richtlijn van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PbEG L 169).
Artikel
2
Als ambtenaar bedoeld in artikel 16 van het besluit worden aangewezen de ambtenaren van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Artikel
3
Als schadelijke organismen bedoeld in artikel 16 van het besluit worden aangewezen de schadelijke organismen genoemd in bijlage I en bijlage II bij richtlijn 2000/29/EG en de schadelijke organismen die onder een maatregel op grond van artikel 16, tweede en derde lid, van richtlijn 2000/29/EG vallen.
Een wijziging van een of meer onderdelen van de in de artikelen 3 en 4 genoemde bijlagen bij richtlijn 2000/29/EG treedt voor de toepassing van deze artikelen in werking met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. Onze minister doet van een wijziging als bedoeld in het eerste lid mededeling in de Staatscourant.
Artikel
6
De Regeling aanwijzing schadelijke organismen 1984 wordt ingetrokken.
Artikel
7
Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling aanwijzing schadelijke organismen 1998.
Artikel
8
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,J.J. vanAartsen
Bijlage
bij de Regeling aanwijzing schadelijke organismen 1998