.

    instanties voor het collectieve beheer van intellectuele-eigendomsrechten die officieel erkend zijn als gerechtigd tot het vertegenwoordigen van houders van intellectuele-eigendomsrechten, voor zover toegestaan door en overeenkomstig het toepasselijke recht;

  • d.

    beroepsorganisaties die officieel erkend zijn als gerechtigd tot het vertegenwoordigen van houders van intellectuele-eigendomsrechten, voor zover toegestaan door en in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving.

Artikel

122

Bewijsmateriaal

Artikel

123

Recht op informatie

Artikel

124

Voorlopige en conservatoire maatregelen

Artikel

125

Corrigerende maatregelen

Artikel

126

Rechterlijke bevelen

Elke Partij zorgt ervoor dat de rechterlijke instanties, wanneer een inbreuk op een intellectuele-eigendomsrecht wordt vastgesteld, een bevel tot staking van de inbreuk tegen een inbreukmaker en tegen een tussenpersoon van wie de diensten door een derde worden gebruikt om inbreuk te maken op een intellectuele-eigendomsrecht, kunnen uitvaardigen.

Artikel

127

Alternatieve maatregelen

Elke Partij kan bepalen dat de bevoegde rechterlijke instanties, in voorkomend geval en op verzoek van de persoon aan wie de in artikel 125 of artikel 126 vervatte maatregelen kunnen worden opgelegd, kunnen gelasten dat de maatregelen van die artikelen niet worden toegepast, maar in plaats daarvan aan de benadeelde partij een geldelijke schadeloosstelling wordt betaald wanneer de betrokkene zonder opzet en zonder nalatigheid heeft gehandeld, uitvoering van de maatregelen hem onevenredige schade zou berokkenen en geldelijke schadeloosstelling van de benadeelde partij redelijkerwijs toereikend lijkt.

Artikel

128

Schadevergoeding

Artikel

129

Gerechtskosten

Elke Partij draagt er zorg voor dat, als algemene regel, redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt, door de in het ongelijk gestelde partij worden gedragen, tenzij de billijkheid zich daartegen verzet.

Artikel

130

Openbaarmaking van rechterlijke uitspraken

Elke Partij zorgt ervoor dat de rechterlijke instanties in rechtszaken wegens inbreuk op een intellectuele-eigendomsrecht op verzoek van de eiser kunnen gelasten dat op kosten van de inbreukmaker passende maatregelen tot verspreiding van de informatie over de uitspraak worden getroffen, met inbegrip van het ophangen en volledig of gedeeltelijk publiceren van de uitspraak.

Artikel

131

Vermoeden van auteurschap of houderschap van rechten

De Partijen erkennen dat voor de toepassing van de in deze afdeling bedoelde maatregelen, procedures en rechtsmiddelen:

  • a.

    het voor de auteur van een werk van letterkunde of kunst, om als zodanig te worden beschouwd en derhalve het recht te hebben om een rechtsvordering wegens inbreuk in te stellen, volstaat dat zijn naam op de gebruikelijke wijze op het werk is vermeld, totdat bewijs van het tegendeel is geleverd; en

  • b.

    punt a) van overeenkomstige toepassing is op de houder van een naburig recht met betrekking tot zijn beschermde materiaal.

Artikel

132

Administratieve procedures

Voor zover een civiele corrigerende maatregel kan worden gelast als gevolg van een administratieve bodemprocedure, is deze procedure in overeenstemming met beginselen die in wezen gelijkwaardig zijn aan de beginselen die zijn neergelegd in de relevante bepalingen van deze afdeling.

ONDERAFDELING

2

HANDHAVING AAN DE GRENS

Artikel

133

Maatregelen aan de grens

AFDELING

4

SLOTBEPALINGEN

Artikel

134

Samenwerking

Artikel

135

Vrijwillige initiatieven van belanghebbenden

Elke Partij streeft ernaar vrijwillige initiatieven van belanghebbenden om inbreuken op intellectuele-eigendomsrechten terug te dringen, ook online en op andere marktplaatsen, te faciliteren, waarbij de nadruk ligt op concrete problemen en praktische oplossingen worden gezocht die realistisch, evenwichtig, proportioneel en billijk zijn voor alle betrokkenen, onder meer als volgt:

  • a.

    elke Partij streeft ernaar belanghebbenden op haar grondgebied consensueel bijeen te roepen om vrijwillige initiatieven te faciliteren om oplossingen te vinden om inbreuken op intellectuele-eigendomsrechten terug te dringen en geschillen op te lossen met betrekking tot de bescherming en handhaving van intellectuele-eigendomsrechten;

  • b.

    de Partijen streven ernaar onderling informatie uit te wisselen over inspanningen om vrijwillige initiatieven van belanghebbenden op hun respectievelijk grondgebied te faciliteren; en

  • c.

    de Partijen streven ernaar een open dialoog en samenwerking tussen de belanghebbenden van de Partijen te bevorderen en die belanghebbenden aan te moedigen gezamenlijk oplossingen te vinden en geschillen over de bescherming en handhaving van intellectuele-eigendomsrechten op te lossen en inbreuken terug te dringen.

Artikel

136

Institutionele bepalingen

HOOFDSTUK

8

MEDEDINGING EN OVERHEIDSONDERNEMINGEN

AFDELING

A

MEDEDINGING

Artikel

137

Beginselen

De Partijen erkennen het belang van vrije en onvervalste mededinging voor hun handels- en investeringsbetrekkingen. De Partijen erkennen dat concurrentieverstorende praktijken en overheidsmaatregelen de goede werking van de markten kunnen verstoren en de voordelen van de liberalisering van het handelsverkeer kunnen ondergraven.

Artikel

138

Mededingingsneutraliteit

Elke Partij past dit hoofdstuk toe op alle openbare en particuliere ondernemingen.

ONDERAFDELING

1

CONCURRENTIEVERSTOREND GEDRAG EN CONCENTRATIECONTROLE

Artikel

139

Wetgevingskader

Elke Partij stelt mededingingsrecht vast of handhaaft dat, dat geldt voor alle ondernemingen in alle sectoren van de economie10)Ter verduidelijking: overeenkomstig artikel 42 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is het mededingingsrecht in de Europese Unie van toepassing op de landbouwsector overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PB EU L 347 van 20.12.2013, blz. 671, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1308/oj). en dat op doeltreffende wijze de volgende praktijken aanpakt:

  • a.

    horizontale en verticale overeenkomsten tussen ondernemingen, besluiten van ondernemersverenigingen en onderling afgestemde feitelijke gedragingen van ondernemingen die ertoe strekken of die ten gevolge hebben dat de mededinging wordt verhinderd, beperkt of vervalst;

  • b.

    misbruik van een machtspositie door een of meer ondernemingen; en

  • c.

    concentraties van ondernemingen die doeltreffende mededinging aanzienlijk zouden hinderen, meer bepaald als gevolg van de totstandbrenging of versterking van een machtspositie.

Artikel

140

Taken van algemeen economisch belang

De toepassing van het mededingingsrecht door een Partij mag ondernemingen niet belemmeren in de wettelijke of feitelijke uitvoering van de aan hen opgedragen bijzondere taken van algemeen belang. Uitzonderingen op het mededingingsrecht van een Partij moeten beperkt blijven tot taken van algemeen belang en tot hetgeen noodzakelijk is voor het verwezenlijken van de nagestreefde doelstelling van het overheidsbeleid en moeten transparant zijn.

Artikel

141

Uitvoering

Artikel

142

Samenwerking

Artikel

143

Niet-toepassing van geschillenbeslechting

Hoofdstuk 14 is op deze afdeling niet van toepassing.

ONDERAFDELING

2

SUBSIDIES

Artikel

144

Definitie en toepassingsgebied

Artikel

145

Transparantie

Artikel

146

Overleg

Artikel

147

Subsidies onder voorwaarden

Artikel

148

Verboden subsidies

Vanaf de toetreding van de Republiek Oezbekistan tot de WTO zijn, behoudens het bepaalde in de Overeenkomst inzake de landbouw, de volgende subsidies voor industrieproducten verboden:

  • a.

    subsidies die, rechtens of feitelijk,13)Aan deze norm wordt voldaan wanneer uit de feiten blijkt dat de toekenning van een subsidie, zonder dat deze rechtens van exportprestaties afhankelijk is, in feite gebonden is aan de bestaande of verwachte export of van exportinkomsten. Het feit alleen dat een subsidie aan ondernemingen wordt toegekend die exporteren is op zich niet voldoende om te concluderen dat deze subsidie een exportsubsidie in de zin van deze bepaling is. uitsluitend of als een van meerdere andere voorwaarden afhankelijk zijn van exportprestaties; en

  • b.

    subsidies die uitsluitend of onder meer afhankelijk zijn van het gebruik van binnenlandse in plaats van dat van ingevoerde goederen.

Artikel

149

Gebruik van subsidies

Elke Partij ziet erop toe dat ondernemingen subsidies alleen gebruiken voor het doel waarvoor zij werden verleend.

AFDELING

B

OVERHEIDSONDERNEMINGEN, ONDERNEMINGEN WAARAAN BIJZONDERE RECHTEN OF VOORRECHTEN ZIJN TOEGEKEND EN AANGEWEZEN MONOPOLIES

Artikel

150

Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder:

  • 1.

    „Regeling”: de Regeling inzake door de overheid gesteunde exportkredieten van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (hierna „OESO”genoemd), of een opvolger daarvan, ongeacht of die is ontwikkeld in het kader van de OESO, die is aanvaard door ten minste twaalf oorspronkelijke leden van de WTO die op 1 januari 1979 deelnamen aan de Regeling;

  • 2.

    „commerciële activiteiten”: activiteiten die resulteren in de productie van een goed of de verlening van een dienst die zullen worden verkocht in hoeveelheden en tegen prijzen die door een onderneming worden bepaald en die worden verricht met een winstoogmerk14)Ter verduidelijking: activiteiten van een onderneming die actief is zonder winstoogmerk dan wel op basis van het principe van kostendekking zijn geen activiteiten met een winstoogmerk.;

  • 3.

    „commerciële overwegingen”: prijs, kwaliteit, beschikbaarheid, verhandelbaarheid, vervoer en andere voorwaarden van aankoop of verkoop, of andere factoren waarmee normaal rekening zou worden gehouden bij commerciële beslissingen van een particuliere onderneming die in de relevante sector of industrie werkt overeenkomstig de beginselen van de markteconomie;

  • 4.

    „aanwijzen”: een monopolie instellen of toestaan, of de werkingssfeer van een monopolie uitbreiden teneinde een nieuw goed of een nieuwe dienst daaronder te laten vallen;

  • 5.

    „aangewezen monopolie”: een entiteit, met inbegrip van een consortium of een overheidsorgaan, die op de relevante markt op het grondgebied van een Partij is aangewezen als enige aanbieder of enige koper van een goed of dienst; een entiteit waaraan exclusieve intellectuele-eigendomsrechten zijn verleend, valt echter niet onder dat begrip om de loutere reden dat haar dergelijke rechten zijn verleend;

  • 6.

    „onderneming waaraan bijzondere rechten of voorrechten zijn toegekend”: een openbare of particuliere onderneming waaraan een Partij in rechte of in feite bijzondere rechten of voorrechten heeft toegekend door het aantal ondernemingen dat een vergunning heeft om een goed of een dienst te leveren, aan te wijzen of tot twee of meer te beperken, anders dan overeenkomstig objectieve, evenredige en niet-discriminerende criteria, op een wijze die het vermogen van andere ondernemingen om hetzelfde goed of dezelfde dienst in hetzelfde geografische gebied onder in wezen gelijkwaardige voorwaarden te leveren, wezenlijk aantast;

  • 7.

    „dienst die wordt verleend in de uitoefening van overheidsgezag”: een dienst die wordt verleend in de uitoefening van overheidsgezag zoals gedefinieerd in de GATS, waaronder, in voorkomend geval, in de bijlage betreffende financiële diensten bij de GATS; en

  • 8.

    „overheidsonderneming”: een onderneming met betrekking tot welke een Partij:

    • a.

      rechtstreeks meer dan 50 procent van het aandelenkapitaal in handen heeft;

    • b.

      de uitoefening van meer dan 50 procent van de stemrechten rechtstreeks controleert of anderszins een gelijkwaardig niveau van zeggenschap uitoefent door middel van stemrechten;

    • c.

      bevoegd is om de meerderheid van de leden van de raad van bestuur of een gelijkwaardig bestuursorgaan te benoemen; of

    • d.

      bevoegd is om zeggenschap15)Ter verduidelijking: bij de vaststelling van zeggenschap wordt per geval rekening gehouden met alle relevante juridische en feitelijke elementen. over de onderneming uit te oefenen.

Artikel

151

Toepassingsgebied

Artikel

152

Verhouding tot de WTO-Overeenkomst

Artikel

153

Algemene bepalingen

Artikel

154

Niet-discriminerende behandeling en commerciële overwegingen

Artikel

155

Regelgevingskader

Artikel

156

Informatie-uitwisseling

HOOFDSTUK

9

OVERHEIDSOPDRACHTEN

Artikel

157

Definities

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • a.

    „handelsgoederen of -diensten”: goederen of diensten die in de regel in de handel worden verkocht of te koop worden aangeboden aan, en in de regel worden aangekocht door niet-overheidskopers voor niet-overheidsdoeleinden;

  • b.

    „dienst in verband met de bouw”: een dienst die gericht is op de uitvoering, ongeacht op welke wijze, van bouwwerkzaamheden of civieltechnische werken in de zin van afdeling 51 van de voorlopige centrale productenclassificatie van de Verenigde Naties („CPC”);

  • c.

    „elektronische veiling”: een zich herhalend proces waarbij leveranciers langs elektronische weg nieuwe prijzen of nieuwe waarden voor kwantificeerbare, niet op de prijs betrekking hebbende en met de beoordelingscriteria samenhangende onderdelen van de inschrijving opgeven, waardoor een rangorde van de inschrijvingen tot stand komt of de rangorde wordt gewijzigd;

  • d.

    „schriftelijk”: bij wijze van een informatie-eenheid die is uitgedrukt in woorden of cijfers en die kan worden gelezen, gereproduceerd en vervolgens doorgegeven. De term „schriftelijk” kan ook betrekking hebben op elektronisch doorgegeven en opgeslagen informatie;

  • e.

    „onderhandse aanbesteding”: methode van aanbesteding waarbij de aanbestedende entiteit contact zoekt met een leverancier of leveranciers van zijn keuze;

  • f.

    „maatregel”: een wet, voorschrift, procedure, administratief richtsnoer of praktijk, dan wel een handeling van een aanbestedende dienst betreffende een onder deze Overeenkomst vallende overheidsopdracht;

  • g.

    „lijst voor veelvuldig gebruik”: lijst van leveranciers die volgens een aanbestedende entiteit voldoen aan de voorwaarden om op die lijst te worden geplaatst en van wie de aanbestedende entiteit meer dan eens gebruik denkt te maken;

  • h.

    „bericht van aanbesteding”: een publicatie van een aanbestedende entiteit waarbij belangstellende leveranciers worden uitgenodigd een verzoek om deelname in te dienen of in te schrijven, of beide;

  • i.

    „compensatie”: een voorwaarde of verbintenis die de plaatselijke ontwikkeling aanmoedigt of de betalingsbalans van een Partij verbetert, bijvoorbeeld betreffende het gebruik van binnenlandse producten, het in licentie geven van technologie, investeringen, compenserende handel of vergelijkbare maatregelen of vereisten;

  • j.

    „openbare aanbesteding”: methode van aanbesteding waarbij alle belangstellende leveranciers kunnen inschrijven;

  • k.

    „aanbestedende dienst”: een entiteit die onder afdeling 1, 2 of 3 van bijlage 9 valt;

  • l.

    „erkende leverancier”: een leverancier die door een aanbestedende entiteit is erkend als leverancier die aan de voorwaarden voor deelname voldoet;

  • m.

    „aanbesteding met voorafgaande selectie”: methode van aanbesteding waarbij de aanbestedende entiteit uitsluitend erkende leveranciers tot inschrijven uitnodigt;

  • n.

    „diensten”: ook diensten in verband met de bouw, tenzij anders bepaald;

  • o.

    „norm”: een door een erkende instantie goedgekeurd document dat voor algemeen en herhaald gebruik bestemde regels, richtsnoeren of kenmerken voor producten of diensten of daarmee verband houdende processen en productiemethoden bevat, waarvan de naleving niet verplicht is, en dat ook geheel of ten dele betrekking kan hebben op terminologische elementen, symbolen en voorschriften betreffende verpakking, markering of etikettering die van toepassing zijn op een product, dienst, proces of productiemethode;

  • p.

    „leverancier”: een persoon of groep personen die goederen of diensten levert of kan leveren; en

  • q.

    „technische specificatie”: een vereiste in een aanbestedingsprocedure waarin:

    • i.

      de kenmerken van de aan te schaffen goederen of diensten worden omschreven, zoals kwaliteit, prestaties, veiligheid en afmetingen, dan wel de processen en methoden voor productie of levering; of

    • ii.

      terminologische elementen, symbolen en voorschriften betreffende verpakking, markering of etikettering die van toepassing zijn op een product of dienst, worden omschreven.

Artikel

158

Reikwijdte en toepassingsgebied

Toepassing van de Overeenkomst

Ramen van de waarde

Artikel

159

Veiligheid en algemene uitzonderingen

Artikel

160

Algemene beginselen

Non-discriminatie

Gebruik van elektronische middelen

Verloop van de aanbesteding

Oorsprongsregels

Compensaties

Maatregelen die niet specifiek betrekking hebben op overheidsopdrachten

Maatregelen ter bestrijding van corruptie

Artikel

161

Informatie over het systeem voor overheidsopdrachten

Artikel

162

Kennisgevingen

Bericht van aanbesteding

Samenvatting

Aankondiging van geplande aanbestedingen

Artikel

163

Voorwaarden voor deelname

Artikel

164

Erkenning van leveranciers

Registratiesystemen en erkenningsprocedures

Aanbesteding met voorafgaande selectie

Lijsten voor veelvuldig gebruik

Entiteiten vermeld in de afdelingen 2 en 3

Artikel

165

Technische specificaties en aanbestedingsdossier

Technische specificaties

Aanbestedingsdossier

Wijzigingen

Artikel

166

Termijnen

Artikel

167

Onderhandelingen

Artikel

168

Onderhandse aanbesteding

Artikel

169

Elektronische veilingen

Indien een aanbestedende entiteit een onder dit hoofdstuk vallende opdracht wil aanbesteden met een elektronische veiling, stelt zij, alvorens de elektronische veiling te openen, ieder deelnemer in kennis van:

  • a.

    de methode voor automatische beoordeling, met inbegrip van de wiskundige formule, gebaseerd op de in het aanbestedingsdossier opgenomen beoordelingscriteria, die gebruikt wordt om automatisch de rangorde vast te stellen of te wijzigen tijdens de veiling;

  • b.

    de resultaten van een eventuele eerste beoordeling van de onderdelen van zijn inschrijving, indien de opdracht wordt gegund aan de indiener van de voordeligste inschrijving; en

  • c.

    alle andere relevante informatie over de uitvoering van de veiling.

Artikel

170

Behandeling van inschrijvingen en gunning van opdrachten

Behandeling van inschrijvingen

Gunning van opdrachten

Artikel

171

Transparantie van informatie over aanbestedingen

Aan leveranciers verstrekte informatie

Publicatie van informatie over de gunning

Bewaren van documentatie, verslagen en elektronische traceerbaarheid

Artikel

172

Openbaarmaking van informatie

Verstrekking van informatie aan Partijen

Niet-bekendmaking van informatie

Uitwisseling van statistieken

Artikel

173

Toetsingsprocedures

Artikel

174

Wijziging en rectificatie van het toepassingsgebied

Wijzigingen

Rectificaties

Overleg en geschillenbeslechting

Artikel

175

Institutionele bepalingen

Op verzoek van een Partij behandelt het Samenwerkingscomité in zijn samenstelling voor handelsvraagstukken aangelegenheden die verband houden met de uitvoering en de werking van dit hoofdstuk, zoals:

  • a.

    de wijziging, rectificatie of aanpassing van bijlage 9;

  • b.

    aangelegenheden met betrekking tot de werking van dit hoofdstuk;

  • c.

    alle andere aangelegenheden met betrekking tot overheidsopdrachten.

HOOFDSTUK

10

HANDEL EN DUURZAME ONTWIKKELING

Artikel

176

Context en doelstellingen

Artikel

177

Recht regels te stellen en beschermingsniveaus

Artikel

178

Multilaterale milieuovereenkomsten en arbeidsverdragen

Artikel

179

Handel en investeringen ten behoeve van duurzame ontwikkeling

Artikel

180

Beslechting van geschillen

De artikelen 250 tot en met 254 zijn niet van toepassing op geschillen die onder dit hoofdstuk vallen. Nadat het arbitragepanel zijn eindverslag heeft opgesteld overeenkomstig de artikelen 248 en 249, bespreken de Partijen de passende maatregelen die zij zullen nemen, waarbij zij rekening houden met dit verslag. Het Samenwerkingscomité ziet toe op de uitvoering van dergelijke maatregelen en blijft de zaak volgen, onder andere door middel van het in artikel 179, lid 3, bedoelde mechanisme.

HOOFDSTUK

11

TRANSPARANTIE

Artikel

181

Doelstelling

In het besef van de gevolgen die hun respectieve regelgevingskader voor de onderlinge handel en investeringen kan hebben, streven de Partijen naar een voorspelbaar regelgevingskader en efficiënte procedures voor de marktdeelnemers, in het bijzonder voor de kleine en middelgrote ondernemingen.

Artikel

182

Definities

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • a.

    „administratief besluit”: een besluit met rechtsgevolgen dat of een handeling of maatregel met rechtsgevolgen die in een individueel geval op een specifieke persoon, een specifiek goed of een specifieke dienst van toepassing is; hieronder wordt ook verstaan het verzuim om een dergelijk besluit of een dergelijke handeling of maatregel vast te stellen zoals vastgelegd in de wetgeving van een Partij;

  • b.

    „belanghebbende”: iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon die door een maatregel van algemene strekking kan worden geraakt; en

  • c.

    „maatregel van algemene strekking”: de in het recht van een Partij neergelegde wet- en regelgeving, procedures, administratieve besluiten en gerechtelijke uitspraken van algemene strekking die betrekking hebben op een onder deze titel vallende kwestie.

Artikel

183

Publicatie

Elke Partij ziet erop toe dat een maatregel van algemene strekking met betrekking tot alle aangelegenheden die onder deze titel vallen:

  • a.

    snel en gemakkelijk gepubliceerd wordt via een officieel aangewezen medium en, wanneer dit haalbaar is, langs elektronische weg, of anderszins beschikbaar wordt gesteld op zodanige wijze dat ieder zich ermee vertrouwd kan maken;

  • b.

    een toelichting bevat ten aanzien van het doel en de motivering ervan; en

  • c.

    voldoende tijd laat tussen de publicatie en de inwerkingtreding van wet- en regelgeving, tenminste als dit de lasten voor de marktdeelnemers verhoogt, behalve wanneer dit vanwege spoedeisendheid niet mogelijk is. Dit punt is niet van toepassing op gerechtelijke of administratieve uitspraken.

Artikel

184

Verzoeken om informatie

Artikel

185

Uitvoering van maatregelen van algemene strekking

Artikel

186

Toetsing en beroep

Artikel

187

Verhouding tot andere hoofdstukken

Dit hoofdstuk geldt onverminderd de specifieke voorschriften die in andere hoofdstukken van deze titel zijn vastgesteld.

HOOFDSTUK

12

INVESTERINGEN EN HANDEL IN DIENSTEN

AFDELING

1

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel

188

Toepassingsgebied

Artikel

189

Definities

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • a.

    „reparatie en onderhoud van vliegtuigen”: alle werkzaamheden aan een uit de dienst genomen vliegtuig of een onderdeel daarvan, met uitzondering van het zogenaamde lijnonderhoud;

  • b.

    „activiteiten verricht of diensten verleend in het kader van de uitoefening van overheidsgezag”: activiteiten die noch op commerciële basis, noch in concurrentie met een of meer marktdeelnemers worden verricht, of diensten die op dezelfde basis worden verleend;

  • c.

    „geautomatiseerde boekingssystemen (CRS)”: dienstverlening door middel van computersystemen die informatie bevatten over dienstregeling, beschikbaarheid, tarieven en regels daarvoor, met behulp waarvan boekingen kunnen worden gedaan of vervoerbewijzen kunnen worden uitgegeven;

  • d.

    „onder de Overeenkomst vallende onderneming”: een onderneming die zich op het grondgebied van een Partij bevindt en die overeenkomstig punt h) door een rechtspersoon uit de andere Partij in overeenstemming met het toepasselijke recht reeds is opgericht, ongeacht of deze reeds op de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst is opgericht of daarna is opgericht;

  • e.

    „grensoverschrijdende handel in diensten”: het verlenen van een dienst:

    • i.

      vanaf het grondgebied van een Partij naar het grondgebied van de andere Partij; of

    • ii.

      op het grondgebied van een Partij ten behoeve van de gebruiker van de dienst van de andere Partij;

  • f.

    „economische activiteit”: elke activiteit van industriële, commerciële of professionele aard en elke activiteit van ambachtslieden, met inbegrip van het verlenen van diensten, met uitzondering van activiteiten verricht in het kader van de uitoefening van overheidsgezag;

  • g.

    „onderneming”: een rechtspersoon, een filiaal of een vertegenwoordiging van een rechtspersoon;

  • h.

    „vestiging”: het oprichten of verwerven van een rechtspersoon, onder meer door deelneming in het kapitaal, of de oprichting van een filiaal of vertegenwoordiging van een rechtspersoon op het grondgebied van een Partij, teneinde duurzame economische banden tot stand te brengen of te handhaven;

  • i.

    „bestaand”: geldend op de datum van ondertekening van deze Overeenkomst;

  • j.

    „grondafhandelingsdiensten”: de verlening op een luchthaven, op basis van een vast tarief of een contract, van de volgende diensten: vertegenwoordiging van, beheer van en toezicht op een luchtvaartmaatschappij; passagiersafhandeling; bagageafhandeling; platformdiensten; catering; luchtvracht- en -postafhandeling; brandstofvoorziening van luchtvaartuigen; onderhoud en schoonmaak van luchtvaartuigen; vervoer op de grond; vluchtuitvoeringen, bemanningsadministratie en vluchtplanning; grondafhandelingsdiensten omvatten niet de volgende diensten: zelfafhandeling; beveiliging; reparatie en onderhoud van luchtvaartuigen; of het beheer of de exploitatie van essentiële gecentraliseerde luchthaveninfrastructuur, zoals ontijzingsinstallaties, brandstofdistributiesystemen, bagageafhandelingssystemen of vaste interne luchthaventransportsystemen;

  • k.

    „rechtspersoon”: een juridische entiteit, naar het toepasselijke recht opgericht of anderszins georganiseerd, met winst- of andere oogmerken, in eigendom van particulieren of van de overheid, met inbegrip van kapitaalvennootschappen, trusts, personenvennootschappen, joint ventures, eenmanszaken of verenigingen;

  • l.

    „rechtspersoon uit een Partij”22)Ter verduidelijking: de in deze alinea genoemde scheepvaartmaatschappijen worden alleen beschouwd als rechtspersonen uit een Partij voor wat betreft hun activiteiten in verband met het verlenen van zeevervoerdiensten.:

    • i.

      voor de Europese Unie:

      • A.

        een rechtspersoon die is opgericht of georganiseerd naar het recht van de Europese Unie of van ten minste één van haar lidstaten en die daadwerkelijke zakelijke transacties23)Overeenkomstig haar aanmelding van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap bij de WTO (doc. WT/REG39/1) is volgens de Europese Unie het begrip „daadwerkelijke en voortdurende band” met de economie van een lidstaat van de Europese Unie, dat is neergelegd in artikel 54 VWEU, gelijkwaardig aan het begrip „daadwerkelijke zakelijke transacties”. op het grondgebied van de Europese Unie verricht; en

      • B.

        een buiten de Europese Unie gevestigde scheepvaartmaatschappij die onder zeggenschap staat van een natuurlijke persoon van een lidstaat, waarvan de schepen in een lidstaat zijn geregistreerd en de vlag van die lidstaat voeren;

    • ii.

      voor de Republiek Oezbekistan:

      • A.

        een rechtspersoon die is opgericht of georganiseerd naar het recht van de Republiek Oezbekistan en die daadwerkelijke zakelijke transacties op het grondgebied van de Republiek Oezbekistan verricht; en

      • B.

        een buiten de Republiek Oezbekistan gevestigde scheepvaartmaatschappij die onder zeggenschap staat van een natuurlijke persoon van de Republiek Oezbekistan, waarvan de schepen in Republiek Oezbekistan zijn geregistreerd en de vlag van Republiek Oezbekistan voeren;

  • m.

    „maatregelen van een Partij”: maatregelen die zijn vastgesteld of worden gehandhaafd door24)Ter verduidelijking: de term „maatregel van een Partij” omvat ook maatregelen van in punt l), i), en ii), vermelde entiteiten die zijn vastgesteld of worden gehandhaafd doordat zij direct of indirect instructies hebben gegeven aan, leiding hebben gegeven aan of zeggenschap hebben uitgeoefend over het gedrag van andere entiteiten met betrekking tot die maatregelen.:

    • i.

      centrale, regionale of lokale overheden of autoriteiten; en

    • ii.

      niet-gouvernementele organisaties bij de uitoefening van door centrale, regionale of lokale overheden of autoriteiten gedelegeerde bevoegdheden;

  • n.

    „natuurlijke persoon uit een Partij”:

    • i.

      voor de Europese Unie, een persoon met de nationaliteit van een van de lidstaten overeenkomstig de wetgeving van die lidstaat25)Voor de Europese Unie omvat de term „natuurlijke persoon uit een Partij” ook personen die permanent in de Republiek Letland verblijven en die geen staatsburger van de Republiek Letland van enige andere staat zijn, maar uit hoofde van het recht van de Republiek Letland wel recht hebben op een paspoort voor niet-staatsburgers.; en

    • ii.

      voor de Republiek Oezbekistan, een onderdaan van de Republiek Oezbekistan overeenkomstig het recht van de Republiek Oezbekistan;

  • o.

    „exploitatie”: de uitbating, het beheer, het aanhouden, het gebruik, het genot en het verkopen of een andere vorm van beschikken over een onderneming;

  • p.

    „verkoop en marketing van luchtvervoerdiensten”: de mogelijkheid voor de betrokken luchtvaartmaatschappij haar luchtvervoerdiensten vrij te verkopen en op de markt te brengen, met inbegrip van alle marketingaspecten zoals marktonderzoek, reclame en distributie, maar met uitzondering van de tarifering van luchtvervoerdiensten en de toepasselijke voorwaarden;

  • q.

    „dienst”: elke dienst in enige sector, behalve diensten die worden verleend in het kader van de uitoefening van overheidsgezag;

  • r.

    „dienstverlener”: elke persoon die een dienst aanbiedt of verleent.

Artikel

190

Horizontale beperking op diensten

Artikel

191

Overeenkomsten tot economische integratie

De op grond van dit hoofdstuk toegekende behandeling is niet van toepassing op de behandeling die een Partij toekent krachtens een overeenkomst tot wezenlijke liberalisering van de handel (met inbegrip van vestiging op het gebied van diensten) die voldoet aan de criteria van de artikelen V en V bis van de GATS, of een overeenkomst tot wezenlijke liberalisering van vestiging voor andere economische activiteiten die ten aanzien van die activiteiten aan dezelfde criteria voldoet.

Artikel

192

Transparantie en bekendmaking van vertrouwelijke informatie

AFDELING

2

INVESTERINGEN

Artikel

193

Toepassingsgebied

Deze afdeling is van toepassing op maatregelen van een Partij die gevolgen hebben voor vestiging of exploitatie op haar grondgebied met het oog op de uitoefening van economische activiteiten door:

  • a.

    rechtspersonen uit de andere Partij; en

  • b.

    onder de Overeenkomst vallende ondernemingen.

Artikel

194

Meestbegunstigingsbehandeling en nationale behandeling

Artikel

195

Hoger management en raden van bestuur

Onverminderd de voorbehouden in bijlage 12-A en de GATS-lijsten van specifieke verbintenissen van de Europese Unie en in bijlage 12-B, mag een Partij een onder de Overeenkomst vallende onderneming niet verplichten personen van een bepaalde nationaliteit te benoemen als leidinggevenden of managers, of als leden van de raad van bestuur.

Artikel

196

Weigering van toekenning van voordelen

Een Partij kan de voordelen van deze afdeling weigeren aan een rechtspersoon uit de andere Partij of met betrekking tot een onder de Overeenkomst vallende onderneming, indien de weigerende Partij maatregelen vaststelt of handhaaft in verband met de handhaving van de internationale vrede en veiligheid, met inbegrip van de bescherming van de mensenrechten, die:

  • a.

    transacties met die rechtspersoon of met de onder de Overeenkomst vallende onderneming verbieden; of

  • b.

    zouden worden geschonden of omzeild indien de voordelen van deze afdeling aan die rechtspersoon of onder de Overeenkomst vallende onderneming zouden worden toegekend, ook wanneer de maatregelen transacties verbieden met een persoon die eigenaar is van of zeggenschap heeft over die rechtspersoon of onderneming.

AFDELING

3

GRENSOVERSCHRIJDENDE HANDEL IN DIENSTEN

Artikel

197

Toepassingsgebied

Deze afdeling is van toepassing op maatregelen van een Partij die gevolgen hebben voor de grensoverschrijdende handel in diensten door dienstverleners uit de andere Partij.

Artikel

198

Nationale behandeling

Artikel

199

Verdere geleidelijke liberalisering

Artikel

200

Weigering van toekenning van voordelen

Een Partij kan de voordelen van deze afdeling weigeren aan een dienstverlener uit de andere Partij, indien de weigerende Partij maatregelen vaststelt of handhaaft in verband met de handhaving van de internationale vrede en veiligheid, met inbegrip van de bescherming van de mensenrechten, die:

  • a.

    transacties met die dienstverlener verbieden; of

  • b.

    zouden worden geschonden of omzeild indien de voordelen van deze afdeling aan die dienstverlener zouden worden toegekend, ook wanneer de maatregelen transacties verbieden met een persoon die eigenaar is van of zeggenschap heeft over deze dienstverlener.

AFDELING

4

TOEGANG EN TIJDELIJK VERBLIJF VAN NATUURLIJKE PERSONEN VOOR ZAKELIJKE DOELEINDEN

Artikel

201

Toepassingsgebied en definities

Artikel

202

Binnen een onderneming overgeplaatste personen en zakelijke bezoekers voor vestigingsdoeleinden

Artikel

203

Dienstverleners op contractbasis

Artikel

204

Transparantie

AFDELING

5

REGELGEVINGSKADER

ONDERAFDELING

A

INTERNE REGELGEVING

Artikel

205

Toepassingsgebied en definities

Artikel

206

Voorwaarden voor het verlenen van vergunningen en kwalificaties

Artikel

207

Vergunnings- en kwalificatieprocedures

ONDERAFDELING

B

BESTELDIENSTEN

Artikel

208

Toepassingsgebied en definities

Artikel

209

Universele dienst

Artikel

210

Financiering van een universele dienst

Een Partij mag geen vergoedingen of andere kosten in rekening brengen voor de levering van een besteldienst die geen universele dienst is met het oog op de financiering van de levering van een universele dienst37)Om meer zekerheid te bieden is dit artikel niet van toepassing op algemeen toepasselijke belastingmaatregelen of administratieve vergoedingen..

Artikel

211

Preventie van marktverstorende praktijken

Elke Partij garandeert dat een verstrekker van besteldiensten die met een universeledienstverplichting belast is of een postmonopolie heeft, geen marktverstorende praktijken opzet.

Artikel

212

Vergunningen

Artikel

213

Onafhankelijkheid van de regelgevende instantie

ONDERAFDELING

C

TELECOMMUNICATIEDIENSTEN

Artikel

214

Toepassingsgebied

Deze afdeling bevat beginselen van het regelgevingskader waaruit gevolgen voortvloeien voor telecommunicatienetwerken en -diensten waarvoor verbintenissen zijn opgenomen in bijlage 12-A bij deze Overeenkomst, de GATS-lijsten van specifieke verbintenissen van de Europese Unie en de bijlagen 12-B, 12-C en 12-D bij deze Overeenkomst.

Artikel

215

Definities

Voor de toepassing van deze afdeling gelden de volgende definities:

  • a.

    „bijbehorende faciliteiten”: diensten, fysieke infrastructuren en andere faciliteiten die verband houden met een telecommunicatienetwerk of -dienst die de levering van diensten via dat netwerk of die dienst mogelijk maken of ondersteunen of daartoe het potentieel hebben;

  • b.

    „essentiële faciliteiten”: faciliteiten van een openbaar telecommunicatienetwerk of openbare telecommunicatiedienst die:

    • i.

      uitsluitend of voornamelijk ter beschikking worden gesteld door een enkele of een beperkt aantal leveranciers; en

    • ii.

      niet op haalbare wijze economisch of technisch kunnen worden vervangen met het oog op het verlenen van een dienst;

  • c.

    „interconnectie”: de koppeling van openbare telecommunicatienetwerken die door dezelfde of verschillende aanbieders van telecommunicatienetwerken of -diensten worden gebruikt om de gebruikers van een leverancier in staat te stellen te communiceren met gebruikers van dezelfde of een andere leverancier of om toegang te krijgen tot diensten die door een andere leverancier worden aangeboden. Diensten kunnen worden verleend door de betrokken leveranciers of door een andere leverancier die toegang heeft tot het netwerk;

  • d.

    „huurcircuit”: telecommunicatiediensten of -faciliteiten, met inbegrip van virtuele diensten, die capaciteit reserveren voor specifiek gebruik door of beschikbaarheid voor een gebruiker tussen twee of meer aangewezen punten;

  • e.

    „grote aanbieder”: een aanbieder van telecommunicatienetwerken of -diensten die, gelet op de prijs en het aanbod, de voorwaarden voor deelneming aan een relevante markt voor telecommunicatienetwerken of -diensten wezenlijk kan beïnvloeden als gevolg van zeggenschap over essentiële faciliteiten of het gebruik van zijn positie op die markt;

  • f.

    „netwerkelement”: een voorziening of uitrusting die wordt gebruikt voor het leveren van een telecommunicatiedienst, met inbegrip van kenmerken, functies en mogelijkheden die door middel van die faciliteit of uitrusting worden geleverd;

  • g.

    „openbaar telecommunicatienetwerk”: elk telecommunicatienetwerk dat geheel of hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het aanbieden van openbare telecommunicatiediensten tussen netwerkaansluitpunten;

  • h.

    „openbare telecommunicatiedienst”: elke telecommunicatiedienst die in het algemeen aan het publiek wordt aangeboden;

  • i.

    „telecommunicatie”: de transmissie en ontvangst van signalen via elektromagnetische middelen;

  • j.

    „telecommunicatienetwerk”: de transmissiesystemen en in voorkomend geval de schakel- of routeringsapparatuur en andere middelen, met inbegrip van netwerkelementen die niet actief zijn, die het mogelijk maken signalen over te brengen en te ontvangen via draad, radiogolven, optische of andere elektromagnetische middelen;

  • k.

    „regelgevende autoriteit voor telecommunicatie”: de instantie(s) die door een Partij belast is (zijn) met de regulering van onder deze hoofdstuk vallende telecommunicatienetwerken en -diensten;

  • l.

    „telecommunicatiedienst”: een dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat in de transmissie en ontvangst van signalen, met inbegrip van omroepsignalen, via telecommunicatienetwerken, met inbegrip van die welke voor omroep worden gebruikt, maar geen dienst waarbij met behulp van telecommunicatienetwerken en -diensten overgebrachte inhoud wordt geleverd of redactioneel wordt gecontroleerd;

  • m.

    „universele dienst”: het minimale pakket aan diensten van een bepaalde kwaliteit dat op het grondgebied van een Partij of een onderverdeling daarvan tegen een betaalbare prijs beschikbaar moet worden gesteld voor alle gebruikers of voor een deel van de gebruikers, ongeacht hun geografische locatie; en

  • n.

    „gebruiker”: elke persoon die gebruikmaakt van een openbare telecommunicatiedienst.

Artikel

216

Regelgevende autoriteit voor telecommunicatie

Artikel

217

Vergunning voor het aanbieden van telecommunicatienetwerken of -diensten

Artikel

218

Interconnectie

Elke Partij ziet erop toe dat een aanbieder van openbare telecommunicatienetwerken of -diensten het recht en, wanneer een andere aanbieder van openbare telecommunicatienetwerken of -diensten daarom verzoekt, de plicht heeft om te onderhandelen over interconnectie met het oog op het aanbieden van openbare telecommunicatienetwerken of -diensten.

Artikel

219

Toegang en gebruik

Artikel

220

Beslechting van telecommunicatiegeschillen

Artikel

221

Mededingingswaarborgen ten aanzien van grote aanbieders

Elke Partij neemt of handhaaft passende maatregelen om te voorkomen dat aanbieders van telecommunicatienetwerken of -diensten, die, alleen of samen met anderen, grote aanbieders zijn, overgaan tot concurrentiebeperkende praktijken of die voortzetten. In dit verband wordt onder concurrentiebeperkende praktijken met name het volgende verstaan:

  • a.

    het op mededingingsbeperkende wijze toepassen van kruissubsidiëring;

  • b.

    het op mededingingsverstorende wijze gebruiken van informatie van concurrenten; en

  • c.

    het niet tijdig aan andere dienstverleners beschikbaar stellen van technische informatie over essentiële faciliteiten en van commercieel relevante informatie die deze dienstverleners voor het leveren van hun diensten nodig hebben.

Artikel

222

Interconnectie met grote aanbieders

Artikel

223

Toegang tot essentiële faciliteiten van grote aanbieders

Artikel

224

Schaarse middelen

Artikel

225

Universele dienst

Artikel

226

Vertrouwelijkheid van informatie

ONDERAFDELING

D

FINANCIËLE DIENSTEN

Artikel

227

Toepassingsgebied

Artikel

228

Definities

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

  • a.

    „financiële dienst”: elke dienst van financiële aard die door een aanbieder van financiële diensten van een Partij wordt verleend en de volgende activiteiten omvat:

    • i.

      verzekeringen en aanverwante diensten:

      • A.

        directe verzekering (met inbegrip van medeverzekering):

        • 1.

          levensverzekering;

        • 2.

          schadeverzekering;

      • B.

        herverzekering en retrocessie;

      • C.

        verzekeringsbemiddeling, zoals makelaardij en agentschap; en

      • D.

        ondersteunende diensten in de verzekeringssector, zoals diensten van adviseurs en actuarissen en diensten in verband met risicobeoordeling en de afwikkeling van claims;

    • ii.

      bankdiensten en andere financiële diensten (behalve verzekeringen):

      • A.

        aanvaarding van deposito’s en andere terugbetaalbare fondsen van het publiek;

      • B.

        alle soorten leningen, waaronder consumentenkrediet en hypotheken, factoring en financiering van commerciële transacties;

      • C.

        financiële lease;

      • D.

        alle diensten in verband met het betalingsverkeer en de overmaking van geld, waaronder creditcards, betaalkaarten, debetkaarten, reischeques en bankwissels;

      • E.

        garanties en verbintenissen;

      • F.

        transacties voor eigen rekening of voor rekening van cliënten op de beurs, buiten de beurs of anderszins, ten aanzien van:

        • 1.

          geldmarktinstrumenten (met inbegrip van cheques, effecten en depositocertificaten);

        • 2.

          deviezen;

        • 3.

          derivaten, zoals futures en opties;

        • 4.

          wisselkoers- en rentetariefinstrumenten, waaronder producten als swaps en rentetermijncontracten;

        • 5.

          verhandelbare effecten;

        • 6.

          andere verhandelbare stukken en financiële activa, met inbegrip van ongemunt goud en zilver;

      • G.

        deelneming in emissies van diverse soorten effecten, met inbegrip van het garanderen en plaatsen van effecten als agent (openbaar of particulier) en het verlenen van daarmede verband houdende diensten;

      • H.

        geldmakelaarsdiensten;

      • I.

        beheer van activa, zoals beheer van contanten of portefeuillebeheer, alle vormen van beheer van collectieve investeringen, beheer van pensioenfondsen, diensten aangaande bewaarneming, depositodiensten en fiduciaire diensten;

      • J.

        betalings- en compensatiediensten voor financiële activa, met inbegrip van effecten, derivaten en andere verhandelbare stukken;

      • K.

        verstrekking en doorgifte van financiële informatie en verwerking van financiële gegevens en daarop betrekking hebbende software; en

      • L.

        advies- en bemiddelingsdiensten en andere ondersteunende financiële diensten voor alle onder de bovenstaande punten A) tot en met K) vermelde activiteiten, met inbegrip van kredietonderzoek en -analyse, onderzoek en advies aangaande investeringen en beleggingen, advies over overnamen, bedrijfsreorganisaties en -strategieën;

  • b.

    „verlener van financiële diensten”: een persoon uit een Partij die financiële diensten aanbiedt of verleent, met uitzondering van overheidsinstanties;

  • c.

    „ overheidsinstantie”:

    • i.

      een overheid, centrale bank of monetaire autoriteit van een Partij, of een instantie die eigendom is van een Partij of onder zeggenschap staat van een Partij en die zich in hoofdzaak bezighoudt met de uitvoering van overheidstaken of activiteiten voor overheidsdoeleinden, met uitzondering van entiteiten die zich in hoofdzaak bezighouden met het verlenen van financiële diensten op commerciële basis; of

    • ii.

      een particuliere instantie, wanneer die taken vervult die normalerwijze door een centrale bank of monetaire autoriteit worden vervuld;

  • d.

    „zelfregulerende organisatie”: elk niet-gouvernementeel orgaan, met inbegrip van effecten- of termijnbeurzen of effecten- of termijnmarkten, verrekenkantoren, andere organisaties of verenigingen dat op grond van de wetgeving of een delegatie van de centrale, regionale of lokale overheden of autoriteiten een regulerende of toezichthoudende bevoegdheid uitoefent ten aanzien van verleners van financiële diensten, waar van toepassing.

Artikel

229

Prudentiële uitzonderingsbepaling

Artikel

230

Internationale normen

De Partijen streven ernaar dat internationaal overeengekomen normen voor regelgeving en toezicht, voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering en voor de bestrijding van belastingontduiking en -ontwijking in de financiëledienstensector op hun grondgebied worden uitgevoerd en toegepast. Dergelijke internationaal overeengekomen normen zijn onder meer die welke zijn vastgesteld door het Bazels Comité voor Bankentoezicht (BCBS), met name het „Core Principle for Effective Banking Supervision” daarvan, de International Association of Insurance Supervisors (IAIS), met name de „Insurance Core Principles” daarvan, de International Organisation of Securities Commissions (IOSCO), in het bijzonder de „Objectives and Principles of Securities Regulation” daarvan, de FATF, en het Mondiaal Forum inzake transparantie en uitwisseling van inlichtingen voor belastingdoeleinden van de OESO.

Artikel

231

Zelfregulerende organisaties

Wanneer een Partij lidmaatschap van, deelname aan of toegang tot een zelfregulerende organisatie vereist opdat verleners van financiële diensten uit de andere Partij financiële diensten op haar grondgebied kunnen verlenen, zorgt die Partij ervoor dat in artikel 194 omschreven verplichtingen door die zelfregulerende organisatie worden nageleefd.

Artikel

232

Verrekenings- en betalingssystemen

Onder de voorwaarden die de nationale behandeling toelaat, verschaft elke Partij aan op haar grondgebied gevestigde verleners van financiële diensten uit de andere Partij toegang tot betalings- en clearingsystemen van openbare entiteiten, alsmede tot voor de normale bedrijfsvoering beschikbare officiële financierings- en herfinancieringsfaciliteiten. Dit artikel verleent geen toegang tot de kredietfaciliteiten in laatste instantie van de Partij.

ONDERAFDELING

E

INTERNATIONALE ZEEVERVOERDIENSTEN

Artikel

233

Toepassingsgebied en verplichtingen

HOOFDSTUK

13

KAPITAALBEWEGINGEN, BETALINGEN EN OVERDRACHTEN EN VRIJWARINGSMAATREGELEN

Artikel

234

Lopende rekening en kapitaalverkeer

Artikel

235

Toepassing van wet- en regelgeving met betrekking tot kapitaalverkeer, betalingen of overmakingen

Artikel

236

Tijdelijke vrijwaringsmaatregelen

Artikel

237

Beperkingen in geval van moeilijkheden met betrekking tot de betalingsbalans en de buitenlandse financiële positie

HOOFDSTUK

14

GESCHILLENBESLECHTING

AFDELING

1

DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED

Artikel

238

Doelstelling

Het doel van dit hoofdstuk is een doeltreffend en doelmatig mechanisme op te zetten om geschillen tussen de Partijen over de uitlegging en toepassing van deze titel te vermijden of te beslechten teneinde waar mogelijk tot een voor beide Partijen overeengekomen oplossing te komen.

Artikel

239

Toepassingsgebied

Tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald, is dit hoofdstuk van toepassing op geschillen tussen de Partijen over de uitlegging en toepassing van deze titel (hierna „de bestreken bepalingen” genoemd).

AFDELING

2

OVERLEG

Artikel

240

Overleg

AFDELING

3

PANELPROCEDURES

Artikel

241

Inleiding van panelprocedures

Artikel

242

Instelling van een panel

Artikel

243

Lijst van panelleden

Artikel

244

Vereisten voor panelleden

Artikel

245

Functies van het panel

Het panel:

  • a.

    verricht een objectieve beoordeling van de aan het panel voorgelegde aangelegenheid, met inbegrip van een objectieve beoordeling van de feiten van de zaak en de toepasselijkheid van en overeenstemming met de bestreken bepalingen;

  • b.

    vermeldt in zijn besluiten en verslagen de resultaten van het feitenonderzoek, de toepasselijkheid van de bestreken bepalingen alsmede de beweegredenen die aan de bevindingen en conclusies van het panel ten grondslag liggen; en

  • c.

    pleegt regelmatig overleg met de Partijen en biedt passende kansen voor de ontwikkeling van een onderling overeengekomen oplossing.

Artikel

246

Taakomschrijving

Artikel

247

Beslissing inzake spoedeisendheid

Artikel

248

Tussentijds verslag

Artikel

249

Eindverslag

Artikel

250

Nalevingsmaatregelen

Artikel

251

Redelijke termijn

Artikel

252

Nalevingscontrole

Artikel

253

Tijdelijke maatregelen

Artikel

254

Toetsing van getroffen nalevingsmaatregelen nadat tijdelijke maatregelen zijn genomen

Artikel

255

Vervanging van panelleden

Indien een panellid tijdens geschillenbeslechtingsprocedures op grond van deze afdeling, niet kan deelnemen, zich terugtrekt of moet worden vervangen omdat het niet aan bijlage 14-B voldoet, is de procedure van artikel 242 van toepassing. De termijn voor het verslag of het besluit van het panel wordt verlengd met de tijd die nodig is voor de benoeming van het nieuwe panellid.

Artikel

256

Reglement van orde

Artikel

257

Opschorting en beëindiging

Artikel

258

Recht om inlichtingen in te winnen

Artikel

259

Interpretatieregels

Artikel

260

Verslagen en besluiten van het panel

Artikel

261

Forumkeuze

AFDELING

4

BEMIDDELING

Artikel

262

Doelstelling

Het bemiddelingsmechanisme heeft tot doel te bevorderen dat door middel van een integrale en snelle procedure en met behulp van een bemiddelaar een onderling overeengekomen oplossing wordt bereikt.

Artikel

263

Verzoek om informatie

Artikel

264

Inleiding van de bemiddelingsprocedure

Artikel

265

Aanwijzing van de bemiddelaar

Artikel

266

Regels van de bemiddelingsprocedure

Artikel

267

Vertrouwelijkheid

Tenzij de Partijen bij het geschil anders overeenkomen, zijn alle andere fasen van de bemiddelingsprocedure, met inbegrip van adviezen of voorgestelde oplossingen, vertrouwelijk. Elke Partij mag echter openbaar maken dat bemiddeling plaatsvindt.

Artikel

268

Verhouding tot geschillenbeslechtingsprocedures

AFDELING

5

GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN

Artikel

269

Onderling overeengekomen oplossing

Artikel

270

Termijnen

Artikel

271

Kosten

Artikel

272

Wijzigingen in de bijlagen

Het Samenwerkingscomité kan de bijlagen 14-A en 14-B wijzigen.

HOOFDSTUK

15

UITZONDERINGEN

Artikel

273

Algemene uitzonderingen

Artikel

274

Belastingheffing

Artikel

275

Openbaarmaking van informatie

Artikel

276

WTO-ontheffingen

Als een verplichting in deze titel in wezen gelijkwaardig is aan een verplichting uit hoofde van de WTO-Overeenkomst, wordt elke maatregel die is genomen in overeenstemming met een op grond van artikel IX van de WTO-Overeenkomst vastgestelde ontheffing, geacht in overeenstemming te zijn met de in wezen gelijkwaardige bepaling in deze Overeenkomst.

TITEL

V

SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN ECONOMISCHE EN DUURZAME ONTWIKKELING

Artikel

277

Algemene samenwerkingsdoelstellingen van de economische dialoog

Artikel

278

Algemene samenwerkingsbeginselen van de economische dialoog

De Partijen nemen de volgende maatregelen:

  • a.

    zij wisselen ervaringen en beste praktijken uit met betrekking tot strategieën voor duurzame ontwikkeling, met inbegrip van de bevordering van economische, sociale en culturele rechten;

  • b.

    zij wisselen informatie uit over macro-economische trends en beleid, alsmede over structurele hervormingen;

  • c.

    zij wisselen deskundigheid en optimale werkwijzen uit op gebieden als overheidsfinanciën, monetair en wisselkoersbeleid, beleid in de financiële sector en economische statistieken;

  • d.

    zij wisselen informatie en ervaringen uit over regionale economische integratie, met inbegrip van de werking van de Europese economische en monetaire unie; en

  • e.

    zij bekijken de stand van zaken van de bilaterale samenwerking op het gebied van economie, financiën en statistiek.

Artikel

279

Beheer van de overheidsfinanciën, externe audit bij de overheid en interne financiële controle

De Partijen werken samen op het gebied van robuuste systemen voor het beheer van de overheidsfinanciën, alsmede externe audit bij de overheid en interne financiële controle, met de volgende doelstellingen:

  • a.

    verdere versterking van de Rekenkamer als hoogste openbare instelling voor externe controle bij de overheid en interne financiële controle van de Republiek Oezbekistan wat betreft de financiële, organisatorische en operationele onafhankelijkheid en capaciteitsopbouw ervan overeenkomstig internationaal aanvaarde normen voor de externe audit (INTOSAI);

  • b.

    ondersteuning van de centrale harmonisatie-eenheid (afdeling begrotingssystematiek, beheer van kasmiddelen, financiële controle en interne audit) voor de verdere ontwikkeling van de interne financiële controle bij de overheid van de Republiek Oezbekistan en de versterking van haar bevoegdheden en status;

  • c.

    de verdere ontwikkeling en uitvoering van het systeem voor interne financiële controle bij de overheid, gebaseerd op het beginsel van verantwoordingsplicht van beheerders en met inbegrip van een functioneel onafhankelijke interne auditfunctie voor de gehele publieke sector, door middel van harmonisatie met algemeen aanvaarde internationale normen en methodologieën en met goede praktijken van de Europese Unie;

  • d.

    de ontwikkeling van een adequaat financieel inspectiesysteem ter aanvulling van de interne auditfunctie (zonder deze te overlappen);

  • e.

    doeltreffende samenwerking en coördinatie tussen de actoren die betrokken zijn bij financieel beheer en controle, audit en inspectie en de actoren voor begroting, financiën en boekhouding om de ontwikkeling van het bestuur te bevorderen; en

  • f.

    uitwisseling van informatie, ervaringen en goede praktijken op het gebied van beheer van overheidsfinanciën, externe audit bij de overheid en interne financiële controle.

Artikel

280

Goed bestuur op het gebied van belastingen

De Partijen verbinden zich ertoe de beginselen van goed bestuur op fiscaal gebied toe te passen, waaronder de mondiale normen inzake transparantie en uitwisseling van informatie, billijke belastingheffing en de minimumnormen tegen grondslaguitholling en winstverschuiving. De Partijen bevorderen goed bestuur in belastingzaken, versterken de internationale samenwerking op fiscaal gebied en vergemakkelijken het innen van belastinginkomsten.

Artikel

281

Statistieken

Artikel

282

Connectiviteit

De Partijen bevorderen duurzame connectiviteit in de regio en daarbuiten. Daartoe werken de Partijen samen op gebieden van gemeenschappelijk belang, teneinde connectiviteitsinitiatieven te bevorderen die economisch, budgettair, ecologisch en sociaal duurzaam zijn op de lange termijn en die overeenstemmen met internationaal overeengekomen regels en voorschriften.

Artikel

283

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op energiegebied

Artikel

284

Samenwerking in de energiesector

De samenwerking in de energiesector heeft onder meer betrekking op de volgende gebieden:

  • a.

    het bevorderen van hernieuwbare energiebronnen, energie-efficiëntie en energiezekerheid, en met name de betrouwbaarheid, veiligheid en duurzaamheid van de energievoorziening, met inbegrip van het waarborgen van de veiligheid van energiefaciliteiten en het verhogen van de energie-efficiëntie van de opwekkingscapaciteit, door het stimuleren van regionale samenwerking op energiegebied, met inbegrip van de totstandbrenging van regionale energiemarkten en het faciliteren van inter- en intraregionale energiehandel en -uitwisseling;

  • b.

    het uitvoeren van energiestrategieën en energiebeleid, de bespreking van vooruitzichten en scenario’s, onder andere met betrekking tot de situatie op de wereldmarkt voor energieproducten, alsmede de verbetering van het statistische registratiesysteem in de energiesector;

  • c.

    het scheppen van een aantrekkelijk en stabiel investeringsklimaat en het aanmoedigen van wederzijdse investeringen op niet-discriminerende basis in de energiesector;

  • d.

    effectieve uitwisselingen met de Europese Investeringsbank, de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling en andere relevante internationale financiële instellingen en instrumenten op energiegebied;

  • e.

    wetenschappelijke en technische uitwisselingen voor de ontwikkeling van energietechnologieën, met bijzondere aandacht voor energie-efficiënte en milieuvriendelijke technologieën;

  • f.

    samenwerking in het kader van multilaterale energiefora, -initiatieven en -instanties; en

  • g.

    uitwisseling van kennis en ervaring en overdracht van technologie op het gebied van innovatie, onder andere met betrekking tot management en energietechnologieën en digitalisering in de energie-industrie, waaronder automatisering van verbruiksmonitoring en minimalisering van verliezen.

Artikel

285

Hernieuwbare energiebronnen

De samenwerking zal worden voortgezet, door onder meer:

  • a.

    hernieuwbare energiebronnen op economisch en ecologisch verantwoorde wijze in te voeren en te ontwikkelen, waaronder samenwerking inzake regelgeving, certificering en normalisatie en technologische ontwikkeling;

  • b.

    uitwisselingen tussen de instellingen, laboratoria en entiteiten uit de particuliere sector van de Partijen te faciliteren, met het oog op de toepassing van beste praktijken voor het creëren van de energie van de toekomst en de groene economie; en

  • c.

    het organiseren van gezamenlijke seminars, conferenties, opleidingsprogramma’s en regelmatige uitwisseling van wetenschappelijke en praktische informatie en open statistische data, alsmede van informatie over de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen.

Artikel

286

Energie-efficiëntie en -besparing

De samenwerking ter bevordering van energie-efficiëntie en -besparing, onder andere in de steenkoolsector en met betrekking tot het affakkelen van gas (en het gebruik van geassocieerd gas), in gebouwen, apparatuur en vervoer, wordt onder andere nagestreefd door middel van:

  • a.

    uitwisseling van informatie over beleid, wet- en regelgeving en actieplannen inzake energie-efficiëntie;

  • b.

    het faciliteren van de uitwisseling van ervaringen en kennis op het gebied van energie-efficiëntie en energiebesparing;

  • c.

    het opzetten en uitvoeren van projecten, waaronder demonstratieprojecten, voor de introductie van innovatieve technologieën en oplossingen met betrekking tot energie-efficiëntie en energiebesparing; en

  • d.

    opleidingsprogramma’s en -cursussen op het gebied van energiezuinigheid met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van dit artikel.

Artikel

287

Koolwaterstofenergie en elektriciteit

De samenwerking op het gebied van koolwaterstofenergie omvat onder andere de volgende gebieden:

  • a.

    modernisering en verbetering van bestaande en ontwikkeling van nieuwe energie-infrastructuur van gemeenschappelijk belang, overeenkomstig de beginselen van de markteconomie, die zich onder andere richt op diversifiëring van de energiebronnen, de leveranciers en de vervoersroutes en -wijzen, alsmede op het creëren van nieuwe opwekkingscapaciteit en op de integriteit, efficiëntie, veiligheid en beveiliging van energie-infrastructuur, waaronder op het gebied van elektriciteit;

  • b.

    ontwikkeling, door middel van hervorming van de regelgeving, van competitieve, transparante en niet-discriminerende energiemarkten volgens goede praktijken;

  • c.

    verbetering en versterking van de stabiliteit en continuïteit van de energiehandel op lange termijn, onder andere door de voorspelbaarheid en stabiliteit van de vraag naar energie te waarborgen, op niet-discriminerende basis en met minimale impact op en risico’s voor het milieu;

  • d.

    bevordering van een hoog niveau van milieubescherming en duurzame ontwikkeling van de energiesector, onder andere met betrekking tot extractie, raffinage, vervoer, distributie en verbruik; en

  • e.

    verbetering van de veiligheid van activiteiten met betrekking tot koolwaterstofexploratie en -productie door de uitwisseling van ervaring op het gebied van het voorkomen van ongelukken, analyse, respons en sanering na een ongeluk, en beste praktijken inzake aansprakelijkheid en juridische procedures in geval van een ramp.

Artikel

288

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op vervoergebied

De Partijen werken samen op het gebied van vervoer met de volgende doelstellingen:

  • a.

    het bevorderen van complementariteit tussen hun vervoersectoren;

  • b.

    het verbeteren van de connectiviteit van hun vervoersnetwerken en verbindingen tussen hun grondgebieden;

  • c.

    het bevorderen van de verbetering van de vervoersinfrastructuur en interoperabiliteit;

  • d.

    het bevorderen van efficiënt, veilig en betrouwbaar vervoer;

  • e.

    het verbeteren van het veiligheidsniveau van het vervoer;

  • f.

    het ontwikkelen van duurzame vervoerssystemen, met inbegrip van de economische, fiscale, milieu- en sociale aspecten daarvan; en

  • g.

    verbetering van het verkeer van personen en goederen, een vlottere doorstroming van het vervoer door het wegwerken van administratieve, technische en andere belemmeringen, ten behoeve van sterkere marktintegratie.

Artikel

289

Samenwerking op het gebied van vervoer

De samenwerking op het gebied van vervoer heeft onder meer betrekking op:

  • a.

    uitwisseling van de beste praktijken met betrekking tot vervoersbeleid;

  • b.

    informatie-uitwisseling en gezamenlijke activiteiten op regionaal en internationaal niveau, met inbegrip van de uitvoering van internationale overeenkomsten en verdragen waarbij de Partijen partij zijn;

  • c.

    uitwisseling van ervaringen met groene technologieën van vervoerssystemen, met inbegrip van de introductie van milieuvriendelijk vervoer;

  • d.

    uitwisseling van ervaringen met de digitalisering van het vervoers- en logistieke systeem en de invoering van interoperabele normen en technologieën bij het ontwerp, de aanleg en de vernieuwing van vervoersinfrastructuur;

  • e.

    bijstand met het oog op de toetreding van de Republiek Oezbekistan tot internationale multilaterale overeenkomsten en verdragen van de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (VN/ECE) inzake internationaal vervoer; en

  • f.

    vergemakkelijking van de mobiliteit van bestuurders van motorvoertuigen van beide Partijen die internationaal vervoer over de weg verrichten, overeenkomstig de geldende regels.

Artikel

290

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op milieugebied

De Partijen ontwikkelen en versterken hun samenwerking inzake milieuaangelegenheden en dragen zo bij tot duurzame ontwikkeling en goed bestuur op het gebied van milieubescherming.

Artikel

291

Samenwerking op milieugebied

Artikel

292

Integratie van milieu in andere sectoren

Artikel

293

Algemene doelstellingen voor samenwerking op het gebied van de klimaatverandering

De Partijen ontwikkelen en versterken hun samenwerking ter bestrijding van en aanpassing aan de klimaatverandering om bij te dragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs inzake de klimaatverandering. Bij de samenwerking wordt rekening gehouden met de belangen van elke Partij op basis van gelijkheid en wederzijds voordeel, alsook met hun onderlinge afhankelijkheid tussen bilaterale en multilaterale verbintenissen op dat gebied.

Artikel

294

Samenwerking inzake de klimaatverandering op binnenlands, regionaal en internationaal niveau

Met de samenwerking worden maatregelen bevorderd op nationaal, regionaal en internationaal niveau, onder meer inzake:

  • a.

    matiging van de klimaatverandering;

  • b.

    aanpassing aan de klimaatverandering;

  • c.

    het voorkomen, minimaliseren en aanpakken van de negatieve gevolgen van de klimaatverandering;

  • d.

    markt- en niet-marktmechanismen voor de aanpak van de klimaatverandering;

  • e.

    de bevordering van nieuwe, innovatieve, veilige en duurzame koolstofarme en aanpassingstechnologieën;

  • f.

    de uitvoering van de Overeenkomst van Parijs inzake de klimaatverandering;

  • g.

    de geleidelijke opname van klimaataspecten in het algemene en sectorale beleid; en

  • h.

    bewustmaking, voorlichting en opleiding.

Artikel

295

Samenwerking op het gebied van de klimaatverandering

Artikel

296

Algemene doelstellingen voor samenwerking op het gebied van het industriebeleid en het ondernemingsbeleid

De Partijen streven ernaar hun samenwerking inzake het industrie- en ondernemingsbeleid te ontwikkelen en te versterken en verbeteren zo het ondernemingsklimaat voor alle marktdeelnemers, met bijzondere nadruk op kleine en middelgrote ondernemingen.

Artikel

297

Samenwerking op het gebied van het industrie- en ondernemingsbeleid

De samenwerking op het gebied van het industrie- en ondernemingsbeleid omvat:

  • a.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken ter ondersteuning van het ondernemerschaps- en ontwikkelingsbeleid voor kleine en middelgrote ondernemingen;

  • b.

    de uitwisseling van informatie en goede praktijken inzake productiviteit en efficiëntie van het hulpbronnengebruik, met inbegrip van vermindering van het energieverbruik en schonere productie;

  • c.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken om de maatschappelijke verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven en de industrie bij duurzame ontwikkeling en de eerbiediging van de rechten van de mens te versterken;

  • d.

    overheidssteun voor industriële sectoren, op basis van de WTO-vereisten en andere internationale regels die van toepassing zijn op de Partijen;

  • e.

    de uitwisseling van informatie en goede praktijken om de ontwikkeling van innovatiebeleid aan te moedigen door de commercialisering van de resultaten van onderzoek en ontwikkeling (onder meer wat betreft instrumenten ter ondersteuning van startende technologiebedrijven), de ontwikkeling van clusters en toegang tot financiering;

  • f.

    het stimuleren van bedrijfsinitiatieven en industriële samenwerking tussen ondernemingen uit de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan;

  • g.

    de bevordering van een bedrijfsvriendelijker klimaat, met het oog op een groter groeipotentieel, meer handel en meer investeringsmogelijkheden; en

  • h.

    de totstandbrenging van nauwe contacten tussen ondernemers van de Partijen en het organiseren van handelsmissies, het houden van forums voor bedrijven, presentaties, rondetafelgesprekken en deelname aan tentoonstellingen en beurzen in de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan.

Artikel

298

Vennootschapsrecht

Artikel

299

Bank- en verzekeringswezen en andere financiële diensten

Artikel

300

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van de digitale economie en samenleving

De Partijen bevorderen de samenwerking op het gebied van de ontwikkeling van de digitale economie en samenleving ten behoeve van burgers en bedrijven door de brede beschikbaarheid van informatie- en communicatietechnologieën (ICT) en door een betere kwaliteit van elektronische diensten tegen betaalbare prijzen, met name op het gebied van (elektronische) handel, gezondheid en onderwijs, alsmede overheid en bestuur in het algemeen. Met deze samenwerking wordt gestreefd naar de ontwikkeling van de concurrentie in en de openheid van de ICT-markten en naar meer investeringen in de sector.

Artikel

301

Algemene samenwerking op het gebied van de digitale economie en samenleving

De samenwerking richt zich onder meer op de volgende gebieden:

  • a.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken over de uitvoering van nationale digitale strategieën op het gebied van informatietechnologieën, telecommunicatie, e-overheid en digitale economie, onder meer met initiatieven ter bevordering van breedbandtoegang, verbetering van de regels voor grensoverschrijdende gegevensoverdracht en netwerkbeveiliging en de ontwikkeling van openbare onlinediensten; en

  • b.

    de uitwisseling van informatie, beste praktijken en ervaringen ter bevordering van de ontwikkeling van een omvattend regelgevingskader voor elektronische communicatie, met inbegrip van nationale regulerende instanties, ter bevordering van een beter gebruik van spectrummiddelen en van de interoperabiliteit van de elektronische communicatie-infrastructuur tussen de Partijen.

Artikel

302

Samenwerking tussen regulerende instanties op het gebied van de digitale economie en samenleving

De Partijen bevorderen de samenwerking tussen regulerende instanties in de Europese Unie en in de Republiek Oezbekistan op het gebied van telecommunicatie, informatietechnologie, e-overheid en digitale economie.

Artikel

303

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van toerisme

De Partijen streven naar samenwerking op het gebied van toerisme, met het oog op de ontwikkeling van een concurrerende en duurzame toerisme-industrie als motor van economische groei, emancipatie, werkgelegenheid, onderwijs en uitwisselingen in de toeristische sector.

Artikel

304

Beginselen van samenwerking op het gebied van toerisme

De samenwerking op het gebied van toerisme is gebaseerd op de volgende beginselen van duurzaam toerisme:

  • a.

    respect voor de integriteit en de belangen van plaatselijke gemeenschappen, in het bijzonder in plattelandsgebieden;

  • b.

    het belang van het behoud van het cultureel, historisch en natuurlijk erfgoed;

  • c.

    positieve interactie tussen toerisme en milieubehoud; en

  • d.

    de maatschappelijke verantwoordelijkheid van toerisme, ook met betrekking tot lokale gemeenschappen.

Artikel

305

Samenwerking op het gebied van toerisme

De samenwerking op het gebied van toerisme kan onder meer betrekking hebben op:

  • a.

    de uitwisseling van informatie en bedrijfspraktijken met betrekking tot statistieken, normen en investeringen in toerisme, innovatieve technologieën, nieuwe marktbehoeften en het gebruik van cultureel erfgoed voor toeristische doeleinden;

  • b.

    de bevordering van modellen voor de ontwikkeling van duurzaam en verantwoord toerisme en de uitwisseling van beste praktijken, ervaringen en kennis;

  • c.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken op het gebied van opleiding en ontwikkeling van vaardigheden op het gebied van toerisme; en

  • d.

    verbeterde contacten tussen particuliere en publieke belanghebbenden die verantwoordelijk zijn voor de toeristische sector en met belanghebbenden uit de gemeenschap in de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan.

Artikel

306

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van landbouw en plattelandsontwikkeling

De Partijen werken samen om de ontwikkeling van de landbouw en het platteland te bevorderen, met name door de uitwisseling van kennis en beste praktijken en de geleidelijke convergentie van beleid en wetgeving op de gebieden die voor beide Partijen van belang zijn.

Artikel

307

Samenwerking op het gebied van landbouw en plattelandsontwikkeling

De samenwerking tussen de Partijen op het gebied van landbouw en plattelandsontwikkeling heeft onder meer betrekking op:

  • a.

    het vergroten van het wederzijds begrip van het beleid inzake landbouw en plattelandsontwikkeling;

  • b.

    de uitwisseling van beste praktijken ter versterking van de bestuurlijke capaciteit op centraal en lokaal niveau bij de planning, evaluatie en uitvoering van het beleid;

  • c.

    de bevordering van de modernisering en duurzaamheid van de landbouwproductie, met inbegrip van de modernisering van de methoden na de oogst;

  • d.

    het delen van kennis en beste praktijken in verband met het beleid inzake plattelandsontwikkeling, met het oog op de bevordering van het economische welzijn van plattelandsbewoners en de diversificatie van hun economische activiteiten;

  • e.

    het verbeteren van de concurrentiepositie van de landbouwsector, de efficiëntie en transparantie van de markten;

  • f.

    de bevordering van beleidsmaatregelen met betrekking tot kwaliteitsborging en controlemechanismen daarvoor, meer bepaald geografische aanduidingen en biologische landbouw;

  • g.

    de verspreiding van kennis en de bevordering van voorlichtingsdiensten aan landbouwproducenten;

  • h.

    de uitwisseling van ervaring in verband met het beleid inzake duurzame ontwikkeling van de agro-industrie en de verwerking en distributie van landbouwproducten;

  • i.

    de bevordering van de samenwerking tussen ondernemers in sectoren die voor beide Partijen van belang zijn; en

  • j.

    de bevordering van de handel in landbouwproducten.

Artikel

308

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van mijnbouw en grondstoffen

De Partijen ontwikkelen en versterken hun samenwerking inzake de mijnbouw en de productie van grondstoffen om het wederzijds begrip te bevorderen, het ondernemingsklimaat te verbeteren en informatie-uitwisseling en samenwerking inzake vraagstukken op andere gebieden dan het energiegebied te bevorderen, in het bijzonder wat betreft de veilige en duurzame exploratie en winning van metaalertsen en niet-metaalhoudende industriële mineralen.

Artikel

309

Samenwerking op het gebied van mijnbouw en grondstoffen

De samenwerking op het gebied van mijnbouw en grondstoffen heeft onder meer betrekking op:

  • a.

    de uitwisseling van informatie over ontwikkelingen in de respectieve mijnbouw- en grondstoffensectoren van de Partijen;

  • b.

    de uitwisseling van informatie over kwesties in verband met grondstoffen met het oog op de bevordering van onderlinge uitwisselingen;

  • c.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken met betrekking tot de duurzame ontwikkeling van de mijnbouwsector, met inbegrip van de toepassing van schone technologieën in mijnbouwprocessen;

  • d.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken in verband met het behouden van de gezondheid en veiligheid van werknemers in de mijnbouw; en

  • e.

    samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie via bestaande financieringsinstrumenten om gezamenlijke wetenschappelijke en technologische initiatieven te ontwikkelen.

Artikel

310

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van onderzoek en innovatie

De Partijen bevorderen de samenwerking op het gebied van wetenschappelijk onderzoek, technologische ontwikkeling en innovatie op basis van gemeenschappelijke belangen, wederzijds voordeel en, waar mogelijk, wederkerigheid, overeenkomstig hun reglement van orde en bepalingen. De samenwerking is gericht op het bevorderen van sociale en economische ontwikkeling, het aanpakken van mondiale en regionale maatschappelijke uitdagingen, het bereiken van wetenschappelijke excellentie, het bevorderen van onderzoeksintegriteit en het versterken van de betrekkingen tussen de Partijen.

Artikel

311

Samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie

De samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie heeft onder meer betrekking op:

  • a.

    beleidsdialogen en de uitwisseling van informatie en beste praktijken met betrekking tot instrumenten ter ondersteuning van onderzoek en innovatie;

  • b.

    het vergemakkelijken van de toegang tot de respectieve onderzoeks- en innovatieprogramma’s, onderzoeksinfrastructuren en -faciliteiten, wetenschappelijke publicaties en wetenschappelijke gegevens van elke Partij;

  • c.

    het vergroten van de onderzoekscapaciteit van onderzoeksinstellingen en universiteiten in de Republiek Oezbekistan en, in voorkomend geval, het vergemakkelijken van de deelname van onderzoeksinstellingen van de Republiek Oezbekistan aan het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie van de Europese Unie en de nationale initiatieven van de lidstaten;

  • d.

    het bevorderen van de samenwerking op het gebied van normvoorbereidend onderzoek en normalisatie;

  • e.

    de bevordering van netwerken en banden tussen instellingen voor hoger onderwijs, onderzoek en innovatie van beide Partijen;

  • f.

    het organiseren van opleidingsactiviteiten en mobiliteitsprogramma’s voor wetenschappers, onderzoekers en ander personeel dat betrokken is bij onderzoeks- en innovatieactiviteiten van beide Partijen, in coördinatie met hun respectieve programma’s in de sector hoger en beroepsonderwijs;

  • g.

    het bevorderen van gemeenschappelijke beginselen voor de eerlijke en billijke behandeling van intellectuele-eigendomsrechten in onderzoeks- en innovatieprojecten;

  • h.

    het bevorderen van de commercialisering van de resultaten van gezamenlijke onderzoeks- en innovatieprojecten;

  • i.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken met betrekking tot instrumenten ter ondersteuning van startende technologiebedrijven, de ontwikkeling van clusters en toegang tot financiering;

  • j.

    het faciliteren van de toegang van nieuwe technologie tot de thuismarkten van de Partijen;

  • k.

    het ondersteunen van sociale en openbare innovatieprogramma’s die erop gericht zijn de sociale ontwikkeling van de regio’s en in het bijzonder de levenskwaliteit van burgers te verbeteren; en

  • l.

    het faciliteren, in het kader van de geldende wetgeving, van het vrije verkeer van onderzoekers, wetenschappers, deskundigen, studenten en ondernemers die deelnemen aan door deze Overeenkomst bestreken activiteiten en het grensoverschrijdende verkeer van goederen die voor dergelijke activiteiten worden gebruikt.

Artikel

312

Bevordering van activiteiten op het gebied van onderzoek en innovatie

De Partijen bevorderen de volgende activiteiten waarbij overheidsorganisaties, openbare en particuliere onderzoekscentra, instellingen voor hoger onderwijs, innovatieagentschappen en -netwerken en andere belanghebbenden, waaronder kleine en middelgrote ondernemingen, op vrijwillige basis zijn betrokken:

  • a.

    gezamenlijke acties voor onderzoek en innovatie, met inbegrip van thematische netwerken, op gebieden van gemeenschappelijk belang;

  • b.

    gezamenlijke initiatieven om meer bekendheid te geven aan programma’s voor wetenschap, technologie, innovatie en capaciteitsopbouw, en aan de mogelijkheden om aan elkaars programma’s deel te nemen;

  • c.

    gezamenlijke bijeenkomsten en workshops om informatie en beste praktijken uit te wisselen en gebieden voor gezamenlijk onderzoek aan te wijzen;

  • d.

    wederzijds erkende beoordeling en evaluatie van de samenwerking op het gebied van wetenschap en innovatie, en de verspreiding van de resultaten daarvan;

  • e.

    gezamenlijke inspanningen om de mobiliteit van studenten, onderzoekers en docenten op gebieden van gemeenschappelijk belang te vergroten; en

  • f.

    andere vormen van samenwerking voor onderzoek en innovatie, onder meer via regionale benaderingen en initiatieven van de Europese Unie, op basis van wederzijdse overeenstemming.

TITEL

VI

ANDERE SAMENWERKINGSGEBIEDEN

Artikel

313

Consumentenbescherming

De Partijen erkennen het belang van het waarborgen van een hoog niveau van consumentenbescherming en streven daartoe naar samenwerking op het gebied van consumentenbeleid. Deze samenwerking omvat, voor zover mogelijk:

  • a.

    de uitwisseling van informatie en beste praktijken met betrekking tot hun respectieve kaders voor consumentenbescherming, onder meer over consumentenwetgeving, de veiligheid van consumentenproducten, verhaalmogelijkheden voor consumenten en de handhaving van consumentenwetgeving;

  • b.

    het bevorderen van de oprichting van onafhankelijke consumentenorganisaties en contacten tussen vertegenwoordigers van consumenten; en

  • c.

    de uitwisseling van informatie en de bevordering van gezamenlijke activiteiten tussen de consumentenorganisaties van beide Partijen, mits zij daarmee instemmen.

Artikel

314

Algemene samenwerking op het gebied van werkgelegenheid, sociaal beleid en gelijke kansen

Artikel

315

IAO-verdragen en betrokkenheid van belanghebbenden

Artikel

316

Verdere samenwerking op het gebied van werkgelegenheid, sociaal beleid en gelijke kansen

De samenwerking op het gebied van werkgelegenheid, sociaal beleid en gelijke kansen, gebaseerd op de uitwisseling van informatie en beste praktijken, kan betrekking hebben op kwesties op de volgende gebieden:

  • a.

    de verbetering van de levensstandaard en de versterking van de sociale cohesie en van inclusieve arbeidsmarkten en de integratie van kwetsbare personen;

  • b.

    het bevorderen van meer en betere banen met fatsoenlijke arbeidsomstandigheden, met name om de informele economie en informele werkgelegenheid terug te dringen en de levensomstandigheden te verbeteren;

  • c.

    de verbetering van de arbeidsomstandigheden, met name de bescherming en handhaving van arbeidsrechten, zoals de preventie en uitbanning van alle vormen van dwang- of kinderarbeid en moderne vormen van slavernij, alsmede de verbetering van het niveau van bescherming van de gezondheid en veiligheid op het werk;

  • d.

    het bevorderen van gendergelijkheid door de deelname van vrouwen aan het sociale en economische leven te stimuleren en ervoor te zorgen dat mannen en vrouwen gelijke kansen hebben op het gebied van werkgelegenheid, onderwijs, opleiding, economie, samenleving en besluitvorming;

  • e.

    de bestrijding van discriminatie op de arbeidsmarkt en op sociaal vlak, overeenkomstig de verplichtingen van de Partijen uit hoofde van internationale normen en verdragen;

  • f.

    het bevorderen van de mate van sociale bescherming voor iedereen en het moderniseren van de socialezekerheidsstelsels in termen van kwaliteit, toereikendheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid; en

  • g.

    het bevorderen van de deelname van de sociale partners en van de sociale dialoog, onder meer door de capaciteit van de sociale partners te versterken.

Artikel

317

Samenwerking op het gebied van verantwoord beheer van toeleveringsketens

Artikel

318

Algemene samenwerkingsdoelstellingen op het gebied van gezondheid

De Partijen ontwikkelen hun samenwerking op het gebied van volksgezondheid, om de bescherming van de menselijke gezondheid te verbeteren en de gelijke kansen op gezondheidsgebied te bevorderen, overeenkomstig gemeenschappelijke waarden en beginselen inzake gezondheid, en als basisvoorwaarde voor duurzame ontwikkeling en economische groei.

Artikel

319

Samenwerking op het gebied van gezondheid

De samenwerking op het gebied van gezondheid heeft betrekking op de preventie en beheersing van overdraagbare en niet-overdraagbare ziekten, onder meer door de uitwisseling van gezondheidsinformatie, de bevordering van een beleid waarbij gezondheid in alle beleidsdomeinen wordt geïntegreerd, de samenwerking met internationale organisaties, met name de Wereldgezondheidsorganisatie (hierna „WHO” genoemd), en de bevordering van de uitvoering van internationale gezondheidsovereenkomsten, zoals het WHO-Kaderverdrag inzake tabaksontmoediging, gedaan te Genève op 21 mei 2003, en de Internationale Gezondheidsregeling van de WHO, aangenomen op 23 mei 2005 door de algemene vergadering van de Wereldgezondheidsorganisatie.

Artikel

320

Samenwerking ter bestrijding van drugs, psychotrope stoffen en precursoren daarvan

Artikel

321

Samenwerking op het gebied van onderwijs, opleiding en jongeren

Artikel

322

Samenwerking op het gebied van cultuur

Artikel

323

Samenwerking op het gebied van audiovisueel en mediabeleid

Artikel

324

Samenwerking op het gebied van sport en fysieke activiteiten

De Partijen bevorderen samenwerking op het gebied van sport en fysieke activiteiten om een gezonde levensstijl, goed bestuur en de sociale en educatieve waarde van sport te bevorderen en om bedreigingen voor de sport zoals doping, wedstrijdvervalsing, racisme en geweld tegen te gaan. De samenwerking omvat met name de uitwisseling van informatie en goede praktijken.

Artikel

325

Samenwerking inzake crisissituaties en civiele bescherming

Artikel

326

Samenwerking op het gebied van regionale ontwikkeling

De Partijen bevorderen wederzijds begrip en bilaterale samenwerking op het gebied van het regionaal ontwikkelingsbeleid, met inbegrip van methoden om regionaal beleid en bestuur en partnerschap op verschillende niveaus te formuleren en uit te voeren, met bijzondere aandacht voor de ontwikkeling van kansarme gebieden en territoriale samenwerking, teneinde de levensomstandigheden te verbeteren, de economische, sociale en territoriale samenhang te bevorderen, en de uitwisseling van informatie en ervaringen tussen nationale, regionale en lokale overheden, sociaal-economische actoren en het maatschappelijk middenveld te stimuleren.

Artikel

327

Regionaal beleid en grensoverschrijdende samenwerking

De Partijen ondersteunen en versterken de betrokkenheid van lokale en regionale overheden bij regionale beleidssamenwerking en grensoverschrijdende samenwerking, teneinde wederzijds begrip en informatie-uitwisseling te bevorderen, maatregelen voor capaciteitsopbouw te ontwikkelen, de oprichting van relevante structuren en het wetgevingskader te stimuleren en grensoverschrijdende economische en zakelijke netwerken te versterken.

Artikel

328

Grensoverschrijdende samenwerking op andere terreinen

De Partijen versterken en stimuleren de ontwikkeling van de grensoverschrijdende samenwerking op andere terreinen die onder deze Overeenkomst vallen, zoals handel, vervoer, energie, water, milieu, klimaat, digitale economie, cultuur, onderwijs, onderzoek en toerisme.

Artikel

329

Samenwerking tussen de regio’s

De Partijen stimuleren de samenwerking tussen de regio’s van de lidstaten en de regio’s van de Republiek Oezbekistan.

Artikel

330

Uitvoering en capaciteitsopbouw

TITEL

VII

FINANCIËLE EN TECHNISCHE SAMENWERKING

Artikel

331

Financiële steun en technische bijstand

Artikel

332

Algemene beginselen

Artikel

333

Donorcoördinatie

Om de beschikbare middelen optimaal te benutten, zorgt elke Partij ervoor dat de bijdragen van de Europese Unie nauw worden gecoördineerd met de bijdragen van andere bronnen, derde landen en internationale financiële instellingen. Daartoe wisselen de Partijen regelmatig informatie uit over alle bronnen van bijstand. Financiële steun van de Europese Unie kan worden medegefinancierd door de Republiek Oezbekistan.

Artikel

334

Preventie en communicatie

Wanneer de bevoegde autoriteiten van de Republiek Oezbekistan belast zijn met de uitvoering van middelen van de Europese Unie of begunstigde zijn van middelen van de Europese Unie onder rechtstreeks beheer, nemen zij alle passende maatregelen om onregelmatigheden, fraude, corruptie en andere illegale activiteiten ten nadele van de EU-middelen en, in voorkomend geval, de medefinanciering van de Republiek Oezbekistan te voorkomen. De bevoegde autoriteiten van de Republiek Oezbekistan brengen de Europese Commissie en OLAF onverwijld op de hoogte wanneer zij kennis krijgen van vermoede of feitelijke gevallen van fraude, corruptie of andere onregelmatigheden, met inbegrip van belangenconflicten, in verband met middelen van de Europese Unie.

Artikel

335

Samenwerking met OLAF

Artikel

336

Onderzoek en vervolging

De bevoegde autoriteiten van de Republiek Oezbekistan zorgen ervoor dat vermoede en feitelijke gevallen van fraude, corruptie en andere illegale activiteiten die schade berokkenen aan de financiën van de Europese Unie, overeenkomstig de wetgeving van de Republiek Oezbekistan worden onderzocht en vervolgd. Waar nodig en op schriftelijk verzoek van de bevoegde autoriteiten van de Republiek Oezbekistan verleent OLAF de bevoegde autoriteiten van de Republiek Oezbekistan bijstand bij deze taak.

TITEL

VIII

INSTITUTIONELE BEPALINGEN

Artikel

337

Samenwerkingsraad

Artikel

338

Samenwerkingscomité

Artikel

339

Subcomités en andere organen

Artikel

340

Parlementair Samenwerkingscomité

Artikel

341

Participatie van het maatschappelijk middenveld

Om het maatschappelijk middenveld te informeren en te raadplegen over de uitvoering van deze Overeenkomst, zoals bepaald in artikel 6, kunnen de Partijen daartoe een specifieke instantie oprichten overeenkomstig de procedure van artikel 339.

TITEL

IX

ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN

Artikel

342

Territoriale toepassing

Artikel

343

Nakoming van verplichtingen en opschorting

Artikel

344

Uitzonderingen op grond van veiligheidsoverwegingen

Niets in deze Overeenkomst wordt zodanig uitgelegd dat:

  • a.

    een Partij verplicht wordt gegevens te verstrekken of toegang tot gegevens te bieden wanneer die Partij openbaarmaking van die gegevens in strijd acht met haar wezenlijke veiligheidsbelangen; of

  • b.

    een Partij verplicht wordt maatregelen te treffen die die Partij nodig acht ter bescherming van haar wezenlijke veiligheidsbelangen en die:

    • i.

      verband houden met de productie van of de handel in wapens, munitie en oorlogstuig dan wel met dergelijke handel en transacties in andere goederen en materialen, diensten en technologie, en met economische activiteiten die direct of indirect de bevoorrading van een militaire inrichting ten doel hebben;

    • ii.

      betrekking hebben op splijt- of fusiestoffen of op stoffen waaruit deze kunnen worden vervaardigd; of

    • iii.

      worden getroffen ten tijde van oorlog of een andere noodsituatie in de internationale betrekkingen; of

  • c.

    een Partij belet wordt maatregelen te treffen tot uitvoering van haar internationale verplichtingen uit hoofde van het Handvest van de VN met het oog op de handhaving van de internationale vrede en veiligheid.

Artikel

345

Inwerkingtreding en voorlopige toepassing

Artikel

346

Wijzigingen

Artikel

347

Andere overeenkomsten

Artikel

348

Bijlagen, aanhangsels, protocollen, noten en voetnoten

De bijlagen, aanhangsels, protocollen, noten en voetnoten bij deze Overeenkomst vormen daarvan een integrerend onderdeel.

Artikel

349

Toetreding van nieuwe lidstaten

Artikel

350

Particuliere rechten

Geen van de bepalingen van deze Overeenkomst kan zo worden uitgelegd dat daaraan rechten kunnen worden ontleend of dat zij verplichtingen bevat voor personen, anders dan die welke tussen de Partijen in het leven zijn geroepen uit hoofde van internationaal publiekrecht, noch op zo een manier dat op deze Overeenkomst een rechtstreeks beroep kan worden gedaan in de interne rechtsorde van de Partijen.

Artikel

351

Verwijzingen naar wet- en regelgeving en andere overeenkomsten

Artikel

352

Duur

Deze Overeenkomst wordt voor onbeperkte duur gesloten.

Artikel

353

Definitie van de partijen

Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt onder „Partijen” verstaan: de Europese Unie, of haar lidstaten, of de Europese Unie en haar lidstaten, overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds.

Artikel

354

Beëindiging

Een Partij kan deze Overeenkomst opzeggen door de andere Partij daarvan schriftelijk in kennis te stellen. Deze Overeenkomst houdt op van kracht te zijn op de eerste dag van de zesde maand volgende op de datum van de kennisgeving van beëindiging.

Artikel

355

Kennisgevingen

Kennisgevingen als bedoeld in de artikelen 345, 346, en 353 van deze Overeenkomst worden, wat de Europese Unie en aar lidstaten betreft, gedaan aan de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie en, wat de Republiek Oezbekistan betreft, aan de minister van Buitenlandse Zaken van de Republiek Oezbekistan.

Artikel

356

Authentieke teksten

Deze Overeenkomst is in tweevoud opgesteld in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Ierse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische, de Zweedse en de Oezbeekse taal, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden, daartoe naar behoren gemachtigd, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

Bijlage

3

[Embleem van de Republiek Oezbekistan]

.....

.....

.....

(Plaats en datum)

Referentie: .....

aan

.....

.....

.....

(Benaming van de aangezochte autoriteit)

□ VERZOEK OM INTERVIEW

AANVRAAG VAN EEN REISDOCUMENT

krachtens artikel 15 van de Versterkte Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Oezbekistan, anderzijds

A.

Persoonlijke gegevens

1.

Volledige naam (onderstreep achternaam):

Foto

.....

2.

Meisjesnaam:

.....

3.

Geboortedatum en -plaats:

.....

4.

Geslacht en persoonsbeschrijving (lengte, kleur van de ogen, bijzondere kenmerken enz.):

.....

5.

Tevens bekend als (vroegere namen, andere namen die de persoon gebruikt of waaronder de persoon bekend staat of aliassen):

.....

6.

Nationaliteit en taal:

.....

7.

Laatste adres in de aangezochte staat:

.....

B.

Persoonlijke gegevens omtrent echtgenoot/echtgenote (indien van toepassing)

1.

Volledige naam (onderstreep achternaam):

.....

2.

Meisjesnaam:

.....

3.

Geboortedatum en -plaats:

.....

4.

Geslacht en persoonsbeschrijving (lengte, kleur van de ogen, bijzondere kenmerken enz.):

.....

5.

Tevens bekend als (vroegere namen, andere namen die de persoon gebruikt of waaronder de persoon bekend staat of aliassen):

.....

6.

Nationaliteit en taal:

.....

C.

Persoonlijke gegevens van kinderen (indien van toepassing)

1.

Volledige naam (onderstreep achternaam):

.....

2.

Geboortedatum en -plaats:

.....

3.

Geslacht en persoonsbeschrijving (lengte, kleur van de ogen, bijzondere kenmerken enz.):

.....

4.

Nationaliteit en taal:

.....

D.

Bijzondere omstandigheden met betrekking tot de over te dragen persoon

1.

Gezondheidstoestand

(bv. eventuele bijzondere medische behandeling; Latijnse naam van besmettelijke ziekte):

.....

2.

Redenen waarom de persoon bijzonder gevaarlijk is

(bv. vermoeden van ernstig misdrijf; agressief gedrag):

.....

E.

Bijgevoegd bewijsmateriaal

1.

.....

.....

(nummer paspoort)

(datum en plaats van afgifte)

.....

.....

(autoriteit van afgifte)

(geldig tot)

2.

.....

.....

(nummer identiteitskaart)

(datum en plaats van afgifte)

.....

.....

(autoriteit van afgifte)

(geldig tot)

3.

.....

.....

(nummer rijbewijs)

(datum en plaats van afgifte)

.....

.....

(autoriteit van afgifte)

(geldig tot)

4.

.....

.....

(nummer ander officieel document)

(datum en plaats van afgifte)

.....

.....

(autoriteit van afgifte)

(geldig tot)

5.

Vingerafdrukken

F.

Opmerkingen

.....

.....

.....

.....

(Handtekening) (Zegel/stempel)

Bijlage

5-A

INTERNATIONALE NORMALISATIE-ORGANISATIES

  • 1.

    Internationale Organisatie voor normalisatie (ISO)

  • 2.

    Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC)

  • 3.

    Internationale Telecommunicatie-unie (ITU)

  • 4.

    Codex Alimentarius-Commissie (CODEX)

  • 5.

    Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (ICAO)

  • 6.

    Wereldforum voor de harmonisatie van reglementen voor voertuigen (WP.29) binnen de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (VN/ECE)

  • 7.

    VN-subcomité van deskundigen inzake het mondiaal geharmoniseerd classificatie- en etiketteringssysteem voor chemische stoffen (UN/SCEGHS)

  • 8.

    Internationale Raad voor de harmonisatie van de technische voorschriften voor de registratie van geneesmiddelen voor menselijk gebruik (ICH)

  • 9.

    Internationale Organisatie voor wettelijke metrologie (OIML)

  • 10.

    Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding (OIV)

  • 11.

    Wereldpostunie (UPU)

  • 12.

    Wereldorganisatie voor diergezondheid (WOAH)

Bijlage

5-B

CONFORMITEITSVERKLARING VAN DE LEVERANCIER – GEBIEDEN EN MODALITEITEN

  • 1.

    Elke Partij aanvaardt de conformiteitsverklaring van de leverancier als bewijs van naleving van de bestaande technische voorschriften op de volgende gebieden:

    • a.

      veiligheidsaspecten van elektrische en elektronische apparatuur zoals gedefinieerd in punt 2;

    • b.

      veiligheidsaspecten van machines zoals gedefinieerd in punt 3;

    • c.

      elektromagnetische compatibiliteit van apparatuur zoals gedefinieerd in punt 4;

    • d.

      energie-efficiëntie, met inbegrip van eisen inzake ecologisch ontwerp, zoals gedefinieerd in punt 5;

    • e.

      beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur; en

    • f.

      sanitaire toestellen zoals gedefinieerd in punt 6.

  • 2.

    In deze bijlage wordt onder „veiligheidsaspecten van elektrische en elektronische apparatuur” verstaan: de veiligheidsaspecten van apparatuur die voor een goede werking afhankelijk is van elektrische stromen, alsmede apparatuur voor het opwekken, doorgeven en meten van die stromen, en is ontworpen voor gebruik met een spanning tussen 50 en 1 000 V in het geval van wisselstroom en tussen 75 en 1 500 V in het geval van gelijkstroom, en apparatuur die opzettelijk elektromagnetische golven met frequenties lager dan 3 000 GHz uitzendt of ontvangt voor draadloze verbindingen of radiodeterminatie, met uitzondering van onder andere:

    • a.

      apparatuur voor gebruik in een explosieve atmosfeer;

    • b.

      apparatuur voor gebruik voor radiologische of medische doeleinden;

    • c.

      elektrische onderdelen voor goederen- en passagiersliften;

    • d.

      radioapparatuur die door radiozendamateurs wordt gebruikt;

    • e.

      elektriciteitsmeters;

    • f.

      stekkers en stopcontacten voor huishoudelijk gebruik;

    • g.

      apparatuur voor het bewaken van elektrische afsluitingen;

    • h.

      speelgoed;

    • i.

      voor vakmensen op maat gebouwde evaluatiekits die bestemd zijn voor de beroepspraktijk en die uitsluitend worden gebruikt in inrichtingen voor onderzoek en ontwikkeling voor zulke doeleinden; en

    • j.

      bouwproducten die bedoeld zijn om permanent te worden verwerkt in gebouwen of civieltechnische werken en waarvan de prestaties van invloed zijn op de prestaties van het gebouw of het civieltechnische werk, waaronder kabels, brandmelders of elektrische deuren.

  • 3.

    In deze bijlage wordt onder „veiligheidsaspecten van machines” verstaan: de veiligheidsaspecten van een samenstel dat uit ten minste één bewegend deel bestaat, aangedreven door een aandrijfsysteem dat gebruikmaakt van één of meer energiebronnen, waaronder thermische, elektrische, pneumatische, hydraulische of mechanische energie, en zodanig is opgesteld en wordt geregeld dat zij als een geïntegreerd geheel werken, met uitzondering van machines met een hoog risico in de zin van de definities van de Partijen.

  • 4.

    In deze bijlage wordt onder „elektromagnetische compatibiliteit van apparatuur” verstaan: de elektromagnetische compatibiliteit (storing en immuniteit) van apparatuur die van elektrische stromen of magnetische velden afhankelijk is om naar behoren te werken, alsmede apparatuur voor het opwekken, doorgeven en meten van die stromen, met uitzondering van:

    • a.

      apparatuur voor gebruik in een explosieve atmosfeer;

    • b.

      apparatuur voor gebruik voor radiologische of medische doeleinden;

    • c.

      elektrische onderdelen voor goederen- en passagiersliften;

    • d.

      radioapparatuur die door radiozendamateurs wordt gebruikt;

    • e.

      meetinstrumenten;

    • f.

      niet-automatische weeginstrumenten;

    • g.

      naar zijn aard onschadelijke apparatuur; en

    • h.

      voor vakmensen op maat gebouwde evaluatiekits die bestemd zijn voor de beroepspraktijk en die uitsluitend worden gebruikt in inrichtingen voor onderzoek en ontwikkeling voor zulke doeleinden.

  • 5.

    In deze bijlage wordt onder „energie-efficiëntie” verstaan: de verhouding tussen de door een product geleverde prestaties, diensten, goederen of energie en de daartoe gebruikte input van energie, die van invloed is op het energieverbruik bij gebruik, gelet op een doelmatige toewijzing van middelen.

  • 6.

    In deze bijlage worden onder „sanitaire toestellen” de volgende producten verstaan: toiletten, whirlpools, gootstenen, urinoirs, baden, douchebakken, bidets en wastafels.

  • 7.

    Deze bijlage heeft geen betrekking op volledige vliegtuigen, vaartuigen, spoorwegen, motorvoertuigen en gespecialiseerde maritieme, spoorweg- en luchtvaartapparatuur.

  • 8.

    Op verzoek van een Partij herziet het Samenwerkingscomité de lijst van gebieden in punt 1 van deze bijlage.

  • 9.

    Elk van de Partijen kan eisen voor verplichte tests door derden of certificering van de in deze bijlage bedoelde productgebieden invoeren, voor zover die eisen op grond van legitieme doelstellingen gerechtvaardigd zijn en evenredig, met het doel de Partij van invoer voldoende vertrouwen te geven dat de producten in overeenstemming zijn met de toepasselijke technische voorschriften of normen, rekening houdend met de risico’s die de non-conformiteit zou opleveren.

  • 10.

    Een Partij die voorstelt de in lid 9 bedoelde conformiteitsbeoordelingsprocedures in te voeren, stelt de andere Partij daarvan in kennis en houdt bij het ontwerpen van die conformiteitsbeoordelingsprocedures rekening met de opmerkingen van de andere Partij.

Bijlage

5-C

REGELING BEDOELD IN ARTIKEL 61, LID 4, VOOR DE SYSTEMATISCHE UITWISSELING VAN INFORMATIE MET BETREKKING TOT DE VEILIGHEID VAN NON-FOODPRODUCTEN EN DAARMEE VERBAND HOUDENDE PREVENTIEVE, RESTRICTIEVE EN CORRECTIEVE MAATREGELEN

Deze bijlage bevat een regeling voor de regelmatige uitwisseling van informatie tussen het systeem voor snelle waarschuwingen van de Europese Unie en de databank van de Republiek Oezbekistan over de veiligheid van non-foodconsumentenproducten en daarmee verband houdende preventieve, restrictieve en correctieve maatregelen.

Overeenkomstig artikel 61, lid 8, van deze Overeenkomst wordt in de regeling nader bepaald welke soort informatie wordt uitgewisseld en wat de modaliteiten zijn voor de uitwisseling en de toepassing van voorschriften inzake vertrouwelijkheid en bescherming van persoonsgegevens.

Bijlage

5-D

REGELING BEDOELD IN ARTIKEL 61, LID 5, VOOR DE REGELMATIGE UITWISSELING VAN INFORMATIE BETREFFENDE ANDERE DAN DE DOOR ARTIKEL 61, LID 4, BESTREKEN MAATREGELEN MET BETREKKING TOT NIET-CONFORME NON-FOODPRODUCTEN

In deze bijlage wordt een regeling vastgesteld voor de regelmatige uitwisseling, ook langs elektronische weg, van informatie betreffende andere dan de door artikel 61, lid 4, van deze Overeenkomst bestreken maatregelen met betrekking tot niet-conforme non-foodproducten.

Overeenkomstig artikel 61, lid 8, van deze Overeenkomst wordt in de regeling nader bepaald welke soort informatie wordt uitgewisseld en wat de modaliteiten zijn voor de uitwisseling en de toepassing van voorschriften inzake vertrouwelijkheid en bescherming van persoonsgegevens.

Bijlage

6

TABEL HOUDENDE ERKENNING VAN GELIJKWAARDIGHEID ALS BEDOELD IN ARTIKEL 68, LID 2

Niet opgenomen.

Bijlage

7-A

AFDELING

A

WETGEVING VAN DE PARTIJEN

Wetgeving van de Republiek Oezbekistan

  • a.

    Burgerlijk wetboek van de Republiek Oezbekistan (afdeling IV) van 29 augustus 1996;

  • b.

    Wet nr. 267-II van de Republiek Oezbekistan inzake handelsmerken, dienstmerken en oorsprongsbenamingen van 30 augustus 2001 en de uitvoeringsbesluiten daarvan;

  • c.

    Wet nr. 757 van de Republiek Oezbekistan inzake geografische aanduidingen van 3 maart 2022 en de uitvoeringsbesluiten daarvan.

Wetgeving van de Europese Unie

AFDELING

B

ELEMENTEN VOOR DE REGISTRATIE VAN EN DE CONTROLE OP GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN

  • 1.

    Een register met de op het grondgebied beschermde geografische aanduidingen.

  • 2.

    Een administratieve procedure om te controleren dat de geografische aanduidingen aangeven dat de waren van oorsprong zijn uit een gebied, regio of plaats van een van de Partijen waarbij een bepaalde kwaliteit, reputatie of ander kenmerk van die waren hoofdzakelijk valt toe te schrijven aan hun geografische oorsprong.

  • 3.

    Een vereiste dat een geregistreerde naam overeenkomt met een specifiek product of specifieke producten waarvoor een productspecificatie is vastgesteld die alleen kan worden gewijzigd volgens de daarvoor voorgeschreven administratieve procedure.

  • 4.

    Bepalingen inzake toezicht op de productie.

  • 5.

    Handhaving van de bescherming van de geregistreerde namen door passende bestuursrechtelijke maatregelen van de overheden.

  • 6.

    Wettelijke bepalingen waarin is neergelegd dat een geregistreerde naam kan worden gebruikt door iedere marktdeelnemer die producten overeenkomstig de desbetreffende specificatie in de handel brengt.

  • 7.

    Bepalingen betreffende de registratie, inclusief weigering van registratie, van termen die geheel of gedeeltelijk gelijkluidend zijn met geregistreerde termen, termen die in de omgangstaal gebruikelijk zijn als soortnaam voor producten en termen die namen van planten- of dierenrassen bevatten; in het kader van deze bepalingen dient rekening te worden gehouden met de legitieme belangen van alle betrokken Partijen.

  • 8.

    Voorschriften betreffende het verband tussen geografische aanduidingen en handelsmerken waarin wordt voorzien in een beperkte uitzondering op de rechten die in het kader van de wet op de handelsmerken worden toegekend, met name dat het bestaan van een vroeger handelsmerk geen reden is om registratie en gebruik van een naam als geregistreerde geografische aanduiding te verbieden, behalve in die gevallen waarin het handelsmerk gereputeerd en lange tijd in gebruik is en bijgevolg de registratie en het gebruik van de geografische aanduiding op producten die niet door het handelsmerk worden gedekt, de consument zouden kunnen misleiden.

  • 9.

    Een recht van iedere in het geografische gebied gevestigde producent die zich onderwerpt aan het systeem van controles, om het product met de beschermde benaming te produceren, op voorwaarde dat hij voldoet aan de productspecificatie.

  • 10.

    Een bezwaarprocedure waarbij rekening wordt gehouden met de rechtmatige belangen van vroegere gebruikers van namen, ongeacht of deze namen als een vorm van intellectuele eigendom worden beschermd.

Bijlage

7-B

CRITERIA VOOR DE BEZWAARPROCEDURE

  • 1.

    Lijst van benamingen met de corresponderende transcriptie in Latijns of Oezbeeks schrift.

  • 2.

    Het producttype.

  • 3.

    Een uitnodiging aan de volgende personen om bezwaren tegen de bescherming van een geografische aanduiding aan te tekenen door een met redenen omklede verklaring in te dienen:

    • a.

      in het geval van de Europese Unie, aan natuurlijke personen of rechtspersonen, met uitzondering van natuurlijke personen of rechtspersonen die in de Republiek Oezbekistan gevestigd of woonachtig zijn;

    • b.

      in het geval van de Republiek Oezbekistan, aan natuurlijke personen of rechtspersonen, met uitzondering van natuurlijke personen of rechtspersonen die in een lidstaat gevestigd of woonachtig zijn, die een rechtmatig belang hebben;

  • 4.

    De bezwaarschriften moeten door de Europese Commissie of de Republiek Oezbekistan binnen twee maanden na de datum van publicatie van de bekendmaking zijn ontvangen.

  • 5.

    De bezwaarschriften zijn slechts ontvankelijk als zij binnen de in punt 4 bepaalde termijn worden ontvangen en als daarin wordt aangetoond dat de benaming waarvoor bescherming wordt aangevraagd:

    • a.

      strijdig is met de naam van een plantenras, met inbegrip van een wijndruivenras, of een dierenras, en de consument daardoor kan worden misleid ten aanzien van de werkelijke oorsprong van het product;

    • b.

      een homonieme benaming is die bij de consument ten onrechte de indruk wekt dat het product van oorsprong is uit een ander grondgebied;

    • c.

      rekening houdende met de faam en bekendheid van een merk en met de periode waarin dat merk reeds in gebruik is, de consument zou kunnen misleiden ten aanzien van de werkelijke identiteit van het product;

    • d.

      schade toebrengt aan een bestaande geheel of gedeeltelijk identieke benaming of een handelsmerk, of aan bestaande producten die sedert ten minste vijf jaar vóór de datum van de publicatie van het bezwaarschrift legaal op de markt zijn; of

    • e.

      blijkens de verstrekte gegevens de naam waarvoor bescherming en registratie wordt overwogen, generiek is.

  • 6.

    De in lid 5 genoemde criteria worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten voor wat betreft het grondgebied van de desbetreffende Partij, die, als het om intellectuele eigendomsrechten gaat, alleen betrekking hebben op het grondgebied of de grondgebieden waar de betrokken rechten beschermd zijn.

Bijlage

7-C

GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN VOOR TE BESCHERMEN PRODUCTEN

AFDELING

A

GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN VOOR IN DE REPUBLIEK OEZBEKISTAN TE BESCHERMEN PRODUCTEN VAN DE EUROPESE UNIE

  • 1.

    Lijst van landbouwproducten en levensmiddelen anders dan wijnen, gedistilleerde dranken en gearomatiseerde wijnen

AT

Steirisches Kürbiskernöl

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

AT

Tiroler Speck

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

AT

Vorarlberger Bergkäse

Kaas

BE

Jambon d’Ardenne

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

BG

Българско розово масло

Etherische oliën

Bulgarsko rozovo maslo

BG

Странджански манов мед/Maнов мед от Странджа

Strandzhanski manov med/Manov med ot Strandzha

CZ

Budějovické pivo

Bier

CZ

Budějovický měšťanský var

Bier

CZ

České pivo

Bier

CZ

Českobudějovické pivo

Bier

CZ

Žatecký chmel

Andere in bijlage I bij het VWEU genoemde producten (specerijen enz.)

DE

Aachener Printen

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

DE

Bayerisches Bier

Bier

DE

Dresdner Stollen

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

DE

Lübecker Marzipan

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

DE

Münchener Bier

Bier

DE

Nürnberger Bratwürste / Nürnberger Rostbratwürste

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

DE

Nürnberger Lebkuchen

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

DE

Rheinisches Zuckerrübenkraut / Rheinischer Zuckerrübensirup / Rheinisches Rübenkraut

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

DK

Danablu

Kaas

EL

Ελιά Καλαμάτας

Groenten, fruit en granen, in ongewijzigde staat of verwerkt

Elia Kalamatas

EL

Καλαμάτα

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

Kalamata

EL

Κεφαλογραβιέρα

Kaas

Kefalograviera

EL

Κολυμβάρι Χανίων Κρήτης

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

Kolymvari Chanion Kritis

EL

Κρόκος Κοζάνης

Andere in bijlage I bij het VWEU genoemde producten (specerijen enz.)

Krokos Kozanis

EL

Μαστίχα Χίου

Natuurlijke gommen en harsen

Masticha Chiou

EL

Σητεία Λασιθίου Κρήτης

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

Sitia Lasithiou Kritis

EL

Φέτα

Kaas

Feta

ES

Vinagre de Jerez

Andere in bijlage I bij het VWEU genoemde producten (specerijen enz.)

ES

Baena

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

ES

Kaki Ribera del Xúquer

Groenten, fruit en granen, in ongewijzigde staat of verwerkt

ES

Jabugo (ex Jamón de Huelva)

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

ES

Jamón de Teruel / Paleta de Teruel

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

ES

Jijona

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

ES

Priego de Córdoba

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

ES

Queso Manchego

Kaas

ES

Sierra de Segura

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

ES

Siurana

Oliën en vetten (boter, margarine, spijsolie enz.)

ES

Turrón de Alicante

Brood, gebak, cake, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren

FR

Brie de Meaux

Kaas

FR

Camembert de Normandie

Kaas

FR

Canard à foie gras du Sud-Ouest (Chalosse, Gascogne, Gers, Landes, Périgord, Quercy)

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

FR

Comté

Kaas

FR

Emmental de Savoie

Kaas

FR

Gruyère

Kaas

FR

Huile essentielle de lavande de Haute-Provence

Etherische oliën

FR

Jambon de Bayonne

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

FR

Pruneaux d’Agen; Pruneaux d’Agen mi-cuits

Groenten, fruit en granen, in ongewijzigde staat of verwerkt

FR

Reblochon / Reblochon de Savoie

Kaas

FR

Roquefort

Kaas

HU

Szegedi szalámi / Szegedi téliszalámi

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Aceto Balsamico di Modena

Andere in bijlage I bij het VWEU genoemde producten (specerijen enz.)

IT

Aceto balsamico tradizionale di Modena

Andere in bijlage I bij het VWEU genoemde producten (specerijen enz.)

IT

Asiago

Kaas

IT

Bresaola della Valtellina

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Fontina

Kaas

IT

Gorgonzola

Kaas

IT

Grana Padano

Kaas

IT

Mortadella Bologna

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Mozzarella di Bufala Campana

Kaas

IT

Parmigiano Reggiano1

Kaas

IT

Pecorino Romano

Kaas

IT

Prosciutto di Parma

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Prosciutto di San Daniele

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Prosciutto Toscano

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

IT

Provolone Valpadana

Kaas

IT

Taleggio

Kaas

NL

Edam Holland

Kaas

NL

Gouda Holland

Kaas

PL

Jabłka Grójeckie

Groenten, fruit en granen, in ongewijzigde staat of verwerkt

RO

Magiun de prune Topoloveni

Groenten, fruit en granen, in ongewijzigde staat of verwerkt

RO

Salam de Sibiu

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

PT

Queijo S. Jorge

Kaas

SI

Kranjska Klobasa

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

SI

Kraški pršut

Vleesproduct (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

1) „Parmesan” wordt beschouwd als een onterechte voorstelling van de geografische aanduiding „Parmigiano Reggiano” op grond van artikel X.34, lid 1, punt b), indien het wordt gebruikt voor een product dat niet voldoet aan het productdossier met betrekking tot die geografische aanduiding.

  • 2.

    Lijst van gedistilleerde dranken

AT

Inländerrum

AT

Jägertee / Jagertee / Jagatee

CY

Ζιβανία / Τζιβανία / Ζιβάνα

Zivania

DE/AT/BE

Korn/Kornbrand

EL/CY

Ούζο

Ouzo

EL

Τσίπουρo/Τσικουδιά

Tsipouro/Tsikoudia

EE

Estonian vodka

ES

Brandy de Jerez

ES

Pacharán Navarro

FI

Suomalainen Marjalikööri / Suomalainen Hedelmälikööri / Finsk Bärlikör / Finsk Fruktlikör / Finnish berry liqueur / Finnish fruit liqueur

FI

Suomalainen Vodka / Finsk Vodka / Vodka of Finland

FR

Armagnac

FR

Calvados

FR

Cognac/Eau de vie de Cognac/Eau de vie des Charentes

HU

Pálinka

HU

Törkölypálinka

IE, UK (Noord-Ierland)

Irish Cream

IE, UK (Noord-Ierland)

Irish Whiskey / Uisce Beatha Eireannach / Irish Whisky

IT

Grappa

LT

Originali lietuviška degtinė / Original Lithuanian vodka

NL/BE/DE/FR

Genièvre / Jenever / Genever

PL

Kruidenwodka uit de noordelijke laagvlakte van Podlachië, gearomatiseerd met veenreukgrasextract / Wódka ziołowa z Niziny Północnopodlaskiej aromatyzowana ekstraktem z trawy żubrowej

PL

Polska Wódka/Polish Vodka

RO

Țuică Zetea de Medieșu Aurit

SE

Svensk Vodka/Swedish Vodka

  • 3.

    Lijst van wijnen

BG

Дунавска равнина

Dunavska ravnina

BG

Тракийска низина

Trakijska nizina

CY

Κουμανδαρία

Commandaria

DE

Moselle

DE

Rheingau

DE

Rheinhessen

EL

Σάμος

Samos

ES

Cariñena

ES

Campo de Borja

ES

Cataluña/Catalunya

ES

Cava

ES

Jerez-Xérès-Sherry / Jerez / Xérès / Sherry

ES

Jumilla

ES

La Mancha

ES

Málaga

ES

Navarra

ES

Rías Baixas

ES

Ribera del Duero

ES

La Rioja

ES

Rueda

ES

Toro

ES

Utiel-Requena

ES

Valdepeñas

ES

Valencia

ES

Yecla

FR

Alsace / Vin d’Alsace

FR

Anjou

FR

Beaujolais

FR

Bordeaux

FR

Bourgogne

FR

Chablis

FR

Champagne

FR

Châteauneuf-du-Pape

FR

Coteaux du Languedoc / Languedoc

FR

Côtes de Provence

FR

Côtes-du-Rhône

FR

Côtes du Roussillon

FR

Graves

FR

Haut-Médoc

FR

Margaux

FR

Médoc

FR

Saint-Émilion

FR

Sauternes

FR

Touraine

FR

Val de Loire

HR

Dingač

HU

Tokaj / Tokaji

IT

Asti

IT

Brunello di Montalcino

IT

Chianti

IT

Chianti Classico

IT

Conegliano Valdobbiadene – Prosecco / Conegliano – Prosecco / Valdobbiadene – Prosecco

IT

Franciacorta

IT

Lambrusco di Sorbara

IT

Lambrusco Grasparossa di Castelvetro

IT

Montepulciano d’Abruzzo

IT

Prosecco

IT

Soave

IT

Toscano / Toscana

IT

Vino Nobile di Montepulciano

PT

Alentejo

PT

Bairrada

PT

Dão

PT

Douro

PT

Madeira / Madera / Vinho da Madeira /Madeira Wein / Madeira Wine / Vin de Madère / Vino di Madera / Madeira Wijn

PT

Lissabon

PT

Porto / Oporto / Vinho do Porto / Vin de Porto / Port / Port Wine / Portwein / Portvin / Portwijn

PT

Tejo

PT

Vinho Verde

RO

Cotnari

RO

Dealu Mare

RO

Murfatlar

SK

Vinohradnícka oblasť Tokaj

AFDELING

B

GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN VOOR IN DE EUROPESE UNIE TE BESCHERMEN PRODUCTEN VAN DE REPUBLIEK OEZBEKISTAN

БОҒИЗАҒОН/BOG'IZOG'ON'/'БАГИЗАГАН /BAGIZAGAN'

Wijn

Bijlage

9

OVERHEIDSOPDRACHTEN

AFDELING

1

CENTRALE-OVERHEIDSDIENSTEN

Drempelwaarden:

Hoofdstuk 9 is van toepassing op de in de onderafdelingen A en B van deze afdeling genoemde aanbestedende diensten van de Partijen indien de waarde van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan de volgende drempelwaarden:

  • a.

    400 000 bijzondere trekkingsrechten (SDR) voor alle goederen en vermelde diensten;

  • b.

    6 000 000 SDR voor alle diensten in verband met de bouw die zijn opgenomen in afdeling 51 van de centrale productenclassificatie van de Verenigde Naties („CPC”).

ONDERAFDELING

A

EUROPESE UNIE

Onder de Overeenkomst vallende entiteiten:

Alle centrale overheidsinstanties van alle lidstaten van de Europese Unie die zijn opgenomen in de lijst in bijlage I van de Europese Unie bij aanhangsel I van de op 15 april 1994 in Marrakesh gesloten Overeenkomst inzake overheidsopdrachten, die is opgenomen in bijlage 4 bij de WTO-Overeenkomst, met uitzondering van:

  • a.

    entiteiten gemarkeerd met * of ** in die lijst; en

  • b.

    ministeries van Defensie en agentschappen voor defensie- of beveiligingsactiviteiten van de lidstaten van de Europese Unie.

ONDERAFDELING

B

REPUBLIEK OEZBEKISTAN

Onder de Overeenkomst vallende entiteiten:

  • 1.

    Ministerie van Landbouw van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Qishlоq хo’jаligi vаzirligi)

  • 2.

    Ministerie van Bouw en Huisvesting en Gemeenschapsvoorzieningen van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Qurilish va uy-joy kommunal xo’jaligi vazirligi)

  • 3.

    Ministerie van Cultuur van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Madaniyat vazirligi)

  • 4.

    Ministerie van Digitale Technologieën van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Raqamli texnologiyalar vazirligi)

  • 5.

    Ministerie van Economie en Financiën van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Iqtisodiyot va moliya vazirligi)

  • 6.

    Ministerie van Werkgelegenheid en Armoedebestrijding van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Kambag’allikni qisqartirish va bandlik vazirligi)

  • 7.

    Ministerie van Energie van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Energetika vazirligi)

  • 8.

    Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Republiek Oezbekistan (O’zbеkistоn Rеspublikаsi Tаshqi ishlаr vаzirligi)

  • 9.

    Ministerie van Volksgezondheid van de Republiek Oezbekistan (O’zbеkistоn Rеspublikаsi Sоg’liqni sаqlаsh vаzirligi)

  • 10.

    Ministerie van Hoger Onderwijs, Wetenschap en Innovatie van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Oliy ta’lim, fan va innovatsiyalar vazirligi)

  • 11.

    Ministerie van Investering, Industrie en Handel van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi investitsiyalar, sanoat va savdo vazirligi)

  • 12.

    Ministerie van Ecologie, Milieubescherming en Klimaatverandering van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Ekologiya, atrof-muhitni muhofaza qilish va iqlim o’zgarish vazirligi)

  • 13.

    Ministerie van Voorschools en Schoolonderwijs van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Maktabgacha va maktab ta’limi vazirligi)

  • 14.

    Ministerie van Vervoer van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Transport vazirligi)

  • 15.

    Ministerie van Waterbeheer van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Suv хo’jаligi vаzirligi)

  • 16.

    Ministerie van Sport van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi va sport vazirligi)

  • 17.

    Comité voor de bevordering van de mededinging en de bescherming van de consumentenrechten van de Republiek Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Raqobatni rivojlantirish va iste’molchilar huquqlarini himoya qilish qo’mitasi)

  • 18.

    Belastingcomité (Soliq qo’mitasi)

  • 19.

    Agentschap voor exportbevordering in het Ministerie van Investeringen, Industrie en Handel van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Investitsiyalar, sanoat va savdo vazirligi huzuridagi Eksportni rag’batlantirish agentligi)

  • 20.

    Agentschap voor bosbouw in het Ministerie van Ecologie, Milieubescherming en Klimaatverandering van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Ekologiya, atrof-muhitni muhofaza qilish va iqlim o‘zgarish vazirligi huzuridagi O’rmon xo’jaligi agentligi)

  • 21.

    Agentschap voor de hydrometeorologische dienst in het Ministerie van Ecologie, Milieubescherming en Klimaatverandering van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Ekologiya, atrof-muhitni muhofaza qilish va iqlim o‘zgarish vazirligi huzuridagi Gidrometeorologiya xizmati agentligi)

  • 22.

    Bureau voor de statistiek bij de President van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Prezidenti huzuridagi Statistika agentligi)

  • 23.

    Agentschap „Uzarkhiv” in het Ministerie van Justitie van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Adliya vazirligi huzuridagi „O‘zarxiv” agentligi)

  • 24.

    Inspectie voor de controle van de veiligheid en het gebruik van water van de waterbeheerfaciliteiten in het Ministerie van Hulpbronnen inzake Water van de Republiek Oezbekistan (O‘zbekiston Respublikasi Suv xo‘jaligi vazirligi huzuridagi Suv xo'jaligi obyektlari xavfsizligini va suvdan foydalanishni nazorat qilish inspeksiyasi)

  • 25.

    Academie van Wetenschappen van Oezbekistan (O’zbekiston Respublikasi Fanlar akademiyasi)

AFDELING

2

LAGERE-OVERHEIDSDIENSTEN

Drempelwaarden:

Hoofdstuk 9 is van toepassing op de in de onderafdelingen A en B van deze afdeling genoemde aanbestedende diensten van de Partijen indien de waarde van de opdracht gelijk is aan of hoger is dan de volgende drempelwaarden:

  • a.

    400 000 SDR voor alle goederen en vermelde diensten;

  • b.

    6 000 000 SDR voor alle diensten in verband met de bouw die zijn opgenomen in afdeling 51 van de centrale productenclassificatie van de Verenigde Naties („CPC”).

ONDERAFDELING

A

EUROPESE UNIE

Onder de Overeenkomst vallende entiteiten:

Alle regionale aanbestedende diensten van alle lidstaten van de bestuurlijke eenheden die onder NUTS 1 en 2 vallen, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad1)Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de opstelling van een gemeenschappelijke nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS) (PB EU L 154 van 21.6.2003, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2003/1059/oj)..

ONDERAFDELING

B

REPUBLIEK OEZBEKISTAN

Onder de Overeenkomst vallende entiteiten:

  • I.

    Regio Andijan (Andijon viloyati)

    • 1.

      Stad Andijan (Andijon shahri)

    • 2.

      District Andijan (Andijon tumani)

    • 3.

      District Asaka (Asaka tumani)

    • 4.

      District Balikchi (Baliqchi tumani)

    • 5.

      District Bulakbashi (Buloqboshi tumani)

    • 6.

      District Buston (Bo’ston tumani)

    • 7.

      District Izbaskan (Izboskan tumani)

    • 8.

      District Jalaquduk (Jalaquduq tumani)

    • 9.

      Stad Khanabod (Xonabod shahri)

    • 10.

      District Khodjaobad (Xo’jaobod tumani)

    • 11.

      District Kurgantepa (Qo’rg’ontepa tumani)

    • 12.

      District Markhamat (Marhamat tumani)

    • 13.

      District Oltinkol (Oltinko’l tumani)

    • 14.

      District Pakhtaabad (Paxtaobod tumani)

    • 15.

      District Shakhrikhan (Shahrixon tumani)

    • 16.

      District Ulugnar (Ulug’nor tumani)

  • II.

    Regio Bukhara (Buxoro viloyati)

    • 17.

      Stad Bukhara (Buxoro shahri)

    • 18.

      District Bukhara (Buxoro tumani)

    • 19.

      District Djondor (Jondor tumani)

    • 20.

      District Gijduvon (G’ijduvon tumani)

    • 21.

      District Karakul (Qorako’l tumani)

    • 22.

      District Karaulbazar (Qorovulbozor tumani)

    • 23.

      Stad Kogan (Kogon shahri)

    • 24.

      District Kogon (Kogon tumani)

    • 25.

      District Olot (Olot tumani)

    • 26.

      District Peshku (Peshku tumani)

    • 27.

      District Romitan (Romitan tumani)

    • 28.

      District Shofirkon (Shofirkon tumani)

    • 29.

      District Vobkent (Vobkent tumani)

  • III.

    Regio Fergana (Farg’ona viloyati)

    • 30.

      District Altyariq (Oltiariq tumani)

    • 31.

      District Bagdad (Bag’dod tumani)

    • 32.

      District Beshariq (Beshariq tumani)

    • 33.

      District Buvayda (Buvayda tumani)

    • 34.

      District Dangara (Dang’ara tumani)

    • 35.

      Stad Fergana (Farg’ona shahri)

    • 36.

      District Fergana (Farg’ona tumani)

    • 37.

      District Furkat (Furqat tumani)

    • 38.

      Stad Kokon (Qo’qon shahri)

    • 39.

      Stad Kuvasay (Quvasoy shahri)

    • 40.

      Stad Margilan (Marg’ilon shahri)

    • 41.

      District Qushtepa (Qushtepa tumani)

    • 42.

      District Quva (Quva tumani)

    • 43.

      District Rishton (Rishton tumani)

    • 44.

      District Sokh (So’x tumani)

    • 45.

      District Tashlaq (Toshloq tumani)

    • 46.

      District Uchkuprik (Uchko’prik tumani)

    • 47.

      District Oezbekistan (O’zbekiston tumani)

    • 48.

      District Yazyavan (Yozyovon tumani)

  • IV.

    Regio Jizzakh (Jizzax viloyati)

    • 49.

      District Arnasay (Arnasoy tumani)

    • 50.

      District Bakhmal (Baxmal tumani)

    • 51.

      District Dustlik (Do’stlik tumani)

    • 52.

      District Forish (Forish tumani)

    • 53.

      District Gallaorol (G’allaorol tumani)

    • 54.

      Stad Jizzakh (Jizzax shahri)

    • 55.

      District Mirzachul (Mirzacho’l tumani)

    • 56.

      District Pakhtakor (Paxtakor tumani)

    • 57.

      District Sharof Rashidov (Sharof Rashidov tumani)

    • 58.

      District Yangiobod (Yangiobod tumani)

    • 59.

      District Zafarobod (Zafarobod tumani)

    • 60.

      District Zarbdor (Zarbdor tumani)

    • 61.

      District Zomin (Zomin tumani)

  • V.

    Regio Kashkadarya (Qashqadaryo viloyati)

    • 62.

      District Chirakchi (Chiroqchi tumani)

    • 63.

      District Dekhkanabad (Dehqonobod tumani)

    • 64.

      District Guzar (G’uzor tumani)

    • 65.

      District Kamashi (Qamashi tumani)

    • 66.

      Stad Karshi (Qarshi shahri)

    • 67.

      District Karshi (Qarshi tumani)

    • 68.

      District Kasby (Kasbi tumani)

    • 69.

      District Kitаb (Kitob tumani)

    • 70.

      District Koson (Koson tumani)

    • 71.

      District Kokdala (Ko‘kdala tumani)

    • 72.

      District Mirishkor (Mirishkor tumani)

    • 73.

      District Muborak (Muborak tumani)

    • 74.

      District Nishon (Nishon tumani)

    • 75.

      Stad Shakhrisabz (Shahrisabz shahri)

    • 76.

      District Shakhrisabz (Shahrisabz tumani)

    • 77.

      District Yakkabog (Yakkabog’ tumani)

  • VI.

    Regio Khorezm (Xorazm viloyati)

    • 78.

      District Bogot (Bog’ot tumani)

    • 79.

      District Gurlan (Gurlan tumani)

    • 80.

      District Khazorasp (Hazorasp tumani)

    • 81.

      District Khiva (Xiva tumani)

    • 82.

      District Khonqa (Xonqa tumani)

    • 83.

      District Qushkupir (Qo’shko’pir tumani)

    • 84.

      District Shovot (Shovot tumani)

    • 85.

      District Tuproqqala (Tuproqqal’a tumani)

    • 86.

      Stad Urgench (Urganch shahri)

    • 87.

      District Urgench (Urganch tumani)

    • 88.

      District Yangiariq (Yangiariq tumani)

    • 89.

      District Yangibozor (Yangibozor tumani)

  • VII.

    Regio Namangan (Namangan viloyati)

    • 90.

      District Chartak (Chortoq tumani)

    • 91.

      District Chust (Chust tumani)

    • 92.

      District Davlatobod (Davlatobod tumani)

    • 93.

      District Kasansay (Kosonsoy tumani)

    • 94.

      District Mingbulak (Mingbuloq tumani)

    • 95.

      Stad Namangan (Namangan shahri)

    • 96.

      District Namangan (Namangan tumani)

    • 97.

      District Naryn (Norin tumani)

    • 98.

      District Pop (Pop tumani)

    • 99.

      District Turakurgan (To’raqo’rg’on tumani)

    • 100.

      District Uchkurgan (Uchqo’rg’on tumani)

    • 101.

      District Uychi (Uychi tumani)

    • 102.

      District Yangi Namangan (Yangi Namangan tumani)

    • 103.

      District Yangikurgan (Yangiqo’rg’on tumani)

  • VIII.

    Regio Navoi (Navoiy viloyati)

    • 104.

      Stad Gazgan (G’ozg’on shahri)

    • 105.

      District Kanimekh (Konimex tumani)

    • 106.

      District Karmana (Karmana tumani)

    • 107.

      District Khatirchi (Xatirchi tumani)

    • 108.

      District Kyzyltepa (Qiziltepa tumani)

    • 109.

      District Navbakhor (Navbahor tumani)

    • 110.

      Stad Navoi (Navoiy shahri)

    • 111.

      District Nurata (Nurota tumani)

    • 112.

      District Tomdi (Tomdi tumani)

    • 113.

      District Uchkuduk (Uchquduq tumani)

    • 114.

      Stad Zarafshan (Zarafshon shahri)

  • IX.

    Regio Samarkand (Samarqand viloyati)

    • 115.

      District Akdarya (Oqdaryo tumani)

    • 116.

      District Bulungur (Bulung’ur tumani)

    • 117.

      District Ishtikhon (Ishtixon tumani)

    • 118.

      District Jambay (Jomboy tumani)

    • 119.

      Stad Kattakurgan (Kattaqo’rg’on shahri)

    • 120.

      District Kattakurgan (Kattaqo’rg’on tumani)

    • 121.

      District Koshrabot (Qo’shrabot tumani)

    • 122.

      District Narpay (Narpay tumani)

    • 123.

      District Nurobod (Nurobod tumani)

    • 124.

      District Pakhtachi (Paxtachi tumani)

    • 125.

      District Pastdargom (Pastdarg’om tumani)

    • 126.

      District Payariq (Payariq tumani)

    • 127.

      Stad Samarkand (Samarqand shahri)

    • 128.

      District Samarkand (Samarqand tumani)

    • 129.

      District Taylak (Tayloq tumani)

    • 130.

      District Urgut (Urgut tumani)

  • X.

    Regio Sirdarya (Sirdaryo viloyati)

    • 131.

      District Akaltyn (Oqoltin tumani)

    • 132.

      District Bayaut (Boyovut tumani)

    • 133.

      Stad Gulistan (Guliston shahri)

    • 134.

      District Gulistan (Guliston tumani)

    • 135.

      District Khovos (Xovos tumani)

    • 136.

      District Mirzaabad (Mirzaobod tumani)

    • 137.

      District Sardaba (Sardoba tumani)

    • 138.

      District Saykhunabad (Sayxunobod tumani)

    • 139.

      Stad Shirin (Shirin shahri)

    • 140.

      District Syrdarya (Sirdaryo tumani)

    • 141.

      Stad Yangier (Yangiyer shahri)

  • XI.

    Regio Surkhandarya (Surxondaryo viloyati)

    • 142.

      District Angor (Angor tumani)

    • 143.

      District Bandikhan (Bandixon tumani)

    • 144.

      District Boysun (Boysun tumani)

    • 145.

      District Denou (Denov tumani)

    • 146.

      District Djarkurgan (Jarqo’rg’on tumani)

    • 147.

      District Kumkurgan (Qumqo’rg’on tumani)

    • 148.

      District Muzrabot (Muzrabot tumani)

    • 149.

      District Oltinsoy (Oltinsoy tumani)

    • 150.

      District Qiziriq (Qiziriq tumani)

    • 151.

      District Saryasia (Sariosiyo tumani)

    • 152.

      District Sherobod (Sherobod tumani)

    • 153.

      District Shurchi (Sho’rchi tumani)

    • 154.

      Stad Termez (Termiz shahri)

    • 155.

      District Termiz (Termiz tumani)

    • 156.

      District Uzun (Uzun tumani)

  • XII.

    Stad Tasjkent (Tasjkent shahri)

    • 157.

      District Almazar (Olmazor tumani)

    • 158.

      District Bektemir (Bektemir tumani)

    • 159.

      District Chilanzar (Chilonzor tumani)

    • 160.

      District Mirabad (Mirobod tumani)

    • 161.

      District Mirzo Ulugbek (Mirzo Ulug’bek tumani)

    • 162.

      District Sergeli (Sergeli tumani)

    • 163.

      District Shaykhantakhur (Shayxontohur tumani)

    • 164.

      District Uchtepa (Uchtepa tumani)

    • 165.

      District Yakkasaray (Yakkasaroy tumani)

    • 166.

      District Yangihayot (Yangihayot tumani)

    • 167.

      District Yashnobod (Yashnobod tumani)

    • 168.

      District Yunusabad (Yunusobod tumani)

  • XIII.

    Regio Tasjkent (Toshkent viloyati)

    • 169.

      District Akkurgan (Oqqo’rg’on tumani)

    • 170.

      Stad Almalyk (Olmaliq shahri)

    • 171.

      Stad Angren (Angren shahri)

    • 172.

      Stad Bekabad (Bekobod shahri)

    • 173.

      District Bekabad (Bekobod tumani)

    • 174.

      District Buka (Bo’ka tumani)

    • 175.

      District Bustonliq (Bo’stonliq tumani)

    • 176.

      District Chinoz (Chinoz tumani)

    • 177.

      Stad Chirchik (Chirchiq shahri)

    • 178.

      Stad Nurafshon (Nurafshon shahri)

    • 179.

      District Okhangaron (Ohangaron tumani)

    • 180.

      District Orta Chirchiq (O’rta Chirchiq tumani)

    • 181.

      District Parkent (Parkent tumani)

    • 182.

      District Piskent (Piskent tumani)

    • 183.

      District Qibray (Qibray tumani)

    • 184.

      District Quyi Chirchiq (Quyi Chirchiq tumani)

    • 185.

      District Yangiyol (Yangiyo’l tumani)

    • 186.

      District Yukori Chirchiq (Yuqori Chirchiq tumani)

    • 187.

      District Zangiata (Zangiota tumani)

  • XIV.

    De autonome Republiek Karakalpakstan (Qoraqalpog’iston avtonom Respublikasi)

    • 188.

      District Amudarya (Amudaryo tumani)

    • 189.

      District Beruni (Beruniy tumani)

    • 190.

      District Bozatov (Bo’zatov tumani)

    • 191.

      District Chimbay (Chimboy tumani)

    • 192.

      District Ellikkala (Ellikqal’a tumani)

    • 193.

      District Kanlikul (Qanliko’l tumani)

    • 194.

      District Karauzak (Qorao’zak tumani)

    • 195.

      District Kegeyli (Kegeyli tumani)

    • 196.

      District Khodzhayli (Xo’jayli tumani)

    • 197.

      District Kungrad (Qo’ng’irot tumani)

    • 198.

      District Muynak (Mo’ynoq tumani)

    • 199.

      Stad Nukus (Nukus shahri)

    • 200.

      District Nukus (Nukus tumani)

    • 201.

      District Shumanai (Shumanay tumani)

    • 202.

      District Takhiatosh (Taxiatosh tumani)

    • 203.

      District Takhtakupir (Taxtako’pir tumani)

    • 204.

      District Turtkul (To’rtko’l tumani)

AFDELING

3

ANDERE ONDER DE OVEREENKOMST VALLENDE DIENSTEN

Geen entiteiten vermeld.

AFDELING

4

GOEDEREN

Met inachtneming van de algemene aantekeningen en afwijkingen in afdeling 7 heeft hoofdstuk 9 betrekking op opdrachten voor alle goederen die door een onder de afdelingen 1 tot en met 3 vallende entiteit worden geplaatst.

AFDELING

5

DIENSTEN

Behoudens de aantekeningen en algemene afwijkingen in afdeling 7 heeft dit hoofdstuk betrekking op aanbestedingen die worden uitgevoerd door een entiteit die onder de afdelingen 1 tot en met 3 valt, voor de volgende diensten, die zijn geïdentificeerd overeenkomstig de voorlopige centrale productenclassificatie van de Verenigde Naties (CPC Prov), zoals opgenomen in de lijst van dienstensectorclassificaties van de WTO (MTN.GNS/W/120)2)Met uitzondering van diensten die entiteiten bij een andere entiteit moeten betrekken op grond van een uitsluitend recht dat is ingesteld bij bekendgemaakte wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen.:

1

Vervoer te land, met inbegrip van vervoer per gepantserde auto en koeriers, met uitzondering van postvervoer

712 (m.u.v. 71235), 7512, 87304

2

Personen- en goederenvervoer door de lucht, met uitzondering van postvervoer

73 (m.u.v. 7321)

3

Telecommunicatiediensten

84

4

Architecten

8671

5

Ingenieurs

8672

6

Geïntegreerde diensten van ingenieurs

8673

7

Stedenbouw en landschapsarchitectuur en aanverwante wetenschappelijke en technische adviesdiensten

8674

8

Markt- en opinieonderzoek

8640

9

Advies inzake bedrijfsvoering en beheer en aanverwante diensten

865/8661)

10

Aanverwante wetenschappelijke en technische adviesdiensten

8675

11

Afvalwater- en afvalverzameling; waterzuivering en aanverwante diensten

94

1) Met uitzondering van diensten voor arbitrage en bemiddeling.

AFDELING

6

DIENSTEN IN VERBAND MET DE BOUW

Met inachtneming van de aantekeningen en afwijkingen in afdeling 7 heeft hoofdstuk 9 betrekking op opdrachten voor alle in afdeling 51 van de CPC Prov vermelde diensten die door een onder de afdelingen 1 tot en met in 3 vallende entiteit worden geplaatst.

AFDELING

7

ALGEMENE AANTEKENINGEN EN AFWIJKINGEN

  • 1.

    Hoofdstuk 9 is niet van toepassing op:

    • a.

      opdrachten voor landbouwproducten ter ondersteuning van steunprogramma’s voor de landbouw en voedselhulpprogramma’s (bv. voedselhulp in verband met noodhulp); en

    • b.

      opdrachten betreffende de aankoop, de ontwikkeling, de productie of de coproductie van programmamateriaal door omroeporganisaties en overeenkomsten betreffende zendtijd.

  • 2.

    Opdrachten die zijn geplaatst door de onder de afdelingen 1 en 2 vallende aanbestedende entiteiten in verband met activiteiten op het gebied van drinkwater, energie en vervoer vallen niet onder deze Overeenkomst, tenzij zij vallen onder afdeling 3.

  • 3.

    Met betrekking tot de Ålandseilanden zijn de bijzondere voorwaarden van Protocol nr. 2 inzake de Ålandseilanden (Ahvenanmaa) bij het verdrag betreffende de toetreding van de Republiek Finland tot de Europese Unie van toepassing.

AFDELING

8

MEDIA VOOR DE PUBLICATIE VAN AANBESTEDINGSINFORMATIE

ONDERAFDELING

A

EUROPESE UNIE

  • 1.

    Publicatie van informatie over overheidsopdrachten

    De media die door de Europese Unie zijn aangewezen en gebruikt om te voldoen aan de algemene publicatievereisten uit hoofde van artikel 161, lid 1, van deze Overeenkomst en als bedoeld in lid 2, punt a), van dat artikel, zijn de volgende:

    • a.

      NIVEAU EUROPESE UNIE

      http://simap.ted.europa.eu

      Publicatieblad van de Europese Unie

    • b.

      LIDSTATEN VAN DE EUROPESE UNIE

      BELGIË

      • i.

        Wetten, koninklijke besluiten, ministeriële besluiten, ministeriële omzendbrieven:

        Belgisch Staatsblad

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Pasicrisie

      BULGARIJE

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Държавен вестник (Staatsblad)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        http://www.sac.government.bg

      • iii.

        Administratieve besluiten van algemene strekking en procedures:

        http://www.aop.bg

        http://www.cpc.bg

      TSJECHIË

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Verzameling van wetten van de Tsjechische Republiek

      • ii.

        Uitspraken van het Bureau voor de Bescherming van de Mededinging:

        Verzameling van uitspraken van het Bureau voor de Bescherming van de Mededinging

      DENEMARKEN

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Lovtidende

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Ugeskrift for Retsvæsen

      • iii.

        Administratieve beslissingen en procedures:

        Ministerialtidende

      • iv.

        Besluiten van de Deense Kamer van Beroep voor overheidsopdrachten:

        Kendelser fra Klagenævnet for Udbud

      DUITSLAND

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Bundesgesetzblatt

        Bundesanzeiger

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Entscheidungssammlungen des Bundesverfassungsgerichts, des Bundesgerichtshofs, des Bundesverwaltungsgerichts, des Bundesfinanzhofs sowie der Oberlandesgerichte

      ESTLAND

      • i.

        Wetgeving, regelgeving administratieve besluiten van algemene strekking en rechterlijke uitspraken:

        Riigi Teataja – http://www.riigiteataja.ee

      • ii.

        Procedures betreffende overheidsopdrachten en rulings door het Beoordelingscomité inzake overheidsopdrachten van de overheid:

        https://riigihanked.riik.ee

      IERLAND

      Wet- en regelgeving:

      Iris Oifigiúil (Iers Staatsblad)

      GRIEKENLAND

      Εφημερίδα της Κυβερνήσεως της ελληνικής δημοκρατίας (Grieks Staatsblad)

      SPANJE

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Boletín Oficial del Estado

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Geen officiële publicatie

      FRANKRIJK

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Journal Officiel de la République française

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Recueil des arrêts du Conseil d’État

      • iii.

        Revue des marchés publics

      KROATIË

      Narodne novine – http://www.nn.hr

      ITALIË

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Gazzetta Ufficiale

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Geen officiële publicatie

      CΥΡRUS

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Επίσημη Εφημερίδα της Δημοκρατίας (Staatsblad van de republiek)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Αποφάσεις Ανωτάτου Δικαστηρίου 1999 – Τυπογραφείο της Δημοκρατίας (Beslissingen van het Hooggerechtshof – Uitgeverij)

      LETLAND

      Wet- en regelgeving:

      Latvijas vēstnesis (Officieel nieuwsblad)

      LITOUWEN

      • i.

        Wetgeving, regelgeving en bestuursrechtelijke bepalingen:

        Teisės aktų registras (Register van wetshandelingen)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken, jurisprudentie:

        Teismų praktika (Bulletin van het Hooggerechtshof van Litouwen)

        Administracinių teismų praktika (Bulletin van het Hoogste Administratieve Gerecht van Litouwen)

      LUXEMBURG

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Mémorial

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Pasicrisie

      HONGARIJE

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Magyar Közlöny (Staatsblad van de Republiek Hongarije)

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Közbeszerzési Értesítő – a Közbeszerzések Tanácsa Hivatalos Lapja (Bulletin voor overheidsopdrachten – Publicatieblad van de Raad voor Overheidsopdrachten)

      MALTA

      Wet- en regelgeving:

      Staatscourant

      NEDERLAND

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Nederlandse Staatscourant of Staatsblad

      • ii.

        Jurisprudentie:

        Geen officiële publicatie

      OOSTENRIJK

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Österreichisches Bundesgesetzblatt

        Amtsblatt zur Wiener Zeitung

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Entscheidungen des Verfassungsgerichtshofes, des Verwaltungsgerichtshofes, des Obersten Gerichtshofes, der Oberlandesgerichte, des Bundesverwaltungsgerichtes und der Landesverwaltungsgerichte – http://ris.bka.gv.at/Judikatur/

      POLEN

      • i.

        Wetgeving:

        Dziennik Ustaw Rzeczypospolitej Polskiej (Staatsblad – Republiek Polen)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken, jurisprudentie:

        „Zamówienia publiczne w orzecznictwie. Wybrane orzeczenia zespołu arbitrów i Sądu Okręgowego w Warszawie” (Selectie van uitspraken van arbitragepanels en de Regionale Rechtbank in Warschau)

      PORTUGAL

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Diário da República Portuguesa 1a Série A e 2a série

      • ii.

        Rechterlijke publicaties:

        Boletim do Ministério da Justiça

        Colectânea de Acordos do Supremo Tribunal Administrativo

        Colectânea de Jurisprudência das Relações

      ROEMENIË

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Monitorul Oficial al României (Staatsblad)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken, administratieve beslissingen van algemene strekking en procedures:

        http://www.anrmap.ro

      SLOVENIË

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Staatsblad van de Republiek Slovenië

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Geen officiële publicatie

      SLOWAKIJE

      • i.

        Wet- en regelgeving:

        Zbierka zákonov (Verzameling van wetten)

      • ii.

        Gerechtelijke uitspraken:

        Geen officiële publicatie

      FINLAND

      Suomen Säädöskokoelma – Finlands Författningssamling (Verzameling Finse wetgeving)

      ZWEDEN

      Svensk Författningssamling (Zweeds Staatsblad)

  • 2.

    Publicatie van aankondigingen van aanbestedingen

    De door de Europese Unie en haar lidstaten aangewezen en gebruikte elektronische of papieren media voor de bekendmaking van aankondigingen als bedoeld in de artikelen 162, 164, lid 7, en 171, lid 2, van deze Overeenkomst, op grond van artikel 161, lid 2, punt b), van deze Overeenkomst zijn:

    • a.

      NIVEAU EUROPESE UNIE

      Supplement op het Publicatieblad van de Europese Unie:

      TED (tenders electronically daily) http://ted.europa.eu (ook toegankelijk via http://simap.ted.europa.eu)

    • b.

      LIDSTATEN VAN DE EUROPESE UNIE

      BELGIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Bulletin der aanbestedingen

      Andere publicaties in de gespecialiseerde pers

      BULGARIJE

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Държавен вестник (Staatsblad) – http://dv.parliament.bg

      Register Overheidsopdrachten – http://www.aop.bg

      TSJECHIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      DENEMARKEN

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      DUITSLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      ESTLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Riigihangete register (Register inzake overheidsopdrachten van de overheid) – https://riigihanked.riik.ee

      IERLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Dagbladpers: „Irish Independent”, „Irish Times”, „Irish Press”, „Cork Examiner”

      GRIEKENLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Bekendmaking in de dagbladen en in de financiële, regionale en gespecialiseerde pers

      SPANJE

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      FRANKRIJK

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Bulletin officiel des annonces des marchés publics

      KROATIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Elektronički oglasnik javne nabave Republike Hrvatske (Elektronisch systeem voor aankondigingen van overheidsopdrachten van de Republiek Kroatië)

      ITALIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      CΥΡRUS

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Staatsblad van de Republiek

      Lokale dagbladpers

      LETLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Latvijas vēstnesis (Staatsblad)

      LITOUWEN

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Centrinė viešųjų pirkimų informacinė sistema (Centraal portaal overheidsopdrachten)

      Informatiesupplement „Informaciniai pranešimai” bij het Staatsblad („Valstybės žinios”) van de Republiek Litouwen

      LUXEMBURG

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Dagbladpers

      HONGARIJE

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Közbeszerzési Értesítő – a Közbeszerzések Tanácsa Hivatalos Lapja (Bulletin voor overheidsopdrachten – Publicatieblad van de Raad voor Overheidsopdrachten)

      MALTA

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Staatscourant

      NEDERLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      OOSTENRIJK

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Amtsblatt zur Wiener Zeitung

      POLEN

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Biuletyn Zamówień Publicznych (Bulletin voor overheidsopdrachten)

      PORTUGAL

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      ROEMENIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Monitorul Oficial al României (Staatsblad)

      Elektronisch systeem voor overheidsopdrachten – http://www.e-licitatie.ro

      SLOVENIË

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Portal javnih naročil – http://www.enarocanje.si/?podrocje=portal

      SLOWAKIJE

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Vestník verejného obstarávania (Blad voor overheidsopdrachten)

      FINLAND

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

      Julkiset hankinnat Suomessa ja ETA-alueella, Virallisen lehden liite (Overheidsopdrachten in Finland en in het EER-gebied, Supplement bij het Staatsblad van Finland)

      ZWEDEN

      Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

  • 3.

    Publicaties betreffende gegunde opdrachten

    Het internetadres waar de Europese Unie haar aankondigingen publiceert betreffende opdrachten die zijn gegund door entiteiten die onder de afdelingen 1 tot en met 3 van deze bijlage vallen, zoals vereist op grond van artikel 171, lid 2, van deze Overeenkomst en overeenkomstig artikel 161, lid 2, punt c), van deze Overeenkomst, is het volgende:

    Publicatieblad van de Europese Unie, onlineversie, Tenders Electronic Daily – http://ted.europa.eu

ONDERAFDELING

B

REPUBLIEK OEZBEKISTAN

  • 1.

    Publicatie van informatie over overheidsopdrachten

    De media die door de Republiek Oezbekistan zijn aangewezen en gebruikt om te voldoen aan de algemene publicatievereisten uit hoofde van artikel 161, lid 1, van deze Overeenkomst en als bedoeld in artikel 161, lid 2, punt a), van deze Overeenkomst, zijn de volgende:

    Speciaal informatieportaal voor overheidsopdrachten – xarid.mf.uz

  • 2.

    Publicatie van aanbestedingsberichten en kennisgeving van gegunde opdrachten

    De door de Republiek Oezbekistan aangewezen en gebruikte media voor de bekendmaking van aankondigingen als bedoeld in de artikelen 162, 164, lid 7, en 171, lid 2, van deze Overeenkomst en overeenkomstig artikel 161, lid 2, punten b), en c), van deze Overeenkomst zijn:

    Officieel webportaal voor overheidsopdrachten Speciaal informatieportaal voor overheidsopdrachten – xarid.mf.uz

Bijlage

12-A

VERBINTENISSEN EN VOORBEHOUDEN VAN DE EUROPESE UNIE

Ter verduidelijking: de verplichting voor de Europese Unie om nationale behandeling toe te kennen, houdt geen vereiste in van uitbreiding tot natuurlijke personen of rechtspersonen van de Republiek Oezbekistan, van de behandeling die in een lidstaat, op grond van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie of van op grond van dat Verdrag genomen maatregelen, met inbegrip van de implementatie ervan in de lidstaten, wordt toegekend aan:

  • i.

    natuurlijke personen of ingezetenen van een andere lidstaat; of

  • ii.

    rechtspersonen opgericht of georganiseerd naar het recht van een andere lidstaat of van de Europese Unie die hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging in de Europese Unie hebben.

De lijst is uitsluitend van toepassing op het grondgebied van de Europese Unie overeenkomstig artikel 342 en is enkel relevant in het kader van de handelsbetrekkingen tussen de Europese Unie en de Republiek Oezbekistan. De lijst laat de uit het EU-recht voortvloeiende rechten en verplichtingen van de lidstaten onverlet.

In onderstaande lijst van verbintenissen zijn de economische activiteiten opgenomen die overeenkomstig de artikelen 194 en 195 van deze Overeenkomst zijn geliberaliseerd, alsmede, door middel van voorbehouden, de beperkingen die van toepassing zijn op ondernemingen en natuurlijke personen van de Republiek Oezbekistan in die activiteiten.

  • 1.

    Horizontale voorbehouden

    • i.

      Soorten vestiging – Alle sectoren waar verbintenissen worden aangegaan

      Met betrekking tot nationale behandeling:

      De behandeling die op grond van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie wordt toegekend aan rechtspersonen die in overeenstemming met het recht van de Europese Unie of van een lidstaat zijn opgericht en hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen de Europese Unie hebben, met inbegrip van rechtspersonen die in de Europese Unie zijn opgericht door investeerders uit de Republiek Oezbekistan, wordt niet toegekend aan rechtspersonen die buiten de Europese Unie zijn opgericht, noch aan filialen of vertegenwoordigingskantoren van dergelijke rechtspersonen, met inbegrip van filialen of vertegenwoordigingskantoren van rechtspersonen uit de Republiek Oezbekistan.

      De behandeling die wordt toegekend aan rechtspersonen die door natuurlijke personen of rechtspersonen van de Republiek Oezbekistan in overeenstemming met het recht van de Europese Unie of van een lidstaat zijn opgericht, of aan hun dochterondernemingen of filialen, doet geen afbreuk aan de voorwaarden of verplichtingen die eventueel op deze rechtspersonen, of hun dochterondernemingen of filialen, van toepassing waren toen zij zich in de Europese Unie vestigden, en die van toepassing zullen blijven.

      In sommige lidstaten van de Europese Unie kunnen beperkingen op de nationale behandeling van toepassing zijn met betrekking tot het soort vestiging.

    • ii.

      Privatisering

      Met betrekking tot nationale behandeling en hoger management en raden van bestuur:

      wanneer de Republiek Bulgarije, de Franse Republiek, Hongarije en de Italiaanse Republiek aandelen van een lidstaat in of activa van een bestaande staatsonderneming of een bestaande overheidsentiteit verkopen of vervreemden, kunnen verboden of beperkingen worden opgelegd.

    • iii.

      Voorafgaande goedkeuring

      Met betrekking tot nationale behandeling, meestbegunstigingsbehandeling, hoger management en raden van bestuur:

      in de Franse Republiek, de Italiaanse Republiek en de Republiek Letland kunnen buitenlandse investeringen worden onderworpen aan voorafgaande goedkeuring door de bevoegde autoriteiten.

    • iv.

      Verwerving van onroerend goed, met inbegrip van grond.

      Met betrekking tot nationale behandeling en meestbegunstigingsbehandeling:

      In sommige lidstaten kunnen beperkingen op nationale behandeling en wederkerigheidsvoorwaarden van toepassing zijn op de verwerving van onroerend goed, met inbegrip van grond, door natuurlijke personen of rechtspersonen uit derde landen of door entiteiten die hun eigendom zijn of onder hun zeggenschap staan.

  • 2.

    Lijst van sectoren waarvoor verbintenissen zijn aangegaan1)Voor de toepassing van bijlage 12-A worden verbintenissen inzake economische activiteiten aangegeven op basis van de International Standard Industrial Classification of all economic activities (ISIC), Series M, nr. 4, Rev. 3.1.

    • i.

      Landbouw, jacht, bosbouw (ISIC Rev. 3.1: 01 en 02)

      Met betrekking tot nationale behandeling:

      in Ierland, de Republiek Finland, de Franse Republiek, de Republiek Kroatië, Hongarije en het Koninkrijk Zweden kunnen beperkingen op de nationale behandeling van toepassing zijn op natuurlijke personen of rechtspersonen van derde landen of entiteiten die hun eigendom zijn of onder hun zeggenschap staan.

    • ii.

      Industrie (ISIC Rev. 3.1: 15-37)

      Met betrekking tot nationale behandeling, meestbegunstigingsbehandeling, hoger management en raden van bestuur:

      in de Bondsrepubliek Duitsland, de Italiaanse Republiek, de Republiek Letland, de Republiek Polen, de Slowaakse Republiek en het Koninkrijk Zweden kunnen verboden of beperkingen gelden met betrekking tot het uitgeven, drukken en reproduceren van opgenomen media.

      Vervaardiging van geraffineerde aardolieproducten: niet geconsolideerd.

      Wapens, munitie en oorlogsmaterieel: niet geconsolideerd.

Bijlage

12-B

VOORBEHOUDEN VAN DE REPUBLIEK OEZBEKISTAN

Artikel 194, lid 2, en artikel 195 zijn niet van toepassing op maatregelen die onderworpen zijn aan een in deze bijlage genoemde beperking of voorwaarde, voor zover de beperking of voorwaarde van toepassing is.

Onroerend goed

Privé-eigendom is voor alle grondtypen verboden. Buitenlandse natuurlijke personen, buitenlandse rechtspersonen en filialen daarvan, alsmede ondernemingen die buitenlandse investeringen doen1)Zoals gedefinieerd in de wetgeving van de Republiek Oezbekistan., mogen gronden slechts huren voor een periode van maximaal 25 jaar, die kan worden verlengd. De verhuur van gronden in grenszones en grensgebieden kan worden beperkt.

Privatisering

De privatisering van ondernemingen, activa en faciliteiten die van strategisch belang zijn, voor zover de privatisering ervan een bijzondere bedreiging vormt voor het openbaar belang van de werking en de veiligheid van netwerken en leveringen en in het belang is van de staat, kan, voor zover de wetgeving van de Republiek Oezbekistan dit toestaat, worden beperkt of verboden voor buitenlandse natuurlijke personen, buitenlandse rechtspersonen en hun filialen, alsmede voor rechtspersonen van de Republiek Oezbekistan met buitenlands kapitaal.

Soorten commerciële aanwezigheid

Vertegenwoordigingskantoren mogen geen commerciële activiteiten uitvoeren in de Republiek Oezbekistan.

Filialen van buitenlandse rechtspersonen in de financiëledienstensector zijn niet toegestaan.

Een advocaat2)Buitenlandse natuurlijke personen die volgens de wetgeving van de Republiek Oezbekistan geen „advocaten” zijn, kunnen juridische bijstand verlenen., een notaris en een octrooigemachtigde moet onderdaan zijn van de Republiek Oezbekistan.

Aanwezigheid van natuurlijke personen

Voor dienstensectoren mag het totale aantal buitenlandse onderdanen in het kader van een overplaatsing binnen een onderneming niet meer bedragen dan 30 % van het totale aantal in dienst genomen personeelsleden van een buitenlandse onderneming, tenzij in de nationale wetgeving anders is bepaald.

Ten minste 80 % van al het personeel dat wordt aangeworven voor de uitvoering van een productieverdelingsovereenkomst moet onderdaan zijn van de Republiek Oezbekistan. Buitenlandse onderdanen mogen alleen meer dan 20 % van het personeel uitmaken als er geen onderdanen van de Republiek Oezbekistan met relevante specialismen en kwalificaties kunnen worden aangeworven.

Ten minste één lid van de raad van toezicht van een bank en twee leden van de raad van bestuur van een bank moeten de nationale taal van de Republiek Oezbekistan beheersen.

Juridisch advies via commerciële aanwezigheid: indien er slechts één vaste juridisch adviseur in de onderneming is, dan dient die persoon onderdaan te zijn van de Republiek Oezbekistan. Indien er in de onderneming meer dan één juridisch adviseur werkzaam is, moet ten minste 50 % van het totale aantal juridisch adviseurs3)Juridisch adviseurs geven advies over de wetgeving van een ander land en het internationaal recht (met uitzondering van alle fasen van precontentieuze en gerechtelijke procedures). van die onderneming onderdaan zijn van de Republiek Oezbekistan.

Telecommunicatiediensten

Aansluiting op de internationale telecommunicatienetwerken gebeurt uitsluitend met technische middelen van JSC „Uzbektelecom”.

Alle economische activiteiten die verband houden met wapens, munitie en oorlogsmateriaal: niet geconsolideerd.

Alle economische activiteiten die verband houden met de productie en distributie van verdovende middelen, psychotrope stoffen en precursoren: niet geconsolideerd.

Bijlage

12-C

VERBINTENISSEN EN BEPERKINGEN VAN DE REPUBLIEK OEZBEKISTAN

Verbintenissen en beperkingen (met uitzondering van markttoegang, waarvoor verbintenissen niet bindend zijn) van de Republiek Oezbekistan, die van toepassing zijn op ondernemingen en natuurlijke personen uit de Europese Unie bij de grensoverschrijdende handel in diensten overeenkomstig artikel 198.

Sector of subsector

Beperkingen inzake nationale behandeling

I. HORIZONTALE VERBINTENISSEN

In de onderhavige lijst:

– betekenen sterretjes (*) en (**) „deel” van een verwante sector of subsector van diensten;

– zijn CPC-nummers die worden vermeld met betrekking tot sectoren of subsectoren van diensten verwijzingen naar de voorlopige centrale productenclassificatie van de VN (Statistical Papers, serie M, nr. 77, Provisional Central Product Classification, Department of International Economics and Social Affairs, Bureau voor de Statistiek van de Verenigde Naties, New York, 1991), alsook naar document MTN.GNS/W/120.

Alle sectoren of subsectoren opgenomen in deze lijst

Productieverdelingsovereenkomsten met betrekking tot de exploratie, ontwikkeling en productie van minerale hulpbronnen

1), 2) Rechtspersonen van de Republiek Oezbekistan hebben een prioritair recht om deel te nemen aan de uitvoering van een overeenkomst in de hoedanigheid van aannemer, leverancier, vervoerder of in een andere hoedanigheid krachtens overeenkomsten (contracten) met investeerders.

Ten minste 80 % van al het aangeworven personeel dat betrokken is bij de uitvoering van een productieverdelingsovereenkomst moet onderdaan zijn van de Republiek Oezbekistan.

II. SPECIFIEKE SECTORALE VERBINTENISSEN INZAKE GRENSOVERSCHRIJDENDE HANDEL IN DIENSTEN

1. ZAKELIJKE DIENSTEN

Professionele diensten

86190 Overig juridisch advies en informatie

1) Geen

2) Geen

862 Accountants, belastingconsulenten en boekhouders, met uitzondering van 86220 Diensten verleend door boekhouders, met uitzondering van het invullen van belastingaangiften

1) 2) Geen, behalve voor het volgende:

– de auditverslagen moeten worden ondertekend door een volgens de wet van de Republiek Oezbekistan gecertificeerde auditor die werkt bij een rechtspersoon in de Republiek Oezbekistan die een vergunning heeft om auditwerkzaamheden uit te voeren en die is opgenomen in de lijst van auditorganisaties.

86220 Diensten verleend door boekhouders, met uitzondering van het invullen van belastingaangiften

1) Geen

2) Geen

863 Diensten in verband met belastingen

1) Geen

2) Geen

8671 Diensten van architecten

8672 Diensten van ingenieurs

8673 Geïntegreerde diensten van ingenieurs

86742 Landschapsarchitecten

1) 2) Geen, behalve voor het volgende:

– het verlenen van diensten is alleen toegestaan indien er een contract bestaat met een rechtspersoon uit de Republiek Oezbekistan, die een commerciële entiteit is met een vergunning van een bevoegde autoriteit van de Republiek Oezbekistan.

9320 Veterinaire diensten

1) Geen

2) Geen

B. DIENSTEN IN VERBAND MET COMPUTERS EN AANVERWANTE DIENSTEN

84 Diensten in verband met computers en aanverwante diensten

1) Geen

2) Geen

D. Onroerendgoeddiensten

82101 Verhuur van eigen of geleased residentieel onroerend goed

82102 Verhuur van eigen of geleased niet-residentieel onroerend goed

1) Geen

2) Geen

F. Andere zakelijke dienstverlening

87120 Ontwerp, uitvoering en plaatsing van reclame

1) Geen

2) Geen

86401 Marktonderzoek

865 Managementadvies

86601 Projectbeheer, behalve voor bouwprojecten

1) Geen

2) Geen

  • 2.

    COMMUNICATIE

Koeriersdiensten

75121 Multimodale koeriersdiensten

1) Geen

2) Geen

2. TELECOMMUNICATIEDIENSTEN

Bij het aangaan van verplichtingen met betrekking tot telecommunicatiediensten wordt rekening gehouden met de bepalingen in de volgende documenten: „Notes for Scheduling Basic Telecom Services Commitments” (S/GBT/W/2/Rev.1) en „Market Access Limitations on Spectrum Availability” (S/GBT/W/3).

Voor de toepassing van deze lijst omvatten telecommunicatiediensten geen diensten voor de transmissie van televisie- en/of radioprogramma’s1

7521 a) Openbare telefoondiensten

7523** b) Pakketgeschakelde datatransmissie

7523** c) Circuitgeschakelde datatransmissie

7523** d) Telexdiensten

7522 e) Telegraafdiensten

7521**+7529** f) Faxdiensten

7522**+7523** g) Particuliere huurlijnen

7523** h) Elektronische post

7523** i) Voicemail

7523** j) Online-informatie en databanken

7523** k) Elektronische gegevensuitwisseling

7523** l) Geavanceerde/extra faxdiensten, waaronder „opslaan en doorzenden” en „opslaan en opzoeken”

843** n) Online-informatie en/of gegevensverwerking (met inbegrip van de verwerking van transacties)

1), 2) Geen, behalve voor:

– recht op aansluiting op internationale telecommunicatienetwerken, uitsluitend met technische middelen van JSC „Uztelecom”;

– niet geconsolideerd met betrekking tot lokale communicatie;

– niet geconsolideerd met betrekking tot satellietcommunicatienetwerkdiensten.

3. BOUWNIJVERHEID EN AANVERWANTE CIVIELTECHNISCHE DIENSTEN

Algemene bouwkundige werken voor gebouwen

A. 512 Bouwkundige werken voor gebouwen

C. 514 Monteren en optrekken van geprefabriceerde constructies

51660 Installatie van hek- en traliewerken

D. 517 Werkzaamheden in verband met de afwerking van gebouwen

E. 511 Voorbereidende werkzaamheden op bouwterreinen (met uitzondering van 5113 Inrichten en ruimen van bouwterreinen; en 5115 Geschikt maken van terreinen voor mijnbouw)

515 Gespecialiseerde werkzaamheden in de bouw

1) Geen

2) Geen

5. ONDERWIJS

92390 Overig hoger onderwijs

1) Geen

2) Geen

6. MILIEUDIENSTEN

Deze verbintenissen gelden alleen voor diensten die op commerciële basis door particuliere ondernemingen worden geleverd.

d) Overige diensten

9404 Reiniging van uitlaatgassen

9405 Lawaaibestrijding

Bewerking en reiniging van grond en water, onderdeel van CPC 9406 Bescherming van natuur en landschap

1) Niet geconsolideerd, behalve voor adviesdiensten

2) Geen

7. FINANCIËLE DIENSTEN

Verzekeringen en aanverwante diensten

A.(b) 8129 Diensten op het gebied van andere dan levensverzekeringen

1), 2) Geen

Uitsluitend met betrekking tot risico’s in verband met vervoer over zee, commercieel luchtvervoer, commerciële lancering vanuit de ruimte, waarbij deze verzekering de vervoerde goederen, het vervoerende voertuig en de daaruit voortvloeiende aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk dekt.

Bankdiensten en andere financiële diensten (verzekeringen niet inbegrepen):

v) Aanvaarding van deposito’s en andere terugbetaalbare fondsen van het publiek (81115-81119)

vi) Alle soorten leningen, onder meer consumentenkrediet, hypotheekleningen, factorkrediet en financiering van commerciële transacties (8113)

viii) Alle diensten in verband met het betalingsverkeer en de overmaking van geld, waaronder creditcards, betaalkaarten en debetkaarten (81339**)

ix) Garanties en verplichtingen (81199**)

1) Niet geconsolideerd

2) Geen

9. TOERISME EN DIENSTEN IN VERBAND MET REIZEN

64110 Logies in hotels

64120 Logies in motels

1) Geen

2) Geen

74710 Reisbureaus en reisorganisatoren

1) Geen

2) Geen

10. CULTUUR, SPORT EN RECREATIE

96194 Circussen, pretparken en dergelijke attracties

1) Geen

2) Geen

11. VERVOERSDIENSTEN

C. Luchtvervoer

Onderhoud en reparatie van luchtvaartuigen, deel van CPC 8868**

Verkoop en marketing van luchtvervoerdiensten

Geautomatiseerde boekingssystemen

1) Geen

2) Geen

E. Vervoer per spoor

d) Onderhoud en reparatie van spoorwegmaterieel, deel van CPC 8868**

1) Niet geconsolideerd

2) Geen

F. Vervoer over de weg

d) Onderhoud en reparatie van materieel voor vervoer over de weg 6112 + 8867

1) Niet geconsolideerd

2) Geen

H. Ondersteunende diensten voor alle vormen van vervoer

a) Vrachtafhandeling CPC 741*, alleen voor vervoer over de weg en per spoor

b) Opslag CPC 742*, alleen voor vervoer over de weg en per spoor

с) Tussenpersonen op het gebied van vrachtvervoer CPC 748*, alleen voor vervoer over de weg en per spoor

1) Niet geconsolideerd

2) Geen

1) De transmissie van televisie- en radioprogramma’s wordt gedefinieerd als de ononderbroken transmissie van signalen die nodig zijn voor de distributie van dergelijke programma’s aan het publiek en omvat geen verbinding tussen exploitanten.

Bijlage

12-D

VERBINTENISSEN INZAKE DIENSTVERLENERS OP CONTRACTBASIS VAN DE REPUBLIEK OEZBEKISTAN

  • 1.

    De verbintenis van de Republiek Oezbekistan op grond van artikel 203 heeft betrekking op de volgende sectoren of subsectoren:

    • i.

      diensten van accountants en boekhouders;

    • ii.

      diensten van belastingconsulenten;

    • iii.

      diensten van architecten;

    • iv.

      diensten van ingenieurs;

    • v.

      geïntegreerde diensten van ingenieurs;

    • vi.

      diensten in verband met computers en aanverwante diensten;

    • vii.

      advertentiediensten;

    • viii.

      marktonderzoek;

    • ix.

      managementadviesdiensten; en

    • x.

      onderhoud en reparatie van werktuigen en transportmiddelen, in het kader van servicecontracten na verkoop of lease.

  • 2.

    Voor de tijdelijke binnenkomst van dienstverleners op contractbasis uit de Europese Unie naar het grondgebied van de Republiek Oezbekistan kan een onderzoek naar de economische behoefte worden verricht.

Bijlage

14-A

REGLEMENT VAN ORDE

I

Definities

  • 1.

    Voor de toepassing van hoofdstuk 14 en krachtens dit reglement van orde gelden de volgende definities:

    • a.

      „administratief personeel”: met betrekking tot een panellid, andere personen dan assistenten die onder de leiding en het toezicht van een panellid werkzaam zijn;

    • b.

      „adviseur”: en persoon die door een Partij is aangesteld om haar in verband met de panelprocedure te adviseren of bij te staan;

    • c.

      „assistent”: een persoon die in het kader van het mandaat van een panellid en onder de leiding en het toezicht van dat panellid voor dat panellid onderzoek verricht of ondersteunende taken uitvoert;

    • d.

      „klagende Partij”: de Partij die verzoekt om de instelling van een panel op grond van artikel 241;

    • e.

      „panel”: een panel dat is ingesteld op grond van artikel 242;

    • f.

      „panellid”: een lid van een panel;

    • g.

      „verwerende Partij”: de Partij ten aanzien waarvan wordt gesteld dat zij de betrokken bepalingen heeft geschonden;

    • h.

      „vertegenwoordiger van een Partij”: een persoon in dienst van of aangesteld door een ministerie, een overheidsdienst of een ander overheidsorgaan van een Partij, die de Partij met betrekking tot een geschil op het gebied van de Overeenkomst vertegenwoordigt.

II

Kennisgevingen

  • 2.

    Alle verzoeken, mededelingen, schriftelijke stukken of andere documenten (hierna: „kennisgeving” genoemd) van:

    • a.

      het panel, worden terzelfder tijd aan beide Partijen toegezonden;

    • b.

      een Partij aan het panel, worden terzelfder tijd in kopie aan de andere Partij toegezonden; en

    • c.

      een Partij aan de andere Partij, worden terzelfder tijd in kopie aan het panel toegezonden, naargelang het geval.

  • 3.

    Alle in regel 2 bedoelde kennisgevingen worden gedaan via e-mail of waar passend via enige andere vorm van telecommunicatie waarbij de verzending wordt geregistreerd. Een dergelijke kennisgeving wordt geacht te zijn afgeleverd op de datum van verzending ervan, tenzij wordt aangetoond dat dit niet het geval is.

  • 4.

    De kennisgevingen worden respectievelijk gericht aan het directoraat-generaal Handel van de Commissie van de Europese Unie en aan het ministerie van Justitie en het ministerie van Investeringen, Industrie en Handel van de Republiek Oezbekistan.

  • 5.

    Kleine verschrijvingen in kennisgevingen in verband met de procedure bij het panel kunnen worden verbeterd door indiening van een nieuw document waarin de wijzigingen duidelijk zijn aangegeven.

  • 6.

    Indien de laatste dag waarop een document kan worden ingediend, op een niet-werkdag van de instellingen van de Europese Unie of van de Republiek Oezbekistan valt, eindigt de periode van indiening van het document op de eerstvolgende werkdag.

III

Benoeming van panelleden

  • 7.

    Indien overeenkomstig artikel 242 een panellid door loting wordt aangewezen, stelt de medevoorzitter van het Samenwerkingscomité van de klagende Partij de medevoorzitter uit de Partij waartegen de klacht gericht is, onverwijld in kennis van de datum, het tijdstip en de plaats van de loting. De verwerende Partij kan desgewenst bij de loting aanwezig zijn. In elk geval vindt de loting plaats in tegenwoordigheid van de Partij/de Partijen die daarbij aanwezig is/zijn.

  • 8.

    De medevoorzitter van de klagende Partij stelt elke persoon die is aangewezen om te fungeren als panellid, schriftelijk in kennis van zijn aanwijzing. Elke persoon bevestigt binnen vijf dagen vanaf de datum waarop die persoon over zijn aanstelling werd geïnformeerd, aan beide Partijen of hij beschikbaar is.

  • 9.

    De medevoorzitter van het Samenwerkingscomité van de klagende Partij wijst binnen vijf dagen na het verstrijken van de in artikel 242, lid 2, bedoelde termijn door loting het panellid of de voorzitter aan, indien een van de in artikel 243, lid 1, bedoelde deellijsten:

    • a.

      nog niet is opgesteld, waarbij de aanwijzing plaatsvindt uit de personen die formeel voor de opstelling van die specifieke sublijst zijn voorgedragen door beide Partijen of door een van beide Partijen; of

    • b.

      niet meer ten minste vijf personen bevat, waarbij de aanwijzing plaatsvindt uit de personen die nog op die specifieke sublijst staan.

  • 10.

    Onverlet artikel 241, lid 3, streven de Partijen ernaar ervoor te zorgen dat uiterlijk op het tijdstip waarop alle panelleden hun benoeming hebben aanvaard overeenkomstig artikel 242, lid 5, zij hebben ingestemd met de bezoldiging en de onkostenvergoeding van de panelleden en assistenten, en de nodige aanstellingscontracten hebben opgesteld, zodat deze onverwijld kunnen worden ondertekend. De bezoldiging en onkosten van de panelleden zijn gebaseerd op de WTO-normen. De bezoldiging en onkosten van een medewerker of assistenten van een panellid mogen niet meer bedragen dan 50 % van de bezoldiging van dat panellid.

IV

Organisatorische bijeenkomst

  • 11.

    Tenzij de Partijen anders overeenkomen, komen zij binnen zeven dagen na de datum van instelling van het panel met dat panel bijeen om te beslissen over de aangelegenheden die de Partijen of het panel passend achten, met inbegrip van het tijdschema van de procedure.

    De panelleden en de vertegenwoordigers van de Partijen kunnen aan deze vergadering deelnemen door middel van elk communicatiemiddel, waaronder per telefoon of per videoconferentie.

V

Schriftelijke opmerkingen

  • 12.

    Uiterlijk dertig dagen na de datum van instelling van het panel dient de klagende Partij haar schriftelijke opmerkingen in. De verwerende Partij dient haar schriftelijke opmerkingen uiterlijk 30 dagen na de datum van indiening van de schriftelijke opmerkingen van de klagende Partij in.

VI

Werking van het panel

  • 13.

    De voorzitter van het panel zit alle vergaderingen van het panel voor. Het panel kan aan de voorzitter de bevoegdheid tot het nemen van administratieve en procedurele beslissingen delegeren.

  • 14.

    Tenzij in hoofdstuk 14 of in dit reglement van orde anders is bepaald, kan het panel bij zijn werkzaamheden gebruikmaken van alle mogelijke middelen, inclusief die per telefoon of elektronisch, videoconferentie of andere elektronische communicatiemiddelen.

  • 15.

    Alleen panelleden mogen deelnemen aan de beraadslagingen van het panel, maar het panel kan toestaan dat assistenten van de panelleden bij de beraadslagingen aanwezig zijn.

  • 16.

    Het opstellen van beslissingen of verslagen blijft de exclusieve bevoegdheid van het panel, die niet mag worden gedelegeerd.

  • 17.

    Wanneer zich een procedureel vraagstuk voordoet dat niet onder hoofdstuk 14 en de bijlagen daarbij valt, kan het panel, na overleg met de Partijen, een passende procedure vaststellen die verenigbaar is met die bepalingen.

  • 18.

    Wanneer het panel van oordeel is dat enige andere procedurele termijn dan de in hoofdstuk 14 vastgestelde termijnen moeten worden gewijzigd of dat een andere procedurele of administratieve aanpassing nodig is, stelt het de Partijen schriftelijk in kennis van de vereiste termijn of aanpassing en van de redenen daarvoor. Het panel kan de wijziging of aanpassing goedkeuren na overleg met de Partijen.

VII

Vervanging

  • 19.

    Wanneer een Partij van oordeel is dat een panellid niet voldoet aan de vereisten van bijlage 14-B en om die reden moet worden vervangen, stelt zij de andere Partij daarvan in kennis binnen 15 dagen na het moment waarop zij voldoende bewijs heeft verkregen van de vermeende niet-naleving van bijlage 14-B door het panellid.

  • 20.

    De Partijen voeren binnen vijftien dagen na de datum van de in regel 17 bedoelde kennisgeving overleg. Zij stellen het panellid in kennis van zijn vermeende verzuim en kunnen het panellid verzoeken maatregelen te nemen om de tekortkoming te verhelpen. Indien zij daarover tot overeenstemming komen, kunnen zij het panellid ook uit zijn functie ontzetten en een nieuw panellid aanwijzen overeenkomstig artikel 242.

  • 21.

    Indien de Partijen het niet eens worden over de vraag of een panellid, niet zijnde de voorzitter van het panel, moet worden vervangen, kan elke Partij verzoeken de aangelegenheid aan de voorzitter van het panel voor te leggen, tegen wiens beslissing geen beroep kan worden ingesteld.

    Indien de voorzitter van het panel vaststelt dat een panellid niet voldoet aan de vereisten van bijlage 14-B, wordt een nieuw panellid geselecteerd overeenkomstig artikel 242.

  • 22.

    Indien de Partijen het niet eens worden over de vraag of de voorzitter moet worden vervangen, kan elke Partij verzoeken die aangelegenheid voor te leggen aan een van de overige personen op de uit hoofde van artikel 243 vastgestelde deellijst van voorzitters. De desbetreffende persoon wordt door loting aangewezen door de medevoorzitter van het Samenwerkingscomité van de verzoekende Partij of de vervanger van de voorzitter. Tegen de beslissing van de aangewezen persoon over de noodzaak tot vervanging van de voorzitter kan geen beroep worden ingesteld.

    Indien de geselecteerde persoon van oordeel is dat de voorzitter niet voldoet aan de vereisten van bijlage 14-B, wordt een nieuwe voorzitter aangewezen overeenkomstig artikel 242.

VIII

Hoorzittingen

  • 23.

    Op basis van het tijdschema dat is vastgesteld krachtens regel 11, stelt de voorzitter van het panel, na overleg met de Partijen en de overige panelleden, de Partijen in kennis van de datum, het tijdstip en de plaats van de hoorzitting. Tenzij de hoorzitting achter gesloten deuren plaatsvindt, wordt deze informatie door de Partij op het grondgebied waarvan de hoorzitting plaatsvindt openbaar gemaakt.

  • 24.

    Tenzij de Partijen anders overeenkomen, wordt de hoorzitting in Brussel gehouden als de Republiek Oezbekistan de klagende Partij is en in Tasjkent als de Europese Unie de klagende Partij is. De verwerende Partij draagt de kosten van de organisatie van de hoorzitting. Op verzoek van een Partij kan het panel besluiten een virtuele of hybride hoorzitting te houden en passende regelingen te treffen, rekening houdend met het recht op een eerlijk proces en de noodzaak om transparantie te waarborgen.

  • 25.

    Het panel kan aanvullende hoorzittingen organiseren indien de Partijen zulks overeenkomen.

  • 26.

    Alle panelleden zijn gedurende de gehele hoorzitting aanwezig.

  • 27.

    Tenzij de Partijen anders overeenkomen, kunnen de volgende personen een hoorzitting bijwonen, ongeacht of de hoorzitting voor het publiek toegankelijk is:

    • a.

      vertegenwoordigers van een Partij;

    • b.

      adviseurs;

    • c.

      assistenten en administratief personeel;

    • d.

      tolken, vertalers en notulisten van het panel; en

    • e.

      deskundigen die overeenkomstig artikel 258, lid 2, door het panel worden uitgenodigd.

  • 28.

    Uiterlijk vijf dagen voor de datum van een hoorzitting verstrekt elke Partij het panel en de andere Partij een lijst met de namen van haar vertegenwoordigers die namens de Partij op de hoorzitting pleidooien of uiteenzettingen zullen houden en van andere vertegenwoordigers of adviseurs die de hoorzitting zullen bijwonen.

  • 29.

    De hoorzitting wordt door het panel op de volgende wijze gevoerd, waarbij ervoor wordt gezorgd dat de klagende Partij en de verwerende Partij evenveel tijd krijgen toegewezen, zowel voor de pleidooien als de weerleggingen:

    Pleidooi:

    • a.

      pleidooi van de klagende Partij;

    • b.

      pleidooi van de verwerende Partij.

      Weerlegging:

    • c.

      repliek van de klagende Partij;

    • d.

      dupliek van de verwerende Partij.

  • 30.

    Het panel kan op elk moment van de hoorzitting aan beide Partijen vragen stellen.

  • 31.

    Het panel ziet erop toe dat van de hoorzitting een proces-verbaal of een opname wordt opgemaakt, dat of die zo spoedig mogelijk na de hoorzitting aan de Partijen wordt verstrekt. De Partijen kunnen opmerkingen maken over het proces-verbaal, die door het panel in overweging kunnen worden genomen.

  • 32.

    Binnen tien dagen na de datum van de hoorzitting kan elk van beide Partijen een aanvullend schriftelijk stuk indienen over alle aspecten die tijdens de hoorzitting aan de orde zijn gekomen.

IX

Schriftelijke vragen

  • 33.

    Het panel kan op elk moment van de procedure aan een Partij of aan beide Partijen schriftelijk vragen stellen. Van alle vragen die aan een Partij worden gesteld, wordt een kopie aan de andere Partij verstrekt.

  • 34.

    Elke Partij verstrekt aan de andere Partij een kopie van haar antwoorden op de vragen van het panel. De andere Partij heeft de gelegenheid om binnen vijf dagen na ontvangst van die kopie schriftelijk opmerkingen in te dienen over de antwoorden van de Partij.

X

Vertrouwelijkheid

  • 35.

    Elke Partij en het panel behandelen informatie die door de andere Partij aan het panel is verstrekt en als vertrouwelijk is aangemerkt, als vertrouwelijk. Wanneer een Partij bij het panel schriftelijk opmerkingen indient die vertrouwelijke informatie bevat, verstrekt zij ook, binnen vijftien dagen, een stuk zonder die vertrouwelijke informatie dat openbaar wordt gemaakt.

  • 36.

    Niets in dit reglement van orde belet dat een Partij haar eigen standpunten openbaar maakt voor zover zij, wanneer zij naar door de andere Partij verstrekte informatie verwijst, geen informatie openbaar maakt die door de andere Partij als vertrouwelijk is aangemerkt.

  • 37.

    Het panel komt in besloten zitting bijeen wanneer de stukken en argumenten van een Partij vertrouwelijke bedrijfsinformatie bevatten. Wanneer een hoorzitting van het panel in besloten zitting plaatsvindt, respecteren de Partijen het vertrouwelijke karakter van de hoorzitting.

XI

Eenzijdige contacten

  • 38.

    Het panel komt niet bijeen noch communiceert met een Partij in afwezigheid van de andere Partij.

  • 39.

    Een panellid mag geen aspecten van de inhoud van de procedure met een of beide Partijen bespreken in afwezigheid van de andere panelleden.

XII

Opmerkingen van amici curiae

  • 40.

    Tenzij de Partijen binnen vijf dagen na de datum van instelling van het panel anders overeenkomen, kan het panel ongevraagde schriftelijke opmerkingen van natuurlijke personen van een Partij of rechtspersonen die op het grondgebied van een Partij gevestigd zijn en die onafhankelijk zijn van de regeringen van de Partijen, in ontvangst nemen, op voorwaarde dat deze:

    • a.

      binnen 10 dagen na de datum van de instelling van het panel door het panel zijn ontvangen;

    • b.

      bondig zijn en, inclusief bijlagen, in elk geval niet meer dan 15 met dubbele regelafstand getypte bladzijden tellen;

    • c.

      rechtstreeks van belang zijn voor een feitelijke of juridische kwestie die door het panel wordt onderzocht;

    • d.

      een beschrijving bevatten van de persoon die de bijdrage indient, voor een natuurlijke persoon met inbegrip van zijn nationaliteit en voor een rechtspersoon met inbegrip van zijn plaats van vestiging, de aard van zijn activiteiten, zijn rechtsvorm, zijn algemene doelstellingen en zijn financieringsbron;

    • e.

      nadere informatie bevatten over het aanmerkelijke belang dat de persoon bij de panelprocedure heeft; en

    • f.

      zijn opgesteld in de talen die de Partijen overeenkomstig de regels 44 en 45 van dit reglement van orde hebben gekozen.

  • 41.

    De stukken worden aan de Partijen toegezonden, zodat zij hun opmerkingen kunnen indienen. De Partijen kunnen binnen tien dagen na de datum van de toezending van de stukken hun opmerkingen aan het panel kenbaar maken.

  • 42.

    Het panel vermeldt in zijn verslag alle opmerkingen die het overeenkomstig regel 40 heeft ontvangen. Het panel is niet verplicht in zijn verslag op de in de opmerkingen naar voren gebrachte argumenten in te gaan. Indien het panel echter in zijn verslag op deze argumenten ingaat, houdt het ook rekening met eventuele opmerkingen die de Partijen overeenkomstig regel 41 hebben gemaakt.

XIII

Dringende gevallen

  • 43.

    In dringende gevallen als bedoeld in artikel 247 past het panel, na overleg met de Partijen, de in dit reglement van orde bedoelde termijnen zo nodig aan. Het panel stelt de Partijen van die aanpassingen in kennis.

XIV

Vertaling en vertolking

  • 44.

    Tijdens het in artikel 240 bedoelde overleg, en uiterlijk op de datum van de in regel 11 van dit reglement van orde bedoelde vergadering, proberen de Partijen tot overeenstemming te komen over een gemeenschappelijke werktaal voor de procedures van het panel.

  • 45.

    Indien de Partijen niet tot overeenstemming kunnen komen over een gemeenschappelijke werktaal, dient elke Partij haar schriftelijke stukken in de door haar gekozen taal in. Elke Partij verstrekt tegelijkertijd een vertaling in de door de andere Partij gekozen taal, tenzij haar stukken in een van de werktalen van de WTO zijn opgesteld. De Partij waartegen de klacht gericht is, zorgt voor de vertolking van de mondelinge uiteenzettingen in de door de Partijen gekozen talen.

  • 46.

    De verslagen en beslissingen van het panel worden uitgebracht in de door de Partijen gekozen taal of talen. Indien de Partijen geen overeenstemming hebben bereikt over een gemeenschappelijke werktaal, wordt het tussentijdse verslag en het eindverslag van het panel uitgebracht in een van de werktalen van de WTO.

  • 47.

    Elke Partij kan opmerkingen maken over de nauwkeurigheid van een overeenkomstig het reglement van orde gemaakte vertaling van een document.

  • 48.

    Elke Partij draagt zelf de kosten die zij maakt in verband met de vertaling van haar schriftelijke stukken. Eventuele kosten voor het vertalen van een uitspraak worden door de Partijen gelijkelijk gedragen.

XV

Andere procedures

  • 49.

    De termijnen in dit reglement van orde worden aangepast overeenkomstig de bijzondere termijnen die voor de vaststelling van een verslag of besluit door het panel tijdens de procedure zijn vastgesteld op grond van de artikelen 251, 252, 253 en 254.

Bijlage

14-B

GEDRAGSCODE VOOR PANELLEDEN EN BEMIDDELAARS

I

Definities

  • 1.

    In deze gedragscode wordt verstaan onder:

    • a.

      „administratief personeel”: met betrekking tot een panellid, andere personen dan assistenten die onder de leiding en het toezicht van een panellid werkzaam zijn;

    • b.

      „assistent”: een persoon die uit hoofde van het mandaat van een panellid voor dat panellid onderzoek verricht of ondersteunende taken uitvoert;

    • c.

      „kandidaat”: een persoon wiens naam voorkomt op de in artikel 243 bedoelde lijst van panelleden en wiens selectie als panellid overeenkomstig artikel 242 wordt overwogen;

    • d.

      „bemiddelaar”: een persoon die overeenkomstig artikel 265 als bemiddelaar is aangewezen;

    • e.

      „panellid”: een lid van een panel;

II

Grondbeginselen

  • 2.

    Om de integriteit en de onpartijdigheid van het mechanisme voor geschillenbeslechting te vrijwaren, moeten elke kandidaat en panellid:

    • a.

      zich vertrouwd maken met deze gedragscode;

    • b.

      onafhankelijk en onpartijdig zijn;

    • c.

      directe of indirecte belangenconflicten vermijden;

    • d.

      laakbaar gedrag en de schijn van laakbaar gedrag of partijdigheid vermijden;

    • e.

      de hoogste gedragsnormen in acht nemen; en

    • f.

      waarborgen zich niet te laten beïnvloeden door eigenbelang, druk van buitenaf, politieke overwegingen, publieke protesten, trouw aan een Partij of vrees voor kritiek.

  • 3.

    Panelleden mogen noch direct noch indirect verplichtingen aangaan of voordelen accepteren die op welke wijze dan ook de goede uitoefening van hun taken verstoren of lijken te verstoren.

  • 4.

    De panelleden gebruiken hun positie als lid van het panel niet om persoonlijke of particuliere belangen te dienen. Panelleden onthouden zich van handelingen die de indruk kunnen wekken dat anderen in een bijzondere positie verkeren waardoor zij invloed op hen kunnen uitoefenen.

  • 5.

    De panelleden laten hun gedrag of oordeel niet beïnvloeden door huidige of vroegere financiële, zakelijke, professionele, persoonlijke of sociale relaties of verantwoordelijkheden.

  • 6.

    De panelleden gaan geen relaties aan en verwerven geen financiële belangen wanneer daardoor hun onpartijdigheid in het gedrang kan komen of wanneer redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daardoor de schijn van laakbaar gedrag of partijdigheid wordt gewekt.

III

Openbaarmakingsplicht

  • 7.

    Voorafgaand aan de aanvaarding van hun aanstelling als panellid op grond van artikel 242 geven de kandidaten die gevraagd worden als panellid op te treden, opening van zaken over alle belangen, relaties of aangelegenheden die van invloed kunnen zijn op hun onafhankelijkheid of onpartijdigheid, of waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij tijdens de panelprocedure de schijn van laakbaar gedrag of partijdigheid zouden kunnen wekken. Daartoe getroosten de kandidaten zich alle redelijke inspanningen om zich bewust te worden van dergelijke belangen, relaties en aangelegenheden, met inbegrip van financiële belangen, professionele belangen, werkgelegenheids- of familiebelangen.

  • 8.

    Op grond van de openbaarmakingsplicht uit hoofde van lid 7 blijven de panelleden voortdurend gehouden dergelijke belangen, relaties en aangelegenheden openbaar te maken wanneer die zich tijdens de procedure voordoen.

  • 9.

    Kandidaten of panelleden delen het Samenwerkingscomité ter overweging door de Partijen alle eventuele aangelegenheden met betrekking tot feitelijke of mogelijke schendingen van deze gedragscode mee zodra zij zich ervan bewust worden.

IV

Taken van de panelleden

  • 10.

    Na de aanvaarding van hun aanstelling zijn de panelleden beschikbaar voor de uitoefening van hun taken en oefenen zij hun taken gedurende de gehele procedure nauwgezet, snel en billijk uit.

  • 11.

    De panelleden onderzoeken uitsluitend vragen die tijdens de panelprocedure aan de orde worden gesteld en die voor het besluit noodzakelijk zijn, en dragen deze taak niet over aan een andere persoon.

  • 12.

    De panelleden nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat hun assistenten en het administratief personeel bekend zijn met de door de panelleden uit hoofde van de delen II, III, IV en VI van deze gedragscode aangegane verplichtingen en die naleven.

V

Verplichtingen van voormalige panelleden

  • 13.

    Voormalige panelleden onthouden zich van handelingen die de schijn kunnen wekken dat zij bij de uitoefening van hun taken niet onpartijdig waren of dat zij voordeel hebben ontleend aan het besluit van het panel.

  • 14.

    Voormalige panelleden leven de verplichtingen van deel VI van deze gedragscode na.

VI

Vertrouwelijkheid

  • 15.

    Panelleden maken op geen enkel moment niet-publieke informatie openbaar over de procedure, of over informatie die is verkregen tijdens de procedure waarvoor zij zijn aangesteld. De panelleden maken dergelijke informatie in geen geval openbaar en gebruiken dergelijke informatie niet om persoonlijk voordeel te verwerven, anderen voordeel te verschaffen of de belangen van anderen in negatieve zin te beïnvloeden.

  • 16.

    Een panellid maakt een besluit van het panel of delen daarvan niet openbaar voordat het overeenkomstig hoofdstuk 14 wordt bekendgemaakt.

  • 17.

    Een panellid maakt op geen enkel moment informatie openbaar over de beraadslagingen van een panel of over het standpunt van individuele panelleden, en legt geen verklaringen af over de procedure waarvoor het is aangesteld of over de litigieuze kwesties in de procedure.

VII

Onkosten

  • 18.

    Panelleden houden de door hen aan de procedure bestede tijd en de hierbij gemaakte onkosten bij, evenals de tijd en onkosten van hun assistenten en administratief personeel, en leggen hiervan een eindafrekening over.

VIII

Bemiddelaars

  • 19.

    Deze gedragscode is mutatis mutandis van toepassing op bemiddelaars.

Protocol

wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken

Artikel

1

Definities

Voor de toepassing van dit protocol wordt verstaan onder:

  • a.

    „douanewetgeving”: de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die op het grondgebied van een van de Partijen van toepassing zijn betreffende de invoer, de uitvoer en de doorvoer van goederen en de plaatsing van goederen onder een andere douaneregeling, met inbegrip van verboden, beperkingen en controlemaatregelen;

  • b.

    „verzoekende autoriteit”: een daartoe door een Partij aangewezen bevoegde overheidsinstantie die op grond van dit protocol een verzoek om bijstand indient;

  • c.

    „aangezochte autoriteit”: een tot dit doel door een Partij aangewezen bevoegde administratieve autoriteit die op grond van dit protocol een verzoek om bijstand ontvangt;

  • d.

    „informatie”: alle gegevens, documenten, afbeeldingen, verslagen, mededelingen of gewaarmerkte kopieën, in ongeacht welk formaat, ook in elektronisch formaat, al dan niet verwerkt of geanalyseerd;

  • e.

    „persoon”: natuurlijke persoon of rechtspersoon;

  • f.

    „persoonsgegevens”: alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon;

  • g.

    „met de douanewetgeving strijdige handeling”: elke overtreding of poging tot overtreding van de douanewetgeving.

Artikel

2

Toepassingsgebied

Artikel

3

Bijstand op verzoek

Artikel

4

Ongevraagde bijstand

Waar mogelijk verlenen de Partijen elkaar, overeenkomstig hun wet- en regelgeving, op eigen initiatief onverwijld bijstand door inlichtingen te verstrekken over voltooide, geplande of lopende activiteiten die met de douanewetgeving strijdige handelingen vormen of lijken te vormen en die voor de andere Partij van belang kunnen zijn. Die inlichtingen betreffen met name het volgende:

  • a.

    personen, goederen en vervoermiddelen; en

  • b.

    nieuwe middelen of methoden die worden gebruikt om met de douanewetgeving strijdige handelingen te verrichten.

Artikel

5

Vorm en inhoud van verzoeken om bijstand

Artikel

6

Uitvoering van verzoeken

Artikel

7

Vorm waarin de inlichtingen worden verstrekt

Artikel

8

Aanwezigheid van ambtenaren van een Partij op het grondgebied van de andere Partij

Artikel

9

Verstrekking van documenten en kennisgeving van besluiten

Artikel

10

Automatische uitwisseling van inlichtingen

Artikel

11

Uitzonderingen op de verplichting tot het verlenen van bijstand

Artikel

12

Uitwisseling van informatie en vertrouwelijkheid

Artikel

13

Deskundigen en getuigen

De aangezochte autoriteit kan een ambtenaar machtigen om, binnen de grenzen van de hem verleende machtiging, als deskundige of getuige te verschijnen in gerechtelijke of bestuursrechtelijke procedures betreffende onder dit protocol vallende aangelegenheden en daarbij de voor de procedure noodzakelijke voorwerpen, documenten of gewaarmerkte afschriften over te leggen. In de oproeping dient uitdrukkelijk te worden vermeld voor welke rechterlijke of bestuurlijke instantie de ambtenaar moet verschijnen en over welke aangelegenheid en in welke functie of hoedanigheid hij zal worden ondervraagd.

Artikel

14

Kosten van de bijstand

Artikel

15

Uitvoering

Artikel

16

Andere overeenkomsten

Dit protocol heeft voorrang op bilaterale overeenkomsten betreffende wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken die tussen afzonderlijke lidstaten en de Republiek Oezbekistan zijn of kunnen worden gesloten, voor zover deze overeenkomsten onverenigbaar zijn met dit protocol.

Artikel

17

Overleg

Ten aanzien van vraagstukken in verband met de uitlegging en de toepassing van dit protocol plegen de Partijen waar nodig onderling overleg in het kader van het bij artikel 338 van deze Overeenkomst ingestelde Samenwerkingscomité.