Wet van 10 oktober 1997 tot wijziging van de Kieswet inzake de uitoefening van het kiesrecht door Nederlanders buiten Nederland

Wijzigingswet Kieswet (uitoefening kiesrecht door Nederlanders buiten Nederland)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de regeling in de Kieswet inzake de uitoefening van het kiesrecht door Nederlanders buiten Nederland op enkele punten te verbeteren;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt de Kieswet.

ARTIKEL

II

Ten behoeve van de eerste verkiezingen van de leden van de Tweede Kamer en het Europees Parlement na de inwerkingtreding van deze wet zenden burgemeester en wethouders van 's-Gravenhage aan de personen die opgenomen zijn in de kiezersregisters welke ter uitvoering van artikel D 3, eerste lid, van de Kieswet voor deze verkiezingen in 1994 gevormd zijn, een formulier tot registratie van de kiesgerechtigdheid toe.

ARTIKEL

III

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken, J. Kohnstamm
De Minister van Buitenlandse Zaken, H. A. F. M. O. van Mierlo
De Minister van Justitie, W. Sorgdrager