Artikel
1
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
-
a.
broeikasgas: CO2, CH4, N2O, HFK's, PFK's, en SF6;
-
b.
CO2-equivalent: de hoeveelheid CH4, N2O, HFK's, PFK's en SF6, die overeenkomstig de factor Global Warming Potential, opgenomen in bijlage 1 van dit besluit, eenzelfde broeikaseffect oplevert als een massa-eenheid CO2;
-
c.
hernieuwbare energiebronnen: wind, zonne-energie, aardwarmte, golfenergie, getijdenenergie, waterkracht, biomassa, stortgas, rioolwaterzuiveringsgas en biogas, met dien verstande dat onder biomassa wordt verstaan de biologisch afbreekbare fractie van producten, afvalstoffen en residuen van de landbouw, met in begrip van plantaardige en dierlijke stoffen, de bosbouw, en aanverwante bedrijfstakken, alsmede de biologisch afbreekbare fractie van industrieel en huishoudelijk afval;
-
d.
referentiekader: de gangbare praktijk voor de technische voorzieningen op basis van de stand van de techniek binnen een bedrijfstak met toepassing van de best beschikbare technieken als bedoeld in richtlijn nr. 96/61/EG van de Raad van 24 september 1996 inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging (PbEG L 257);
-
e.
rendabel: met inachtneming van een interne rentevoet van ten minste 15 procent na belastingen.
-
f.
een CO2-reductieproject: het aanschaffen of voortbrengen, installeren en in gebruik nemen van technische voorzieningen die, alleen of in samenhang met andere voorzieningen, leiden tot een vermindering van de uitstoot van een broeikasgas met ten minste de bij ministeriële regeling bepaalde hoeveelheid kiloton CO2 of CO2-equivalent per jaar ten opzichte van het referentiekader.
-
g.
kosteneffectiviteit: de annuïteit van de subsidie, gedeeld door de gemiddelde jaarlijkse vermindering van de uitstoot van een broeikasgas berekend over de technische levensduur van de voorziening, overeenkomstig de bij ministeriële regeling gestelde regels, uitgedrukt in een bedrag in euro per vermeden ton CO2 of CO2-equivalent.
-
h.
een samenwerkingsverband: een geen rechtspersoonlijkheid bezittend verband, bestaande uit ten minste twee natuurlijke personen of rechtspersonen;
-
i.
een ondernemer: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een onderneming in stand houdt;
-
j.
een groep: een economische eenheid, waarin organisatorisch zijn verbonden:
-
1°.
een natuurlijke persoon of rechtspersoon die direct of indirect:
-
–
meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan,
-
–
volledig aansprakelijk vennoot is van of
-
–
overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen en
-
–
-
2°.
laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen.
-
1°.