Besluit van 5 januari 1993, houdende regels betreffende de niet-automatische weegwerktuigen

EEG-IJkbesluit niet-automatische weegwerktuigen

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken van 18 oktober 1992, nr. 92083700WJA/W;
Gelet op de richtlijn nr. 90/384/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake niet-automatische weegwerktuigen (PbEG L 189) en op de artikelen 6, 7, 21a en 22 van de IJkwet (Stb. 1989, 10);
De Raad van State gehoord (advies van 24 december 1992, nr. W10.92.0516);
Gezien het nader rapport van Onze voornoemde minister van 29 december 1992, nr. 92049160WJA/W;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    richtlijn: de richtlijn nr. 90/384/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake niet-automatische weegwerktuigen (PbEG L 189);

  • b.

    wet: de IJkwet (Stb. 1989, 10);

  • c.

    niet-automatisch weegwerktuig: een werktuig voor het bepalen van de massa van een lichaam met gebruikmaking van de werking van de zwaartekracht op dat lichaam, waarbij voor het wegen menselijke tussenkomst noodzakelijk is, alsmede zodanige werktuigen die bovendien worden gebruikt voor het bepalen van andere met de massa verband houdende grootheden, hoeveelheden, parameters of kenmerken.

Artikel

2

Artikel

3

Het is verboden niet-automatische weegwerktuigen in de handel te brengen, waarop:

  • a.

    niet de opschriften, bedoeld in bijlage IV, punt 2, van de richtlijn duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en onuitwisbaar zijn aangebracht, of

  • b.

    markeringen zijn aangebracht die derden kunnen misleiden omtrent de betekenis of de grafische vorm van de in artikel 10, eerste lid, van de richtlijn bedoelde CE-markering, dan wel de zichtbaarheid of de leesbaarheid van de CE-markering verminderen.

Artikel

4

Het is verboden niet-automatische weegwerktuigen te gebruiken voor:

  • a.

    de bepaling van de massa voor handelstransacties,

  • b.

    de bepaling van de massa voor het berekenen van een recht, heffing, belasting, premie, boete, vergoeding of soortgelijke verschuldigde bedragen,

  • c.

    de bepaling van de massa voor de toepassing van wettelijke regelingen of andere besluiten van bestuursorganen of voor gerechtelijke expertises, of

  • d.

    de bepaling van de prijs op grond van de massa voor rechtstreekse verkoop aan het publiek en voor voorverpakte artikelen, indien zij niet voldoen aan de voorschriften van de artikelen 5 en 6.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Voor de toepassing van dit besluit en de daarop rustende bepalingen wordt een niet-automatisch weegwerktuig aangemerkt als een weegwerktuig dat de procedures van artikel 6, tweede lid, van dit besluit heeft doorlopen, indien:

  • a.

    het weegwerktuig de in artikel 8 van de richtlijn bedoelde procedure heeft gevolgd bij of ten overstaan van een instantie als bedoeld in artikel 9 van de richtlijn, die door een andere lid-staat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte is aangewezen,

  • b.

    het weegwerktuig is voorzien van de markeringen en de vereiste aanvullende gegevens als bedoeld in bijlage IV, punt 1, van de richtlijn en,

  • c.

    indien het betreft een soortgelijk niet-automatisch weegwerktuig als de normaliter voor rechtstreekse verkoop aan het publiek gebruikte weegwerktuigen en het niet aan de voorwaarden van punt 14 van bijlage I van de richtlijn voldoet, op dat weegwerktuig de onuitwisbare vermelding "niet voor rechtstreekse verkoop aan het publiek" is aangebracht.

Artikel

10

Vervallen

Artikel

11

Artikel

12

Niet-automatische weegwerktuigen mogen uitsluitend worden gebruikt voor wegingen overeenkomstig hun bestemming.

Artikel

13

Voor weging van edele metalen, parels, edelgesteenten of munten mogen geen andere niet-automatische weegwerktuigen worden gebruikt dan die voor fijne of speciale weging.

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

In elke beschikking die krachtens dit besluit wordt genomen en die resulteert in beperkingen met betrekking tot het in gebruik nemen van een niet-automatisch weegwerktuig, moeten nauwkeurig de redenen worden vermeld waarop die beschikking berust. Een dergelijke beschikking wordt onverwijld ter kennis van de betrokken partij gebracht, die tegelijkertijd ervan op de hoogte moet worden gebracht:

  • a.

    dat beroep als bedoeld in artikel 29k van de wet kan worden ingesteld en

  • b.

    dat dit beroep binnen 30 dagen na de dag, waarop die beschikking is meegedeeld, uitgereikt of verzonden, moet worden ingesteld.

Artikel

17

Voor zover in dit besluit wordt verwezen naar de richtlijn of naar een bijlage daarvan, treedt voor de toepassing van de desbetreffende bepaling een wijziging van de richtlijn of van een bijlage daarvan in werking met ingang van de dag, waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.

Artikel

18

Artikel

19

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

20

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

21

Artikel

22

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel

23

Dit besluit kan worden aangehaald als: EEG-IJkbesluit niet-automatische weegwerktuigen.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Economische Zaken, J. E. Andriessen
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin