Artikel
1
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
een inrichting waar rauwe melk wordt verzameld en eventueel gekoeld en gezuiverd mag worden;
een inrichting waar melk een warmtebehandeling ondergaat;
een inrichting waar melk en produkten op basis van melk worden behandeld, verwerkt en verpakt;
een inrichting die niet verbonden is aan een centraal melkdepot of een melkbehandelings- of melkverwerkingsinrichting, waarin rauwe melk mag worden afgeroomd of waarin het gehalte aan natuurlijke bestanddelen mag worden gewijzigd;
de stichting Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel te Leusden;
de Voedsel en Waren Autoriteit en, voor zover een inrichting is aangesloten bij het COKZ, het COKZ;
het beschermen van de in deze regeling bedoelde waren door middel van een eerste omhulsel of een eerste bergingsmiddel dat rechtstreeks in contact komt met de betrokken waar, alsmede het eerste omhulsel of het eerste bergingsmiddel zelf;
het plaatsen van één of meer in deze regeling bedoelde waren die al dan niet van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien, in een bergingsmiddel, alsmede het bergingsmiddel zelf;
luchtdicht bergingsmiddel dat bestemd is om de inhoud tijdens en na de hittebehandeling te beschermen tegen het binnendringen van micro-organismen;
beschikking nr. 95/340/EG van de Commissie van 27 juli 1995 tot vaststelling van een voorlopige lijst van derde landen waaruit de Lid-Staten de invoer van melk en produkten op basis van melk toestaan en tot intrekking van Beschikking 94/70/EG (PbEG L 200);
beschikking nr. 95/343/EG van de Commissie van 27 juli 1995 tot vaststelling van de modellen van de gezondheidsvoorschriften voor de invoer uit derde landen, met het oog op menselijke consumptie, van warmtebehandelde melk, van produkten op basis van melk en van rauwe melk voor levering aan een centraal melkdepot, een centrum voor standaardisering, een melkbehandelingsinrichting of een melkverwerkingsinrichting (PbEG L 200).
2
Bij de microbiologische beoordeling van monsters wordt in deze regeling verstaan onder:
aantal eenheden waaruit een monster bestaat;
drempelwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt bevredigend geacht als het aantal bacteriën in alle eenheden gelijk is aan of kleiner is dan m;
maximumwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt onbevredigend geacht als het aantal bacteriën in één of meer eenheden gelijk is aan of groter is dan M;
aantal eenheden waarin het aantal bacteriën mag liggen tussen m en M, en waarbij het monster nog aanvaardbaar wordt geacht als het aantal bacteriën in de andere eenheden gelijk is aan of kleiner is dan m;