Regeling afkoop geldelijke steun woonwagens en standplaatsen

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder

  • a.

    de minister: de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

  • b.

    woonwagenbeschikking: ministeriële beschikking tot verstrekking van leningen voor het in eigendom verkrijgen van te verhuren woonwagens, of van geldelijke steun in verband met de exploitatie van verhuurde woonwagens, verhuurde standplaatsen of standplaatsen waarvoor krachtens artikel 10 van de Woonwagenwet ontheffing is verleend, en die niet gebaseerd is op het Besluit woninggebonden subsidies of het Besluit woninggebonden subsidies 1995;

  • c.

    aanvrager: aanvrager van een beschikking tot vaststelling van een afkoopbedrag;

  • d.

    ontvanger: ontvanger van de beschikking tot vaststelling van het afkoopbedrag.

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Voor de toepassing van artikel 3 wordt de contante waarde berekend met een disconteringsrente van 6,75 procent per jaar, met dien verstande dat wordt uitgegaan van maanden van 30 dagen en van jaren van 360 dagen.

Artikel

6

De vaststelling van het afkoopbedrag heeft tot gevolg dat:

  • a.

    een verbintenis van het Rijk jegens de ontvanger uit hoofde van geldelijke steun die verstrekt is op grond van een woonwagenbeschikking, teniet gaat voorzover deze verbintenis betrekking heeft op het tijdvak vanaf 1 januari 1998;

  • b.

    een verbintenis van het Rijk jegens de ontvanger uit hoofde van leningen die verstrekt zijn op grond van een woonwagenbeschikking, teniet gaat voorzover deze verbintenis betrekking heeft op het tijdvak vanaf 1 januari 1998;

  • c.

    aanspraken van het Rijk op de ontvanger als gevolg van herziening van woonwagenbeschikkingen vervallen, en

  • d.

    aanspraken van de ontvanger op het Rijk als gevolg van herziening van woonwagenbeschikkingen vervallen.

Artikel

7

De minister kan de beschikking tot vaststelling van het afkoopbedrag ten nadele van de ontvanger wijzigen:

  • a.

    op grond van feiten of omstandigheden waarvan hij bij de vaststelling van het afkoopbedrag niet op de hoogte was en redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan het afkoopbedrag lager zou zijn vastgesteld, of

  • b.

    indien de vaststelling van het afkoopbedrag onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten.

Artikel

8

Een aanvraag tot vaststelling van een afkoopbedrag wordt uiterlijk op 15 september 2003 bij de minister ingediend, met gebruikmaking van een door de minister daartoe beschikbaar gesteld formulier.

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

13

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 december 1998.

Artikel

14

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling afkoop geldelijke steun woonwagens en standplaatsen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.W.Remkes