|
Bos Taurus (Rund)
|
Melkproductie in kg per koe per kalenderjaar
|
|
|
|
– Melk- en kalfkoeien (alle koeien die ten minste éénmaal hebben gekalfd en die voor de melkproductie of de fokkerij worden gehouden; ook koeien die drooggezet zijn alsmede koeien die worden vetgemest en in de mesttijd worden gemolken)
|
tot 6.000 kg
|
11,6
|
4,4
|
|
6.001 kg tot 7.000 kg
|
12,6
|
4,8
|
|
7.001 kg tot 8.000 kg
|
13,5
|
5,1
|
|
8.001 kg tot 9.000 kg
|
14,4
|
5,5
|
|
9.001 kg tot 10.000 kg
|
15,4
|
5,8
|
|
meer dan 10.000 kg
|
16,5
|
6,2
|
|
– Jongvee jonger dan 1 jaar (alle runderen jonger dan 1 jaar met uitzondering van startkalveren, witvleeskalveren, rosevleeskalveren en vleesstieren)
|
|
3,6
|
1,8
|
|
– Jongvee van 1 jaar en ouder (alle runderen van 1 jaar en ouder inclusief overig vleesvee, maar met uitzondering van roodvleesstieren en fokstieren)
|
|
7,7
|
3,8
|
|
– Witvleeskalveren van ca. 14 dagen tot ca. 6 maanden (kalveren van ca. 14 dagen en ouder die gehouden worden op een rantsoen van hoofdzakelijk melk en op een leeftijd van ca. 6 maanden worden geslacht)
|
|
1,6
|
a
|
|
– Rosevleeskalveren van ca. 14 dagen tot ca. 8 maanden (kalveren van ca. 14 dagen en ouder die gehouden worden op een rantsoen van melk en andere voeders en op een leeftijd van ca. 8 maanden worden geslacht)
|
|
2,2
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
– Startkalveren voor rosevlees (kalveren van ca. 14 dagen tot ca. 3 maanden die op gespecialiseerde bedrijven worden gehouden en vervolgens op een ander bedrijf als rosevleeskalf worden gehouden)
|
|
1,1
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
– Rosevleeskalveren van ca. 3 maanden tot ca. 8 maanden (kalveren van ca. 3 maanden en ouder die hiervoor zijn gehouden als startkalf, gehouden worden op een rantsoen van melk en andere voeders en op een leeftijd van ca. 8 maanden worden geslacht)
|
|
2,4
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
– Startkalveren voor roodvlees (kalveren van ca. 14 dagen tot ca. 3 maanden die op gespecialiseerde bedrijven worden gehouden en vervolgens op een ander bedrijf als roodvleesstier gehouden worden)
|
|
1,1
|
|
|
– Roodvleesstieren van ca. 3 maanden tot ca. 18 maanden (stieren en ossen van 3 maanden en ouder die hiervoor zijn gehouden als startkalf en op een leeftijd van ca. 18 maanden worden geslacht)
|
|
3,4
|
1,8
|
|
– Weide- en zoogkoeien (koeien die tenminste éénmaal hebben gekalfd niet zijnde melk- en kalfkoeien)
|
|
9,1
|
4,3
|
|
– Fokstieren (stieren van 2 jaar en ouder)
|
|
5,9
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
|
|
|
|
Ovis Aries (Schaap)
|
|
|
|
|
Fokschapen (alle vrouwelijke schapen die ten minste éénmaal hebben gelammerd, inclusief alle schapen tot een gewicht van ca. 25 kg voor zover gehouden op het bedrijf waar deze schapen geboren zijn)
|
|
0,41
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
|
|
|
|
Capra hircus (Geit)
|
|
|
|
|
– Melkgeiten (alle vrouwelijke geiten die ten minste éénmaal hebben gelammerd, inclusief alle bokken van 7 maanden en ouder)
|
|
0,62
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
– Vleesgeiten (geiten die gehouden worden om te worden geslacht op een gewicht van ca. 25 kg)
|
|
0,05
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
– Overige geiten
|
|
0,34
|
a
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen vaste mest wordt geproduceerd. In het geval er wel vaste mest wordt geproduceerd, geldt het forfait van drijfmest ook voor de vaste mest.
|
|
|
|
|
|
Equus caballus (Paard)
|
|
|
|
|
– Paarden en pony’s van 6 maanden en ouder en een gewicht tot ca. 250 kg
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
2,3
|
|
– Paarden en pony’s van 6 maanden en ouder en een gewicht van ca. 250 kg tot ca. 450 kg
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
3,5
|
|
– Paarden en pony’s van 6 maanden en ouder een gewicht zwaarder dan ca. 450 kg
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
6,7
|
|
|
|
|
|
Equus asinus (Ezel)
|
|
|
|
|
Alle ezels van 6 maanden en ouder
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
2,3
|
|
|
|
|
|
Cervus elaphus (Middeneuropees edelhert)
|
|
|
|
|
– Hinden gehouden voor de fokkerij inclusief kalveren jonger dan 3 maanden en bijbehorende bokken
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
1,2
|
|
– Dieren van 3 maanden en ouder die worden gehouden om te worden geslacht
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,79
|
|
|
|
|
|
Cervus dama dama (Damhert)
|
|
|
|
|
– Hinden gehouden voor de fokkerij inclusief kalveren jonger dan 3 maanden en bijbehorende bokken
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,63
|
|
– Dieren van 3 maanden en ouder die worden gehouden om te worden geslacht
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,39
|
|
|
|
|
|
Bubalis bubalis (Waterbuffel)
|
|
|
|
|
– Waterbuffelkoeien (alle waterbuffelkoeien die ten minste éénmaal hebben gekalfd en die voor de melkproductie of de fokkerij worden gehouden; ook waterbuffelkoeien die drooggezet zijn of worden vetgemest en in de mesttijd worden gemolken)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
9,4
|
|
– Waterbuffeljongvee (alle jongvee van waterbuffels tot een leeftijd van 2 jaar)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
3,5
|
|
|
|
|
|
Sus scrofa (Varken)
|
|
|
|
|
– Fokzeugen inclusief biggen jonger dan 6 weken (ten minste éénmaal gedekte of geïnsemineerde zeugen, guste zeugen, gedekte maar nog niet drachtige zeugen, drachtige zeugen, zeugen met biggen, zeugen waarvan de biggen gespeend zijn en waarvan de biggen ca. 6 weken na hun geboorte aan een ander bedrijf worden geleverd)
|
|
1,2
|
0,88
|
|
– Fokzeugen inclusief biggen tot een gewicht van 25 kg (ten minste éénmaal gedekte of geïnsemineerde zeugen, guste zeugen, gedekte maar nog niet drachtige zeugen, drachtige zeugen, zeugen met biggen, waarvan de biggen worden gehouden tot een gewicht van ca. 25 kg; ook fokzeugen waarvan de biggen op het eigen bedrijf worden gehouden)
|
|
2,1
|
1,7
|
|
– Opfokzeugen jonger dan 7 maanden (jonge zeugen, nooit gedekt of geïnsemineerd, gehouden voor de fokkerij van ca. 25 kg tot ca. 7 maanden; ook aangeleverde opfokzeugen van ca. 25 kg die worden afgeleverd op ca. 7 maanden of iets ouder; ook opfokzeugen afkomstig van het eigen bedrijf van exact 25 kg, die worden afgeleverd op ca. 7 maanden)
|
|
0,85
|
0,65
|
|
– Opfokzeugen van 7 maanden en ouder (jonge zeugen, nooit gedekt of geïnsemineerd, gehouden voor de fokkerij van ca. 7 maanden tot de eerste dekking; ook opfokzeugen die zijn aangeleverd op ca. 7 maanden of iets jonger, tot de eerste dekking)
|
|
1,1
|
0,87
|
|
– Opfokzeugen vanaf een gewicht van 25 kg tot eerste dekking (jonge zeugen, nooit gedekt of geïnsemineerd, gehouden voor de fokkerij van ca. 25 kg tot de eerste dekking; opfokzeugen die zijn aangeleverd op ca. 25 kg, die niet op 7 maanden worden afgeleverd, maar worden aangehouden tot de eerste dekking; ook opfokzeugen afkomstig van het eigen bedrijf die worden aangehouden van exact 25 kg tot de eerste dekking)
|
|
0,78
|
0,69
|
|
– Opfokberen (jonge nog niet dekrijpe beren, die worden aangehouden voor de fokkerij, van ca. 25 kg tot ca. 7 maanden of iets ouder; ook beren afkomstig van het eigen bedrijf vanaf exact 25 kg)
|
|
0,81
|
0,63
|
|
– Dekberen (dekrijpe beren – ook zoekberen – van ca. 7 maanden en ouder; ook aangeleverde beren van iets jonger dan 7 maanden, ook beren afkomstig van het eigen bedrijf te rekenen vanaf exact 7 maanden)
|
|
1,5
|
1,1
|
|
– Biggen (gespeende biggen die op ca. 6 weken zijn aangeleverd en worden afgeleverd op ca. 25 kg; ook op 6 weken aangeleverde biggen die op het eigen bedrijf worden aangehouden voor de mesterij, tot exact 25 kg)
|
|
0,26
|
0,21
|
|
– Slachtzeugen (zeugen die niet meer gebruikt worden voor de fokkerij, maar worden afgemest)
|
|
1,8
|
1,4
|
|
– Vleesvarkens (varkens die worden gehouden voor de slacht vanaf ca. 25 kg of iets lichter tot ca. 110 kg; ook biggen afkomstig van het eigen, gesloten bedrijf vanaf exact 25 kg)
|
|
0,64
|
0,61
|
|
|
|
|
|
Gallus gallus (Kip)
|
|
|
|
|
– Opfokhennen en -hanen van legrassen (opfokhennen en -hanen voor de vervanging van hennen en hanen van legrassen, inclusief (groot)ouderdieren, die worden afgeleverd op ca. 18 weken; dieren die op het eigen bedrijf worden aangehouden, worden tot exact 18 weken meegeteld)
|
drijfmest
|
0,010
|
|
|
deeppitstal
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,003
|
|
mestband
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,007
|
|
mestband met nadroging
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,006
|
|
volièrestal
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,008
|
|
Overig
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,006
|
|
– Hennen en hanen van legrassen (hennen en hanen – inclusief (groot)ouderdieren – die zijn aangeleverd op ca. 18 weken; ook van het eigen bedrijf afkomstige hennen en hanen – inclusief (groot)ouderdieren – vanaf exact 18 weken)
|
Drijfmest
|
0,021
|
|
|
deeppitstal
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,005
|
|
mestband
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,015
|
|
mestband met nadroging
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,013
|
|
volièrestal
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,015
|
|
overig
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,013
|
|
– Opfokhennen en -hanen van vleesrassen (opfokhennen en -hanen ter vervanging van (groot)ouderdieren van vleesrassen, die worden afgeleverd op ca. 19 weken; dieren die op het eigen bedrijf worden aangehouden worden tot exact 19 weken meegeteld)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,003
|
|
– Ouderdieren van vleesrassen (ouderdieren – inclusief grootouderdieren – van vleesrassen, die zijn aangeleverd op ca. 19 weken; ook van het eigen bedrijf afkomstige (ouder)dieren, vanaf exact 19 weken)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,015
|
|
– Vleeskuikens (kippen die worden gehouden voor de slacht)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,009
|
|
|
|
|
|
Meleagris gallopavo (Kalkoen)
|
|
|
|
|
– Jonge kalkoenen (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 0 weken tot ca. 6 weken, gehouden op een quarantainebedrijf)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,009
|
|
– Opfokkalkoenen (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 6 weken tot ca. 30 weken, gehouden op een opfokbedrijf)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,061
|
|
– Kalkoenen ouderdieren (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 30 weken en ouder)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,062
|
|
– Vleeskalkoenen (kalkoenen die worden gehouden voor de slacht)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,041
|
|
|
|
|
|
Mustela vison (Nerts)
|
|
|
|
|
Fokteven, inclusief niet-gespeende jongen (alle vrouwelijke dieren die ten minste éénmaal zijn gedekt)
|
|
0,064
|
0,033
|
|
|
|
|
|
Vulpes vulpes (Vos)
|
|
|
|
|
Fokmoeren, inclusief niet-gespeende jongen (alle vrouwelijke dieren die ten minste éénmaal zijn gedekt)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,039
|
|
|
|
|
|
Oryctolagus cuniculus (Konijn)
|
|
|
|
|
Voedsters, inclusief niet-gespeende jongen (alle vrouwelijke dieren die ten minste éénmaal zijn gedekt)
|
|
0,290
|
0,210
|
|
|
|
|
|
Rattus norvegicus (Bruine rat)
|
|
|
|
|
Ratten ( alle geslachtsrijpe vrouwelijke ratten)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,020
|
|
|
|
|
|
Mus musculus (Tamme muis)
|
|
|
|
|
Muizen (alle geslachtsrijpe vrouwelijke muizen)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,023
|
|
|
|
|
|
Cavia porcellus (Cavia)
|
|
|
|
|
Cavia’s (alle geslachtsrijpe vrouwelijke cavia’s)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,046
|
|
|
|
|
|
Mesocricetus auratus (Goudhamster)
|
|
|
|
|
Goudhamsters (alle geslachtsrijpe vrouwelijke goudhamsters)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,013
|
|
|
|
|
|
Meriones unguiculatus (Gerbil)
|
|
|
|
|
Gerbils (alle geslachtsrijpe vrouwelijke gerbils)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,004
|
|
|
|
|
|
Anas plathyrhynchos (Peking eend)
|
|
|
|
|
– Ouderdieren van vleeseenden (opfok- en legeenden)
|
|
0,053
|
0,041
|
|
– Vleeseenden (eenden die worden gehouden voor de slacht)
|
|
0,039
|
0,030
|
|
|
|
|
|
Struthio camelus (Struisvogel)
|
|
|
|
|
Struisvogels (alle geslachtsrijpe vrouwelijke struisvogels)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,0480
|
|
|
|
|
|
Dromaius novaehollandiae (Emoe)
|
|
|
|
|
Emoe’s (alle geslachtsrijpe vrouwelijke emoe’s)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,281
|
|
|
|
|
|
Rhea Americana (Nandoe)
|
|
|
|
|
Nandoe’s (alle geslachtsrijpe vrouwelijke nandoe’s)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,197
|
|
|
|
|
|
Anser cygnoides (Knobbelgans)
|
|
|
|
|
Knobbelganzen (alle geslachtsrijpe vrouwelijke knobbelganzen)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,022
|
|
|
|
|
|
Anser anser (Grauwe gans)
|
|
|
|
|
Grauwe ganzen (alle geslachtsrijpe vrouwelijke grauwe ganzen)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,022
|
|
|
|
|
|
Numida meleagris (Helmparelhoen)
|
|
|
|
|
Parelhoenders (alle geslachtsrijpe vrouwelijke parelhoenders)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,008
|
|
|
|
|
|
Phasianus colchicus (Fazant)
|
|
|
|
|
Fazanten (alle geslachtsrijpe vrouwelijke fazanten)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,002
|
|
|
|
|
|
Perdix perdix (Patrijs)
|
|
|
|
|
Patrijzen (alle geslachtsrijpe vrouwelijke patrijzen)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,002
|
|
|
|
|
|
Columbia livia (Vleesduif)
|
|
|
|
|
Duiven (alle geslachtsrijpe vrouwelijke duiven)
|
|
b
Deze diercategorie wordt vrijwel altijd zo gehouden dat er geen drijfmest wordt geproduceerd. In het geval er wel drijfmest wordt geproduceerd, geldt het forfait van vaste mest ook voor de drijfmest.
|
0,008
|