Artikel
1
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Financiën;
2
De waarden bedoeld in artikel 23, derde lid, van het besluit zijn:
-
a.
de waarden die op grond van artikel 220d van de Gemeentewet buiten aanmerking gelaten worden, met uitzondering van de waarden bedoeld in onderdeel i van dat artikel;
-
b.
de waarden van onroerende zaken ten aanzien waarvan op grond van artikel 243 van de Gemeentewet dan wel op grond van rechtstreeks werkende internationale overeenkomsten vrijstelling is verleend.