Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
Directeur-Generaal van de Rijksgebouwendienst.
Besluit:
In deze regeling wordt verstaan onder:
Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
Directeur-Generaal van de Rijksgebouwendienst.
De Klantenraad bestaat uit:
leden die een ministerie en de daaronder ressorterende diensten en agentschappen vertegenwoordigen. Ieder ministerie wordt door ten minste één lid in de Klantenraad vertegenwoordigd;
leden die ieder een lichaam of organisatie als bedoeld in artikel 3, onderdelen b en c, van het besluit dan wel een lichaam als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van het besluit waarvan de zorg voor de huisvesting is opgedragen aan de dienst, vertegenwoordigen, en
één lid dat de Inspectie der Rijksfinanciën vertegenwoordigt.
De Klantenraad wordt voorgezeten door de directeur-generaal of bij zijn ontstentenis door zijn plaatsvervanger.
De leden en de plaatsvervangende leden van de Klantenraad worden benoemd en van hun taak ontheven door de directeur-generaal:
indien het betreft de in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde leden, op voordracht van de secretaris-generaal van het ministerie dat door het betreffende lid wordt vertegenwoordigd;
indien het betreft de in het tweede lid, onderdeel b, bedoelde leden, op voordracht van de secretaris-generaal van het ministerie op wiens terrein het betreffende lichaam of de betreffende organisatie werkzaam is;
indien het betreft het lid, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, op voordracht van de Directeur-Generaal van de Rijksbegroting van het Ministerie van Financiën.
De Klantenraad heeft tot doel het overleg met de dienst op gestructureerde wijze vorm te geven en de directeur-generaal gevraagd en ongevraagd op operationeel en strategisch niveau te adviseren ten dienste van de rijkshuisvesting in algemene zin en ten dienste van de belangen van de gebruikers van rijkshuisvesting in het bijzonder.
De advisering betreft onder meer de volgende onderwerpen:
het functioneren van het rijkshuisvestingsstelsel;
het proces en de procedures aangaande de rijkshuisvesting;
de samenstelling van het producten- en dienstenpakket van de dienst;
de uitvoering van het beleidsplan;
het meerjarenbeleidsplan, bedoeld in artikel 16 van het besluit;
het bedrijfsplan van de dienst;
de besluiten en wettelijke voorschriften betreffende de rijkshuisvesting, voor het nemen en vaststellen waarvan het gevoelen van de ministerraad vereist is.
De Klantenraad vergadert zo dikwijls de voorzitter of ten minste de helft van de (overige) leden dit wenselijk acht, doch ten minste twee maal per jaar.
De uitnodiging voor de vergadering wordt uiterlijk twee weken voor de dag waarop de vergadering plaatsvindt aan de leden verzonden met daarbij een concept-agenda met de daarbij behorende stukken.
Ieder lid is bevoegd de voorzitter te verzoeken onderwerpen op de agenda te plaatsen waarvan hij behandeling in de vergadering wenselijk acht.
De besluitvorming over adviezen vindt plaats bij meerderheid van stemmen van de op de vergadering aanwezige leden, tenzij bij aanvang van de vergadering door ten minste de helft van de aanwezige leden is besloten dat de besluitvorming op andere wijze plaatsvindt. Per instantie kan slechts één stem worden uitgebracht.
Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.