Artikel
1
1
In deze beschikking wordt verstaan onder:
-
a.
'commissie': commissie beheer landbouwgronden als bedoeld in artikel 30 van de Wet agrarisch grondverkeer;
-
b.
'uitgifte': uitgifte in erfpacht van landbouwgronden door het bureau;
-
c.
'aanvrager': degene, die op de voet van deze beschikking een aanvrage voor uitgifte heeft ingediend;
-
d.
'sub-commissie': subcommissie van de provinciale commissie beheer landbouwgronden, als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de Instellingsbeschikking provinciale commissies beheer landbouwgronden (Stcrt. 1982, 236);
-
e.
'bedrijfsomvang': de bedrijfsomvang naar de toestand op het tijdstip van de, bij het indienen van de aanvrage, laatst bekende, in artikel 24 van de Landbouwwet bedoelde, landbouwtelling;
-
f.
's.b.e.': standaardbedrijfseenheden, te weten de door het Landbouw-Economisch Instituut berekende verhoudingsgetallen, die een beoordeling mogelijk maken van de produktie-omvang van het gehele bedrijf, alsmede van de afzonderlijke produktierichtingen, zoals aangegeven op de bij deze beschikking behorende bijlage;
-
g.
'akkerbouwbedrijf': bedrijf waarvan de bedrijfsomvang van de sector akkerbouw, in s.b.e. uitgedrukt, ten minste 80% van de totale bedrijfsomvang uitmaakt;
-
h.
'Landinrichtingcommissie':commissie als bedoeld in artikel 27, eerste lid, van de Landinrichtingswet;
-
i.
'directeur': directeur van het bureau;
-
j.
'besluit': Besluit grondbankstelsel (Stb. 1982, 692).
2
Voor de toepassing van deze beschikking wordt:
-
a.
onder landinrichtingscommissie mede begrepen de reconstructiecommissie als bedoeld in artikel 1 van de Reconstructiewet Midden-Delfland en de herinrichtingscommissie als bedoeld in artikel 1 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën;
-
b.
in afwijking van artikel 1 van de Wet agrarisch grondverkeer onder landbouw niet de bosbouw begrepen.