Voor zover de Autoriteit Financiële Markten of de Bank daarover uit hoofde van de wet beschikt of kan beschikken verstrekt zij desgevraagd aan Onze Minister alle inlichtingen die van betekenis kunnen zijn voor:
-
a.
het verlenen, wijzigen of intrekken van een vrijstelling als bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, 5, tweede lid, 6c, eerste lid, 10, eerste lid, 18, eerste lid, en 25, eerste lid, van de wet;
-
b.
het doen van een mededeling dan wel het geven van een aanwijzing als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet, voor zover het een mededeling of een aanwijzing betreft aan de houder van een effectenbeurs met betrekking tot de voor die effectenbeurs te hanteren regels inzake beschermingsconstructies en hun toepassing;
-
c.
het bepalen van een termijn als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, voor zover het een termijn betreft met betrekking tot een aanwijzing als bedoeld onder b;
-
d.
het treffen of intrekken van een maatregel als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet;
-
e.
het verlenen of intrekken van een erkenning als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de wet;
-
f.
het stellen van regels als bedoeld in de artikelen 22, vijfde lid, en 42 van de wet;
-
g.
het geven van voorschriften als bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de wet, voor zover het voorschriften betreft aan de houder van een effectenbeurs met betrekking tot de voor die effectenbeurs te hanteren regels inzake beschermingsconstructies en hun toepassing, alsmede voor zover het voorschriften betreft met betrekking tot de opening en sluiting van effectenbeurzen;
-
h.
het verlenen of intrekken van een ontheffing als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet;
-
i.
het verlenen, wijzigen of intrekken van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 26a, eerste en negende lid, van de wet;
-
j.
het verbinden van beperkingen of voorschriften aan een verklaring van geen bezwaar op grond van artikel 26a, vijfde lid;
-
k.
het stellen van een termijn als bedoeld in artikel 26a, zesde en achtste lid, van de wet;
-
l.
het instellen van een vordering tot vernietiging van een besluit als bedoeld in artikel 26a, zevende lid, van de wet;
-
m.
het verbinden van nadere beperkingen of nadere voorschriften aan een verklaring van geen bezwaar op grond van artikel 26a, negende lid, van de wet;
-
n.
het geven van voorschriften als bedoeld in artikel 27, tweede lid, van de wet;
-
o.
het krachtens artikel 27, vierde lid, van de wet beoordelen van een wijziging in de regels, bedoeld in artikel 27, eerste lid, van de wet;
-
p.
het invoeren, wijzigen of intrekken van een regeling als bedoeld in artikel 28a, vierde lid, onderscheidenlijk zesde lid, van de wet;
-
q.
het nemen van een besluit als bedoeld in artikel 45, eerste of derde lid, van de wet of het bepalen van een termijn als bedoeld in artikel 45, vierde lid, van de wet.