Wet van 7 november 1991, tot wijziging van de Wet op de weerkorpsen ter zake van de particuliere beveiligingsorganisaties

Wijzigingswet Wet op de weerkorpsen

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet op de weerkorpsen aan te vullen met bepalingen inzake de particuliere beveiligingsorganisaties, waardoor de regelingen met betrekking tot deze organisaties doeltreffender kunnen worden gehandhaafd en met enkele andere bepalingen (Wet op de weerkorpsen en de particuliere beveiligingsorganisaties);

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

II

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

III

Artikel

IV

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

V

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin
De Staatssecretaris van Justitie, A. Kosto
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin