Uitvoering artikel 5, eerste lid, van de Noodwet Geneeskundigen

De Staatssecretaris van Volksgezondheid en Milieuhygiëne,
De Raad voor de buitengewone geneeskundige en farmaceutische voorziening gehoord (advies van 9 maart 1978, nr. 17,624/CV);

Besluit:

Artikel

1

Als autoriteiten die in de plaats van de Directeur-Generaal van de Volksgezondheid optreden als bevoegd gezag in de zin van de Noodwet Geneeskundigen, worden aangewezen de regionale geneeskundige inspecteurs van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid en de regionale inspecteurs voor de geneesmiddelen van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid, leder voor zover is bepaald in de artikelen 2 en 3.

Artikel

2

Artikel

3

Een regionale inspecteur voor de geneesmiddelen treedt op als bevoegd gezag ten aanzien van apothekers, werkzaam binnen zijn ambtsgebied, en ter behartiging van de farmaceutische voorziening binnen dat ambtsgebied.

Artikel

4

Voor zover de uitoefening van bevoegdheden als bevoegd gezag invloed heeft op de geneeskundige en farmaceutische voorziening in de ambtsgebieden van meer dan één regionale geneeskundige inspecteur, dan wel van meer dan één regionale inspecteur voor de geneesmiddelen, treedt de directeur-generaal op als bevoegd gezag.

Artikel

5

Indien en voor zolang de verbinding tussen de betrokken regionale inspecteur en enig binnen zijn ambtsgebied gelegen gebied is verbroken, worden de bij dit besluit toegekende bevoegdheden uitgeoefend door de voor dit gebied krachtens artikel 10 van het Besluit Staatstoezicht Volksgezondheid (Stb. 1958, 397) aangewezen plaatsvervangende regionale inspecteur.

Artikel

6

De regionale inspecteur bepaalt het tijdstip waarop de verbinding tussen hem en het betrokken gebied is hersteld.

Artikel

7

Leidschendam
De Staatssecretaris voornoemd, L. Veder-Smit