Artikel
1
Er is een Rijkscommissie voor export-, import-, en investeringsgaranties, te noemen: de Rijkscommissie.
Besluit:
Er is een Rijkscommissie voor export-, import-, en investeringsgaranties, te noemen: de Rijkscommissie.
De Rijkscommissie heeft tot taak overleg te voeren over (inter)nationale ontwikkelingen en vraagstukken alsmede knelpunten en mogelijke oplossingen daarvoor, op het gebied van export-kredietverzekering en -financiering en op het terrein van de herverzekeringen als bedoeld in artikel 3, tweede lid van de kaderwet financiële verstrekkingen Financiën.
De leden zijn:
vertegenwoordigers van De Nederlandsche Bank N.V., die worden benoemd door de Minister van Financiën;
deskundigen op het gebied van industrie, landbouw, handel, dienstverleningsbedrijven, bank- en verzekeringswezen en daarin werkzaam, die worden benoemd door de Minister van Financiën in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken.
twee vertegenwoordigers uit het georganiseerde bedrijfsleven die worden benoemd door de Minister van Financiën, in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken.
vertegenwoordigers van toegelaten kredietverzekeringsmaatschappijen, die worden benoemd door de Minister van Financiën.
drie vertegenwoordigers van de Minister van Financiën, de Minister van Economische Zaken en de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, die worden benoemd door de Minister van Financiën.
De Minister van Financiën benoemt de voorzitter, de secretaris, en hun plaatsvervangers uit de kring van vertegenwoordigers van De Neder-landsche Bank N.V.
De leden en de plaatsvervangende leden worden benoemd voor een periode van vijf jaar, waarna herbenoeming mogelijk is. De onder artikel 4, tweede lid, onderdeel b, bedoelde leden worden niet meer dan eenmaal herbenoemd.
Bij tussentijdse vacature treedt de nieuwbenoemde, wat de duur van zijn benoeming betreft, in de plaats van zijn voorganger.
In de subcommissies kunnen leden van de Rijkscommissie of hun vertegenwoordigers, alsmede externe deskundigen plaatsnemen.
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de Rijkscommissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij de Nederlandsche Bank N.V. De bescheiden worden bij opheffing van de Rijkscommissie opgenomen in het centraal archief van het Ministerie van Financiën.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1997.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.