Regeling aanwijzing bevoegde autoriteiten Reglement Rijnpatenten 1998

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

De bevoegde autoriteiten, bedoeld in het Reglement Rijnpatenten 1998, zijn:

  • a.

    de Minister van Verkeer en Waterstaat, voor zover het betreft de artikelen:

    • 1.03, derde lid, onder b;

    • 2.01, tweede lid, onder a;

    • 2.01, derde lid, onder a;

    • 2.02, tweede lid, onder a;

    • 2.03, tweede lid, onder a;

    • 2.05, eerste lid, onder c;

    • 3.01, eerste lid;

    • 3.02, eerste lid;

    • 3.02, tweede lid, onder b;

    • 3.02, vierde lid;

    • 3.03, eerste en tweede lid;

    • 3.06, eerste, vierde en vijfde lid;

    • 3.07;

    • 4.01, tweede lid;

    • 4.02, eerste lid, onder a;

    • 4.02, tweede en derde lid;

    • 4.03, vijfde en zesde lid;

    • 5.02, derde lid;

  • b.

    het hoofd van de sector Marktordening van de divisie Vervoer van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, voor zover het betreft artikel:

    • 2.06, eerste lid;

  • c.

    de in het Besluit aanwijzing handhavingsambtenaren Herziene Rijnvaartakte aangewezen ambtenaren en de ambtenaren, bedoeld in artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Politiewet 1993, voor zover het betreft artikel 4.04, eerste lid.

Artikel

2

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1998.

Artikel

3

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing bevoegde autoriteiten Reglement Rijnpatenten 1998.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Minister van Verkeer en Waterstaat, A.Jorritsma-Lebbink