Subsidieregeling referentieprojecten milieutechnologie 1998

De Minister van Economische Zaken,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
een referentieproject milieutechnologie:

een meetprogramma of een eerste praktijktoepassing;

b.
een meetprogramma:

het door een onafhankelijke en deskundige natuurlijke persoon of rechtspersoon uit laten voeren van een programma, waarbij een door de aanvrager voor Nederland nieuw ontwikkeld product, nieuw ontwikkeld proces of nieuw ontwikkelde dienst op het gebied van de milieutechnologie getest wordt op de voor de afnemers meest ter zake doende aspecten, resulterend in een rapport of een keurmerk;

c.
een eerste praktijktoepassing:

een samenhangend geheel van activiteiten bestaande uit:

  • 1º.

    het sluiten van een overeenkomst door de subsidie-ontvanger met een eerste afnemer, niet behorende tot de rechtspersoon van de ondernemer of een met die ondernemer in een groep verbonden ondernemer, ter zake van het leveren door de subsidie-ontvanger van een door hem voor Nederland nieuw ontwikkeld product, nieuw ontwikkeld proces of nieuw ontwikkelde dienst op het gebied van de milieutechnologie aan die eerste afnemer, de definitieve betaling van het geleverde door de eerste afnemer en het meewerken van de subsidie-ontvanger aan de verspreiding van kennis omtrent de resultaten van de praktijktoepassing en

  • 2º.

    het daadwerkelijk en onverkort uitvoeren van de onder 1° bedoelde overeenkomst.

d.
milieutechnologie:

technologie of een combinatie van technologieën die primair is gericht op het voorkomen of beperken van de verontreiniging van het milieu, het verwijderen van reeds opgetreden vervuiling of het meten en registreren van belasting van het milieu;

e.
ondernemer:

een natuurlijke persoon of rechtspersoon, niet zijnde een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, die een onderneming in stand houdt;

f.
een groep:

een economische eenheid waarin organisatorisch zijn verbonden:

  • een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon, die direct of indirect:

    • meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan,

    • volledig aansprakelijk vennoot is van of

    • overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen en

  • laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen.

Artikel

2

Artikel

3

De subsidie bedraagt:

  • a.

    voor een meetprogramma: 50 procent van de projectkosten, doch niet meer dan € 68 100;

  • b.

    voor een eerste praktijktoepassing: 25 procent van de projectkosten, doch niet meer dan € 226 900.

Artikel

4

Als projectkosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de volgende, direct aan de uitvoering van het referentieproject milieutechnologie verbonden, kosten:

  • a.

    in geval van een meetprogramma: de door de meetinstantie in rekening gebrachte en door de subsidie-ontvanger ter zake van het meetprogramma betaalde kosten, de verschuldigde omzetbelasting daaronder niet begrepen;

  • b.

    in geval van een eerste praktijktoepassing: de door de subsidie-ontvanger aan de eerste afnemer ter zake van het product, het proces of de dienst in rekening gebrachte en door de afnemer betaalde kosten, de verschuldigde omzetbelasting daaronder niet begrepen.

Artikel

5

Artikel

6

§

2

Aanvragen

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

De minister geeft op de aanvraag een beschikking binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag.

Artikel

10

Artikel

11

De minister verdeelt het beschikbare bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat, indien een aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag en de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag voldoet aan de wettelijke voorschriften met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt.

§

3

Subsidieverlening en verplichtingen van de subsidie-ontvanger

Artikel

12

Op de subsidie-ontvanger rusten de in de artikelen 13, 14, 15 en 16 opgenomen verplichtingen. De verplichtingen gelden tot aan de dag waarop de subsidie wordt vastgesteld.

Artikel

13

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

§

4

Subsidievaststelling

Artikel

17

De minister geeft een beschikking tot subsidievaststelling binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag dan wel nadat de voor het indienen ervan geldende termijn is verstreken.

§

5

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

18

De Subsidieregeling referentieprojecten milieutechnologie wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die voor de datum van inwerkingtreding van deze regeling zijn toegezegd of vastgesteld.

Artikel

19

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

20

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling referentieprojecten milieutechnologie 1998.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen die ter inzage worden gelegd.1

’s-Gravenhage
De Minister van Economische Zaken, G.J.Wijers