Uitvoeringsregeling E.E.T. 1998

Uitvoeringsregeling E.E.T. 1998

De Minister van Economische Zaken,
handelende in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;

Besluit:

Artikel

1

Artikel

2

Als doelstellingen in het kader van het streven naar ecologische duurzaamheid als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van het Besluit subsidies economie, ecologie en technologie, worden vastgesteld:

  • 1º.

    substantiële toename van de efficiëntie van productieprocessen ten aanzien van het verbruik van grondstoffen, hulpstoffen, energie of (koel)water in de Nederlandse proces-en productie-industrie;

  • 2º.

    substantiële vermindering van het ontstaan en de verspreiding van emissies en niet bruikbare reststoffen in de Nederlandse proces- en productie-industrie;

  • 3º.

    volledige integratie van het milieu in het productontwikkelingsproces;

  • 4º.

    substantiële beperking van emissies en energieverbruik in de sector verkeer en vervoer;

  • 5º.

    substantieel gebruik van hernieuwbare grondstoffen;

  • 6º.

    substantieel gebruik van duurzame energiebronnen.

Artikel

3

De minimale omvang van de eigen bijdrage van een deelnemer in een samenwerkingsverband aan diens aandeel in de projectkosten wordt vastgesteld op 25 procent.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

9

Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling E.E.T. 1998.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd. Van deze terinzagelegging zal mededeling gedaan worden in de Staatscourant.

‘s-Gravenhage
De Minister van Economische Zaken, G.J.Wijers